Kenia
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Kenia heeft een oppervlakte van 569.259 km² (14 keer Nederland en 18,5 keer België) en telt 36,9 miljoen (2007) inwoners. Ongeveer 70 procent van de bevolking woont in het zuidwesten, in de omgeving van het Victoriameer, in Nairobi en in de hooglanden. Driekwart van de bevolking leeft van de landbouw en visserij; belangrijke gewassen zijn thee, maïs, koffie, suikerriet bonen en rijst. Thee is het belangrijkste exportgewas en brengt samen met het toerisme de meeste buitenlandse valuta in kas.
Gedreven door een gebrek aan landbouwgrond, de hoop op werk en een hoger inkomen trekken veel mensen van het platteland naar de stad, met als gevolg dat er steeds meer sloppenwijken komen. Omdat de bevolking in de steden zich steeds meer met elkaar vermengt, gaan oude tradities hier verloren. Onder jongeren wordt dat proces nog versterkt door westerse invloeden. Zelfs in de verste uithoeken van het land kom je westerse producten tegen en hoor je westerse muziek.
De Keniaanse bevolking groeit met ongeveer 2,7 procent, maar mede door het grote aantal mensen met aids is de levensverwachting laag (gemiddeld 55 jaar). Ruim 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar (in Nederland en België 18 procent) en veel kinderen (naar schatting 40 procent) moeten op het land werken. Dit is in strijd met de rechten van het kind en het belet hen naar school te gaan, maar toch zijn zij beter af dan diegenen die al bedelend hun kostje op straat moeten zien te verdienen. Desondanks is het aantal mensen dat kan lezen en schrijven hoog, namelijk 85 procent.
De Keniaanse bevolking bestaat uit zo’n zeventig etnische bevolkingsgroepen die zich vooral onderscheiden door hun taal. De drie belangrijkste taalgroepen zijn de bantoesprekenden zoals de Kikuyu (22 procent), Luyia (14 procent) en Kamba (11 procent); de Niloten zoals de de Luo (13 procent), Kalenijn (12 procent) en Maasai (1,6 procent) en de Koesjitische volken (3 procent). Daarnaast wonen er Aziaten, Europeanen en Arabieren, die samen ongeveer 1 procent van de bevolking uitmaken. Hoewel beperkt in aantal spelen zij een belangrijke rol in de Keniaanse economie; ze bezitten de meeste bedrijven of bekleden hoge posities in het bedrijfsleven. De strijd om land is al eeuwenlang een conflict tussen de verschillende etnische groepen, met name tussen veehouders en akkerbouwers.
De Maasai zijn wellicht het alom bekendste volk van Oost-Afrika. Ze leven met hun kuddes (koeien en geiten) in Zuid-Kenia en Noord-Tanzania en zijn te herkennen aan hun felrode of felblauwe toga-achtige gewaden. Voor dit nomadenvolk betekent een grote veestapel welvaart. Op plaatsen waar voldoende water en gras is, bouwen ze lemen dorpen. De laatste decennia blijven steeds meer Maasai op een vaste plek wonen, vaak aangemoedigd door de regering, zodat de kinderen naar school kunnen gaan. Omdat ze voortdurend onderweg zijn, bestaat hun traditionele voedsel uit runderbloed en melk. In de Maasai-cultuur spelen leeftijdsgroepen een belangrijke rol. Iedere overgang naar een nieuwe leeftijdsfase vindt plaats met ceremonies. Hoe het leven van een Maasai-man eruit ziet, staat daarmee al van tevoren voor een groot deel vast. In de kindertijd (Inkera) leren jongens vanaf hun vijfde jaar hoe ze op het vee moeten letten. In de puberteit worden zij besneden en treden ze toe tot de krijgers (Ilmoran). Morans mogen niet trouwen, maar vriendinnetjes (onbesneden meisjes) zijn wel toegestaan. Als de morans rond de 25 jaar zijn, ondergaan zij opnieuw een ceremonie en treden zij als junior ouderlingen toe tot de Ilpayiani. Jaren later vindt de laatste ceremonie plaats, die hen van junior tot senior ouderlingen maakt. Al het dagelijkse werk, waaronder het bouwen van huizen, wordt gedaan door de vrouwen. Meisjes blijven bij hun moeders wonen tot ze trouwen.
De Samburu leven in Noord-Kenia en zijn verwant aan de Maasai. Qua taal en uiterlijk lijken deze twee volkeren dan ook erg veel op elkaar. Net als bij de Maasai spelen leeftijdsgroepen bij deze stam een belangrijke rol.
De Swahili leven in het kustgebied. Zij vormen niet zozeer een volk alswel een verzameling van stammen waarvan taal en cultuur sterk beïnvloed zijn door Arabieren, Indiërs en de Portugezen. Langs de Afrikaanse oostkust bevonden zich eeuwenlang belangrijke handelscentra, zoals Lamu, waar deze culturen zich konden vermengen. Het woord Swahili is afkomstig uit het Arabische ‘sawa hili’, dat ‘van de kust’ betekent.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Kenia heeft een oppervlakte van 569.259 km² (14 keer Nederland en 18,5 keer België) en telt 36,9 miljoen (2007) inwoners. Ongeveer 70 procent van de bevolking woont in het zuidwesten, in de omgeving van het Victoriameer, in Nairobi en in de hooglanden. Driekwart van de bevolking leeft van de landbouw en visserij; belangrijke gewassen zijn thee, maïs, koffie, suikerriet bonen en rijst. Thee is het belangrijkste exportgewas en brengt samen met het toerisme de meeste buitenlandse valuta in kas.
Gedreven door een gebrek aan landbouwgrond, de hoop op werk en een hoger inkomen trekken veel mensen van het platteland naar de stad, met als gevolg dat er steeds meer sloppenwijken komen. Omdat de bevolking in de steden zich steeds meer met elkaar vermengt, gaan oude tradities hier verloren. Onder jongeren wordt dat proces nog versterkt door westerse invloeden. Zelfs in de verste uithoeken van het land kom je westerse producten tegen en hoor je westerse muziek.
De Keniaanse bevolking groeit met ongeveer 2,7 procent, maar mede door het grote aantal mensen met aids is de levensverwachting laag (gemiddeld 55 jaar). Ruim 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar (in Nederland en België 18 procent) en veel kinderen (naar schatting 40 procent) moeten op het land werken. Dit is in strijd met de rechten van het kind en het belet hen naar school te gaan, maar toch zijn zij beter af dan diegenen die al bedelend hun kostje op straat moeten zien te verdienen. Desondanks is het aantal mensen dat kan lezen en schrijven hoog, namelijk 85 procent.
De Keniaanse bevolking bestaat uit zo’n zeventig etnische bevolkingsgroepen die zich vooral onderscheiden door hun taal. De drie belangrijkste taalgroepen zijn de bantoesprekenden zoals de Kikuyu (22 procent), Luyia (14 procent) en Kamba (11 procent); de Niloten zoals de de Luo (13 procent), Kalenijn (12 procent) en Maasai (1,6 procent) en de Koesjitische volken (3 procent). Daarnaast wonen er Aziaten, Europeanen en Arabieren, die samen ongeveer 1 procent van de bevolking uitmaken. Hoewel beperkt in aantal spelen zij een belangrijke rol in de Keniaanse economie; ze bezitten de meeste bedrijven of bekleden hoge posities in het bedrijfsleven. De strijd om land is al eeuwenlang een conflict tussen de verschillende etnische groepen, met name tussen veehouders en akkerbouwers.
De Maasai zijn wellicht het alom bekendste volk van Oost-Afrika. Ze leven met hun kuddes (koeien en geiten) in Zuid-Kenia en Noord-Tanzania en zijn te herkennen aan hun felrode of felblauwe toga-achtige gewaden. Voor dit nomadenvolk betekent een grote veestapel welvaart. Op plaatsen waar voldoende water en gras is, bouwen ze lemen dorpen. De laatste decennia blijven steeds meer Maasai op een vaste plek wonen, vaak aangemoedigd door de regering, zodat de kinderen naar school kunnen gaan. Omdat ze voortdurend onderweg zijn, bestaat hun traditionele voedsel uit runderbloed en melk. In de Maasai-cultuur spelen leeftijdsgroepen een belangrijke rol. Iedere overgang naar een nieuwe leeftijdsfase vindt plaats met ceremonies. Hoe het leven van een Maasai-man eruit ziet, staat daarmee al van tevoren voor een groot deel vast. In de kindertijd (Inkera) leren jongens vanaf hun vijfde jaar hoe ze op het vee moeten letten. In de puberteit worden zij besneden en treden ze toe tot de krijgers (Ilmoran). Morans mogen niet trouwen, maar vriendinnetjes (onbesneden meisjes) zijn wel toegestaan. Als de morans rond de 25 jaar zijn, ondergaan zij opnieuw een ceremonie en treden zij als junior ouderlingen toe tot de Ilpayiani. Jaren later vindt de laatste ceremonie plaats, die hen van junior tot senior ouderlingen maakt. Al het dagelijkse werk, waaronder het bouwen van huizen, wordt gedaan door de vrouwen. Meisjes blijven bij hun moeders wonen tot ze trouwen.
De Samburu leven in Noord-Kenia en zijn verwant aan de Maasai. Qua taal en uiterlijk lijken deze twee volkeren dan ook erg veel op elkaar. Net als bij de Maasai spelen leeftijdsgroepen bij deze stam een belangrijke rol.
De Swahili leven in het kustgebied. Zij vormen niet zozeer een volk alswel een verzameling van stammen waarvan taal en cultuur sterk beïnvloed zijn door Arabieren, Indiërs en de Portugezen. Langs de Afrikaanse oostkust bevonden zich eeuwenlang belangrijke handelscentra, zoals Lamu, waar deze culturen zich konden vermengen. Het woord Swahili is afkomstig uit het Arabische ‘sawa hili’, dat ‘van de kust’ betekent.
Communicatie
Post uit Kenia naar de Benelux doet er ongeveer een week over. Post kun je het beste versturen vanuit Nairobi.
Telefoneren kan via een postkantoor of met een telefoonkaart die daar te koop is. Er zijn kaarten van Ksh 200, 400 en 1000. Bellen vanuit een hotel is veelal duur. Mobiel telefoneren is mogelijk, maar doorgaans niet vanuit de nationale parken. Informeer voor vertrek bij je provider naar de mogelijkheden en kosten. Voor een paar euro kun je ook een Keniaanse simkaart kopen. Daarvoor heb je een simlock-vrije gsm nodig. Vanuit Nederland kan via het voordeelnummer 0900-1495 relatief goedkoop gebeld worden naar een Keniaans mobiel nummer; kijk op www.spaartelecom.nl. Het landennummer van Kenia is 00254, van Nederland 0031 en van België 0032.
In plaatsen waar toeristen komen zijn volop internetcafés te vinden. Hotels aan de kust beschikken meestal ook over internetfaciliteiten.
Eten en drinken
De traditionele basisingrediënten van de Keniaanse keuken zijn vlees en kip; tomaat, wortel en ui; peper en zout. Dit wordt gegeten met ugali (een stevige brij van gekookt maïsmeel), rijst, cassave, kookbananen of chipsi (frites). Aan de kust en aan het Victoriameer wordt dit assortiment uitgebreid met verse vis. De keuken is beïnvloed door de Indiërs die in Kenia wonen. Zo kun je als tussendoortje overal chapati (een soort hartige pannenkoek) en samosa (een met gehakt en kruiden gevuld deegflapje) kopen. Aan de kust en op de eilanden vind je de beroemde Swahili-keuken: een mix van de Afrikaanse keuken en de keuken uit het Midden-Oosten en India.
De meeste Oost-Afrikanen ontbijten met mandazi, een soort gefrituurde deegwaar die nog het meest aan oliebollen of donuts doet denken. Je eet ze met suiker en drinkt er een kopje thee bij, met veel melk en een vleugje gember. Een typisch Oost-Afrikaans gerecht is nyama choma, geroosterd vlees. Dit vlees wordt gegeten met ugali en sukuma wiki, een groente. ’s Ochtends wordt ook wel uji bereid, een pap die maïsmeel en sorghum wordt gemaakt. Andere typische gerechten zijn: m’baazi, een soort kikkererwten; m’chuzi wa kuku, kip met kokosnoot; samaki na nazi, vis met kokosnoot.
In de grote steden vind je luxe restaurants, waar je een maaltijd kunt krijgen die min of meer vergelijkbaar is met wat in Europa wordt geserveerd. Het eten van fastfood wint ook in Kenia aan populariteit. Het is in vrijwel elke stad mogelijk om snacks te kopen, zoals patat met ketchup, hamburgers, worstjes, eieren, vis en kip. Ook zijn er Indiase restaurants te vinden. Op de markten wordt een grote verscheidenheid aan verse producten te koop aangeboden. Vooral het assortiment tropische vruchten is uitgebreid; mango's, papaja's, ananas, guaves, bananen, kokosnoten, sinaasappels.
Frisdranken als Coca Cola en Fanta zijn overal te koop, evenals koffie en thee. Op de plaatsen waar veel toeristen komen, staan vaak verse vruchtensappen op de kaart. In Kenia wordt veel bier gedronken, dat naar verhouding goedkoop is. Er zijn verschillende soorten bier (zelfs bananenbier) met een uiteenlopend alcoholpercentage. Wijn wordt in Kenia geproduceerd, maar smaakt toch anders dan bij ons. Veel supermarkten verkopen sterke drank (whisky, gin, wodka en brandy). Er zijn twee lokale likeuren in Kenia: Kenya Cane, een sterk goedje gemaakt van suikerriet, en Kenya Gold, een aangename koffielikeur. Kraanwater kun je beter niet drinken. Mineraalwater in flessen is overal verkrijgbaar.
Feestdagen
Kenia kent tal van nationale en religieuze (christelijke en islamitische) feestdagen. Belangrijke nationale feestdagen in Kenia zijn: Madaraka Day (1 juni); Nyayo of Moi Day (10 oktober); Kenyatta Day (20 oktober) en Jamhuri Day of Onafhankelijkheidsdag (12 december).
Daarnaast worden zowel de christelijke feestdagen Pasen en Kerstmis gevierd, als het islamitische Suikerfeest gevierd. Ook de omvangrijke hindoegemeenschap heeft haar eigen feestdagen. Niet alle moslimfeestdagen worden door andere religies gevierd en omgekeerd. Omdat de islamitische kalender is gebaseerd op het maanjaar, schuiven de feestdagen volgens onze telling ieder jaar tien à elf dagen naar voren. De grootste islamitische feesten zijn de ramadan (vanaf 11 augustus 2010), het Suikerfeest (10 september 2010) en het Offerfeest (17 november 2010).
Gewoonten en gebruiken
Als je het in Kenia over tijd hebt, moet je er rekening mee houden dat Swahili-tijd een ander ritme heeft dan de tijd die je in Europa gewend bent. In het Swahili begint men te tellen vanaf het moment dat het licht (zes uur 's morgens) en donker (zes uur 's avonds) wordt. Zeven uur 's ochtends wordt volgens deze telling saa moja (één uur overdag) en zeven uur 's avonds saa moja usiku (een uur 's nachts). Wil je een afspraak maken, dan heeft het weinig zin om er een tijd bij te noemen. Afspraken worden gemaakt in termen van ochtend, middag en avond.
Het is raadzaam om je netjes te kleden. Oost-Afrikanen gaan zelf ook goed gekleed en goed gekapt op stap. Ondanks de warmte is het voor mannen volstrekt niet gebruikelijk om op straat met ontbloot bovenlijf rond te lopen. Ook voor vrouwen geldt dat Oost-Afrikanen het niet op prijs stellen als ze er al te schaars gekleed bijlopen. Bedek je knieën en schouders, vooral in islamitische gebieden. Als je je armen en benen goed bedekt houdt, verklein je bovendien de kans om gestoken te worden door de malariamug.
Als je iemand begroet doe je dat met de rechterhand. Dat geldt ook als je iemand iets aanreikt. Ook eten doe je met de rechterhand. De linkerhand gebruik je op het toilet als je je billen afveegt. Het is niet gebruikelijk dat mannen en vrouwen elkaar in het openbaar kussen.
Stel je enigszins bescheiden op en luister vooral als je in gesprek bent met plaatselijke bewoners. Beledig hen niet door je als een buitenstaander als een 'betweter' op te stellen.
Meer informatie over culturele verschillen en omgangsvormen vind je in TE GAST IN Kenia (te bestellen via: www.tegastin.nl)
Klimaat
Kenia ligt rond de evenaar. Het klimaat kent geen zomer of winter, maar een lang en kort regenseizoen. Het lange regenseizoen, met zware regenval, loopt van medio maart tot en met mei. Van juni tot oktober is het koeler en droog weer met af en toe een korte regenbui. Vanaf half oktober tot het midden van december is het korte regenseizoen, met vooral 's nachts veel regenbuien. De rest van de dag is het afwisselend bewolkt en zonnig weer. Na de korte regens is het tot half maart droog en heet. Bij zware regenval kunnen de ongeasfalteerde wegen slecht begaanbaar worden.
Door de ligging vlakbij de evenaar is de temperatuur in Kenia het hele jaar door vrij constant. In het hoog gelegen binnenland - zoals in Nairobi - kan het 's nachts echter aanzienlijk afkoelen.
De beste reisperiodes zijn de relatief koele en droge periode van juni tot half oktober en de hete droge periode vanaf eind december tot en met februari. Aan de kust is het in januari en februari door de hoge luchtvochtigheid benauwd.
Klimaattabel
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).
NAIROBI
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Regen
|
T w
|
|
Januari
|
21
|
9
|
6
|
-
|
|
Februari
|
21
|
9
|
5
|
-
|
|
Maart
|
22
|
9
|
9
|
-
|
|
April
|
21
|
7
|
11
|
-
|
|
Mei
|
20
|
6
|
12
|
-
|
|
Juni
|
18
|
6
|
4
|
-
|
|
Juli
|
17
|
4
|
3
|
-
|
|
Augustus
|
18
|
4
|
3
|
-
|
|
September
|
19
|
6
|
5
|
-
|
|
Oktober
|
21
|
7
|
5
|
-
|
|
November
|
20
|
7
|
10
|
-
|
|
December
|
19
|
8
|
8
|
-
|
Landschap
Het landschap van Kenia wordt gedomineerd door de Grote Slenk. Deze 6400 kilometer lange breuklijn in de aarde strekt zich uit van Libië in het noorden tot Mozambique in het zuiden. Het meest spectaculaire gedeelte van de Grote Slenk ligt in Kenia. De steile hellingen steken hier op sommige plekken meer dan 600 meter boven het dal van de kloof uit. Langs de randen van de breuklijn is een reeks vulkanen ontstaan, waaronder de hoogste berg van Kenia, Mount Kenya (5199 meter), die met gletsjers is bedekt. In Noord-Tanzania zijn het onder andere de actieve vulkaan Oldoinyo Lengai (2878 meter) en Afrika’s hoogste berg Kilimanjaro (5895 meter).
De belangrijkste bergketens in Kenia zijn het Aberdare gebergte ten oosten van de slenk (3994 meter) en ten westen van de slenk het Mau Escarpment en het Elgon gebergte (4321 meter, op de grens tussen Kenia en Oeganda). Een groot gedeelte van het zuiden bestaat uit uitgestrekte vlaktes met hier en daar wat heuvels. Het bekendste zijn de vlaktes van het Masai Mara National Park. Het park herbergt de grootste concentratie grote zoogdieren op aarde. De vlaktes van de Masai Mara vormen samen met het Serengeti National Park in het aangrenzende Tanzania een van de belangrijkste leefgebieden ter wereld voor wilde grote zoogdieren. De jaarlijkse trek van honderdduizenden gnoes en zebra’s tussen deze twee gebieden is wereldberoemd.
In het noorden en noordoosten ligt een woestijnachtig gebied dat tweederde van de totale oppervlakte van Kenia beslaat. Daarnaast is ongeveer 13.600 km² van Kenia bedekt met water, waarvan het grootste gedeelte het Victoriameer in West-Kenia is. In de westelijke hooglanden, waar het regelmatig regent, bevinden zich de belangrijkste landbouwgronden en theeplantages van Kenia.
Religie
In Kenia is de meerderheid van de bevolking christen; 45 procent is protestant en 33 procent katholiek. Moslims vormen ongeveer 10 procent van de bevolking. Zij leven voornamelijk in het oosten van het land, dat van oudsher een Arabische invloed kent. Zo’n 10 procent van de bevolking is aanhanger van een traditionele Afrikaanse religie.
Taal
Kiswahili is de nationale taal van Kenia. Daarnaast spreekt iedereen zijn eigen stamtaal. Kiswahili is van oorsprong een handelstaal. De taal ontstond in de late middeleeuwen, toen Arabieren handel dreven met de Afrikaanse oostkust. De taal heeft de structuur van een Afrikaanse bantoetaal, maar kent veel leenwoorden uit het Arabisch. In de negentiende en twintigste eeuw zijn ook verbasteringen van westerse woorden in het Kiswahili opgenomen. Wees dus niet verbaasd als je opeens woorden als aeropleni (vliegtuig), baiskeli (fiets) of shule (school) tegenkomt.
In Kenia geldt het Engels als een tweede nationale taal. Vooral in steden en aan de kust kun je goed met Engels terecht. Op het platteland zijn er maar weinig mensen die Engels spreken. Het is zeker handig om wat uitdrukkingen in het Kiswahili te leren. De bevolking stelt het zeer op prijs wanneer je enige woorden in hun taal kunt spreken.
Woordenlijst (swahili)
Hallo
Hujambo
Antwoord: Sijambo
Hoe gaat het met u?
Tegen één persoon: habari yako?
Tegen meerdere personen: habari zenu?
(habari betekent nieuws)
Goedemorgen
Habari za asubuhi?
(letterlijk: nieuws van de ochtend)
Goedemiddag
Habari za mchana?
(letterlijk: nieuws van de dag)
Goedenavond
Habari za jioni?
(letterlijk: nieuws van de avond)
Goed/prima
Nzuri/safi
(antwoord op alle groeten die met habari beginnen)
Welterusten/goedenacht
Lala salama/usiku mwema
Tot ziens
Tutaonana
(letterlijk: wij zien elkaar opnieuw)
Antwoord: haya (oké)
Het gaat u goed / Tot ziens
Tegen één: Kwa heri
Tegen meerdere: Kwa herini
Antwoord: asante (bedankt)
Volk/mag ik binnen komen?
Hodi
Welkom/kom binnen
Karibu
Wat is uw naam?
Jina lako nani?
Mijn naam is ...
Jina langu ni ...
Spreekt u Engels?
Unasema Kiingereza?
Een beetje
Kidogo
Ja/Nee
Ndiyo/Hapana
Ik begrijp het niet
Sifahamu
Wat/wat zegt u?
Nini/unasema?
Ik begrijp het
Ninafahamu
(Hartelijk) bedankt
Asante (sana)
Alstublieft
Als je iets vraagt: tafadhali
Als je iets aanbiedt: karibu
Waar komt u vandaan?
Unatoka wapi?
Ik kom uit Nederland
Ninatoka Uhollanzi.
Van welke stam bent u?
Una kabila gani?
Laten we thee/koffie drinken
Tunywe chai/kahawa
Laten we wat eten
Tule chakula
Ik heb geen tijd, een andere keer, als God het wil
Sina nafasi, mara mengine, Mungu akipenda
Okay
Haya
Genoeg!
Tosha!
Wat wilt u?
Unataka nini?
Ik wil ...
Ninataka ...
Wat kost het?
Bei gani?
Duur/goedkoop
Ghali/rahisi
Geld
Fedha
Mooi
Nzuri/safi
Klein/groot
Ndogo/kubwa
Wanneer?
Lini?
Gisteren/vandaag/morgen
Jana/leo/kesho
Waar?
Wapi?
Hotel
Hoteli
Bank
Benki
Postkantoor
(Ofisi ya) posta
Station
Stesheni
Toilet
Choo
1 = moja
2 = mbili
3 = tatu
4 = nne
5 = tano
6 = sita
7 = saba
8 = nane
9 = tisa
10 = kumi
11 = kumi na moja
12 = kumi na mbili
20 = ishirini
21 = ishirini na moja
30 = thelathini
40 = arobaini
50 = hamsini
60 = sitini
70 = sabini
80 = themanini
90 = tisini
100 = mia
1000 = elfu
10000 = elfu kumi
100000= laki
Uitspraak
j = als "dj" in James
ch = als "tsj" in Tsjechië
gh = als een harde "g"
sh = als "sj" in sjofel
th = als "th" in het Engelse thing
y = als "j"
u = als "oe"
Op een enkele uitzondering na, ligt de klemtoon in het Swahili altijd op de één na laatste lettergreep.
Praktische informatie
Ambassades
Keniaanse ambassade in Nederland
Nieuwe Parklaan 21, 2597 LA Den Haag
T 00 31 (0)70 350 42 15
F 00 31 (0)70 355 35 94
I www.kenyaembassy-nl.com
Keniaanse ambassade in België
Winston Churchilllaan 208, 1180 Brussel
T 00 32 (0)2 340 10 40
F 00 32 (0)2 340 10 50
Nederlandse ambassade in Kenia
Riverside Lane (off Riverside Drive), 00100 Nairobi
T 00 254 20 42 88 000
F 00 254 20 44 47 416
I www.netherlands-embassy.or.ke
Belgische ambassade in Kenia
Limuru Road, Muthaïga, Nairobi
T 00 254 20 712 20 11
F 00 254 20 712 30 50
I www.diplomatie.be/nairobinl
Bagage en kleding
Aangezien je een rondreis maakt waarbij je regelmatig je tas in- en uitpakt is het handig om een reistas of een rugzak met inwendig frame te gebruiken. Geen koffer of een rugzak met uitwendig frame. Deze kunnen schade toebrengen aan de bagage van je reisgenoten en zijn bovendien moeilijker te stapelen in de truck. We raden je aan om maximaal 15 kilo bagage mee te nemen. Je kunt tijdens de reis altijd zelf het één en ander uitwassen. Ook is het vaak mogelijk tegen een vergoeding de was te laten doen. Verder is een klein rugzakje, een zgn. "day-pack", voor je handbagage ook handig.
Wat betreft je kleding en bagage dien je mee te nemen: luchtige en lichte (in verband met muskieten) kleding, t-shirts met korte én lange mouwen, minimaal twee - drie lange broeken eventueel met afritsbare pijpen (spijkerbroek droogt langzaam en loopt zwaar!), dikke trui en/of fleece voor tijdens de rijdagen in de truck en voor de koude nachten (in de maanden juli t/m september zijn de nachten erg koud!), winddicht regenjack en regenkleding, zwemkleding.
We vragen je in je kleding respect te tonen voor de lokale cultuur/religie. De kuststrook van Kenia wordt voornamelijk door moslims bewoond. Schouders en knieëen dienen bedekt te zijn. Uit ervaring blijkt dat de kledingregels zeer soepel worden toegepast. In het boekje 'te gast in ' kun je hierover meer lezen. Mocht je twijfelen of nog vragen hebben, neem dan gerust contact op met onze regio-specialisten.
Denk verder bij het samenstellen van je bagage bijvoorbeeld aan stevige soepele ingelopen wandelschoenen (goed profiel), makkelijke en lichte loopschoenen of (Teva-) sandalen, badslippers, zaklamp, verrekijker, naaigerei, wasmiddel, dagrugzak, universeel geldige verloopstekker, reis- en taalgids, oordopjes, opblaaskussen, voldoende fotomateriaal, reserve fotobatterijen, toiletartikelen, zwemkleding, zonne- en/of reservebril; het dragen van (m.n. harde) contactlenzen is soms moeilijk door het stof. (vergeet de contactlensvloeistof niet!), pet of hoofddoek, wekker, schrijfgerei, handdoeken, plastic (vuilnis)zakken om je kleding schoon te houden en evt. een zakmes.
Kenia is een malariagebied. Een klamboe is derhalve ten zeerste aan te raden. Veel hotelkamers zijn voorzien muskietengaas en een ventilator. De kwaliteit is helaas niet altijd even goed waardoor je voor de zekerheid beter je eigen klamboe mee kunt nemen. De ervaring leert dat er met toch nog muggen in de kamers aanwezig zijn. Alternatief is een muggenspray. Waterzuiveringsmiddelen zijn niet nodig, overal kan je veilig drinkwater in flessen kopen.
Electriciteit
In Kenia en Tanzania is het voltage 220V. Wij adviseren je een wereldstekker mee te nemen omdat de gebruikte stopcontacten anders zijn dan in Nederland.
Electriciteit
De netspanning in Kenia is 220-240 Volt. Omdat de stopcontacten anders zijn dan in de Benelux heb je een verloopstekker nodig.. Mocht je je batterijen willen opladen kan dat, soms tegen een kleine vergoeding, bij de hotels. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op www.kropla.com.
Fooien
In hotels en restaurants is het gebruikelijk een fooi te geven. Wanneer de bediening niet is inbegrepen kun je uitgaan van tien procent. Ook chauffeurs van taxi's en busjes, gidsen en mensen die op straat een dienst verlenen, verwachten een fooi. Voor veel mensen die werkzaam zijn in het toerisme is een fooi niet zomaar een extraatje, maar een onmisbare aanvulling op een laag salaris. Deze mensen zijn in veel gevallen ongeschoold of laaggeschoold. Werk in de toeristensector is vaak seizoensgebonden en salarissen worden alleen uitbetaald over de gewerkte periode. Veelal moet een hele familie van dit inkomen leven. Een fooi komt dus meestal rechtstreeks in handen van mensen die het hard kunnen gebruiken en hun achterban profiteert mee.
In steden in Kenia word je regelmatig aangeklampt door bedelaars. Geef niet klakkeloos geld, maar bedenk je dat mensen om uiteenlopende redenen bedelen. Voor sommigen, bijvoorbeeld oude of invalide mensen, kan het de enige mogelijkheid zijn om te overleven. Anderen bedelen omdat ze verslaafd zijn aan alcohol en/of drugs. Kijk wat de lokale bevolking doet. Wanneer die iets geeft, is de kans groot dat je gift goed besteed wordt.
Kinderen kun je beter geen geld, pennen of andere dingen geven. Dat werkt opdringerig gedrag en bedelen in de hand. Bovendien kan het buiten je gezichtsveld tot ruzies leiden. Als je de bevolking echt wilt helpen, steun dan een lokaal project of een erkende ontwikkelingsorganisatie.
Fotografie
Kenia is een fotogeniek land, niet alleen vanwege de natuur maar ook vanwege de mensen. Als je mensen fotografeert, doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Vaak werkt het ontwapenend wanneer je als digitale fotograaf toont wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto wilt maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig te herkennen. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Op routes waar veel toeristen komen vragen kleurrijke stammen als de Maasai, Turkana en Samburu geld voor foto's. Onderhandel vriendelijk over de prijs en maak niet stiekem foto's. Je zult niet de eerste zijn die zich de woede van omstanders op de hals haalt.
Het is ten strengste verboden opnames te maken van de nationale vlag, de president, politieagenten, militairen, kazernes, vliegvelden, havens, stuwdammen, etcetera.
Filmrolletjes, batterijen en dergelijke, zijn in Kenia duurder dan in Nederland of Belgi? en niet overal verkrijgbaar. Neem voldoende batterijen mee voor het geval je enkele dagen niet kunt opladen. Neem voor het opladen van de batterijen van foto- of videocamera ook een wereldstekker mee. Bewaar je foto- en filmapparatuur in een goed afsluitbare tas, beschermd tegen zon en stof. Ter bescherming van je lens kun je een UV-filter meenemen. Voor het fotograferen van dieren in de wildparken is een telelens van minimaal 200 mm aan te bevelen. De meeste gamedrives worden in de vroege ochtend of late middag gemaakt. Zorg dan ook voor snelle films (200 of 400 iso).
Geldzaken
De munteenheid in Kenia is de Keniaanse shilling (Ksh of KES) die weer is onderverdeeld in 100 cents. Er zijn briefjes van 10, 20, 50, 100, 200 en 500 shilling in omloop. Voor één euro ontvang je 107 Ksh (september 2009). Kijk voor de actuele wisselkoersen op: www.oanda.com/convert/cheatsheet
Op het vliegveld van Nairobi kun je euro's en dollars wisselen en er zijn pinautomaten. Ook elders in Kenia kun je op veel plaatsen pinnen, maar houd er altijd rekening mee dat automaten buiten gebruik kunnen zijn. Als je cash geld wisselt kun je het beste terecht bij Forex Bureaus. Deze kleine wisselkantoren geven een betere koers dan de banken en zijn veelal ook op zaterdag (tot 16.00 uur) geopend. Bij hotels is de koers een stuk onvoordeliger. Probeer kleine coupures shillingen te krijgen als je geld wisselt. Dat is makkelijker bij betalingen omdat er op veel plaatsen vaak geen wisselgeld is. Met een creditcard kun je alleen bij luxe resorts en duurdere winkels terecht.
! Belangrijke info voor Belgen !
Om veiligheidsredenen heeft de Belgische overheid op 17 januari beslist om het gebruik van de bankkaarten met Cirrus / Maestrologo buiten Europa niet langer mogelijk te maken.
Afgezien van een paar uitzonderingen ( te vinden op de website www.febelfin.be) kan je dus op onze reizen je gewone bankkaart / debetkaart niet meer gebruiken en dient er cash geld meegenomen te worden, of een Visa/Mastercard ( kredietkaart).
Sommige banken bieden de mogelijkheid om deze maatregel op te heffen gedurende een maximum periode van 3 maanden ( tijdens dewelke je dus wel buiten Europa met je bankkaart kan betalen) : dit dient voor vertrek bij uw bank aangevraagd te worden.
Gezondheidsvoorschriften
Voor Kenia worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter (www.dereisdokter.nl), een vaccinatieafdeling van de GGD (www.ggd.nl), het Tropencentrum AMC in Amsterdam (www.tropencentrum.nl) of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam (www.travelclinic.com). Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor meer informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere: www.gezondopreis.nl.
Invoerbepalingen
In Kenia mag je per persoon belastingvrij 200 sigaretten, 50 sigaren of 250 gram tabak en een liter alcohol invoeren. Wordt er pornografische literatuur of drugs in je bagage ontdekt, dan heb je een groot probleem. Het oponthoud is groot, de straf streng.
Er geldt een strikt uitvoerverbod voor jachttrofeeën, ivoor en andere souvenirs die gemaakt zijn van beschermde dier- of plantensoorten. Denk bijvoorbeeld aan koralen, grote schelpen, (zee)schildpadden, slangen, krokodillen, hagedissen, papegaaien, vlinders, orchideeën en cactussen. Toch worden er in Kenia veel producten te koop aangeboden waarin (delen) van bedreigde dier- en plantensoorten zijn verwerkt: tassen, riemen, schoenen, sieraden e.d. Let er bij de aankoop van dit soort souvenirs op dat het een geldig CITES-certificaat heeft. Nederland en België zijn aangesloten bij de Washington Conventie (Verdrag over de Internationale Handel in Bedreigde Soorten, afgekort als CITES) en treden streng op tegen overtredingen. Meer informatie over de belangrijkste beschermde soorten met een opsomming van de bekendste ‘foute’ souvenirs vind je op www.wnf.nl/souvenirs of www.minlnv.nl/cites.
Tijdsverschil
In Kenia is het in de winter twee uur later dan in de Benelux. In de zomer is dat een uur later.
Veiligheid
Vooral in Nairobi (‘Nairobbery’) moet je goed op je spullen passen. Vooral op drukke plaatsen zoals markten en busstations proberen zakkenrollers hun slag te slaan. 's Avonds kun je bepaalde gebieden beter vermijden. Het is niet verstandig om na het invallen van de duisternis zomaar over straat te lopen. Wil je er toch nog even uit, neem dan een taxi of ga in gezelschap van een plaatselijke bewoner.
Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Verdeel geld en documenten over verschillende plaatsen en meer personen. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Laat geen geld of kostbare zaken slingeren in je hotelkamer. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals je paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken.
Voor actuele informatie over de veiligheid in Kenia kun je je wenden tot het ministerie van Buitenlandse Zaken, kijk op www.minbuza.nl onder ‘reizen en landen’. Ook op de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken www.diplomatie.be vind je nuttige reisadviezen.
Winkelen en openingstijden
De meeste overheidskantoren zijn door de week geopend van 8.30 tot 12.30 uur; postkantoren van 8.30 tot 17.00 uur en op zaterdag tot 13.00 uur. De meeste winkels zijn geopend van 8.00 tot 18.00 uur, vaak met een korte middagpauze en op zaterdag tot 12.30 uur. Met uitzondering van enkele kleine winkels, apothekers en souvenirwinkeltjes zijn alle winkels op zondag gesloten.
Tanzania
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Kenia heeft een oppervlakte van 569.259 km² (14 keer Nederland en 18,5 keer België) en telt 36,9 miljoen (2007) inwoners. Ongeveer 70 procent van de bevolking woont in het zuidwesten, in de omgeving van het Victoriameer, in Nairobi en in de hooglanden. Driekwart van de bevolking leeft van de landbouw en visserij; belangrijke gewassen zijn thee, maïs, koffie, suikerriet bonen en rijst. Thee is het belangrijkste exportgewas en brengt samen met het toerisme de meeste buitenlandse valuta in kas.
Gedreven door een gebrek aan landbouwgrond, de hoop op werk en een hoger inkomen trekken veel mensen van het platteland naar de stad, met als gevolg dat er steeds meer sloppenwijken komen. Omdat de bevolking in de steden zich steeds meer met elkaar vermengt, gaan oude tradities hier verloren. Onder jongeren wordt dat proces nog versterkt door westerse invloeden. Zelfs in de verste uithoeken van het land kom je westerse producten tegen en hoor je westerse muziek.
De Keniaanse bevolking groeit met ongeveer 2,7 procent, maar mede door het grote aantal mensen met aids is de levensverwachting laag (gemiddeld 55 jaar). Ruim 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar (in Nederland 18 procent) en veel kinderen (naar schatting 40 procent) moeten op het land werken. Dit is in strijd met de rechten van het kind en het belet hen naar school te gaan, maar toch zijn zij beter af dan diegenen die al bedelend hun kostje op straat moeten zien te verdienen. Desondanks is het aantal mensen dat kan lezen en schrijven hoog, namelijk 85 procent.
De Keniaanse bevolking bestaat uit zo’n zeventig etnische bevolkingsgroepen die zich vooral onderscheiden door hun taal. De drie belangrijkste taalgroepen zijn de bantoesprekenden zoals de Kikuyu (22 procent), Luyia (14 procent) en Kamba (11 procent); de Niloten zoals de de Luo (13 procent), Kalenijn (12 procent) en Maasai (1,6 procent) en de Koesjitische volken (3 procent). Daarnaast wonen er Aziaten, Europeanen en Arabieren, die samen ongeveer 1 procent van de bevolking uitmaken. Hoewel beperkt in aantal spelen zij een belangrijke rol in de Keniaanse economie; ze bezitten de meeste bedrijven of bekleden hoge posities in het bedrijfsleven. De strijd om land is al eeuwenlang een conflict tussen de verschillende etnische groepen, met name tussen veehouders en akkerbouwers.
De Maasai zijn wellicht het alom bekendste volk van Oost-Afrika. Ze leven met hun kuddes (koeien en geiten) in Zuid-Kenia en Noord-Tanzania en zijn te herkennen aan hun felrode of felblauwe toga-achtige gewaden. Voor dit nomadenvolk betekent een grote veestapel welvaart. Op plaatsen waar voldoende water en gras is, bouwen ze lemen dorpen. De laatste decennia blijven steeds meer Maasai op een vaste plek wonen, vaak aangemoedigd door de regering, zodat de kinderen naar school kunnen gaan. Omdat ze voortdurend onderweg zijn, bestaat hun traditionele voedsel uit runderbloed en melk. In de Maasai-cultuur spelen leeftijdsgroepen een belangrijke rol. Iedere overgang naar een nieuwe leeftijdsfase vindt plaats met ceremonies. Hoe het leven van een Maasai-man eruit ziet, staat daarmee al van tevoren voor een groot deel vast. In de kindertijd (Inkera) leren jongens vanaf hun vijfde jaar hoe ze op het vee moeten letten. In de puberteit worden zij besneden en treden ze toe tot de krijgers (Ilmoran). Morans mogen niet trouwen, maar vriendinnetjes (onbesneden meisjes) zijn wel toegestaan. Als de morans rond de 25 jaar zijn, ondergaan zij opnieuw een ceremonie en treden zij als junior ouderlingen toe tot de Ilpayiani. Jaren later vindt de laatste ceremonie plaats, die hen van junior tot senior ouderlingen maakt. Al het dagelijkse werk, waaronder het bouwen van huizen, wordt gedaan door de vrouwen. Meisjes blijven bij hun moeders wonen tot ze trouwen.
De Samburu leven in Noord-Kenia en zijn verwant aan de Maasai. Qua taal en uiterlijk lijken deze twee volkeren dan ook erg veel op elkaar. Net als bij de Maasai spelen leeftijdsgroepen bij deze stam een belangrijke rol.
De Swahili leven in het kustgebied. Zij vormen niet zozeer een volk alswel een verzameling van stammen waarvan taal en cultuur sterk beïnvloed zijn door Arabieren, Indiërs en de Portugezen. Langs de Afrikaanse oostkust bevonden zich eeuwenlang belangrijke handelscentra, zoals Lamu, waar deze culturen zich konden vermengen. Het woord Swahili is afkomstig uit het Arabische ‘sawa hili’, dat ‘van de kust’ betekent.
Tanzania is 22 keer zo groot als Nederland en heeft een oppervlakte van 945.087 km2. Het land telt veertien nationale parken en daarnaast nog eens meer dan dertig reservaten. Tanzania´s grote trots is de hoogste berg (Kilimanjaro) en het grootste meer van Afrika (Victoriameer). Een zeer bepalend onderdeel van het landschap is de Great Rift Valley. Als gevolg van breuken in de aardkorst ontstonden miljoenen jaren geleden twee kloven die van Ethiopië tot Noord-Tanzania (oostelijk rift) en van Oeganda via West-Tanzania naar Mozambique (oostelijk rift) lopen. De Rift vallei heeft gezorgd voor het vulkanisch gebied waaruit schitterende kraters zijn voortgekomen, de Ngorongoro krater bijvoorbeeld, en voor uitzonderlijk diepe meren als Lake Taganyika.
De huidige republiek Tanzania is ontstaan uit de samenvoeging van de vroegere Britse kolonie Tanganjika en de eilandengroep Zanzibar (Unguja en Pemba). Tanzania verkreeg in 1964 haar onafhankelijkheid. De eerste president, die nog steeds op handen wordt gedragen, is Julius Nyerere. Zijn partij CCM was lange tijd de enige politieke partij. In 1992 werd een meerpartijenstelsel ingevoerd. Desondanks wint CCM bij verkiezingen nog steeds de meerderheid van de stemmen.
Tanzania wordt bewoond door 38,4 miljoen mensen (UN 2005) van meer dan 120 stammen.
Het grote aantal stammen leeft in vrede naast elkaar. Een fenomeen dat wordt toegeschreven aan president Nyerere, die het belang van de stam naar de achtergrond schoof en het nationalisme bevorderde door swahili tot nationale taal te maken. Een groot deel van de bevolking leeft van de landbouw.
De economie van Zanzibar is voornamelijk gebaseerd op de productie van kruidnagelen maar de export lijdt onder de daling van de kruidnagelmarkt. Een belangrijke groeisector voor zowel Zanzibar als het vasteland is het toerisme.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Kenia heeft een oppervlakte van 569.259 km² (18,5 keer België) en telt 36,9 miljoen (2007) inwoners. Ongeveer 70 procent van de bevolking woont in het zuidwesten, in de omgeving van het Victoriameer, in Nairobi en in de hooglanden. Driekwart van de bevolking leeft van de landbouw en visserij; belangrijke gewassen zijn thee, maïs, koffie, suikerriet bonen en rijst. Thee is het belangrijkste exportgewas en brengt samen met het toerisme de meeste buitenlandse valuta in kas.
Gedreven door een gebrek aan landbouwgrond, de hoop op werk en een hoger inkomen trekken veel mensen van het platteland naar de stad, met als gevolg dat er steeds meer sloppenwijken komen. Omdat de bevolking in de steden zich steeds meer met elkaar vermengt, gaan oude tradities hier verloren. Onder jongeren wordt dat proces nog versterkt door westerse invloeden. Zelfs in de verste uithoeken van het land kom je westerse producten tegen en hoor je westerse muziek.
De Keniaanse bevolking groeit met ongeveer 2,7 procent, maar mede door het grote aantal mensen met aids is de levensverwachting laag (gemiddeld 55 jaar). Ruim 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar (in Nederland 18 procent) en veel kinderen (naar schatting 40 procent) moeten op het land werken. Dit is in strijd met de rechten van het kind en het belet hen naar school te gaan, maar toch zijn zij beter af dan diegenen die al bedelend hun kostje op straat moeten zien te verdienen. Desondanks is het aantal mensen dat kan lezen en schrijven hoog, namelijk 85 procent.
De Keniaanse bevolking bestaat uit zo’n zeventig etnische bevolkingsgroepen die zich vooral onderscheiden door hun taal. De drie belangrijkste taalgroepen zijn de bantoesprekenden zoals de Kikuyu (22 procent), Luyia (14 procent) en Kamba (11 procent); de Niloten zoals de de Luo (13 procent), Kalenijn (12 procent) en Maasai (1,6 procent) en de Koesjitische volken (3 procent). Daarnaast wonen er Aziaten, Europeanen en Arabieren, die samen ongeveer 1 procent van de bevolking uitmaken. Hoewel beperkt in aantal spelen zij een belangrijke rol in de Keniaanse economie; ze bezitten de meeste bedrijven of bekleden hoge posities in het bedrijfsleven. De strijd om land is al eeuwenlang een conflict tussen de verschillende etnische groepen, met name tussen veehouders en akkerbouwers.
De Maasai zijn wellicht het alom bekendste volk van Oost-Afrika. Ze leven met hun kuddes (koeien en geiten) in Zuid-Kenia en Noord-Tanzania en zijn te herkennen aan hun felrode of felblauwe toga-achtige gewaden. Voor dit nomadenvolk betekent een grote veestapel welvaart. Op plaatsen waar voldoende water en gras is, bouwen ze lemen dorpen. De laatste decennia blijven steeds meer Maasai op een vaste plek wonen, vaak aangemoedigd door de regering, zodat de kinderen naar school kunnen gaan. Omdat ze voortdurend onderweg zijn, bestaat hun traditionele voedsel uit runderbloed en melk. In de Maasai-cultuur spelen leeftijdsgroepen een belangrijke rol. Iedere overgang naar een nieuwe leeftijdsfase vindt plaats met ceremonies. Hoe het leven van een Maasai-man eruit ziet, staat daarmee al van tevoren voor een groot deel vast. In de kindertijd (Inkera) leren jongens vanaf hun vijfde jaar hoe ze op het vee moeten letten. In de puberteit worden zij besneden en treden ze toe tot de krijgers (Ilmoran). Morans mogen niet trouwen, maar vriendinnetjes (onbesneden meisjes) zijn wel toegestaan. Als de morans rond de 25 jaar zijn, ondergaan zij opnieuw een ceremonie en treden zij als junior ouderlingen toe tot de Ilpayiani. Jaren later vindt de laatste ceremonie plaats, die hen van junior tot senior ouderlingen maakt. Al het dagelijkse werk, waaronder het bouwen van huizen, wordt gedaan door de vrouwen. Meisjes blijven bij hun moeders wonen tot ze trouwen.
De Samburu leven in Noord-Kenia en zijn verwant aan de Maasai. Qua taal en uiterlijk lijken deze twee volkeren dan ook erg veel op elkaar. Net als bij de Maasai spelen leeftijdsgroepen bij deze stam een belangrijke rol.
De Swahili leven in het kustgebied. Zij vormen niet zozeer een volk alswel een verzameling van stammen waarvan taal en cultuur sterk beïnvloed zijn door Arabieren, Indiërs en de Portugezen. Langs de Afrikaanse oostkust bevonden zich eeuwenlang belangrijke handelscentra, zoals Lamu, waar deze culturen zich konden vermengen. Het woord Swahili is afkomstig uit het Arabische ‘sawa hili’, dat ‘van de kust’ betekent.
Tanzania is 26 keer zo groot als België, en heeft een oppervlakte van 945.087 km2. Het land telt veertien nationale parken en daarnaast nog eens meer dan dertig reservaten. Tanzania´s grote trots is de hoogste berg (Kilimanjaro) en het grootste meer van Afrika (Victoriameer). Een zeer bepalend onderdeel van het landschap is de Great Rift Valley. Als gevolg van breuken in de aardkorst ontstonden miljoenen jaren geleden twee kloven die van Ethiopië tot Noord-Tanzania (oostelijk rift) en van Oeganda via West-Tanzania naar Mozambique (oostelijk rift) lopen. De Rift vallei heeft gezorgd voor het vulkanisch gebied waaruit schitterende kraters zijn voortgekomen, de Ngorongoro krater bijvoorbeeld, en voor uitzonderlijk diepe meren als Lake Taganyika.
De huidige republiek Tanzania is ontstaan uit de samenvoeging van de vroegere Britse kolonie Tanganjika en de eilandengroep Zanzibar (Unguja en Pemba). Tanzania verkreeg in 1964 haar onafhankelijkheid. De eerste president, die nog steeds op handen wordt gedragen, is Julius Nyerere. Zijn partij CCM was lange tijd de enige politieke partij. In 1992 werd een meerpartijenstelsel ingevoerd. Desondanks wint CCM bij verkiezingen nog steeds de meerderheid van de stemmen.
Tanzania wordt bewoond door 38,4 miljoen mensen (UN 2005) van meer dan 120 stammen.
Het grote aantal stammen leeft in vrede naast elkaar. Een fenomeen dat wordt toegeschreven aan president Nyerere, die het belang van de stam naar de achtergrond schoof en het nationalisme bevorderde door swahili tot nationale taal te maken. Een groot deel van de bevolking leeft van de landbouw.
De economie van Zanzibar is voornamelijk gebaseerd op de productie van kruidnagelen maar de export lijdt onder de daling van de kruidnagelmarkt. Een belangrijke groeisector voor zowel Zanzibar als het vasteland is het toerisme.
Communicatie
Post uit Kenia en Tanzania naar de Benelux doet er ongeveer een week over. Post kun je het beste versturen vanuit Nairobi en Arusha.
Telefoneren kan via een postkantoor of met een telefoonkaart (het goedkoopst). De kaarten worden verkocht op de postkantoren. Bellen vanuit een hotel is relatief duur. Het landennummer van Kenia is 00254; Tanzania 00255 en van België 0032. Mobiel telefoneren is in beide landen mogelijk maar doorgaans niet vanuit de nationale parken. Informeer voor vertrek bij je provider naar de mogelijkheden en kosten.
In plaatsen waar toeristen komen zijn volop internetcafés te vinden. Hotels aan de kust beschikken meestal ook over internetfaciliteiten.
Eten en drinken
De traditionele basisingrediënten van de keuken in Kenia en Tanzania zijn vlees en kip; tomaat, wortel en ui; peper en zout. Dit wordt gegeten met ugali (een stevige brij van gekookt maismeel), rijst, cassave, kookbananen of chipsi (frites). Aan de kust en aan het Victoriameer wordt dit assortiment uitgebreid met verse vis. De keuken heeft de nodige invloed ondergaan van de in het land wonende Indiërs. Zo kun je als tussendoortje overal chapati (soort pannenkoek) en samosa (hartig gevuld deegflapje) kopen. Aan de kust en op de eilanden vind je de beroemde Swahilikeuken: een mix van de Afrikaanse keuken en de keuken uit het Midden-Oosten en India.
De meeste Oost-Afrikanen ontbijten met mandazi, een soort gefrituurde deegwaar die nog het meest aan oliebollen of donuts doet denken. Je eet ze met suiker en drinkt er een kopje thee bij met veel melk en een vleugje gember. Een typisch Oost-Afrikaans gerecht is nyama choma, geroosterd vlees. Dit vlees wordt langzaam geroosterd boven een houtskoolvuur en gegeten met ugali en sukuma wiki, een groente. ’s Ochtends wordt uji gemaakt, dat net als ugali van maismeel wordt gemaakt. Uji of porridge wordt bereid met meer vocht en is daardoor vloeibaarder. Andere typische gerechten zijn: m’baazi, een soort kikkererwten; m’chuzi wa kuku, kip met kokosnoot; samaki na nazi, vis met kokosnoot.
In de grote steden vind je luxe restaurants, waar je een maaltijd kunt krijgen die min of meer vergelijkbaar is met wat in Europa wordt geserveerd. Het eten van fast food wint ook in deze landen aan populariteit. Het is in vrijwel elke stad mogelijk om snacks te kopen, zoals patat met ketchup, hamburgers, worstjes, eieren, vis en kip. Ook zijn er Indiase restaurants te vinden. Op de markten wordt een grote verscheidenheid aan verse producten te koop aangeboden. Vooral het assortiment tropische vruchten is uitgebreid; mango's, papaja's, ananas, guaves, bananen, kokosnoten, sinaasappels.
Frisdranken als Coca Cola en Fanta zijn overal te koop, evenals koffie en thee. Op de plaatsen waar veel toeristen komen, staan vaak verse vruchtensappen op de kaart. Zowel in Kenia als in Tanzania wordt veel bier gedronken daar naar verhouding goedkoop is. Er zijn verschillende soorten bier (zelfs bananenbier) met een verschillend alcoholpercentage. Wijn wordt in Kenia geproduceerd maar smaakt toch anders dan bij ons. Veel supermarkten verkopen sterke drank (whisky, gin, wodka en brandy). Er zijn twee lokale likeuren in Kenia: Kenya Cane, een sterk goedje gebaseerd op suikerriet, en Kenya Gold, een aangename koffielikeur. In Tanzania is de Konyaki de bekendste likeur. Als goedkoopste mogelijkheid is er changa, waarmee een heel arsenaal aan thuis gemaakte spiritualiën wordt aangeduid.
In Kenia en Tanzania kun je beter geen kraanwater drinken. Mineraalwater in flessen is overal verkrijgbaar.
Feestdagen
Kenia en Tanzania kennen tal van nationale en religieuze (christelijk en islamitisch) feestdagen. Belangrijke nationale feestdagen in Kenia zijn: Madaraka Day (1 juni); Nyayo of Moi Day (10 oktober); Kenyatta Day (20 oktober) en Jamhuri Day of Onafhankelijkheidsdag (12 december).
Belangrijke nationale feestdagen in Tanzania zijn: Nieuwjaarsdag (1 januari); Zanzibar Revolution Day (12 januari); Oprichting van de politieke partij CCM (5 februari); Union Day (26 april); Dag van de Arbeid (1 mei); Farmers Day (7 juli); Peasants Day (8 augustus) en Onafhankelijkheidsdag (9 december).
Daarnaast worden zowel de christelijke feestdagen Pasen en Kerstmis gevierd, als het islamitische Suikerfeest gevierd. Ook de omvangrijke hindoegemeenschap heeft haar eigen feestdagen. Niet alle moslimfeestdagen worden door andere religies gevierd en omgekeerd. In Tanzania kan het voorkomen dat van vandaag op morgen een nationale feestdag wordt afgekondigd. Totaal onverwacht ligt dan het openbare leven een dag stil. Omdat de islamitische kalender is gebaseerd op het maanjaar, schuiven de feestdagen volgens onze telling ieder jaar tien à elf dagen naar voren. De grootste islamitische feesten zijn de ramadan (11 augustus 2010), het Suikerfeest (10 september 2010) en het Offerfeest (17 november 2010). Het Suikerfeest en andere islamitische feestdagen zijn overal in Tanzania kleurrijk, maar vooral op Zanzibar, waar op hun paasbest geklede families deelnemen aan de festiviteiten en processies.
Gewoonten en gebruiken
Realiseer je goed dat er tussen ieder land en streek verschillen zijn in de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Zelfs binnen Nederland en België is dat het geval. Als je voortdurend uitgaat van je eigen normen en waarden dan zal alles wat daarvan afwijkt je gaan irriteren. En dat geeft veel onnodige stress. Accepteer dat Kenianen en Tanzanianen in bepaalde opzichten anders kunnen zijn. Bijvoorbeeld in de manier waarop zij omgaan met tijdsafspraken. Met een goede voorbereiding - lees in ieder geval ‘TE GAST IN Kenia’ en ‘TE GAST IN Tanzania’ (te bestellen via www.tegastin.nl) - kun je je alvast instellen op deze culturele verschillen. Ter plekke is het de kunst om positief te blijven, je flexibel op te stellen en die andere levenswijze te respecteren zonder daarbij je eigen grenzen te overschrijden. Neem de tijd, probeer open en tolerant te zijn en maak eens een praatje met mensen. Spreek je de taal niet, dan zijn er andere manieren om contact te maken. Een eenvoudige begroeting of een simpele lach kost niets en opent overal deuren en harten.
Als je het in Kenia of Tanzania over tijd hebt, moet je er rekening mee houden dat Swahili-tijd een ander ritme heeft dan de tijd die je in Europa gewend bent. In het Swahili begint men te tellen vanaf het moment dat het licht (zes uur 's morgens) en donker (zes uur 's avonds) wordt. Zeven uur 's ochtends wordt volgens deze telling saa moja (één uur overdag) en zeven uur 's avonds saa moja usiku (een uur 's nachts). Wil je een afspraak maken, dan heeft het weinig zin om er een tijd bij te noemen. Afspraken worden gemaakt in termen van ochtend, middag en avond.
Het is raadzaam om je netjes te kleden. Oost-Afrikanen gaan zelf ook goed gekleed en goed gekapt op stap. Ondanks de warmte is het voor mannen volstrekt niet gebruikelijk om op straat met ontbloot bovenlijf rond te lopen. Ook voor vrouwen geldt dat Oost-Afrikanen het niet op prijs stellen als ze er al te schaars gekleed bijlopen. Bedek je knieën en schouders, vooral in islamitische gebieden. Als je je armen en benen goed bedekt houdt, verklein je bovendien de kans om gestoken te worden door de malariamug.
Als je iemand begroet doe je dat met de rechterhand. Dat geldt ook als je iemand iets aanreikt. Ook eten doe je met de rechterhand. De linkerhand gebruik je op het toilet als je je billen afveegt. Het is niet gebruikelijk dat mannen en vrouwen elkaar in het openbaar kussen.
Stel je enigszins bescheiden op en luister vooral als je in gesprek bent met plaatselijke bewoners. Beledig hen niet door je als een buitenstaander als een 'betweter' op te stellen.
Klimaat
Kenia en Tanzania liggen rond de evenaar. Het klimaat kent geen zomer of winter, maar een lang en kort regenseizoen. Het lange regenseizoen, met zware regenval, loopt van medio maart tot en met mei. Van juni tot oktober is het koeler en droog weer met af en toe een korte regenbui. Vanaf half oktober tot het midden van december is het korte regenseizoen, met vooral 's nachts veel regenbuien. De rest van de dag is het afwisselend bewolkt en zonnig weer. Na de korte regens is het tot half maart droog en heet. Bij zware regenval kunnen de ongeasfalteerde wegen slecht begaanbaar worden.
Door de ligging vlakbij de evenaar is de temperatuur in Kenia en Tanzania het hele jaar door vrij constant. In het hoog gelegen binnenland - zoals in Nairobi, Arusha, Maasai Mara en Serengeti National Park - kan het 's nachts echter aanzienlijk afkoelen.
De beste reisperiodes zijn de relatief koele en droge periode van juni tot half oktober en de hete droge periode vanaf eind december tot en met februari. Aan de kust is het in januari en februari door de hoge luchtvochtigheid benauwd.
Klimaattabel
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).
NAIROBI | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | 21 | 9 | 6 | - |
| Februari | 21 | 9 | 5 | - |
| Maart | 22 | 9 | 9 | - |
| April | 21 | 7 | 11 | - |
| Mei | 20 | 6 | 12 | - |
| Juni | 18 | 6 | 4 | - |
| Juli | 17 | 4 | 3 | - |
| Augustus | 18 | 4 | 3 | - |
| September | 19 | 6 | 5 | - |
| Oktober | 21 | 7 | 5 | - |
| November | 20 | 7 | 10 | - |
| December | 19 | 8 | 8 | - |
ARUSHA | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | 23 | 5 | 7 | - |
| Februari | 24 | 6 | 6 | - |
| Maart | 23 | 5 | 6 | - |
| April | 22 | 4 | 18 | - |
| Mei | 21 | 3 | 9 | - |
| Juni | 19 | 4 | 2 | - |
| Juli | 19 | 3 | 2 | - |
| Augustus | 20 | 4 | 1 | - |
| September | 21 | 5 | 1 | - |
| Oktober | 23 | 6 | 2 | - |
| November | 22 | 3 | 10 | - |
| December | 22 | 4 | 9 | - |
DAR ES SALAAM | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | 28 | 8 | 6 | 28 |
| Februari | 29 | 9 | 5 | 28 |
| Maart | 29 | 7 | 9 | 28 |
| April | 28 | 5 | 16 | 29 |
| Mei | 27 | 6 | 12 | 27 |
| Juni | 26 | 8 | 5 | 26 |
| Juli | 26 | 8 | 3 | 25 |
| Augustus | 26 | 8 | 5 | 25 |
| September | 26 | 8 | 3 | 25 |
| Oktober | 26 | 8 | 5 | 26 |
| November | 27 | 9 | 7 | 27 |
| December | 28 | 9 | 8 | 27 |
Landschap
Het landschap van Kenia en Tanzania wordt gedomineerd door de Grote Slenk. Deze 6400 kilometer lange breuklijn in de aarde strekt zich uit van Libië in het noorden tot Mozambique in het zuiden. Het meest spectaculaire gedeelte van de Grote Slenk ligt in Kenia. De steile hellingen steken hier op sommige plekken meer dan 600 meter boven het dal van de kloof uit. Langs de randen van de breuklijn is een reeks vulkanen ontstaan, waaronder de hoogste berg van Kenia, Mount Kenya (5199 meter), die met gletsjers is bedekt. In Noord-Tanzania zijn het onder andere de actieve vulkaan Oldoinyo Lengai (2878 meter) en Afrika’s hoogste berg Kilimanjaro (5895 meter).
De belangrijkste bergketens in Kenia zijn het Aberdare gebergte ten oosten van de slenk (3994 meter) en ten westen van de slenk het Mau Escarpment en het Elgon gebergte (4321 meter, op de grens tussen Kenia en Oeganda). Een groot gedeelte van het zuiden bestaat uit uitgestrekte vlaktes met hier en daar wat heuvels. Het bekendste zijn de vlaktes van het Masai Mara National Park. Het park herbergt de grootste concentratie grote zoogdieren op aarde. De vlaktes van de Masai Mara vormen samen met het Serengeti National Park in het aangrenzende Tanzania een van de belangrijkste leefgebieden ter wereld voor wilde grote zoogdieren. De jaarlijkse trek van honderdduizenden gnoes en zebra’s tussen deze twee gebieden is wereldberoemd.
In het noorden en noordoosten ligt een woestijnachtig gebied dat tweederde van de totale oppervlakte van Kenia beslaat. Daarnaast is ongeveer 13.600 km² van Kenia bedekt met water, waarvan het grootste gedeelte het Victoriameer in West-Kenia is. In de westelijke hooglanden, waar het regelmatig regent, bevinden zich de belangrijkste landbouwgronden en theeplantages van Kenia.
Gezichtsbepalend voor het landschap van Tanzania is de Oost-Afrikaanse Slenk (Grote Slenk), waarvan de oostelijke arm via Kenia het land binnenkomt. Hier liggen het Natronmeer en Manyarameer en de Kilimanjaro. De westelijke arm komt via Oeganda Tanzania binnen; op de bodem van het dal bevindt zich het Tanganyikameer. Tussen de armen van de slenk ligt het Centraal Plateau, een zacht glooiende landschap dat door rotspartijen en eilandbergen wordt onderbroken. In de kom van dit plateau heeft zich het Victoriameer gevormd, het grootste zoetwatermeer van Afrika. Aan de kust zijn mangrovebossen; savanne (steppevegetatie) komt voor in het droge noorden (vlakte van Masai Mara en Serengeti Nationaal Park) en in de Zuidelijke Hooglanden. De savanne is een van de belangrijkste leefgebieden ter wereld voor zeer veel verschillende soorten grote zoogdieren.
Wat is nou de beste tijd om wild te zien?
Op deze reis kom je hoe dan ook het hele jaar door een enorme variëteit aan wilde dieren tegen, vaak in grote aantallen. Kuddes olifanten, giraffen, tientallen verschillende antilopensoorten, nijlpaarden, buffels, bavianen en spectaculaire vogels zoals maraboes, gieren, roofvogels en honderden soorten meer kom je hoe dan ook tegen. Je zult ook zeker roofdieren tegenkomen zoals leeuwen, luipaarden, cheeta’s of gevlekte hyena’s. Sommige dieren zijn aanzienlijk zeldzamer, zoals neushoorns, wilde honden of bepaalde nachtdieren en daarvoor zul je geluk moeten hebben. Vogelliefhebbers worden rijk bedeeld, want de verscheidenheid aan soorten in Oost-Afrika is enorm.
Migratie van wildebeesten en zebra’s
Veel reizigers willen graag iets zien van de grote migratie, één van de meest spectaculaire gebeurtenissen in het dierenrijk, waarbij grote kuddes wildebeesten (gnoe’s), zebra’s en nog enkele antilopensoorten op weg zijn naar steeds nieuwe groene weidegronden op de onafzienbare hoogvlaktes van de Serengeti en Masai Mara. Het patroon van de migratie verloopt normaliter als volgt: na de grote voorjaarsregens, begint de trek in juni vanuit het zuiden van de Serengeti (Ndutu vlakte) naar het centrale en westelijk gedeelte van de Serengeti. De kuddes zijn dan vaak te vinden in de omgeving van de centraal gelegen Seronera vallei of aan de westkant van de Serengeti. Daarna, in de maanden juli en augustus gaan ze naar het noorden en komen zo rond september aan in de Masai Mara in Kenia. Vanaf november gaan ze weer zuidwaarts, naar de oostelijke vlaktes van de Serengeti en het Ngorongoro reservaat. In december bereiken de kuddes weer de Ndutu vlaktes en in een hele korte periode worden ontelbare jonge wildebeesten geboren en andere jonge dieren geboren. De dieren blijven in deze maanden in dit gebied en de grote troepen leeuwen die hier wonen en vaak rond de ‘kopjes’ te vinden zijn, worden vet van de enorme buit. Overigens is het gebied waarin de beesten rondtrekken zo groot als Nederland, dus we kunnen geen harde garanties afgeven dat we de migratie tegenkomen, maar op elk moment van het jaar behoren de Serengeti en de Masai Mara tot de meest dierenrijke plekken ter wereld, ook als de migratie er niet is. Tal van diersoorten migreren helemaal niet of in heel andere patronen, zoals buffels, olifanten, giraffen en tal van antilopen. Ook de grote katten; leeuwen, luipaarden en cheeta’s migreren niet. Eigenlijk is het dus (bijna) altijd een uitstekende tijd om deze schitterende gebieden te bezoeken, behalve tijdens de grote regens die half maart beginnen en eind mei afgelopen zijn.
Religie
In Kenia is de meerderheid van de bevolking christen; 45 procent is protestant en 33 procent katholiek. Moslims vormen ongeveer 10 procent van de bevolking. Zij leven voornamelijk in het oosten van het land, dat van oudsher een Arabische invloed kent. Zo’n 10 procent van de bevolking is aanhanger van een traditionele Afrikaanse religie.
Ongeveer 45 procent van de Tanzaniaanse bevolking is christen en 40 procent moslim. Moslims en christenen leven vreedzaam samen. De moslimbevolking woont met name aan de kust en op Zanzibar. Er zijn tal van christelijke kerken: roomskatholiek, luthers, Moraviërs, pinkstergemeenschap, jehova et cetera.
Taal
Kiswahili is de nationale taal van Kenia en Tanzania. Daarnaast spreekt iedereen zijn eigen stamtaal. Kiswahili is van oorsprong een handelstaal. De taal ontstond in de late middeleeuwen, toen Arabieren handel dreven met de Afrikaanse oostkust. De taal heeft de structuur van een Afrikaanse bantoetaal, maar kent veel leenwoorden uit het Arabisch. In de negentiende en twintigste eeuw zijn ook verbasteringen van westerse woorden in het Kiswahili opgenomen. Wees dus niet verbaasd als je opeens woorden als aeropleni (vliegtuig), baiskeli (fiets) of shule (school) tegenkomt.
In Kenia geldt het Engels als een tweede nationale taal. Vooral in steden en aan de kust kun je goed met Engels terecht. Op het platteland zijn er maar weinig mensen die Engels spreken. Het is zeker handig om wat uitdrukkingen in het Kiswahili te leren. De bevolking stelt het zeer op prijs wanneer je enige woorden in hun taal kunt spreken.
Woordenlijst (Swahili)
Hallo
Hujambo
Antwoord: Sijambo
Hoe gaat het met u?
Tegen één persoon: habari yako?
Tegen meerdere personen: habari zenu?
(habari betekent nieuws)
Goedemorgen
Habari za asubuhi?
(letterlijk: nieuws van de ochtend)
Goedemiddag
Habari za mchana?
(letterlijk: nieuws van de dag)
Goedenavond
Habari za jioni?
(letterlijk: nieuws van de avond)
Goed/prima
Nzuri/safi
(antwoord op alle groeten die met habari beginnen)
Welterusten/goedenacht
Lala salama/usiku mwema
Tot ziens
Tutaonana
(letterlijk: wij zien elkaar opnieuw)
Antwoord: haya (oké)
Het gaat u goed/ tot ziens
Tegen één persoon: Kwa heri
Tegen meerdere personen: Kwa herini
Antwoord: asante (bedankt)
Volk/mag ik binnen komen?
Hodi
Welkom/kom binnen
Karibu
Wat is uw naam?
Jina lako nani?
Mijn naam is ...
Jina langu ni ...
Spreekt u Engels?
Unasema Kiingereza?
Een beetje
Kidogo
Ja/Nee
Ndiyo/Hapana
Ik begrijp het niet
Sifahamu
Wat/wat zegt u?
Nini/unasema?
Ik begrijp het
Ninafahamu
(Hartelijk) bedankt
Asante (sana)
Alstublieft
Als je iets vraagt: tafadhali
Als je iets aanbiedt: karibu
Waar komt u vandaan?
Unatoka wapi?
Van welke stam bent u?
Una kabila gani?
Laten we thee/koffie drinken
Tunywe chai/kahawa
Laten we wat eten
Tule chakula
Ik heb geen tijd, een andere keer, als God het wil
Sina nafasi, mara mengine, Mungu akipenda
Okay
Haya
Genoeg!
Tosha!
Wat wilt u?
Unataka nini?
Ik wil ...
Ninataka ...
Wat kost het?
Bei gani?
Duur/goedkoop
Ghali/rahisi
Geld
Fedha
Mooi
Nzuri/safi
Klein/groot
Ndogo/kubwa
Wanneer?
Lini?
Gisteren/vandaag/morgen
Jana/leo/kesho
Waar?
Wapi?
Hotel
Hoteli
Bank
Benki
Postkantoor
(Ofisi ya) posta
Station
Stesheni
Toilet
Choo
1 = moja
2 = mbili
3 = tatu
4 = nne
5 = tano
6 = sita
7 = saba
8 = nane
9 = tisa
10 = kumi
11 = kumi na moja
12 = kumi na mbili
20 = ishirini
21 = ishirini na moja
30 = thelathini
40 = arobaini
50 = hamsini
60 = sitini
70 = sabini
80 = themanini
90 = tisini
100 = mia
1000 = elfu
10000 = elfu kumi
100000= laki
Uitspraak
j = als "dj" in James
ch = als "tsj" in Tsjechië
gh = als een harde "g"
sh = als "sj" in sjofel
th = als "th" in het Engelse thing
y = als "j"
u = als "oe"
Op een enkele uitzondering na, ligt de klemtoon in het Swahili altijd op de één na laatste lettergreep.
Praktische informatie
Ambassades
Kenia
Keniaanse ambassade in België
Winston Churchilllaan 208, 1180 Brussel
T 00 32 (0)2 340 10 40
F 00 32 (0)2 340 10 50
Belgische ambassade in Kenia
Limuru Road, Muthaïga, Nairobi
T 00 254 20 712 20 11
F 00 254 20 712 30 50
I www.diplomatie.be/nairobinl
Tanzania
Tanzaniaanse ambassade in België
Franklin Rooseveldtlaan 72, 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 640 65 00
F 00 32 (0)2 646 80 26
E tanzania@skynet.be
Belgische ambassade in Tanzania
Ocean Road 5, Dar es Salaam
T 00 255 22 211 26 88
F 00 255 22 211 76 21
I www.diplomatie.be/dar-es-salaamnl
Bagage en kleding
Aangezien je een rondreis maakt waarbij je regelmatig je tas in- en uitpakt is het handig om een reistas of een rugzak met inwendig frame te gebruiken. Geen koffer of een rugzak met uitwendig frame. Deze kunnen schade toebrengen aan de bagage van je reisgenoten en zijn bovendien moeilijker te stapelen in de truck. We raden je aan om maximaal 15 kilo bagage mee te nemen. Je kunt tijdens de reis altijd zelf het één en ander uitwassen. Ook is het vaak mogelijk tegen een vergoeding de was te laten doen. Verder is een klein rugzakje, een zgn. "day-pack", voor je handbagage ook handig.
Wat betreft je kleding en bagage dien je mee te nemen: luchtige en lichte (in verband met muskieten) kleding, t-shirts met korte én lange mouwen, minimaal twee - drie lange broeken eventueel met afritsbare pijpen (spijkerbroek droogt langzaam en loopt zwaar!), dikke trui en/of fleece voor tijdens de rijdagen in de truck en voor de koude nachten (in de maanden juli t/m september zijn de nachten erg koud!), winddicht regenjack en regenkleding, zwemkleding.
We vragen je in je kleding respect te tonen voor de lokale cultuur/religie. De kuststrook van Kenia en Tanzania en het eiland Zanzibar wordt voornamelijk door moslims bewoond. Schouders en knieëen dienen bedekt te zijn. Uit ervaring blijkt dat de kledingregels zeer soepel worden toegepast. In het boekje 'te gast in ' kun je hierover meer lezen. Mocht je twijfelen of nog vragen hebben, neem dan gerust contact op met onze regio-specialisten.
Denk verder bij het samenstellen van je bagage bijvoorbeeld aan stevige soepele ingelopen wandelschoenen (goed profiel), makkelijke en lichte loopschoenen of (Teva-) sandalen, badslippers, slaapzak (voor de 2 kampeerovernachtingen) zaklamp, verrekijker, naaigerei, wasmiddel, dagrugzak, universeel geldige verloopstekker, reis- en taalgids, oordopjes, opblaaskussen, voldoende fotomateriaal, reserve fotobatterijen, toiletartikelen, zwemkleding, zonne- en/of reservebril; het dragen van (m.n. harde) contactlenzen is soms moeilijk door het stof. (vergeet de contactlensvloeistof niet!), pet of hoofddoek, wekker, schrijfgerei, handdoeken, plastic (vuilnis)zakken om je kleding schoon te houden.
Kenia en Tanzania zijn malariagebieden. Veel hotelkamers zijn voorzien muskietengaas en een ventilator en/of klamboe. De kwaliteit is helaas niet altijd even goed waardoor je kunt overwegen een eigen klamboe mee te nemen (een rolletje tape kan handig zijn om eventuele gaatjes te dichten). Alternatief is een muggenspray.
Waterzuiveringsmiddelen zijn niet nodig, overal kan je veilig drinkwater in flessen kopen.
Electriciteit
De netspanning in Kenia en Tanzania is 220-240 Volt. Omdat de stopcontacten anders zijn dan in de Benelux heb je een verloopstekker nodig. Mocht je je batterijen willen opladen kan dat, soms tegen een kleine vergoeding, in de hotels. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website:
www.kropla.com.
Fooien
In hotels en restaurants is het gebruikelijk een fooi te geven. Wanneer de bediening niet is inbegrepen kun je uitgaan van tien procent. Ook chauffeurs van taxi's en busjes, gidsen en mensen die op straat een dienst verlenen, verwachten een fooi. Voor veel mensen die werkzaam zijn in het toerisme is een fooi niet zomaar een extraatje maar een onmisbare aanvulling op een laag lokaal salaris. Deze mensen zijn in veel gevallen ongeschoold of laaggeschoold. Werk in de toeristensector is vaak seizoensgebonden, en salarissen worden alleen uitbetaald over de gewerkte periode. Veeal moet een hele familie van dit inkomen leven. Een fooi komt dus meestal rechtstreeks in handen van mensen die het hard kunnen gebruiken en hun achterban profiteert mee.
In steden in Kenia en Tanzania word je regelmatig aangeklampt door bedelaars. Door ze geld te geven los je hun problemen allerminst op. Eerder worden zij op deze manier afhankelijk van dit soort inkomsten. Bedenk je dat mensen om uiteenlopende redenen bedelen. Voor sommigen is het de enige mogelijkheid om te kunnen overleven. Dat geldt bijvoorbeeld voor oude of invalide mensen. Die kun je natuurlijk een muntje geven, vooral wanneer je ziet dat de lokale bevolking het ook doet. Maar een grote groep bedelt omdat ze verslaafd zijn aan alcohol en/of drugs. Kinderen kun je beter geen geld geven, hooguit fruit of iets anders te eten. Als kinderen met bedelen aan geld kunnen komen, zijn ze weinig gemotiveerd om nog naar school te gaan of te gaan werken.
Ongetwijfeld word je onderweg aangesproken door kinderen die vragen om pennen of andere cadeautjes. Ga hier niet op in, het werkt opdringerig gedrag in de hand. Doe je het wel, dan houd je het fenomeen in stand en versterk je het idee dat toeristen niet met hetzelfde respect benaderd hoeven te worden als de lokale bevolking. Bovendien kunnen onderlinge verhoudingen verstoord worden: het kan ? buiten het gezichtsveld van de gever ? soms leiden tot ruzies en conflicten. Het kortdurende gevoel een kind blij te maken weegt niet op tegen de negatieve langetermijneffecten. Als je kinderen echt wilt helpen kun je beter een erkende ontwikkelingsorganisatie of een lokaal ontwikkelingsproject steunen.
Fotografie
Kenia en Tanzania zijn fotogenieke landen, niet alleen vanwege de natuur maar ook vanwege de mensen. Als je mensen fotografeert, doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Vaak werkt het ontwapenend wanneer je als digitale fotograaf toont wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto wilt maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig te herkennen. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Op routes waar veel toeristen komen vragen kleurrijke stammen als de Maasai, Turkana en Samburu geld voor foto's. Onderhandel vriendelijk over de prijs en maak niet stiekem foto's. Je zult niet de eerste zijn die zich de woede van omstanders op de hals haalt.
Het is ten strengste verboden opnames te maken van de nationale vlag, de president, politieagenten, militairen, kazernes, vliegvelden, havens, stuwdammen, etcetera.
Filmrolletjes, batterijen en dergelijke, zijn in Kenia en Tanzania duurder dan in Nederland of Belgi? en niet overal verkrijgbaar. Neem voldoende batterijen mee voor het geval je enkele dagen niet kunt opladen. Neem voor het opladen van de batterijen van foto- of videocamera ook een wereldstekker mee. Bewaar je foto- en filmapparatuur in een goed afsluitbare tas, beschermd tegen zon en stof. Ter bescherming van je lens kun je een UV-filter meenemen. Voor het fotograferen van dieren in de wildparken is een telelens van minimaal 200 mm aan te bevelen. De meeste gamedrives worden in de vroege ochtend of late middag gemaakt. Zorg dan ook voor snelle films (200 of 400 iso).
Geldzaken
De munteenheid in Kenia is de Keniaanse shilling (Ksh of KES) die weer is onderverdeeld in 100 cents. Er zijn briefjes van 10, 20, 50, 100, 200 en 500 shilling in omloop. Voor één euro ontvang je 107 Ksh (september 2009).
De munteenheid in Tanzania is de Tanzaniaanse shilling (Tsh of TZS). Er zijn briefjes van 200, 500, 1000, 5000 en 10.000 shilling in omloop. Munten zijn er van 50, 100 en 200 shilling. Voor één euro ontvang je ongeveer 1890 Tsh (september 2009).
Kijk voor de actuele wisselkoersen op: www.oanda.com/convert/cheatsheet
Op het vliegveld van Nairobi kun je euro's en dollars wisselen en er zijn pinautomaten. Ook elders in Kenia kun je op veel plaatsen pinnen, maar houd er altijd rekening mee dat automaten buiten gebruik kunnen zijn. Als je cash geld wisselt kun je het beste terecht bij Forex Bureaus. Deze kleine wisselkantoren geven een betere koers dan de banken en zijn veelal ook op zaterdag (tot 16.00 uur) geopend. Bij hotels is de koers een stuk onvoordeliger. Probeer kleine coupures shillingen te krijgen als je geld wisselt. Dat is makkelijker bij betalingen omdat er op veel plaatsen vaak geen wisselgeld is.
In grotere plaatsen als Arusha, Dar es Salaam en op Zanzibar kun je geld pinnen. Maar zorg dat je daarnaast als reserve ook contante euro's meeneemt. Alleen de luxe hotels en restaurants accepteren creditcards. De banken zijn geopend van 8.30 tot 15.00 uur op werkdagen en tot 12.00 uur op zaterdag. De wisselkantoortjes zijn vaak langer geopend. Op luchthavens zijn veel banken tot middernacht open en op de internationale luchthavens kun je bij de wisselkantoortjes 24 uur per dag terecht.
! Belangrijke info voor Belgen !
Om veiligheidsredenen heeft de Belgische overheid op 17 januari beslist om het gebruik van de bankkaarten met Cirrus / Maestrologo buiten Europa niet langer mogelijk te maken.
Afgezien van een paar uitzonderingen ( te vinden op de website www.febelfin.be) kan je dus op onze reizen je gewone bankkaart / debetkaart niet meer gebruiken en dient er cash geld meegenomen te worden, of een Visa/Mastercard ( kredietkaart).
Sommige banken bieden de mogelijkheid om deze maatregel op te heffen gedurende een maximum periode van 3 maanden ( tijdens dewelke je dus wel buiten Europa met je bankkaart kan betalen) : dit dient voor vertrek bij uw bank aangevraagd te worden
Gezondheidsvoorschriften
Voor Kenia , Tanzania en Zanzibar worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, of het Tropisch Instituut. Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie het Tropisch Instituut of ga langs bij je huisarts.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Hoogteziekte
Als je tijdens de reis boven de 2500 meter hoogte komt bestaat de kans op hoogteziekte (beklimming Kilimanjaro). Door het zuurstofgebrek wordt de ademhaling versneld en adem je meer vocht uit dan normaal. Vandaar dat je veel moet drinken: boven 2500 meter in elk geval drie tot vier liter per dag! Indien je urine donker van kleur is, drink je te weinig. Hoogteziekte treedt meestal binnen 24-72 uur op na het bereiken van een nieuwe hoogte. Hoofdpijn is het belangrijkste symptoom. Daarnaast kunnen vermoeidheid, misselijkheid, lusteloosheid, apathie, duizeligheid en hartkloppingen voorkomen. Deze klachten mag je nooit bagatelliseren, het kan gaan om longoedeem of hersenoedeem. Deze ernstige vormen, gekenmerkt door o.a. kortademigheid, droge hoest en/of verwardheid, kunnen onbehandeld fataal zijn. Iedereen kan deze ziekte krijgen, óók wie over een goede conditie beschikt.
Als stelregel geldt dat je hoogteziekte kunt voorkomen door het lichaam de gelegenheid te geven te acclimatiseren door boven de 2500 meter iedere dag slechts 300 meter hoger te overnachten. Overdag mag je weliswaar hoger klimmen, maar de hoogte waarop je overnacht is van essentieel belang. Het is belangrijk om bij ernstige klachten naar een lager gelegen plaats af te dalen Op plaatsen waar je met het vliegtuig aankomt op een hoogte van meer dan 3000 meter kan de aanpassing aan de hoogte een probleem vormen. Je zult dan rekening moeten houden met extra klachten. Het is belangrijk dat je na aankomst tenminste een extra dag echt rust neemt en vooral niet verder gaat stijgen. In sommige gevallen (overleg met je arts) is het anti-hoogteziekte medicijn Diamox aan te bevelen. Lees voor meer informatie over hoogteziekte het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de hoogte’ (uitgave KIT) of kijk op de website www.hoogteziekte.info.
Invoerbepalingen
In Kenia en Tanzania mag je per persoon belastingvrij 200 sigaretten, 50 sigaren of 250 gram tabak en een liter alcohol invoeren. Wordt er pornografische literatuur of drugs in je bagage ontdekt, dan heb je een groot probleem. Het oponthoud is groot, de straf streng.
Er geldt een strikt uitvoerverbod voor jachttrofeeën, ivoor en andere souvenirs die gemaakt zijn van beschermde dier- of plantensoorten. Denk bijvoorbeeld aan koralen, grote schelpen, (zee)schildpadden, slangen, krokodillen, hagedissen, papegaaien, vlinders, orchideeën en cactussen. Toch worden er in Kenia en Tanzania veel producten te koop aangeboden waarin (delen) van bedreigde dier- en plantensoorten zijn verwerkt: tassen, riemen, schoenen, sieraden e.d. Let er bij de aankoop van dit soort souvenirs op dat het een geldig CITES-certificaat heeft. Nederland en België zijn aangesloten bij de Washington Conventie (Verdrag over de Internationale Handel in Bedreigde Soorten, afgekort als CITES) en treden streng op tegen overtredingen. Meer informatie over de belangrijkse beschermde soorten met een opsomming van de bekendste ‘foute’ souvenirs vind je op
www.wnf.nl/souvenirs of
www.minlnv.nl/cites.
Tijdsverschil
In Kenia en Tanzania is het in de winter twee uur later dan in de Benelux. In de zomer is dat een uur later.
Veiligheid
Vooral in de grote steden als Nairobi (‘Nairobery’) en Dar es Salaam moet je goed op je spullen passen. Vooral op drukke plaatsen zoals markten en busstations proberen zakkenrollers hun slag te slaan. 's Avonds kun je bepaalde gebieden beter vermijden. Het is niet verstandig om na het invallen van de duisternis zomaar over straat te lopen. Wil je er toch nog even uit, neem dan een taxi of ga in gezelschap van een plaatselijke bewoner.
Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Verdeel geld en documenten over verschillende plaatsen en meer personen. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Laat geen geld of kostbare zaken slingeren in je hotelkamer. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals je paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken.
Voor actuele informatie over de veiligheid in Kenia en Tanzania kun je je wenden tot het ministerie van Buitenlandse Zaken www.diplomatie.be .
Winkelen en openingstijden
De meeste overheidskantoren zijn door de week geopend van 8.30 tot 12.30 uur; postkantoren van 8.30 tot 17.00 uur en op zaterdag tot 13.00 uur. De meeste winkels zijn geopend van 8.00 tot 18.00 uur, vaak met een korte middagpauze en op zaterdag tot 12.30 uur. Met uitzondering van enkele kleine winkels, apothekers en souvenirwinkeltjes zijn alle winkels op zondag gesloten.