INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen

INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen

Heilige koeien en witte bergreuzen

Deze afwisselende reis voert je langs de belangrijkste bezienswaardigheden van Noord-India, en via steile slingerwegen de Nepalese Himalaya in. Onderweg maak je kennis met de hectische steden, maar ook de prachtige natuur en de lieflijke dorpen van het Indiase platteland. Je kunt smullen van de lekkerste gerechten, varen over de mysterieuze Ganges en op de rug van een olifant op speurtocht naar neushoorns.
Vanaf € 1895
Dagen:22
Groepsgrootte:6-18
Reiscode:BIN
Reisinformatie

Landinformatie

India India

Omschrijving

India heeft een oppervlakte van 3.287.590 km² (bijna 80 maal Nederland, 107 maal België) en telt ruim 1 miljard inwoners. Ongeveer een zesde van de wereldbevolking woont in India, een derde van hen is jonger dan 15 jaar. De explosieve bevolkingsgroei is zorgwekkend. Ieder jaar komen er bijna net zoveel Indiërs bij als de hele Nederlandse bevolking. Een van de oorzaken voor de aanhoudende hoge bevolkingsgroei is het dalende sterftecijfer. Een daling die plaats vindt door een betere bestrijding van ziekte en hongersnoden. De traditie dat de kinderen, bij gebrek aan oudedagsvoorzieningen, later voor de ouders zorgen, is eveneens een oorzaak voor de hoge bevolkingsgroei. Armoede en gebrek aan scholing houden dit oude patroon in stand, vooral op het platteland waar nog steeds driekwart van de bevolking leeft. De enorme bevolkingsgroei legt een enorm beslag op de sociale ontwikkelingen. Ieder jaar moeten er voor bijna 15 miljoen mensen extra voorzieningen getroffen worden op gebied van gezondheidszorg en onderwijs. Ongeveer 75 procent van de mannelijke bevolking en 55 procent van de vrouwelijke bevolking kan lezen en schrijven. Op het platteland komt nog steeds veel meer analfabetisme voor dan in de stedelijke gebieden. Ook de regionale verschillen zijn groot. In Bihar is bijna de helft van de bevolking analfabeet, in de zuidelijke staten daarentegen is het alfabetiseringspercentage hoog. De Indiase regering hecht veel belang aan de verbetering van de onderwijsvoorzieningen en wel om praktische redenen. Onderzoek heeft aangetoond dat de productiviteit van boeren die vier jaar basisonderwijs hebben gehad met gemiddeld 8,5 procent toeneemt.

India hoort tot de snelst groeiende economieën ter wereld. Door deze groei nemen de goederenproductie en handel toe en komen er vooral in de steden banen bij. Banen die meer betalen dan mensen op het platteland kunnen verdienen. Bovendien neemt de werkgelegenheid op het platteland door de modernisering van de landbouw af. Steeds meer werkelozen en mensen die hopen op een beter betaalde baan vertrekken naar de stad. Als gevolg hiervan barsten steeds meer steden uit hun voegen en ontstaan immense sloppenwijken waar mensen onder erbarmelijke omstandigheden moeten leven. De toch al grote tegenstelling in de Indiase samenleving (o.a. door het kastenstelsel) worden alleen maar groter door onder andere de opkomst van de middenklasse. Terwijl de rijken computers en mobiele telefoons bezitten, hebben veel armen niet eens schoon water en geen toegang tot het onderwijs.

De positie van de vrouw is, in onze ogen, zeer ondergeschikt aan die van de man. Als kind is een Indiase vrouw afhankelijk van haar vader, als echtgenote van haar man, als weduwe van haar zoon. Echtparen hopen op een kind, maar eigenlijk op een jongen. India is een van de weinige landen waar meer mannen dan vrouwen leven. Het gebruik van de seksbepalende technologie en abortus van meisjesfoetussen is sinds de jaren negentig verboden, maar neemt in praktijk nog steeds toe. Een jongen betekent immers een versterking van de familie. Zijn vrouw komt later bij hem wonen en brengt een bruidsschat mee. Het krijgen van een dochter betekent later een bruidsschat betalen en meestal financiële zorgen. De bruidsschat kent nog een andere problematiek. Schoonfamilies kunnen ontevreden zijn over de hoogte van de bruidschat. De bruid wordt niet zelden het slachtoffer van een zogenaamd huiselijk ongeluk. Toch klopt dat beeld van onderdrukte vrouw niet helmaal. India heeft een sterke feministische beweging en sommige vrouwen bereiken goede posities in de maatschappij, tot aan president toe.

De bevolking van India bestaat uit heel veel verschillende bevolkingsgroepen. De mensen in het noorden zijn over het algemeen lang en slank en hebben een lichtere huidskleur; terwijl mensen in het zuiden doorgaans een donkerder huidskleur hebben en wat zwaarder gebouwd zijn. In het noordoosten zien we mongoloïde stammen die verwantschap hebben met de Chinezen. In Dharamsala wonen veel Tibetaanse bannelingen onder wie de geestelijke leider van Tibet, de Dalai Lama. Door de woestijn van Rajasthan trekken nog steeds nomadenstammen zoals de Rabari. De vrouwen van deze stam hebben felgekleurde, vaak rode, kleding aan en dragen sieraden om de hals, armen en benen die hun familiekapitaal vormen. Rajasthaanse mannen dragen grote tulbanden, oorbellen en hebben indrukwekkende snorren, terwijl de vrouwen zich tooien in kleurige sari's met veel zilveren sieraden. In Haryane en Punjab wonen de sikhs. Het sikhisme schrijft mannen voor dat ze hun haren niet mogen knippen. Ongeveer 70 miljoen Indiërs leven nog steeds in stamverband. Al deze groepen samen worden Adivasi’s (oorspronkelijke bewoners) genoemd. In het huidige India leven meer dan 500 stammen die meer dan 40 talen spreken en hun oude gewoonten en religieuze gebruiken in ere houden. De meeste stammen leven in de ontoegankelijke dichtbeboste gebieden van India, zoals in Zuid-Bihar, West-Orissa, gedeelten van Madhya Pradesh, de Andaman-eilanden en de deelstaten in het noordoosten.
 

Achtergrondinformatie

Bevolking

India heeft een oppervlakte van 3.287.590 km² (bijna 80 maal Nederland, 107 maal België) en telt ruim 1 miljard inwoners. Ongeveer een zesde van de wereldbevolking woont in India, een derde van hen is jonger dan 15 jaar. De explosieve bevolkingsgroei is zorgwekkend. Ieder jaar komen er bijna net zoveel Indiërs bij als de hele Nederlandse bevolking. Een van de oorzaken voor de aanhoudende hoge bevolkingsgroei is het dalende sterftecijfer. Een daling die plaats vindt door een betere bestrijding van ziekte en hongersnoden. De traditie dat de kinderen, bij gebrek aan oudedagsvoorzieningen, later voor de ouders zorgen, is eveneens een oorzaak voor de hoge bevolkingsgroei. Armoede en gebrek aan scholing houden dit oude patroon in stand, vooral op het platteland waar nog steeds driekwart van de bevolking leeft. De enorme bevolkingsgroei legt een enorm beslag op de sociale ontwikkelingen. Ieder jaar moeten er voor bijna 15 miljoen mensen extra voorzieningen getroffen worden op gebied van gezondheidszorg en onderwijs. Ongeveer 75 procent van de mannelijke bevolking en 55 procent van de vrouwelijke bevolking kan lezen en schrijven. Op het platteland komt nog steeds veel meer analfabetisme voor dan in de stedelijke gebieden. Ook de regionale verschillen zijn groot. In Bihar is bijna de helft van de bevolking analfabeet, in de zuidelijke staten daarentegen is het alfabetiseringspercentage hoog. De Indiase regering hecht veel belang aan de verbetering van de onderwijsvoorzieningen en wel om praktische redenen. Onderzoek heeft aangetoond dat de productiviteit van boeren die vier jaar basisonderwijs hebben gehad met gemiddeld 8,5 procent toeneemt.

India hoort tot de snelst groeiende economieën ter wereld. Door deze groei nemen de goederenproductie en handel toe en komen er vooral in de steden banen bij. Banen die meer betalen dan mensen op het platteland kunnen verdienen. Bovendien neemt de werkgelegenheid op het platteland door de modernisering van de landbouw af. Steeds meer werkelozen en mensen die hopen op een beter betaalde baan vertrekken naar de stad. Als gevolg hiervan barsten steeds meer steden uit hun voegen en ontstaan immense sloppenwijken waar mensen onder erbarmelijke omstandigheden moeten leven. De toch al grote tegenstelling in de Indiase samenleving (o.a. door het kastenstelsel) worden alleen maar groter door onder andere de opkomst van de middenklasse. Terwijl de rijken computers en mobiele telefoons bezitten, hebben veel armen niet eens schoon water en geen toegang tot het onderwijs.

De positie van de vrouw is, in onze ogen, zeer ondergeschikt aan die van de man. Als kind is een Indiase vrouw afhankelijk van haar vader, als echtgenote van haar man, als weduwe van haar zoon. Echtparen hopen op een kind, maar eigenlijk op een jongen. India is een van de weinige landen waar meer mannen dan vrouwen leven. Het gebruik van de seksbepalende technologie en abortus van meisjesfoetussen is sinds de jaren negentig verboden, maar neemt in praktijk nog steeds toe. Een jongen betekent immers een versterking van de familie. Zijn vrouw komt later bij hem wonen en brengt een bruidsschat mee. Het krijgen van een dochter betekent later een bruidsschat betalen en meestal financiële zorgen. De bruidsschat kent nog een andere problematiek. Schoonfamilies kunnen ontevreden zijn over de hoogte van de bruidschat. De bruid wordt niet zelden het slachtoffer van een zogenaamd huiselijk ongeluk. Toch klopt dat beeld van onderdrukte vrouw niet helmaal. India heeft een sterke feministische beweging en sommige vrouwen bereiken goede posities in de maatschappij, tot aan president toe.

De bevolking van India bestaat uit heel veel verschillende bevolkingsgroepen. De mensen in het noorden zijn over het algemeen lang en slank en hebben een lichtere huidskleur; terwijl mensen in het zuiden doorgaans een donkerder huidskleur hebben en wat zwaarder gebouwd zijn. In het noordoosten zien we mongoloïde stammen die verwantschap hebben met de Chinezen. In Dharamsala wonen veel Tibetaanse bannelingen onder wie de geestelijke leider van Tibet, de Dalai Lama. Door de woestijn van Rajasthan trekken nog steeds nomadenstammen zoals de Rabari. De vrouwen van deze stam hebben felgekleurde, vaak rode, kleding aan en dragen sieraden om de hals, armen en benen die hun familiekapitaal vormen. Rajasthaanse mannen dragen grote tulbanden, oorbellen en hebben indrukwekkende snorren, terwijl de vrouwen zich tooien in kleurige sari's met veel zilveren sieraden. In Haryane en Punjab wonen de sikhs. Het sikhisme schrijft mannen voor dat ze hun haren niet mogen knippen. Ongeveer 70 miljoen Indiërs leven nog steeds in stamverband. Al deze groepen samen worden Adivasi’s (oorspronkelijke bewoners) genoemd. In het huidige India leven meer dan 500 stammen die meer dan 40 talen spreken en hun oude gewoonten en religieuze gebruiken in ere houden. De meeste stammen leven in de ontoegankelijke dichtbeboste gebieden van India, zoals in Zuid-Bihar, West-Orissa, gedeelten van Madhya Pradesh, de Andaman-eilanden en de deelstaten in het noordoosten.
 

Communicatie

Luchtpost van India naar de Benelux doet er ongeveer tien tot veertien dagen over.

De plaatselijke telefoonkantoren aangegeven met het gele bord PCO-STD-ISD zijn de beste gelegenheid om naar het buitenland te bellen. Je draait zelf het nummer. De meeste hebben een digitaal apparaat dat precies aangeeft waarheen is gebeld, hoe lang en wat het kost. Er kan niet mee gesjoemeld worden. Wachttijden zoals die gewoon zijn bij de telefoon- en telegraafkantoren zijn hier aanzienlijk korter. In hotels worden aanzienlijk hogere bedragen gerekend en vaak loopt de telefoonverbinding via een telefoniste, zodat het lang kan duren voor je verbinding hebt. Het landennummer voor India is 0091, voor Nederland 0031 en voor België 0032. In India kan met gsm gebeld worden, dat betekent echter niet dat je overal en altijd dekking hebt. In de afgelegen (berg)gebieden zoals in Ladakh zal dat zeker niet het geval zijn. Informeer daarom voor vertrek bij je provider naar de mogelijkheden en kosten.

In grote steden en plaatsen waar toeristen komen zijn internetcafés.

Eten en drinken

De eetgewoontes in India verschillen radicaal van die in Europa en de overgang kan soms een probleem zijn. Veel Indiërs eten zittend op de grond met hun rechterhand van een metalen bord. Ze wassen vooraf hun handen en gezicht. Ontbijten vóór het tandenpoetsen, of zelfs thee of koffie drinken, vinden ze vies. Veel mensen in India zijn uit religieuze of morele overwegingen strikt vegetarisch en ook eieren vallen buiten hun dieet. Vegetariërs hebben het eenvoudig in India. Van oorsprong waren zowel de boeddhisten als de hindoes vegetariër. Alleen vis behoorde al langer tot het menu. De Moghuls en de Europeanen moesten er aan te pas komen om vlees tot een integraal onderdeel te maken van de Indiase maaltijd. Nog altijd is een groot deel van de bevolking strikt vegetarisch. De hoeveelheid vlees die wel in rijst en curries wordt verwerkt, is miniem vergeleken met datgene wat de Europeanen gewend zijn. Van de vleesgerechten zijn de tandoori's en de tikka's aan te raden.

Cornflakes, toast, jam, boter en op tal van manieren bereide eieren behoren tot het standaardontbijt van hotels en restaurants. Indiërs ontbijten vaak met idli's (rijstcakes), dosa's (pannenkoekjes), puri badji (gefrituurd brood met groente) of Indiase broodsoorten en curd (yoghurt).
In India wordt 's middags en 's avonds warm gegeten. De regionale verschillen zijn groot, maar in alle grote steden kun je naar restaurants die gespecialiseerd zijn in een bepaalde streekkeuken. Overigens zijn die verschillen in het begin voor het westerse palet minimaal, omdat al het eten zo anders is. De maaltijd bestaat in India uit rijst en of broodsoorten met curries en dal. Currie is de verzamelnaam voor alle groente-, vis- en vleesgerechten die worden bereid met specerijenmengsels. Dal is de verzamelnaam van gerechten die gemaakt zijn van linzen en vormen een belangrijke eiwitbron. Naast Indiaas eten kan in grote steden ook vaak Chinees en westers gegeten worden, al zijn de pogingen om Europees eten te bereiden vaak belabberd. Een reden waarom toeristen slecht tegen het eten kunnen, is omdat ze naar verhouding teveel van de curries opscheppen en te weinig brood of rijst. Curries zijn vaak vet en scherp en dienen in kleine hoeveelheden te worden gegeten als smaakmaker bij de koolhydraten.

Buiten de maaltijden om zijn er natuurlijk snacks. Indiërs knabbelen vaak gepofte rijst, gedroogde kikkererwten of pinda's. Belpuri is een geliefde snack van mensen in Mumbai en omgeving. Het is gemaakt van linzen, knapperige vermicelli, tomaat, ui en verse koriander. Voor een paar rupee heb je een kleine schotel. Daarnaast zijn er tal van gefrituurde snacks, die vrijwel altijd vegetarisch zijn. Alleen in de duurdere restaurants worden deze tussendoortjes ook met een inhoud van vlees geserveerd. Enkele namen waaronder deze snacks worden aangeboden zijn: pakora's, gefrituurde balletjes, waarvoor aardappelpuree als bindmiddel wordt gebruikt; samosa's, kleine driehoekige loempiaatjes met een vulling van aardappel en groente, en cutlets, gepaneerde en gefrituurde snacks met uiteenlopende vegetarische vulling.

Bijzonder in India is het bijna oneindige aanbod van de meest exotische vruchten. Ze komen in tal van kleuren, vormen en afmetingen voor en de ene soort is nog lekkerder dan de andere. Wie dit gebied ontdekken wil, zal zich ook vol overgave moeten storten op het vreemd ogende fruit dat opgestapeld ligt aan de straatkant of wordt aangeboden door vrouwen die hun kostje verdienen met de verkoop op het strand of op straat. Enkele van de heerlijkste vruchten zijn de mango, rambutan, papaja, ananas, koningskokosnoot, zuurzak, jackfruit, mangosteen, doerian en de vele soorten bananen.

Chai of thee is de nationale drank van India. Het wordt altijd vermengd met veel melk en suiker geserveerd. Wil je het anders, dan kan dat in de meer op westerse gerichte hotels en restaurants. Voor koffie geldt hetzelfde. Frisdrank heeft inmiddels overal in India zijn intrede gedaan. De lokale merken zijn vaak wat zoeter dan we gewend zijn. Lekker fris is de fresh limesoda; sodawater met uitgeperst citroensap. Vermeld erbij of je het drankje zoet, zout of zonder verdere toevoeging wilt drinken. Dat geldt ook voor lassi, die vergelijkbaar is met karnemelk. Lassi kan een bron van verkeerde bacteriën zijn. Dit kun je het beste alleen in goede restaurants bestellen. Heerlijke dranken zijn ook ijsthee en ijskoffie, dat laatste eventueel met een bolletje vanille-ijs. Verder zijn vruchtensappen voorradig zoals appelsap, sinaasappelsap, mangosap, druivensap, papajasap en ananassap. Mango(sap) en ananas(sap) worden soms slecht verdragen en je kunt hiervan het beste niet meer dan een kleine hoeveelheid nemen. Bier is vrijwel overal verkrijgbaar, alleen onder beperkende voorwaarden. Zo hebben veel kleinere hotels geen vergunning. Daar wordt het alleen op je kamer geserveerd. Bier wordt meestal verkocht in grote flessen, hoewel steeds meer grote hotels tapbier schenken. Tot de beste merken behoren Kingfisher, Black Label en Rose Pelican. De prijs van bier is relatief hoog. Sterke drank wordt geschonken in bars en verkocht in zogenaamde wineshops. Het zijn goedkope imitaties van bijvoorbeeld whisky, gin en rum. Wie graag wijn drinkt, kan beter een paar flessen naar India meenemen.
Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Gebotteld mineraalwater is overal verkrijgbaar. Let bij aankoop op een goede verzegeling van de fles.

In elk dorp in India is wel een kleine eettent waar ze wat lekkers hebben. De eettentjes voor Indiërs zijn heel goedkoop. Soms kun je er al voor een halve euro eten. Niet iedereen zal van deze plekjes gecharmeerd zijn. In hygiënisch opzicht lijken ze niet best. Dat valt in de praktijk meestal wel mee, maar voor veel westerlingen is de oude troep waarmee deze eettentjes zijn gemeubileerd niet stimulerend voor de eetlust. In de toeristenhotels zal regelmatig Indiaas eten worden voorgeschoteld dat meer is toegesneden op westerse tongriemen. Het beste eten wordt bereid in de keukens van lokale families. Laat je de mogelijkheid dan ook niet ontgaan, wanneer je wordt uitgenodigd de maaltijd bij bewoners thuis te gebruiken.
Thali's worden in veel restaurants geserveerd. Daarnaast hebben de Chinezen tal van heerlijke schotels waar alleen groenten (en eventueel eieren) in zijn verwerkt.

Feestdagen

Belangrijke nationale feestdagen zijn: Republic Day (26 januari), Independence Day (15 augustus) en de geboorte dag van Mahatma Gandhi (2 oktober).

In een land waar zoveel godsdiensten en culturen hun plek gevonden hebben, is het niet verwonderlijk dat de kalender een opeenvolging van feesten is. Per streek verschillen de feesten. Op de website van het Indiase Verkeersbureau vind je een calender of events, met de belangrijkste feestdagen en hun data. Zie ook: www.festivalsofindia.in, www.festivalsinindia.net of www.beleven.org/feesten.

Festivals. Aziaten zijn er dol op en toeristen kijken hun ogen uit. India heeft met haar rijkdom aan religies en tradities vele festivals en feestdagen. Sommige feesten zijn ingetogen en vinden vooral in huiselijke kringen plaats. Andere festivals zijn uitbundig en zichtbaar voor iedereen. Als reiziger is het leuk om bepaalde festivals van dichtbij mee te maken. Op diverse vertrekdata doe je een van de kleurrijke en bruisende festivals aan die India kent. 

De reisroutes tijdens festivalreizen kunnen worden aangepast. Hou het Laatste Nieuws in de gaten voor de definitieve route en meer info omtrent de desbetreffende festivals.

HOLI PHAGUA – GEHEEL INDIA
Het Holifeest of Holi Phagua is een kleurrijk hindoeïstisch feest dat jaarlijks gevierd wordt door geheel India (en Nepal). In feite is het een combinatie is van een lentefeest, verlossingsfeest en een nieuwjaarsfeest. Het Holifeest staat in het teken van het begin van een nieuw seizoen, de lente, en daarom spreekt men ook wel van lentefeest of oogstfeest, omdat het in India samenvalt met de graanoogst. Het Holifeest wordt ook beschouwd als een overwinningsfeest: de overwinning van het goede op het kwade.
Het verhaal achter het feest is als volgt: De demonenkoning Hiranyakashap beschouwde zich ooit de enige heerser over het heelal. Hij had bevolen dat alleen hij aanbeden mocht worden. Zijn zus, de heks Holika, verzette zich daartegen en gooide zichzelf uit protest op de brandstapel ter bevrijding van de inwoners van India.
Aan de vooravond van het Holifeest wordt de Holika, de brandstapel van hout of bamboe welke het kwaad symboliseert, onder belangstelling van vele hindoes verbrand. waarbij ze een levend voorwerp zoals een plant, verbranden. Hierbij wordt een hand rijst in het vuur gegooid, wat geldt als een symbolische verdrijving van het kwaad. De ceremonie houdt ook gebed, muziek en zang in.
Na het verbrandingsfeest keert men huiswaarts om de volgende dag terug te keren. Men besmeert elkaar dan met as. Die middag trekt men bij voorkeur nieuwe kleren aan en besprenkelt men elkaar met welriekende stoffen en parfum. Ook gebruikt men rode en groene kleurstof als teken van vriendschap, hoop en liefde. Men wenst elkaar geluk en voorspoed toe. Alle hindoes, zonder onderscheid van rangen, kasten en standen, vieren gezamenlijk het Holifeest en het is bij uitstek een feest om bezoeken aan familie af te leggen.
Tijdens de feestdagen heerst er een atmosfeer van vrijheid en geluk. Zorg dat je wat oude kleding meeneemt, want hoogst waarschijnlijk word je niet ontzien en zul ook jij deze feestdagen eindigen bedolven onder gekleurde poeders.

Gewoonten en gebruiken

Indiërs groeten traditioneel met een namasté, waarbij de handen gestrekt met de palmen tegen elkaar worden gebracht voor het voorhoofd. Hoe hoger je de handen houdt, hoe meer respect je toont. Vaak kun je leden van de gelijke sekse ook een hand geven. Spreek iedereen aan met 'sir' of 'madam'. Verhef je stem niet, ook niet als iets niet naar de zin gaat. Vraag liever naar een hoger geplaatst iemand, omdat het delegeren van beslissingen niet tot de sterke kanten behoort van een Indiase organisatie. Cadeaus worden niet onmiddellijk opengemaakt, maar opzij gelegd. Hiermee voorkomt men dat iemand eventueel gezichtsverlies lijdt.

Heel verwarrend voor westerlingen is de manier waarop men in India ja of nee zegt. Om te beginnen wordt 'ja' niet aangeduid door te knikken, maar door de kin snel heen en weer te bewegen, waardoor het hoofd gaat 'wiebelen'. Ten tweede heeft 'ja', gewiebeld of gesproken een veel bredere betekenis. Naast 'ja' kan het 'jaja' betekenen, ofwel 'het is begrepen', of zelfs zoiets als 'dat klopt vermoedelijk' of 'ik heb u verstaan, maar ik ben niet geïnteresseerd in wat u zegt'. 'Nee' is een woord dat de Indiërs niet lekker op de tong ligt. Als ze je er neutrale informatie mee kunnen verstrekken dan zullen ze dat nog wel doen, bijvoorbeeld door 'nee' te antwoorden op de vraag of de bus naar Delhi hier stopt. Maar geef een Indiër een dropje en negen van de tien zullen het smerig vinden maar de kans dat je op de vraag 'vind je het lekker?' het antwoord 'nee' zult krijgen, is heel klein.

In moderne, trendy gelegenheden in de steden kun je mogelijk een Indiase vrouw in minirok tegenkomen. Maar in het overgrote deel van India wordt het dragen ervan als zeer ordinair beschouwd. Als westerse vrouw toon je respect door kleding te dragen die schouders en bovenbenen tot en met de knieën bedekt. Voor mannen is dat een lange broek en overhemd. Een man in korte broek vindt men raar, behalve aan stranden waar men gewend is aan veel westerse toeristen. De lokale bevolking kleedt zich graag formeel voor belangrijke gebeurtenissen. Mocht je worden uitgenodigd voor bijvoorbeeld een huwelijk, vraag dan naar eventuele kledingvoorschriften.
In heel India met uitzondering van de toeristenstranden wordt te blote kleding als aanstootgevend beschouwd. Indiase vrouwen baden voor het merendeel met hun sari aan.
Aan het openbare strand kunnen vrouwen in bikini op veel bekijks rekenen van starende Indiërs. Een badpak maakt je zonnebad iets relaxter.Naakt en topless baden is streng verboden.

Bij bezoek aan heilige plaatsen en/of tempels gelden bepaalde kledingvoorschriften bij. Zo moet je meestal je schoenen bij de ingang achter laten. Hindoetempels dien je zonder hoofdbedekking te betreden. In sommige tempels en zeker in het ‘garbha griha’, het heiligste deel van de tempel, ben je niet welkom. Moskeeën bezoek je met bedekkende kledij. Soms wordt gevraagd om je hoofd te bedekken. Tijdens een dienst zijn de mannen gescheiden van de vrouwen. Als je om een boeddhistische stoepa loopt, loop dan linksom, dus met de klok mee. Het is absoluut verboden om een foto te maken van iemand die voor een boeddhabeeld poseert. Bij jainmonumenten mag je geen voorwerpen van leer mee naar binnen nemen. Een sikhtempel betreed je met bedekkende kleding en iets op je hoofd. 

Mocht je de maaltijd samen met lokale bewoners gebruiken en het voedsel met de hand eten, gebruik daarvoor dan uitsluitend de rechter hand. De linker hand gebruikt men voor sanitaire doeleinden en is onrein. Met de linkerhand geef je ook niks door en raak je in principe ook niemand aan.

Terwijl in het Westen afspraken zorgvuldig gepland en uitgevoerd worden, gaan Indiërs hier aanzienlijk minder punctueel mee om. Niet dat ze persé te laat komen, het kan ook zomaar gebeuren dat ze niets beters te doen hadden en een uur te vroeg komen. Dit gebeurt alleen bij sociale afspraken. Gaat het om werk, dan is men een stuk stipter.

Staren is niet onbeleefd en de meeste Indiërs hebben niet het gevoel voor privacy, zoals wij dat op prijs stellen.. Ze komen dichter op je staan dan Europeanen, lezen graag mee in het boek dat je aan het lezen bent en gaan het uitgebreid bekijken als je het neerlegt. Ze lopen soms zonder te kloppen de kamer binnen en blijven, als ze klaar zijn, soms een beetje rondlummelen. Je moet dus zelf de grenzen aangeven.

In India gaan mannen en vrouwen anders met elkaar om dan westerlingen gewend zijn. Opvallend is dat je in India zelden een man en vrouw gearmd over straat ziet lopen. Lichamelijk contact tussen man en vrouw wordt in het openbaar zoveel mogelijk beperkt. Genegenheid tonen in het openbaar is dan ook erg ongepast. Bij de stations en sommige bioscopen zijn er zelfs aparte loketten voor vrouwen en in de trein zijn er speciale vrouwencoupés. Voor contacten tussen dezelfde sekse gelden juist redelijk vrije omgangsregels. Als man kun je beter niet naast een Indiase vrouw gaan zitten en haar ook niet aanspreken. Dit geldt vooral voor vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Vrouwelijke toeristen kunnen wel contact leggen met Indiase vrouwen. Voor westerse vrouwen is het vooral van belang gedragscodes ten aanzien van Indiase mannen in acht te nemen. Je kunt beter als vrouw de Indiase mannen niet recht in de ogen kijken. Veel mannen zullen denken dat je op iets uit bent. Ga als vrouw niet tussen een groep mannen staan. Het kan aanleiding geven om je stiekem te betasten. Dat geldt ook als je bijvoorbeeld in een drukke bus staat. 

Meer informatie over culturele verschillen en omgangsvormen vind je in TE GAST IN India (te bestellen via www.tegastin.nl)
 

Klimaat

Noord-India heeft een subtropisch klimaat en staat in de maanden juli en augustus onder invloed van een sterke moesson. Tijdens deze maanden is het warm, benauwd en regent het regelmatig. Buiten de moessonperiode valt er weinig regen. De temperatuur loopt in het voorjaar sterk op. In Rajasthan, één van de droogste en warmste streken van het land, kan de temperatuur in april en mei tot boven de 40 graden oplopen.
Het zuiden van India heeft een tropisch klimaat. De verschillen in temperatuur zijn door het jaar heen niet zo groot. De hevige zuidwest moesson duurt van juni tot en met september. Terwijl de westkust van het schiereiland dan de volle laag krijgt, neemt de regenval af naarmate deze moesson over het Deccan-plateau naar het oosten toe wegtrekt. De noordoost moesson is beduidend korter en treft vooral de oostkust. Vooral in november en het begin van december valt daar dan veel regen. Het klimaat wordt verder nog beïnvloed door de plaatselijke hoogteverschillen. In de bergen van de Westelijke Ghats liggen de temperaturen beduidend lager dan in het laagland. In de wintermaanden moet je daar rekening houden met koude nachten, waarbij de temperatuur gemakkelijk onder de tien graden duikt. Het Deccan-plateau heeft door een hogere ligging een aangenamer klimaat met gematigde temperaturen en een lage vochtigheidsgraad.
India kan het hele jaar bezocht worden, maar de periode tussen oktober en maart is over het algemeen het prettigst (met uitzondering van de Himalaya).

Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).

NEW DELHI

Maand
T gem
Zon
Neerslag
T w
Januari
16
8
3
-
Februari
19
9
2
-
Maart
25
9
2
-
April
31
9
1
-
Mei
36
10
2
-
Juni
35
8
4
-
Juli
33
7
12
-
Augustus
31
6
12
-
September
31
8
6
-
Oktober
29
9
2
-
November
23
9
0
-
December
18
8
1
-


MUMBAI (Bombay)

Maand
T Gem
Zon
Regen
T W
Januari
25
9
0
25
Februari
25
10
0
25
Maart
27
9
0
26
April
29
10
0
28
Mei
31
10
2
29
Juni
30
5
17
29
Juli
28
2
27
28
Augustus
28
3
23
27
September
28
5
16
27
Oktober
29
8
5
28
November
28
9
1
28
December
27
9
0
27

Landschap

India is een groot land en door de vele klimaattypen kent het een enorme variatie aan landschappen. Het land is in drie hoofdgebieden te verdelen: de Himalaya (Sanskriet: ‘land van de sneeuw’), de noordelijke vlakte en het schiereiland.

Noord-India wordt beheerst door de Himalaya, hoewel alleen de westelijke en oostelijke uiteinden van deze bergketen binnen de Indiase grenzen vallen. De Kanchenjunga (8598 meter) in Sikkim en de Nanda Devi (7816 meter), zijn de hoogste toppen van India. Het landschap is er woest, kaal en droog. En door de ligging in de regenschaduw van de Himalaya heeft het een jaarlijkse neerslag die niet veel groter is dan in de Sahara. Tussen half oktober en half juni zijn de passen dicht gesneeuwd en is vooral Ladakh van de buitenwereld afgesloten. De Himalaya wordt doorsneden door dalen, zoals de vallei van Kasjmir.
Ten zuiden van de Himalaya ligt de grote noordelijke laagvlakte, met een gemiddelde breedte van ongeveer 320 kilometer en op sommige plaatsen meer dan vijfhonderd kilometer breed. Deze laagvlakte wordt gedeeltelijk in beslag genomen door het stroomgebied van de rivieren de Indus, de Ganges en de Brahmaputra. Deze gletsjerrivieren leveren water voor bevloeiing en zorgen jaarlijks voor een nuttige sliblaag. De dikke lagen alluvium maken de laagvlakte tot een van de vruchtbaarste landbouwgebieden ter wereld. Dijken of modderbanken zijn de enige opvallende kenmerken die het eentonige, vlakke landschap onderbreken. In het noordwesten, in de deelstaat Rajasthan, ligt de extreem droge Tharwoestijn, ook wel Indian Dessert genoemd. Het belangrijkste deel van het Indiase schiereiland is het droge Deccanplateau, met de hoogste top in het zuiden. Het Deccanplateau wordt door de lage Vindhyabergen gescheiden van de noordelijke vlakte. Naar het westen stijgt het plateau tot de maximaal 1646 hoge West-Ghats, die evenwijdig lopen met de westkust. Het Deccanplateau helt zachtjes over naar het oosten, waar het uitloopt in een lage bergrug, de maximaal 1680 meter hoge Oost-Ghats. In het zuiden komen de Oost- en de West-Ghats samen en vormen daar de Nilgiriheuvels, die een hoogte bereiken van 2600 meter. Ten oosten van de Oost-Ghats daalt het land af naar de brede kustvlakte. De grootste rivieren van het schiereiland, Cauvery, Godavari, Krishna, Mahanadi en Penner, stromen alle naar de Golf van Bengalen. In tegenstelling tot de rivieren in de Himalaya zijn dit (moesson)regenrivieren, met als gevolg een sterk wisselende waterhoeveelheid.
 

Religie

Religie speelt een belangrijke rol in het leven van de Indiërs. De meeste zijn hindoe (82 procent) of moslim (12 procent). Verder zijn er christenen, sikhs, boeddhisten, jains, joden en aanhangers van het zoraisme en van de Baha'i.

Het hindoeïsme is een van de oudste religies ter wereld. Het heeft geen stichter en geen heilig boek. Het is vooral een manier van leven op een bouwwerk van boeken, meesters, godenvereringen, kasten en leefregels. Het woord zelf is bedacht door de islamieten die het subcontinent vanaf de 9de eeuw binnenvielen en alle heidense praktijken die ze er aantroffen, samen hebben gevat met het woord 'hind'. Dharma, karma, samsara, maya, moksha, atman en brahman zijn de centrale begrippen waarmee elke stroming binnen dit geloof kan worden omschreven. De dharma is de 'weg', de wet van het zuivere leven. Het is een morele code, die voor elke kaste aangeeft wat goed is. Karma betekent 'handeling'. Met dit begrip wordt aangegeven dat elke handeling een effect sorteert op dit leven, maar vooral ook op volgende levens. Handelt men volgens de dharma, dan verbetert het karma en de kansen voor een hogere vorm van wedergeboorte nemen toe. Het geboren zijn in een bepaalde kaste is toe te schrijven aan opgebouwd karma in vorige levens en daarmee gerechtvaardigd. Men neemt karma dus mee naar volgende levens. Samsara is de cyclus van wedergeboorten waarin alle wezens gevangen zitten als gevolg van hun karma. Door de dharma te volgen, verbetert het karma na vele levens uiteindelijk tot het punt waarop iemand beseft dat de aardse werkelijkheid maya is, een illusie. Men beseft dat er geen atman is, geen individuele ziel, geen 'ik', die de wereld ziet, maar een totale eenheid van alles, één wereldziel: brahman. Het atman was slechts een tijdelijke manifestatie van het brahman. Met die realisering is er moksha bereikt; het einde van de cyclus van wedergeboorten en het terugvloeien van de druppel atman in de oceaan van het brahman.

De godenverering is heel belangrijk in het hindoeïsme. De meeste hindoes geloven in een oppergeest Brahma, de schepper. Samen met Vishnu (de beschermer) en Shiva (de verwoester) vormen ze de drie-eenheid. Maar het hindoeïsme kent nog honderden andere goden, waarvan velen reïncarnaties zijn. Vaak staan ze ergens voor, zoals de populaire Ganesh (te herkennen aan het olifantenhoofd), de god voor wijsheid en kennis. Rama is de held uit het gedicht Ramayana en vertegenwoordigt moed en deugd. De blauwe god Krishna is ondeugend en verricht graag wonderen. De hindoes hebben geen bijbel, wel veel verschillende heilige teksten. De oudste zijn de Veda’s: vier verzamelingen lofzangen, gebeden, regels en offers en spreuken. Deze werden ongeveer 3500 jaar geleden door de Ariërs verzameld. Een ander belangrijk boekwerk is de Bhagavad Gita, universeel erkend als een juweel van India’s spirituele wijsheid.

Typerend voor het hindoeïsme is het kastensysteem, de indeling van de bevolking in een hiërarchie van overgeërfde sociale klassen. Officieel bestaat het niet meer, maar de invloed ervan op de samenleving is nog altijd groot. Alles draait om het begrip ‘zuiver’. De hogere kasten worden ritueel zuiver beschouwd, de lagere als onzuiver. Er zijn vier kasten, varnas genoemd. Bovenaan staan de brahamen. Ze zijn verantwoordelijk voor alle religieuze zaken. Hun zuiverheid verlangt dat ze geen vlees eten. Daaronder staat de kaste van de krijgers en de vroegere heersers, de kshatriyas. Het is de enige kaste die mag heersen over anderen. Na de krijgers komen de ambachts- en kooplieden, de vaishyas. Het grootste gedeelte van de bevolking valt onder de kaste van de shudras: de boeren, het voetvolk de dienaren. De laagste status hebben de kastenlozen die tegenwoordig dalits worden genoemd. Zij oefenen de onreine beroepen uit zoals rioolreiniging en lijkverbranding. De indeling in kasten is nog steeds het uitgangspunt voor veel sociale en zakelijke netwerken.Toch begint het denken in kasten te verwateren. Zuiverheid is niet langer de norm, maar geld en bezit.

Een belangrijke minderheid zijn de moslims. India is, na Indonesië en Pakistan, het land met de grootste islamitische bevolking. Er wonen meer moslims dan in welk land in het Midden-Oosten ook. Spanningen tussen hindoes en moslims zijn er altijd geweest, maar vooral op politiek vlak. Al jaren woedt er het conflict in Kashmir, waar militante moslims vechten voor afscheiding van India. De meeste moslims en hindoes willen niets te maken hebben met de politieke conflicten.

Na het hindoeïsme en de islam heeft het christendom de meeste aanhangers. Het christendom is eind vijftiende eeuw door de Portugezen naar India gebracht. De meeste christenen zijn rooms-katholiek.

India is de geboorteplaats van het boeddhisme, maar boeddhisten vormen nu een minderheid. Boeddhisten geloven niet in god. Volgens hen is het leven lijden. Ze geloven in zelfontwikkeling en de manier waarop dat gebeurt bepaalt hoe iemand in het volgende leven reïncarneert. Hoogste doel is het nirvana, de staat van verlichting waarin men beseft dat alles wat bestaat illusie is en slechts een luchtspiegeling van een ondeelbare eenheid die in zichzelf rust.

Het jainisme kent geen goden. Kernbegrippen zijn geweldloosheid en eerbied voor alle leven. Jains gebruiken geen vlees, vis, eieren, honing, bont en leer. Ze werken meestal in de handel omdat in andere beroepen vaak onbedoeld andere wezens worden gedood zoals bij het ploegen van het land. Ze dragen ook een mondkapje om te voorkomen dat er beestjes in hun mond vliegen.

Het sikhisme is in de vijftiende eeuw ontstaan als reactie op de islam en het brahamisme. Sikhs geloven in een god en de tien goeroes die het sikhisme predikten. Ze keuren het kastenstelsel af en hebben begrippen als karma en reïncarnatie van het hindoeïsme overgenomen. Sikhs mogen hun haren niet knippen. Om die reden dragen ze vaak een tulband.

Taal

India kent 18 officieel erkende talen, waarvan Hindi het meest gesproken wordt. Verder heeft elk gebied zijn eigen taal of dialect, meer dan 22.000 in totaal. Sanskriet is de taal waarin de oude heilige boeken werden geschreven. Het is vermoedelijk nooit een spreektaal geweest. In het parlement wordt Engels gesproken, dat wil zeggen dat ieder Indiër die hogerop wil, Engels moet leren spreken. Een heel groot van de bevolking spreekt uitstekend Engels.

Praktische informatie

Ambassades

Indiase ambassade in Nederland
Buitenrustweg 2, 2517 KD Den Haag
T 00 31 (0)70 346 97 71
F 00 31 (0)70 3617072
www.indianembassy.nl  

Indian Visa Service
Laan van Meerdervoort 70 (deur 72), 2517 AN Den Haag
T 00 31 (0)70 311 09 10
F 00 31 (0)70 365 92 30 
www.indianvisaservice.nl

Indiase ambassade in België
Vleurgatsteenweg 217, 1050 Brussel
T 0032 (0)2 640 91 40
F 0032 (0)2 648 96 38
www.indembassy.be

Nederlandse Ambassade in India
6/50 F, Shanti Path, Chanakyapuri, New Delhi 110021
T 0091 11 241 97 600/ 680
F 0091 11 241 97 710/ 713
www.mfa.nl/nde

Belgische Ambassade in India
50-N Shantipath, Chanakyapuri, New Delhi 110021
T 0091 11 424 28 000
F 0091 11 424 28 002
www.diplomatie.be/newdelhinl

Bagage en kleding

We adviseren je om je bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) of in een weekendtas. Het gebruik van een koffer raden we af. Probeer het gewicht van je bagage te beperken tot ongeveer tien kilo per persoon.

Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleren mee te nemen, die zich makkelijk laten combineren (laag over laag). We vragen je om in kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur. In heel India - met uitzondering van de toeristenstranden - wordt te schaarse kleding als aanstootgevend beschouwd. Van vrouwen wordt verwacht dat hun schouders en hun bovenbenen tot en met de knie?n bedekt zijn. Voor iedereen gelden er strengere kledingvoorschriften bij het bezoeken van heilige plaatsen en/of tempels. Zo zul je over het algemeen je schoeisel bij de ingang moeten achter laten.

Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: reisgids, makkelijke schoenen, badslippers, lakenzak, zaklamp, universeel geldige verloopstekker, wasmiddel, klamboe, touw (om je klamboe aan op te hangen en/of voor je was), zakmes, voldoende fotorolletjes, zwemkleding, toiletartikelen, wekker, schrijfgerei.

In de meeste hotels kun je je kleren laten wassen. Houd er echter rekening mee dat dit meestal op een nogal hardhandige wijze gebeurt, dus geef niet je beste spullen af.
 

Electriciteit

De netspanning in India is 220 volt. Nederlandse en Belgische stekkers passen op de meeste ongeaarde stopcontacten al moet je soms een beetje duwen. Stroomstoringen komen veelvuldig voor en de stroomvoorziening kan behoorlijk fluctueren. Dorpen in hoger gelegen gebieden zijn soms aangesloten op het elektriciteitsnet, soms maakt men er gebruik van generatoren. Een adapter of een verloopstekker en een zaklamp zijn zeker geen overbodige luxe. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van www.kropla.com.

Fooien

Anders dan bij ons wordt in India vaak vooraf getipt. Baksjies geef je als je iets speciaals van iemand gedaan wilt hebben. Hij of zij doet iets extra's en wordt hiervoor vooraf beloond. Personeel van restaurants rekent op een fooi, vijf tot tien procent van de rekening. In duurdere restaurants is er een servicetoeslag. In goedkope uitspanningen is fooi een onbekend verschijnsel. In hotels verwacht het personeel een fooi voor het brengen van de bagage en voor het verlenen van kleine diensten. Tassen laten dragen naar je kamer is gewoon. Iemand verdient hier per slot zijn brood mee. Vijf tot tien rupees is gebruikelijk. Taxi's en autoriksja's verwachten geen fooi.

Bedelen komt veel voor in India. Door bedelaars geld te geven los je hun problemen allerminst op. Eerder worden ze op deze manier afhankelijk van dit soort inkomsten. De werkelijkheid achter elke bedelaar kan heel verschillend zijn. Voor sommigen is het de enige mogelijkheid om te kunnen overleven. Dat geldt bijvoorbeeld voor oude of invalide mensen. Die kun je natuurlijk een muntje geven, vooral wanneer je ziet dat de lokale bevolking het ook doet. Maar een grote groep bedelt omdat ze verslaafd zijn aan alcohol en/of drugs. Kinderen kun je in principe beter geen geld geven, hooguit fruit of iets anders te eten. Als kinderen op deze manier aan hun geld kunnen komen, zijn ze weinig gemotiveerd om nog naar school te gaan of te gaan werken.

Mogelijk word je aangesproken door kinderen die vragen om pennen of andere cadeautjes. Ga hier niet op in, het werkt opdringerig gedrag in de hand. Door in te gaan op de vraag om cadeautjes te geven help je zeker om het fenomeen in stand te houden, en dus ook om het idee in stand te houden dat toeristen niet met hetzelfde respect benaderd hoeven te worden als de lokale bevolking. Bovendien kunnen onderlinge verhoudingen verstoord worden: het kan (buiten het gezichtsveld van de gever) soms leiden tot ruzies en conflicten. Het kortdurende gevoel een kind blij te maken weegt niet op tegen de negatieve langtermijn effecten. Als je kinderen echt wilt helpen kun je beter een erkende ontwikkelingsorganisatie of een lokaal ontwikkelingsproject steunen.

Fotografie

India is een fotogeniek land, niet alleen vanwege de prachtige tempels maar vooral vanwege de mensen die er vaak kleurrijk uitzien. Over het algemeen vinden de Indi?rs het geen probleem om gefotografeerd te worden. Maar als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit kan aanleiding geven tot agressieve reacties.

Het is strikt verboden om van militairen objecten zoals militaire controleposten, vliegvelden en bruggen opnames te maken.

Gezondheidsvoorschriften

Voor India worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter (www.dereisdokter.nl), een vaccinatieafdeling van de GGD (www.ggd.nl), het Tropencentrum AMC in Amsterdam (www.tropencentrum.nl) of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam (www.travelclinic.com). Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.

Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling. 

Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Overigens vormt dengue (knokkelkoorts) tegenwoordig in stedelijke gebieden in India een grotere dreiging dan malaria. Deze ziekte uit zich meestal als een zware griep. De mug die het dengue-virus overdraagt steekt in tegenstelling tot de malariamug vooral in de ochtend en late middag. Aangezien er geen vaccin of specifiek medicijn tegen dengue bestaat moet je je zowel overdag, als ‘s avonds en ‘s nachts dus goed beschermen tegen muggenbeten. Dat kun je door goed dekkende kleding (lange mouwen, lange broek) te dragen. De onbedekte lichaamsdelen dien je in te smeren met een anti-muggenmiddel. Bij voorkeur een middel dat DEET (een chemische stof die de muggen op afstand houdt) bevat. 

Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.

Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor meer informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, ga bijvoorbeeld naar: www.gezondopreis.nl .
 

Invoerbepalingen

Volwassenen personen mogen belastingvrij 200 sigaretten of 50 sigaren of 375 gram tabak en een liter sterke drank invoeren. Souvenirs kunnen onbeperkt worden geëxporteerd, met uitzondering van antiek ouder dan 100 jaar. Drugs, goud en zilver (behalve persoonlijke sieraden), antiek en wapens mogen niet in- en uitgevoerd worden. Hierop staan strenge straffen. Gouden sieraden in India gekocht mogen tot een bedrag van 2000 rupee uitgevoerd worden. Andere sieraden, inclusief (half)edelstenen, mogen niet meer dan 10.000 rupee gekost hebben.

Er geldt een uitvoerverbod voor souvenirs die gemaakt zijn van beschermde dier- of plantensoorten. Tot deze soorten behoren onder meer koralen, grote schelpen, (zee)schildpadden, slangen, krokodillen, hagedissen, papegaaien, vlinders, orchideeën en cactussen. Toch worden er in India veel producten te koop aangeboden waarin (delen) van bedreigde dier- en plantensoorten zijn verwerkt: tassen, riemen, schoenen, sieraden e.d. Let er bij de aankoop van dit soort souvenirs op dat het een geldig CITES-certificaat heeft. Nederland en België zijn aangesloten bij de Washington Conventie (Verdrag over de Internationale Handel in Bedreigde Soorten, afgekort als CITES) en treden streng op tegen overtredingen. Meer informatie over de belangrijkste beschermde soorten met een opsomming van de bekendste ‘foute’ souvenirs vind je op www.wnf.nl/souvenirs of www.minlnv.nl/cites.
 

Veiligheid

India heeft geen slechte naam waar het gaat om veiligheid. Berovingen of andere vormen van fysiek geweld tegen toeristen komen slechts beperkt voor. Geef mensen vooral geen aanleiding om je te beroven en draag dus geen dure sieraden en zorg dat je geld niet zichtbaar is. Draag geld en belangrijke papieren op je lichaam, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Verdeel geld en documenten over verschillende plaatsen en meer personen. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Laat geen geld of kostbare zaken slingeren in je hotelkamerkamer. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken.

Voor actuele informatie over de veiligheid in India kun je je wenden tot het ministerie van Buitenlandse Zaken, algemene informatie: tel. 070-3486789; voor reisadviezen: tel. 070-34847600 of website: www.minbuza.nl onder ‘reizen en landen’. Ook op de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken www.diplomatie.be vind je nuttige reisadviezen.

Winkelen en openingstijden

Postkantoren zijn geopend van maandag tot en met vrijdag van 10.00 tot 14.00 uur. Musea dagelijks van 10.00 tot 17.00 uur. De wekelijkse sluitingsdag is meestal maandag of dinsdag. De meeste winkels zijn ieder dag open van ongeveer 10.00 tot 20.00 uur, vaak met een lange middagpauze.

Nepal Nepal

Achtergrondinformatie

Communicatie

Post:
Post  naar Europa versturen is meestal geen probleem. De post doet er naar Europa ongeveer tien dagen over. Omdat de postzegels soms niet goed plakken, of omdat er helemaal geen lijm op zit, staat er wel eens een potje lijm op de balie. Zie er op toe dat je kaart of brief op het postkantoor afgestempeld wordt. Anders bestaat de kans dat een postbeambte de postzegel er af haalt. Het salaris van het personeel is bijzonder laag.

E-mail:
E-mailen kan in de grotere plaatsen in internetcafés. In China zijn de kosten 2 tot 5 yuan per uur afhankelijk van de plaats waar je je bevindt. De verbindingen zijn er snel. De verbindingen in Tibet zijn soms erg traag. De laatste dagen in Tibet is internet niet mogelijk. In Nepal vind je overal internetcafes.

Telefoon:
Bellen kan in China vanuit een postkantoor of een hotel. De wachttijd is afhankelijk van de plaats en tijd waarop je belt. Buiten de spitsuren krijg je meestal binnen een half uur verbinding. De kosten zijn gebaseerd op tijdeenheden van drie minuten. Hiervandaan is het ook mogelijk om collect calls te maken. Doorgaans zijn de verbindingen goed. De tarieven verschillen nogal. Informeer dus eerst naar de tarieven voordat je gaat bellen. De kosten voor een internationaal gesprek zijn relatief hoog, ongeveer 2 euro per minuut. In hotels is het duurder dan op het postkantoor.
Bellen kan in Tibet vanuit een postkantoor of een hotel. De kosten zijn gebaseerd op tijdeenheden van drie minuten. De tarieven verschillen nogal. Informeer dus eerst naar de tarieven voordat je gaat bellen. 
Ook vanuit Nepal bellen met Europa is relatief duur, maar de verbindingen met de huidige satellietsystemen zijn in ieder geval prima vanuit Kathmandu, waar je belt vanuit particuliere telefoonbureautjes, die zichzelf vanaf de straatkant goed adverteren. Meestal gaat de tijdregistratie met een stopwatch, soms is er een gecomputeriseerde registratie. In het laatste geval kan er niet gesjoemeld worden.
Het internationale toegangsnummer van België is 0032, gevolgd door het netnummer zonder 0 en dan het abonneenummer. De landencode van China en Tibet is 00 86. De landencode van Nepal is 00 977. In veel plaatsen is het mogelijk te faxen. 
GSM-telefoons zijn in sommige plaatsen werkzaam, vraag hiervoor om informatie bij je provider.

Eten en drinken

China:
Chinezen eten in principe alles wat leeft; het resultaat van eeuwen van honger en gebrek. Niet alleen worden alle dieren als een potentiële maaltijd beschouwd, ze worden ook helemaal geconsumeerd, met huid en haar, snuit, hersenen en ingewanden. Een bezoek aan een lokale markt bied je een blik in de Chinese keuken. Het kan een spel zijn om te raden wat je ziet: miereneters, schorpioenen, slang, hond? Iedere consequente niet-vegetariër zou tegen hiervan vervaardigde gerechten geen bezwaar moeten hebben. Westerlingen stuit vooral de wrede behandeling van de dieren tegen de borst. Kikkers en slangen worden levend gevild. Alle beesten zitten in benauwende, verstikkende kooien opgesloten. Door de Chinezen worden ze niet op de een of andere manier gehumaniseerd. Het is voedsel, en daarmee uit. De eetpraktijk van alledag is zowel voor Chinezen als toeristen saaier dan deze markt doet vermoeden. De enige werkelijk exotische maaltijden die je misschien zult nuttigen, zullen bestaan uit slang of sprinkhaan.
Zoals je kunt verwachten in een land met zulke enorme afmetingen zijn er regionale verschillen. Het grootste onderscheid betreft het basisvoedsel: in het zuiden eet men meer rijst, in het noorden meer deegwaren. In het noorden wordt van die granen ook brood gemaakt, vaak in de vorm van gestoomde broodjes, al dan niet met groenten of vlees erin. De tweedeling gaat niet volledig op.
De keuken van Sichuan is bekend om zijn zeer gepeperde gerechten. Een specialiteit is hier 'hotpot' (fondue) die ook bijzonder scherp kan zijn. Je kiest zelf de ingrediënten. In Lijiang zijn Nakhi buffetten te bestellen, met allerlei soorten gebakken kaas. In Xi'an merk je de mosliminvloed en kun je heerlijke kebab krijgen: spiesjes rund- of schapenvlees die worden gebarbecued waar je bij staat. Beijing heeft natuurlijk Peking eend op het menu, in talloze variaties.
In de grote steden heb je meestal de gelegenheid om op straat te eten. Sinds het begin van de economische hervormingen mogen de Chinezen weer hun eigen zaakjes hebben, en vind je straten en pleintjes waar ze 's avonds hun eetstalletjes bij elkaar zetten. Bestellen doe je simpel door aan te wijzen. Op deze manier eten is smakelijk, goedkoop en vooral leuk, omdat je midden tussen de Chinezen zit.
Als Chinezen overigens met een groep uit eten gaan, is het niet de gewoonte dat ieder voor zich bestelt. Er komen een aantal gerechten op tafel en iedereen eet overal van. In restaurants ligt midden op tafel een draaischijf waar alle schalen op staan die naar wens naar iemand toegedraaid kunnen worden. Het is leuk om je deze manier van eten aan te wennen als je met een groepje gaat eten. En jawel, je eet met stokjes.
China's nationale drank is thee, meer precies groene thee (die trouwens niet groen is maar lichtbruin). Aan de smaak moet je even wennen. Thee wordt ongezoet gedronken. Je zult zien dat Chinezen glazen potjes met een deksel meenemen naar hun werk of op reis. Thuis doen ze er een bodempje theebladeren in, waar ze dan de hele dag gekookt water bij schenken. Gekookt water is in treinen, op boten en in hotels altijd gratis verkrijgbaar. Je kunt er zelf ook gebruik van maken. Koffie is onder de Chinezen niet populair, al kun je tegenwoordig wel op veel plaatsen oploskoffie kopen. Cola en andere limonades zijn overal te krijgen. Alcoholische dranken zijn er ook te over. Maotai is in China ongeveer wat jenever is in Belgie, al ruikt het naar kaas. Chinese wijn smaakt anders dan Europese. Bier is goed en wordt verkocht in grote flessen van ruim 0,6 liter. Er zit maar 2 - 3 procent alcohol in, dus je kunt er lekker van doordrinken.

Tibet:
De Tibetaanse keuken steekt nogal schril af bij de uitgebreide en verfijnde Chinese keuken. Als gevolg van de vaak barre omstandigheden waaronder de mensen moeten overleven en de beperkte mogelijkheden om voedsel te verbouwen, is het traditionele menu niet echt afwisselend. Als dranken zijn yakboterthee (gezouten thee met yakboter) en chang (bier) geliefd. Tsampa, een stevige brij van gerst vormt het voornaamste bestand van een maaltijd, aangevuld met yakvlees, yakkaas en yakboter. Thukpa, vettige noedelsoep met groenten en/of vlees, staat ook vaak op het menu. Momo's, meelballetjes, gevuld met groenten en gehakt, worden in de regel door toeristen goed gewaardeerd. Tijdens de reis in Tibet kunnen we deze traditionele gerechten proeven, maar er zijn tevens vele restaurants die Chinese en westerse gerechten serveren. Sommige Tibetaanse restaurants in Lhasa komen speciaal voor toeristen met yakburgers op de proppen. Internationale voedselketens schitteren in Tibet gelukkig nog steeds door afwezigheid. 
In vrijwel alle hotels in Tibet staan thermosflessen met heet water paraat, om zelf een kopje thee, koffie of noedelsoep te kunnen maken.

Nepal:
Een doorsnee Nepalese maaltijd wordt gevormd door een chapati, een platte pannenkoek, met rijst en dal, een soort linzenpuree. Vaak wordt dit geserveerd met groente en hete pepers. Het lokale menu kent weinig vlees of ei en op plekken waar geen rijst kan worden verbouwd, vormen aardappelen, maïs en gerst de voornaamste bestanddelen van een maaltijd. Een ander veel gegeten gerecht is curry van aardappelen. Traditioneel wordt in Nepal met de rechterhand gegeten, waarbij brood of een chapati als lepel fungeert. Daar de Nepalese keuken niet echt tot de verbeelding spreekt, kun je in de hoofdstad je hart ophalen aan de Chinese en Tibetaanse keuken en vind je er Italiaanse, Amerikaanse, Mexicaanse, Thaise, Franse, Duitse, Japanse, Afghaanse, Russische, Indiase en Pakistaanse restaurants.

Gewoonten en gebruiken

De cultuurverschillen tussen Chinezen, Tibetanen, Nepalezen en Europeanen zijn zo groot, dat je er een heel boek aan zou kunnen wijden. Hieronder zijn er een paar uitgepikt die van direct en dagelijks belang zijn bij de omgang met de plaatselijke bevolking. 

CHINA :


Hebben we niet 
'Meiyou' was het eerste Chinees dat buitenlanders in China leerden, gedurende de eerste jaren nadat het land zich begin jaren '80 voor individuele reizigers had opengesteld. 'Hebben we niet', betekent het. Overal en altijd kon je het te horen krijgen, waar je ook om vroeg; treinkaartjes, buskaartjes, hotelbedden en wat niet al. Vaak waren die dingen helemaal niet onverkrijgbaar of uitverkocht. Deze op het eerste gezicht onbegrijpelijke weigerachtige houding is wel te verklaren. In de communistische economie hadden Chinezen er geen financieel belang bij klanten ter wille te zijn. Waarom zou je je inspannen? De Chinese maatschappij, waarin op allerlei gebied schaarste heerste, draaide (en draait nog steeds) voor een groot deel op het gebruik van connecties, 'guanxi', of zoals de Chinezen het zelf ook wel zeggen, het gebruik van de achterdeur. Diensten en goederen worden vaak langs een onofficiële weg geleverd. In ruil heb je recht op een wederdienst. 'Meiyou' bleef ook altijd 'meiyou'. Chinezen geven niet snel toe dat ze zich vergist hebben. Dat wordt gevoeld als gezichtsverlies, een van de ergste dingen die je in het sociale verkeer kunnen overkomen.

Afdingen 
Geleidelijk raakte 'meiyou' op zijn retour. Ervoor in de plaats kwam geldzucht. Tegenwoordig willen Chinezen juist van alles leveren en je er te veel voor laten betalen. Ze durven grof te overvragen. Wij vinden dat afzetterij. Zij vinden het waarschijnlijk niet meer dan normaal en rechtvaardig dat ze proberen een graantje mee te pikken van onze rijkdom. Overal waar geen vaste prijzen zijn moet je hiervoor op je hoede zijn. Bij souvenirverkopers in zowel China, Tibet als Nepal moet je bijvoorbeeld afdingen. Als je in straatstalletjes gaat eten, moet je altijd vooraf duidelijk de prijs overeen komen.

Etiquette 
Wees je bewust van het diepgewortelde Chinese idee dat China en de Chinezen de maatstaf zijn en de rest van de wereld afwijkend. Tegenover buitenlanders zijn de meeste Chinezen aardig en nieuwsgierig. Maar op zijn allerbest worden ze beschouwd als 'anders' en maar al te vaak als 'barbaar'. Omwonende volkeren leerden dingen van de Chinezen, niet omgekeerd. In de moderne wereld is deze mentaliteit niet meer zo gepast, maar nog nadrukkelijk aanwezig. Enkele plaatselijke gewoonten zijn volgens de westerse etiquette zeer onsmakelijk. Tot de Chinese eetgewoonten hoort luidruchtig geslurp en geboer. Na afloop van een maaltijd wordt de tafel en de nabije omgeving als een chaotische puinhoop achtergelaten, met overal etensresten, kippenbotten, visgraten, enzovoort. Ook niet netjes vinden wij het rochelen waar de meeste Chinezen zich vol overtuiging aan overgeven. Er wordt lawaaierig geschraapt, gesnoven en gespuugd. Je doet er maar het beste aan je hierover vrolijk te maken.

Kledingvoorschriften 
In China gelden geen strikte kledingvoorschriften en kun je je in de grote steden wel vertonen in korte broek of topje. Het is grappig om te zien hoe Chinese mannen er bij warm weer bijlopen in een onderhemd, en de lange broekspijpen tot boven de knie oprollen. Over het algemeen zijn de mensen wel wat 'bedekter' gekleed dan wij gewend zijn. Het is netjes als je je hieraan aanpast. Al verwachten Chinezen het misschien nauwelijks van de afwijkende wezens die westerlingen nu eenmaal zijn.

Vermaak 
De Chinezen, die zes dagen in de week werken, hebben in vergelijking met de Nederlanders zeer weinig vrije tijd. Op het platteland komen de mensen in hun vrije tijd bij elkaar om te praten of om gezamenlijk televisie te kijken. In de steden kijken de mensen 's avonds naar de televisie of ze maken een wandeling op straat of in één van de parken. Je kunt dit zelf 's avonds in navolging van de Chinezen ook doen. Ook zou je naar de bioscoop kunnen gaan. China telt zeker 140.000 bioscopen. Meestal is het er vrij luidruchtig, daar er meegeleefd en commentaar geleverd wordt op de films, die hoofdzakelijk in het Chinees zijn. De voorstellingen zijn over het algemeen om 21.00 uur afgelopen. In de grote steden is er ook gelegenheid een café of een discotheek te bezoeken. In Xi'an staan tot laat in de avond allerlei kraampjes en stalletjes langs de weg. In Beijing zou je naar een voorstelling van de beroemde Peking-opera kunnen gaan. In deze opera's worden zang, dans, acrobatiek en gesproken tekst gecombineerd. De traditionele onderwerpen van de Peking-opera zijn afkomstig uit de geschiedenis en mythologie. Het centrale thema in deze opera's is meestal de strijd tussen goed en kwaad. Tijdens de Culturele Revolutie was de Peking-opera verboden en na die tijd heeft de opera verschillende veranderingen ondergaan. De onderwerpen zijn nu nieuw of traditioneel. Een andere mogelijkheid is de acrobatenshow in. Acrobatiek is reeds meer dan 22 eeuwen de meest geliefde vorm van vermaak in China.

Chinese horoscoop 
De Chinese horoscoop is een 12 jarige cyclus. De origine gaat terug naar het Boeddhisme. Volgens het verhaal, riep Boeddha al de dieren van China naar zijn bedzijde, maar er kwamen slechts 12 dieren. Omdat hij de dieren voor hun toewijding wilde belonen, creëerde hij een jaar voor elk dier. De 12 dieren die verschenen waren de rat, os, tijger, konijn, draak, slang, paard, schaap, aap, haan, hond en het varken. Elk dier heeft zijn eigen speciale karakteristieken. Veel mensen geloven dat deze karakteristieken gebeurtenissen beïnvloeden gedurende het jaar. Tevens geloven sommige mensen dat mensen die in een bepaald jaar zijn geboren de kwaliteiten van het dier van dat jaar bezitten.

Chinees Nieuwjaar 
Chinees nieuwjaar wordt gevierd op de eerste dag van de maanmaand van de Chinese jaartelling. Daarom is datum steeds anders, maar wel altijd tussen 21 januari en 20 februari. Voor meer dan een miljard mensen over de hele wereld is het de belangrijkste feestdag van het jaar. Van tevoren maakt iedereen zijn huis goed schoon en lost lopende schulden af Messen, scharen en naalden gaan achter slot en grendel. Zo kunnen ze niet per vergissing het geluk van het nieuwe jaar kapot maken. In de kamers staan bloemen en op rode papierstroken worden gelukwensen gekalligrafeerd. Op de avond zelf moeten de kwade geesten worden verjaagd. Omdat die bang zijn voor de gelukskleur rood, voor vuur en voor lawaai, steken de mensen ontzettend veel roodgekleurd knalvuurwerk af. Op straat dansen draken en leeuwen. Kinderen hebben nieuwe kleren aan en buigen voor hun ouders die hun geluksgeld geven in rode enveloppen. Ze mogen zoveel snoepen als ze willen en ze krijgen op nieuwjaarsdag nooit straf.
In 2006 valt het Chinees Nieuwjaar op 29 januari en hier begint dan het Jaar van de Hond.

Festivals en feesten
China heeft 9 nationale feestdagen: 1 januari (Nieuwjaar); februari (Chinees Nieuwjaar, deze datum wisselt jaarlijks en is afhankelijk van de Chinese maankalender); 8 maart (Internationale Vrouwendag); 1 mei (Dag van de Arbeid); 4 mei (Dag van de Jeugd); 1 juni (Dag van het Kind); 1 july (Dag van de Communistische Partij); 1 augustus (Dag van de stichting van de PLA); 1 oktober (Dag van de Volksrepubliek).
Speciale ceremonies worden gehouden in Taoïstische en Boeddhistische tempels op vollemaans- en nieuwe maansdagen. Leuk om er dan dus een kijkje te gaan nemen. Kleurrijk is ook het Lantaarnfestival (Yuànxi-o Jié), 12 februari 2006. Mensen maken (of kopen) dan papieren lantaarns en lopen hier 's avonds mee door de straten. Het Maanfestival wordt gevierd op 6 oktober 2006.

TIBET EN NEPAL :

Afdingen:
Afdingen is in Tibet en Nepal heel gewoon. Zeker bij souvenirverkopers moet je afdingen. Als je in straatstalletjes gaat eten, moet je altijd vooraf duidelijk de prijs overeen komen.

Kledingvoorschriften:
Uit respect voor de gebruiken en tradities van dit gebied is het aan te raden om niet al te bloot en te opzichtig rond te lopen. Zeker niet in kerken, tempels, moskeeën en kleine dorpjes. Voor vrouwen is het niet raadzaam om in Tibet en Nepal een minirok, korte broek of topje te dragen. Wij adviseren je ook een lange broek en bovenkleding met mouwtjes mee te nemen. Ook mannen dienen rekening te houden met hun kleding. Een korte broek wordt over het algemeen als ongepast beschouwd.

Toiletten:
De openbare toiletten in Tibet kennen absoluut geen privacy. Als er tussenschotten tot kniehoogte staan, dan is dat veel. Bovendien zijn de meeste openbare wc's ronduit smerig. Een hygiënisch voordeel is dat het zowel in Nepal als Tibet meestal hurktoiletten betreft, zodat je niets hoeft aan te raken. Het is aan te raden zoveel mogelijk van de toiletten in het hotel gebruik te maken en in ieder geval altijd wc-papier (te koop in Tibet en Nepal) bij je te hebben. Tissues om je handen mee af te vegen zijn ook geen overbodige luxe.

Tempelbezoek:
Bij het bezoeken van boeddhistische tempels of kloosters verzoeken wij je de volgende regels aan te houden, uit beleefdheid en respect voor de bevolking. Draag geen shorts (ook mannen niet) of minirok bij het bezoeken van een tempel. Loop altijd linksom een stoepa, tempel of een manistenenmuur (dus met de klok mee).

Feestdagen:
In Tibet worden er een aantal plaatselijke (religieuze) festiviteiten vastgesteld aan de hand van de Tibetaanse kalender. Omdat de stand van de maan daarbij bepalend is, veranderen de data ieder jaar.
Het belangrijkste feest is Losar, het Tibetaanse nieuwjaarsfeest, dat meestal in februari valt. Het gaat onder andere gepaard met oorverdovend vuurwerk. Ook worden honden opgehitst om te blaffen. Het lawaai dat ontstaat is bedoeld om duivels en boze geesten te verdrijven.
De geboortedag van de Dalai Lama wordt gevierd op 6 juli. Tijdens deze feestdag strooien Tibetanen elkaar onder met tsampa.
Sommige kloosters hebben een eigen festival, zoals Tashilhunpo (tweede week van de vijfde maand) en Drepung (dertigste dag van de zesde maand). Met name het ophangen van een grote thangka, een beschilderd religieus doek, is daarbij een opmerkelijke happening.
Het Yoghurt- of Shotongfestival, waarbij gemaskerde dansen ten uitvoer worden gebracht, vangt begin augustus in Drepung aan en verplaatst zich naar het Norbulinka.

Souvenirs:
Tibet is niet helemaal 'the place to be' als het om souvenirs gaat, tenzij je geïnteresseerd bent in religieuze artikelen zoals gebedsvlagen, gebedsmolens of thangka's. In de buurt van tempels en kloosters worden deze artikelen aangeboden. Over het algemeen zijn de spullen die hier worden aangeboden ook te koop in Kathmandu tegen aanzienlijk lagere prijzen. Het is gebruikelijk om af te dingen voor deze spulletjes.

Kaarten en literatuur

De beste manier om je voor te bereiden is door te praten met mensen die het land kennen en door er een goede reisgids en kaart van aan te schaffen en te bestuderen.

Klimaat

Het noordoosten en westen van China zijn de zomers zeer warm en vrij droog. De regenperiode valt in de maanden juli en augustus, maar dit geldt voornamelijk voor het zuiden van China.
De beste perioden voor een bezoek aan Tibet en Nepal zijn de lente en de herfst. 
Tibet heeft door zijn zeer hoge ligging een droog bergklimaat. Alleen in de zomermaanden valt er wat regen. Als de zon schijnt, loopt de temperatuur overdag snel op, maar kan het in de schaduw toch nog koud zijn. 's Avonds en in de vroege ochtend kan de temperatuur tot rond het nulpunt dalen. In het voor- en najaar kan er dan ook nachtvorst voorkomen. We raden de reizigers aan warme kleding mee te nemen (of terplaatse aan te schaffen). 
Nepal heeft een uiteenlopend klimaat van subtropisch op de vlaktes tot een koud bergklimaat in de bergen. Van half juni tot en met september is de moessontijd.

Beste reistijd:
De beste reistijd is mei tot november. Lhasa en Shigatse kennen in deze periode heerlijk mild weer, hoewel er in juli en augustus redelijk wat regen kan vallen. Hierdoor worden sommige gebieden soms onbegaanbaar en kan het zicht op de bergen beperkt zijn. De koudste maanden zijn december, januari en februari. Door de zuidelijke ligging van Nepal kent het land een warm klimaat en milde winters, vooral in de lagere gedeelten. Het sneeuwt zelden onder de tweeduizend meter. De lente loopt van maart tot mei en is warm en vochtig. De zomer wordt gedomineerd door de moessonregens en in de winter is het koel en helder.

Taal

China heeft twee officiële talen en een grote hoeveelheid aan verschillende dialecten Opmerkelijk is dat het Chinese schrift een identiek karakterschrift is voor heel China. Zodoende kunnen de mensen in het hele land schriftelijk met elkaar communiceren en dezelfde teksten lezen, terwijl ze elkaar door hun verschillende dialecten niet kunnen verstaan. In het grootste deel van het land is de officiële taal Mandarijn, alleen in de zuidelijke provincie Guangdong (Canton) en in Hong Kong spreekt men Cantonees. Buitenlandse talen worden bijna niet gesproken. In alle grote hotels, restaurants, winkels en bij de bezienswaardigheden kent men wel enige woorden Engels.
Het Chinese schrift is een pictografisch schrift. De karakters die men nu gebruikt, waren oorspronkelijk tekeningetjes. Er zijn meer dan 10.000 karakters, om een krant te kunnen lezen moet je zeker 4.000 karakters kennen. Elk woord is 1 karakter.
De Chinese gesproken taal kenmerkt zich door het gebruik van tonen. Als je een woord in een andere toonhoogte uitspreekt, kan het een volledig andere betekenis krijgen. Je moet dus niet verbaasd staan te kijken als een Chinees je niet verstaat als je vriendelijk goedendag zegt.
In Tibet vormen Tibetaans en Chinees de voornaamste talen. Vooral in de steden wordt vooral Chinees gesproken, een regelrecht gevolg van de 'bevrijding'. Het Tibetaans en Chinees kennen weinig overeenkomsten. De zinsstructuur van beide talen is compleet anders, evenals het schrift, dat we overal zullen tegenkomen. Vooral op het platteland wordt het zeer gewaardeerd als je een paar woordjes Tibetaans leert, al zal dit wel enige oefening kosten. Met name jonge Tibetanen spreken Engels en willen dit graag in praktijk brengen door contact te leggen met buitenlanders. Ook monniken maken graag een praatje om hun Engels te oefenen. Een veel gehoorde groet van buitenlandse toeristen is 'tashi delek', wat letterlijk 'goede toekomst' betekent. Tibetanen gebruiken deze groet zelf eigenlijk alleen tijdens nieuwjaar.
Nepali is de officiële taal in Nepal en wordt door vrijwel iedereen gesproken. De etnische minderheden zoals de Newars, Tamangs en Gurungs spreken naast het Nepali ook hun eigen dialecten. Het Nepali heeft veel gemeen met het Hindi en het Perzisch. Het is niet moeilijk een paar woordjes Nepali te leren, mits je iemand vindt die de tekens kan vertalen. Het bekendste woord, wat je overal zult horen, is namasté (hallo).

Overige achtergrondinformatie

Land en landschap:

De totale oppervlakte van China beslaat 9.580.000 km² en het is daarmee het op twee na grootste land ter wereld. China is grofweg 300 keer groter dan Nederland en kan qua oppervlakte gemakkelijk met West-Europa worden vergeleken.
Landschappelijk is China onmetelijk divers: de uitgestrekte laagvlakte van het noordoostelijke deel; het heuvelachtige en waterrijke zuidoostelijke deel; het l-ssplateau van Centraal China; het hoogland van Tibet en Qinghai; de woestijn- en steppe gebieden van Xinjiang en Binnen-Mongolië en tenslotte het grillige karstlandschap van het zuiden met z'n klassiek aandoende uitzichten.
Topografisch gezien ligt China ingeklemd tussen Rusland, Kazakstan, Kirgizstan, Tadzjikistan, Mongolië en Korea in het noorden, en Pakistan, India, Nepal, Myanmar, Laos en Vietnam in het zuiden. De totale lengte van de landgrens bedraagt meer dan 20.000 km. 

Tibet
beslaat een gebied dat tweemaal zo groot is als Frankrijk en wordt voor een groot deel omsloten door China. In het zuiden grenst Tibet aan India, Nepal, Sikkim, Bhutan en Birma. Tibet wordt ook wel 'het Dak van de Wereld' genoemd omdat het overgrote deel van het land is gelegen tussen de 4000 en 5000 meter hoogte. Aan de zuidzijde ligt het Himalayagebergte met de hoogste toppen ter wereld. Noordelijk daarvan liggen onder meer uitgestrekte graslanden en hoogvlaktes tot 5000 meter. De hoogte heeft een ingrijpende invloed op de overlevingsmogelijkheden voor flora, fauna en de mens. Zowel planten als dieren hebben zich moeten aanpassen om hier te overleven. Helaas staat ook in Tibet de natuur steeds zwaarder onder druk, vooral als gevolg van kaalslag. In Tibet ontspringen enkele belangrijke rivieren van Azië zoals de Yangtzi en de Mekong. Een typisch Tibetaans dier dat we zeker zullen zien, is de yak. Dit langharige rund kan extreem lage temperaturen weerstaan en levert de bevolking melk, boter, kaas, vlees, leer en wol. Meest bijzondere 'diersoort' is natuurlijk de yeti, oftewel de 'Verschrikkelijke Sneeuwman', maar dat we deze legendarische bewoner van het hooggebergte zullen treffen, is zeer onwaarschijnlijk.
Tibet is gelegen in de ontoegankelijke bergen van de Himalaya. Door het natuurlijke en zelfgekozen isolement heeft het land altijd haar mysterieuze uitstraling behouden en tot ver in de twintigste eeuw waren buitenlandse bezoekers niet welkom. De geschiedenis van de Tibetanen gaat terug tot in de middeleeuwen. Al in de 7de eeuw heerste er onder Songtsen Gampo een machtig rijk dat belangrijke zijderoutes en gebieden in Nepal en Yunnan (China) domineerde. Toen dit rijk uiteenviel in kleinere feodale rijken, begonnen de kloosters snel aan macht te winnen. Het boeddhisme was al eeuwenlang de voornaamste religie in de omringende landen en drong ondertussen ook steeds meer tot Tibet door. Het boeddhisme werd hier niet klakkeloos overgenomen. Uit een mengeling van brahmanisme en de traditionele, animistische Bon-religie ontwikkelde zich het Tibetaanse boeddhisme en uiteindelijk het lamaïsme. In de loop der eeuwen kregen de kloosters steeds meer wereldlijke, politieke macht en in de zeventiende eeuw verkreeg de geelkapsekte na een conflict met de roodkapsekte, de absolute macht over het land. De leider nam de titel aan van Dalai Lama dat letterlijk 'Oceaan van Wijsheid' betekent. Iedere nieuwe Dalai Lama is een reïncarnatie van de voorgaande, iets wat middels speciale procedures wordt vastgesteld. De Dalai Lama was een absoluut heerser die regeerde over een arm land waar tot 1950 slavernij nog de gewoonste zaak van de wereld was.

Aan de heerschappij van de Dalai Lama kwam abrupt een eind toen buurland China in 1950 het land binnenviel en 'bevrijdde' van het juk van de geestelijken. De Chinese bezetting leidde tot een exodus van honderdduizend Tibetanen, 1,2 miljoen doden en vernietigde het overgrote deel van Tibet's culturele en religieuze erfenis. Van de 1600 kloosters zijn er slechts tien bewaard gebleven. De Dalai Lama vluchtte naar India waar hij nog steeds in ballingschap leeft. Het Tibetaanse volk had ondertussen zwaar te lijden onder de Maoïstische politiek en de Culturele Revolutie. Ondanks het verzet en protesten uit alle hoeken van de wereld is de aanwezigheid van China in Tibet onverzettelijker dan ooit. Door een politiek van culturele invasie, door 'import' van Chinezen, verstedelijking en Chinese bouwprojecten voltrekt zich een onomkeerbaar proces. Ondanks een geleidelijke toename van vrijheid voor de diverse culturen in China zelf, lijkt de Chinese regering vast van plan de controle in haar 'opstandige provincie' met strakke hand te behouden.

Nepal is een rechthoekig land dat van noordwest naar zuidoost een afstand heeft van ca. 850 km en een maximale breedte heeft van 220 km. Het is met een oppervlakte van 147.000 km² vier maal zo groot als Nederland. Het land ligt ingeklemd tussen het door China bezette Tibet aan de noordoostkant en India, dat het aan de overige drie zijden omgeeft. Nepal wordt gedomineerd door het hoogste gebergte ter wereld, de Himalaya, waarvan de hoogste bergketen het land grotendeels afgrendelt van Tibet met toppen zoals de Mount Everest - bij de Nepalezen bekend als Sagarmatha (8848 m) - Manaslu (8156 m) en de Lhotse (8516 m). Volgens de huidige stand van de wetenschap is de ontwikkeling van de Himalaya ongeveer 30 miljoen jaar geleden begonnen, toen de Indiase landmassa tegen het Euraziatische continent botste als gevolg van immense tektonische bewegingen in de afkoelende aardkorst. De Indiase schol schoof onder de Euraziatische met als gevolg het ontstaan van de Himalaya. Voor die tijd maakte het gebied waarin Nepal ligt deel uit van een oceaan, waarvan de Middellandse Zee nog een overblijfsel is. Hoog in de bergen worden dan ook ammonieten gevonden die aan toeristen worden verkocht voor enkele euro's.
De verscheidenheid aan natuur in Nepal is enorm doordat in een klein gebied met hoogteverschillen van kilometers veel klimaatzones vlak naast elkaar bestaan. Er zijn grote gebieden waar ijs en sneeuw eeuwig heersen en zeldzame diersoorten zoals het sneeuwluipaard voorkomen. Maar daarnaast zijn er jungles en grasvlaktes waar het 's zomers 40 graden kan worden. Hier lopen nog neushoorns en wilde buffels rond. Daartussen vinden we naald- en rododendronbossen en alpenweiden waar wilde geiten zwerven. Slechts een vijfde deel van het land is in cultuur gebracht, vooral in de vorm van prachtige terrassen waar rijst wordt verbouwd. Een groot deel van Nepal is door zijn bergachtige landschap nog nauwelijks ontsloten en uitsluitend te voet of met kleine vliegtuigen te bereiken. Vooral het noordwesten is schaars bevolkt en weinig aangetast door mensenhanden.

Wat nu Nepal is, was ooit een verzameling van kleine feodale staatjes, ingeklemd tussen Tibet en het Moghul India. In 1324 werden de kleine rijkjes onder de voet gelopen door een heerser uit Rajput, die op de vlucht was geslagen voor de moslims. Zijn afstammelingen zouden tot 1768 over Nepal heersen totdat het land werd overwonnen door de Gurkhas, een volk van Tibetaans-Mongoolse oorsprong. De Gurkhas die bekend stonden uitmuntende strijders te zijn, deden tevens een poging Tibet te bezetten. Zij werden niettemin verslagen door de Chinezen die voor korte tijd ook Nepal bezetten. In 1791 sloten de Gurkhas een verdrag met de Britten in India, maar grensgeschillen leidden in 1814 tot een oorlog tussen Groot-Brittannië en Nepal. In een afgedwongen wapenstilstand in 1816, moest Nepal een groot gedeelte van haar grensgebieden afstaan aan Brits-Indië.

In 1923 werd de onafhankelijkheid van Nepal officieel. Om als geïsoleerd, klein koninkrijk ingeklemd tussen twee grootmachten de onafhankelijkheid veilig te stellen, probeerde koning Birendra de relaties met India en China niet te verstoren. In 1990 werd het verbod op politieke partijen opgeheven en niet veel later werd er een nieuwe grondwet ingesteld. Momenteel is Nepal een constitutionele monarchie met een meerpartijenstelsel. Koning Birendra is in 2001 door een familielid vermoord, en inmiddels door zijn broer opgevolgd.

Bevolking en cultuur:
China heeft ruim een miljard inwoners. Ongeveer 20 % hiervan woont in de stad, de rest woont op het platteland. Om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen, heeft de Chinese regering de één-kind politiek in het leven geroepen. De mensen in de stad worden gedwongen om slechts 1 kind te nemen. Als ze meer kinderen krijgen, dan moeten ze op andere punten inleveren. Dat wil zeggen dat ze bijvoorbeeld in een klein huis moeten wonen en dat de scholing voor de kinderen niet meer gratis is. Als je een tweeling krijgt, dan geldt dat niet.
Ongeveer 93 % van de Chinezen zijn Han Chinezen. Verder zijn er nog zo'n 55 minderheden, die voornamelijk in de grensstreken wonen. Tijdens onze Groots China reis zullen we deze minderheden bezoeken: de Bai bevolking in Dali, de Naxi bevolking in Lijiang en de Sani en Yi bevolking in het Stenen Woud. 

De Tibetaanse bevolking bestaat oorspronkelijk uit een verzameling van zeer uiteenlopende culturen. Sinds de Chinese bezetting zijn ook buiten Tibet, in onder andere India en Nepal, grote Tibetaanse gemeenschappen te vinden. Door de actieve immigratiepolitiek van China leven er naast de lamaïstische Tibetanen tegenwoordig buitengewoon veel Han-Chinezen in Tibet. Zij wonen voornamelijk in de grotere plaatsen zoals Lhasa en Shigatse en zijn actief in de industrie, handel en het leger. De meeste Tibetanen leven van de landbouw en de veeteelt. De veelzijdigheid van de Tibetaanse bevolking is goed te zien op bijvoorbeeld de Barkhor Bazar in Lhasa. Vanuit het gehele land komen hier pelgrims naartoe om te bidden, waarbij onder andere de nomadische Kampa opvallen.

De ruim 21 miljoen inwoners van Nepal zijn onder te verdelen in circa 35 verschillende etnische groepen die ieder hun eigen taal en cultuur hebben. Grofweg vallen deze bevolkingsgroepen uiteen in drie hoofdgroepen: de Indo-Ariërs, de Tibeto-Birmanen (waaronder de Newars) en de uit Tibet afkomstige bewoners onder wie de Sherpa's. Ongeveer veertig procent van de bevolking woont in de vlakke en vruchtbare Terai, de overige zestig procent woont in de heuvels en de bergen. De hooggelegen delen van de bergen zijn zeer dun bevolkt.

Godsdienst: 

De drie grootste godsdienstige stromingen in China zijn het boeddhisme, het confusionisme en het taoïsme. Hoewel de historie van deze drie volkomen van elkaar verschillen, hebben de stromingen toch aardig wat overeenkomsten. Zo zijn de grondleggers geen goden, maar mensen van vlees en bloed. Ook zijn ze meer een levenswijze, of filosofie, dan een godsdienst.
Boeddhisme: De Boeddha werd geboren in Lumbini, in de Nepalese Terai, in de 6de eeuw v. Chr. Tijdens zijn luxe leven als prins werd hij geconfronteerd met het lijden van de mensen om hem heen. Na een lange meditatie verwierf hij verlichting en begon een nieuwe levensleer te verkondigen. Het boeddhisme is feitelijk een hervormingsbeweging van het hindoeïsme en veel elementen van beide religies komen overeen. Op een aantal belangrijke aspecten verwierp de Boeddha de gangbare leer. De Brahmaanse rituele verering van de goden en het kastensysteem waren twee belangrijke zaken die hij verwerpelijk vond.
In navolging van het hindoeïsme beweerde de Boeddha dat alles wat bestaat een eeuwige opeenvolging van ontstaan en vergaan is waaraan in principe niets kan ontsnappen; niet de goden, niet het universum, niet de mensen. Het is hem, de Boeddha, evenwel gelukt om uit dit eeuwige rad van wedergeboorten los te komen. Zijn leer is een manier om het dagelijks leed te ontstijgen en naar het nirvana te gaan, een staat van tijdloze rust en eenheid met alles. Belangrijk zijn de vier edele waarheden. 1. Alle leven is lijden. 2. Dit lijden is het gevolg van onze begeerten. 3. Door het opheffen van die begeerten kan men een einde maken aan het lijden. 4. Het opheffen van de begeerten wordt bereikt door het bewandelen van `de juiste weg'. Die juiste weg bestaat uit het achtvoudige pad; een systeem van denken en handelen dat ervoor zorgt dat het karma verbetert van degene die het bewandelt. Naarmate het karma verbetert door het bewandelen van de juiste weg, reïncarneert men in reinere vormen. Tenslotte bereikt men het stadium van bodhisattva, waarin men niets anders meer verlangt dan het geluk van alle anderen. Vervolgens lost men op in het nirvana, de staat van verlichting waarin men beseft dat alles wat bestaat een illusie is, slechts een luchtspiegeling van een ondeelbare eenheid die in zichzelf rust.
De belangrijkste vorm in het huidige China is het mahayana-boeddhisme ofwel het grote voertuig dat alle wezens verlossing belooft met behulp van bodhisattva's. Bodhisattva's zijn diegenen die verlicht zijn maar daar vanaf zien en hun eigen overgang naar het nirvana uitstellen om zich in te zetten ter verlossing van de gehele mensheid. Ze proberen de mens een goed karma over te dragen en zo naar de verlichting te leiden. Het boeddhisme ontwikkelde zich tussen de derde en de zesde eeuw na Chr. en werd vermoedelijk geïntroduceerd door Indiase handelaren die boeddhistische priesters meenamen op hun reizen. Al snel ontstonden er kloosters in heel China. Deze kloosters hadden dezelfde rol als de kerken in Europa ten tijde van de middeleeuwen en fungeerden naast godsdiensthuis ook als herberg, ziekenhuis en weeshuis. Reizigers en vluchtelingen konden er altijd onderdak vinden.
Taoïsme: Het taoïsme is de enige godsdienst die ontstaan is in China zelf. Het boeddhisme komt uit India en het confusianisme is in hoofdzaak een levenswijze. De stichter van het taoïsme was Lao Tse, wat 'grote, oude meester' betekent, en naar zeggen werd hij geboren in het jaar 604 na Chr. Er zijn niettemin twijfels aan het feit of de man überhaupt wel geleefd zou hebben. Er is niets over hem bekend, zelfs niet zijn naam. De mythe vertelt ons dat Lao Tse werd geboren als een oude man met wit haar en een lange baard, nadat hij 82 jaar in de baarmoeder van zijn moeder had gezeten.
Het concept van het taoïsme is dao. Hoewel een exacte vertaling niet mogelijk is, betekent het zoiets als het pad, de weg, maar ook de methode of principe. Zelfs de Chinezen zelf kunnen het begrip maar moeilijk vertalen. Een ander concept heet wu wei, het 'niet handelen' of met de stroom mee zwemmen. Dit is tevens het afzien van zaken die tegen de draad van de dingen ingaan. De loop der gebeurtenissen in het heelal wordt bepaald door twee tegenovergestelde polen: yin en yang. Yang is het mannelijke, helder en de hoge hemel. Yin wordt beschouwd als vrouwelijk, duister, passief, en onpeilbaar diep. Zonder yin bestaat er geen yang en zonder yang geen yin.
Confusianisme: De ideeën van Confusius (5de eeuw v. Chr) zijn al 2000 jaar lang van invloed op de Chinese cultuur en juist om die reden worden zijn filosofieën hier kort beschreven. Het confusianisme is geen godsdienst, eerder een praktisch, ethisch systeem, een stelsel van wet en orde. Wel werd de wijsgeer vereerd als een god waaraan talloze offers werden gebracht. Zoals het universum wordt bepaald door de orde en het ritme in de wereld, zoals de zon, de maan en de sterren bewegen volgens de wetten van de natuur, zo moet de mens leven in het kader van de wereldorde. Dit idee is op zijn beurt weer gebaseerd op het idee dat mensen het vermogen hebben om te kunnen leren.
Confusius ging uit van een strenge hiërarchie en definieerde deze zeer helder en precies. Alleen als elk afzonderlijk lid van de samenleving volledige verantwoordelijkheid neemt voor zijn of haar positie, kan de maatschappij als geheel goed functioneren. Aan familiebanden en sociale betrekkingen werd fundamentele betekenis toegekend. Tussen vader en zoon, (de zoon moet de vader zonder voorbehoud gehoorzamen), tussen man en vrouw (vrouwen hebben nauwelijks individuele rechten), tussen oudere en jongere broer, tussen vrienden onderling en tussen heerser en onderdaan.

De belangrijkste religie in Tibet is het lamaïsme, voortgekomen uit een mix van de animistische Bon-religie en het tantrisch boeddhisme. Er zijn meerdere sekten, waarvan de Gelukpa of geelkapsekte (herkenbaar aan de goudgele mutsen) de belangrijkste is met de Dalai Lama die in ballingschap leeft, als leider. De Panchen Lama behoort tot de roodkapsekte. Beiden lama's worden beschouwd als levende boeddha's. Hoewel er tijdens de Chinese overheersing veel religieuze bouwwerken zijn vernietigd, blijven de overgebleven kloosters kenmerkend voor het Tibetaanse landschap. Vooral tijdens de bezoeken aan de Tibetaanse lamakloosters zijn de religieuze aspecten duidelijk terug te vinden.

Nepal is het enige hindoe koninkrijk ter wereld. De koning van Nepal wordt vereerd als de belichaming van de god Vishnoe. Naast het hindoeïsme dat door het overgrote deel van de Nepalezen wordt beleden, is het boeddhisme de tweede godsdienst. Beide godsdiensten zijn in Nepal zo met elkaar verweven dat het bijna onmogelijk is om ze te scheiden. Een van de bindende factoren van de religies vormt de tantra, een geheimzinnige en symbolische, religieuze filosofie die tussen de tiende en vijftiende eeuw is ontstaan. In het tantraïsme speelt de verering van demonen een belangrijke rol.

Een zeer kleine minderheid in Nepal is islamitisch. De godsdienst speelt een uiterst belangrijke rol in het dagelijkse leven. Door het hele land komen we kleine heiligdommen, tempels, godenbeelden, heilige afbeeldingen en mystieke symbolen tegen en overal zijn mensen bezig met uitvoeren van religieuze handelingen. De religie heeft ook duidelijk zijn weerslag op de kunst en in de architectuur. Bekend voorbeeld van deze laatste is de stoepa, de unieke koepelvormige tempel die een relikwie van Boeddha bewaart. Boeddha werd geboren in Lumbini, in de Nepalese Terai, in de 6de eeuw v. Chr. Tijdens zijn luxe leven als prins werd hij geconfronteerd met het lijden van de mensen om hem heen. Na een lange meditatie verwierf hij verlichting en begon een nieuwe levensleer te verkondigen. Het boeddhisme is feitelijk een hervormingsbeweging van het hindoeïsme en veel elementen van beide religies komen overeen. Op een aantal belangrijke aspecten verwierp Boeddha de gangbare leer. De Brahmaanse rituele verering van de goden en het kastensysteem waren twee belangrijke zaken die hij verwerpelijk vond. De grondgedachte van het boeddhisme is dat het werelds bestaan lijden inhoudt, een kringloop van wedergeboorten (reïncarnaties) waaruit de mens zich moet bevrijden.

Het hindoeïsme is niet gesticht door één profeet of gegrondvest op één boek, maar op een bouwwerk van boeken, meesters, godenvereringen, kasten en leefregels. Het woord zelf is bedacht door de islamieten die het subcontinent vanaf de 9de eeuw binnenvielen en alle heidense praktijken die ze er aantroffen, samen hebben gevat met het woord `hind'. Het hindoeïsme is feitelijk een samenklontering van religies. Maar in het woord 'religie' komt de alomvattendheid van het hindoeïsme niet tot uiting. De godenverering is heel belangrijk in het hindoeïsme. Volgens sommige geschriften zijn er 330 miljoen goden.
Typerend voor het hindoeïsme is het kastensysteem, de indeling van de bevolking in een hiërarchie van overgeërfde sociale klassen. Elke hindoe wordt geboren in een kaste waarvan hij de rest van zijn leven deel blijft uitmaken. De hoogste kaste is die der Brahmanen of Bahuns, waaruit de geestelijkheid voortkomt. Daaronder staat de kaste der Ksatriya's of Chettri's, de soldaten en bestuurders. Eigenlijk is dit de kaste met de ware macht. Brahmanen dienen zich niet zo bezig te houden met succes in het ondermaanse, maar kunnen wel grote invloed uitoefenen doordat ze de schriftgeleerden zijn en een intieme relatie onderhouden met hun godenwereld. Weer een stapje lager op de ladder staan de Vaisya's, die de kaste der handelaars vormen en tenslotte is er de grote massa van de Sudra's, de boeren. Wat rest, is nog een kasteloze groep, de Paria's. Deze mensen worden als zeer onrein beschouwd en mogen slechts de meest vieze karweitjes opknappen, zoals rioolreiniging en lijkverbranding. Maar door de toenemende bevolkingsdruk in de Kathmanduvallei, die een schrijnende werkeloosheid met zich meebrengt, zie je langzaam een verschuiving optreden.
Elke hindoe heeft een klein huisaltaar waar de lievelingsgoden een plaatsje hebben. Het zijn meestal veelkleurige afbeeldingen van deze goden, die in onze ogen meer iets weg hebben van fantastische stripverhaalfiguren. Sommige mensen richten zich vooral op Vishnoe, anderen meer op Shiva, maar in geen enkel huis ontbreken Ganesh (de god van wijsheid en geluk met het olifantenhoofd) en Lakshmi.
De belangrijkste puja's die dagelijks in de tempels worden gehouden, vinden plaats bij zonsop- en zonsondergang. Onder het geroffel van trommels, het rinkelen van belletjes, het geluid van blaasinstrumenten en het reciteren van de veda's wordt er een offer gebracht dat de vier elementen, lucht, aarde, water en licht of vuur vertegenwoordigt. Een ander belangrijk religieus gebeuren is darshan, ofwel het zien van een beeld van de god, of zoals in Kathmandu de levende godin Kumari. Bij processies worden godenbeelden rondgedragen zodat de mensen de goden kunnen zien, want dat is bevorderlijk voor het zielenheil. Prasad is geheiligd voedsel, dat eerst geofferd wordt aan de god(in) en daarna genuttigd wordt ter bescherming.

Praktische informatie

Aankomst

Doe de eerste dag in China rustig aan. Neem de tijd om te acclimatiseren. De overgang van klimaat, cultuur en voedsel kan behoorlijk ingrijpend zijn. Laat het land op je inwerken en geniet.

Bagage en kleding

We raden je aan om een zachte reiskoffer (al dan niet voorzien van wieltjes) of een rugzak mee te nemen. Denkend aan de steile trappen van Chinese stations, de beperkte bagageruimte in de treinen en bussen, de vele ongeplaveide straten en het ontbreken van een lift in de eenvoudigere hotels, raden we een koffer sterk af voor deze reis. Bovendien komen er in Tibet regelmatig landslides voor. Meestal zijn dan dragers aanwezig om tegen betaling je bagage te dragen. Zijn zij niet aanwezig dan zul je zelf je eigen bagage moeten dragen. 

Luchtvaartmaatschappijen staan toe om op intercontinentale vluchten 20 kg bagage mee te nemen. Binnenlandse vluchten zijn dikwijls beperkt tot 15 kg.

Voor het opbergen van waardepapieren kun je het beste een dunne geldgordel kopen, die je onder je kleding kunt dragen. Daarnaast is een kleine rugzak of schoudertas handig voor de dagelijkse handbagage.

Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag).

De keuze om bepaalde zaken mee te nemen is vaak erg persoonlijk. De hier volgende opsomming is dan ook enkel indicatief. Denk bij het samenstellen van je bagage bijvoorbeeld aan: reis- (en taal)gids, stevige ingelopen schoenen, sandalen, regenkleding, zaklamp, wasmiddel, een handdoek (voor de meer eenvoudige guesthouses), een reisapotheek, je eigen medicijnen, anti-muggenspray, eventueel een universeel geldige verloopstekker (zie ook onder ‘electriciteit’), foto- en/of videomateriaal, kopieën van je reisdocumenten en waardepapieren, batterijen, hoofddeksel, zonnebril, zonnebrandmiddelen, zwemkleding, reiswekker, schrijfgerei, schaartje en zakmes (niet in je handbagage in het vliegtuig). 

In sommige hotels is laundry service aanwezig. In Tibet is het altijd raadzaam warme kleding bij je te hebben aangezien je je op grote hoogte bevindt. Maar ook in China kan het in het voor- en najaar 's avonds fris zijn.

Het is niet nodig om tenten, slaapmatjes of muskietennetten mee te nemen. We raden wel een lakenzak aan (= soort slaapzak gemaakt van een dubbelgevouwen laken bvb) voor Rongbuk en Nyalam.Een slaapzak kan prettig zijn voor extra warmte in Everest Base Camp/Rongbuk in de maanden oktober en april.

Het is bekend dat Tibetanen in Tibet graag een afbeelding van de Dalai Lama willen bezitten. Wij willen je waarschuwen dat het geven van dergelijke foto op onverantwoorde wijze gevaar oplevert voor de Tibetanen. Houd er rekening mee dat de Tibetanen zich dit gevaar niet realiseren. Besef ook dat je bagage bij aankomst en vertrek uit Tibet gecontroleerd kan worden.

Handbagage

Sinds 04/11/2006 zijn nieuwe veiligheidsmaatregelen van kracht in alle luchthavens van de Europese Unie voor het vervoeren van vloeistoffen. Voortaan mogen reizigers in hun handbagage alleen nog kleine flesjes of tubes meenemen van maximaal 10 cl inhoud. Deze moeten worden meegenomen in één doorzichtige, hersluitbare, plastic zak met niet meer dan maximaal 1 liter inhoud. Deze zal getoond moeten worden aan de security check.

De flesjes mogen bevatten: water of andere dranken, soep, siroop, crèmes, lotions, parfums, oliën, scheerzeep, deodorant, schuim, haargel, douchegel, shampoo, tandpasta, mascara. Dit alles dus met een limiet van 10 cl per flesje of tube. Al wat meer is, dien je op te bergen in je grote bagage die wordt ingecheckt.

Ook toegelaten zijn medicatie, dieetproducten en babyvoeding die tijdens de reis noodzakelijk zijn (in dit geval draagt men best een Engelstalig medisch attest).

Vloeistoffen aangekocht voorbij de check-in procedure (tax free goederen) worden verzegeld verkocht en zijn niet onderworpen aan de beperkingen. Wacht tot u de check-in in de laatste Europese luchthaven (bij een eventuele transfer) voorbij bent voor u de verzegeling verbreekt.

Voortaan dienen ook jassen en vesten te worden uitgedaan en door de x-ray gescreend; laptops en andere grotere elektrische apparaten moeten worden uitgepakt en zullen eveneens worden gescreend door de machine.

Electriciteit

Stopcontacten leveren 220 volt, 50 hertz wisselstroom. Je hebt dus een adapter nodig als je Belgische elektronische apparaten in China en Tibet wilt gebruiken. Nederlandse/Belgische stekkers passen wel in Nepal op de meeste ongeaarde stopcontacten al moet je soms een beetje duwen. In Nepal doen zich af en toe stroomstoringen voor, dus het is een goed idee om een zaklamp mee te nemen. Die kan ook van dienst zijn in de nachttreinen. Voor meer informatie en bijhorende illustraties verwijzen we u graag door naar volgende website: http://www.kropla.com/electric2.htm 

Fooien

China:
Het geven van fooien was in China lange tijd niet gebruikelijk, maar begint steeds meer ingeburgerd te raken. Eventuele plaatselijke gidsen bij excursies naar de Chinese Muur of het terracottaleger bij Xi'an verwachten eveneens een bijdrage. Taxichauffeurs en restaurantpersoneel rekenen niet echt op een extraatje, maar stellen het wel op prijs.

Tibet:
Het fooiensysteem is niet echt geïntegreerd in de Tibetaanse samenleving. In de kleine restaurants is het dan ook niet gewoon om een fooi achter te laten. Plaatselijke en nationale gidsen verwachten wel een fooi. Het richtbedrag voor chauffeurs die voor ons werken is 50-75 yuan per dag en voor de lokale gidsen 75-100 yuan per dag, afhankelijk van de reisafstand en in overleg met de reisbegeleider. Dit bedrag geldt namens de gehele groep. 

Nepal:
In de rekeningen van dure restaurants en bars zijn service en (luxe-)belastingen inbegrepen, maar toch wordt een fooi verwacht. In goedkope tentjes wordt door de Nepalezen geen fooi gegeven. Maar als je tevreden bent dan is er niets op tegen dat je nog een fooi achterlaat.

Fotografie

Deze landen zijn kleurrijk en fotogeniek en dus zeker de moeite waard om het op celluloid en video vast te leggen. Wij raden je aan het nodige materiaal voor foto's, dia's, band- of video-opnamen uit België mee te nemen. Niet alle merken zijn namelijk te verkrijgen. Ook is het moeilijk om aan batterijtjes, flitslampjes en onderdelen van de apparatuur te komen. Filmrolletjes van goede kwaliteit zijn echter wel voorhanden. Maar soms worden ze tot na de geldigheidsdatum verkocht, of wordt het materiaal niet op een voldoende koele plaats bewaard. Daarom is 't het beste om voldoende film van huis mee te nemen. Probeer film zo veel mogelijk te beschermen tegen de warmte. Door stijgende temperatuur kan de kwaliteit van het fotografische materiaal achteruit hollen. Met afdrukken kun je het beste wachten tot je terug bent in België, om het risico van een verkeerde behandeling zo veel mogelijk te voorkomen. Neem eventueel een loden zak mee ter bescherming van je rolletjes tegen de röntgenapparatuur op de luchthavens. 

Op de meeste van onze bestemmingen is materiaal voor digitale fototoestellen nog steeds niet of moeilijk te vinden. Neem dus voldoende geheugenkaarten mee. Op sommige reizen is er niet overal electriciteit (zie onder "Electriciteit"), dus neem voldoende batterijen mee, zodat je op belangrijke momenten niet zonder fototoestel komt te zitten.

Over het algemeen hebben Chinezen er geen bezwaar tegen als je foto's van ze maakt. Vaak komen ze zelfs schuchter met hun eigen cameraatje op je af met het verzoek of ze een foto van je met hun vrienden of familie mogen nemen. Tibetanen en Nepali's hebben er ook niet echt bezwaar tegen als je foto's van ze maakt. Vraag vooraf altijd toestemming, en als mensen te kennen geven dat ze er niet van gediend zijn, respecteer dat dan. Foto's en ander materiaal van de Dalai Lama zijn illegaal. Denk er aan dat je jezelf en anderen in gevaar kunt brengen als je zomaar foto's uit gaat delen, hoe goedbedoeld dit ook is. Je loopt gevaar gevangen gezet te worden en zelfs om gedeporteerd te worden. Je maakt mensen in Tibet overigens ook enorm gelukkig met een polaroid foto van henzelf of laat je rolletje ontwikkelen en deel de foto's uit. Je zult zien dat er ineens veel deuren open zullen gaan.

Het maken van foto's en video's van regeringsgebouwen, militaire objecten, grensovergangen, vliegvelden, politie en militaire functionarissen is verboden. Er mag ook niet gefotografeerd worden in de meeste religieuze gebouwen, met name geldt dit voor tempels en kloosters in Tibet. Als het wel mag dan moet er vaak flink voor betaald worden. Hou ook rekening met het feit dat men het wellicht niet zo waardeert als je als buitenlander opnames maakt van de minder mooie of armoedige kanten van het land. Respecteer het ook hier wanneer er bezwaren worden gemaakt.

Gezondheidsvoorschriften

Vooraleer je op reis vertrekt, dien je je huisarts om advies te vragen i.v.m. de nodige inentingen en medicatie die voor jouw reis van toepassing zijn. Maak ruim een maand voor vertrek een afspraak met een vaccinerende instelling of de huisarts. Het is ook verstandig om een kleine reisapotheek mee te nemen. We raden je aan om je vaccinaties pas te halen, als je zeker weet dat je reis doorgaat.

We bevelen voor deze reis alleszins vaccinaties aan tegen DTP (difterie, tetanus en polio), buiktyfus en hepatitis A. We willen benadrukken dat deze lijst indicatief is. Koning Aap Reizen heeft geen medische bevoegdheid. Bovendien kunnen medische voorschriften regelmatig veranderen. Koning Aap Reizen verwijst voor de meest correcte en up to date informatie naar de huisarts en naar het Instituut voor Tropische Geneeskunde. Telefonisch kan je informatie vragen via de Travelfoon op het nummer 0900–10.110. Je kan ook op www.itg.be (onder ‘vaccinaties en malaria-advies per land’) online per land advies opvragen. Bij het Instituut voor Tropische Geneeskunde kun je ook terecht voor je inentingen.

Hoogteziekte
Als je tijdens de reis boven de 2500 meter hoogte komt bestaat de kans op hoogteziekte. Door het zuurstofgebrek wordt de ademhaling versneld en adem je meer vocht uit dan normaal. Daarom moet je boven de 2500 meter veel drinken (drie tot vier liter per dag). Indien je urine donker van kleur is, drink je te weinig. Hoogteziekte treedt meestal op binnen 24-72 uur na het bereiken van een nieuwe hoogte. Hoofdpijn is het belangrijkste symptoom. Daarnaast kunnen vermoeidheid, misselijkheid, lusteloosheid, apathie, duizeligheid en hartkloppingen voorkomen. Deze klachten mag je nooit bagatelliseren, het kan gaan om longoedeem of hersenoedeem. Deze ernstige vormen, gekenmerkt door o.a. kortademigheid, droge hoest en/of verwardheid, kunnen onbehandeld fataal zijn. Iedereen kan deze ziekte krijgen, óók wie over een goede conditie beschikt. Het is belangrijk om bij ernstige klachten naar een lager gelegen plaats af te dalen.
Op plaatsen waar je met het vliegtuig aankomt op een hoogte van meer dan 3000 meter kan de aanpassing aan de hoogte een probleem vormen. Het is belangrijk dat je na aankomst ten minste een dag rust neemt.

Informatie voor thuisblijvers

Zorg ervoor dat achterblijvers weten in welk land je bent en hoe lang je wegblijft, spreek eventueel af wanneer je contact opneemt. Geef je vluchttijden en vluchtnummers door aan degenen die je ophalen van het vliegveld. Koning Aap verstrekt aan derden geen vlucht- of reisinformatie, hotelnamen en telefoonnummers. Eventuele vertragingen kunnen via het informatienummer op Zaventem of via Teletekst worden opgevraagd.

Contactpersonen:
Indien zich noodgevallen tijdens de reis voordoen is het belangrijk dat wij een contactpersoon in België kunnen bereiken. Op het boekingsformulier heb je iemand opgegeven. Het kan gebeuren dat die persoon juist op vakantie is tijdens je reis. Geef in dit geval een tweede persoon op zodat we zeker iemand kunnen bereiken.

Tijdsverschil

Het tijdsverschil tussen China en Tibet en onze zomertijd is 6 uur, tijdens onze wintertijd 7 uur. In Nepal is het vier uur en 45 minuten later dan bij ons. Nepal kent geen zomertijd en dus is het tijdsverschil in de zomer drie uur en 45 minuten.

Veiligheid

China, zowel als Nepal is een redelijk veilig land waar weinig geweldsdelicten tegen buitenlanders voorkomen. Zakkenrollerij komt, met name in de grote steden, wel veel voor. Je moet daarop attent zijn op drukke plaatsen. Stadsbussen en stationspleinen zijn berucht. De vuistregel is: draag je paspoort, vliegticket en travellercheques en het meeste geld onder je kleding in een geldgordel. Zorg voor genoeg handgeld voor de dag op een makkelijker bereikbare plek, zodat je niet en publique in je geldgordel hoeft. Laat nooit geld of waardevolle zaken achter op de hotelkamer.

Winkelen en openingstijden

China en Tibet:
De hieronder genoemde openingstijden zijn niet de precieze tijden, want die kunnen variëren. Het zijn de uren waarop vrijwel alle plaatsen van die categorie in ieder geval geopend zijn.
Bank of China: maandag t/m vrijdag 8.30 - 17.30 uur, tussen de middag gesloten.
Postkantoren: maandag t/m vrijdag 9.00 - 17.00 uur, tussen de middag gesloten.
Musea: dagelijks van 9.00 - 16.00 uur. De wekelijkse sluitingsdag is verschillend.
Winkels: de meeste winkels alle dagen van grofweg 9.00-21.00.
Tijdens de nationale feestdagen is het meeste gesloten: Dag van de Arbeid: 1 mei. Partijdag: 1 juli. Dag van het Volksbevrijdingsleger: 1 augustus. Dag van de Volksrepubliek: 1 oktober.
Nepal:
Vrijdagmiddag en zaterdag vormen het weekend in Nepal en zaterdag is de wekelijkse vrije dag. Overheidsinstellingen, waaronder de kantoren voor toeristeninformatie, zijn dan gesloten. Banken zijn geopend van zo t/m do van 10-14 uur en sommige op vrijdag van 10-12 uur. Geautoriseerde wisselkantoren in Kathmandu zijn dagelijks open van 10-19 uur.
Winkels zijn vaak tot 20 of 21 uur geopend. Sommige internetcafés zijn wat later open.
 

Zoek je reis

Route en andere info

INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen
loading

Reis code: GRBBIN
Waardering: - Info
Groepsgrootte: 6 - 18

Reisroute
1 Delhi
2 Delhi
3 Shekhawati
4 Shekhawati
5 Pushkar
6 Pushkar
7 Jaipur
8 Jaipur
9 Agra
10 Nachttrein naar Varanasi
11 Varanasi
12 Varanasi
13 Lumbini (Nepal)
14 Chitwan
15 Chitwan
16 Pokhara
17 Pokhara
18 Kathmandu
19 Kathmandu
20 Kathmandu
21 Vliegtuig
22 Aankomst Amsterdam/Brussel

Wat is inclusief

  • internationale vluchten
  • regionale vlucht Kathmandu – Delhi
  • alle transport met airconditioned (mini)bus
  • treinreis Agra - Varanasi
  • overnachtingen in hotels waaronder ‘erfgoed’ hotel in Jaipur
  • bezoek Bharatpur en Fatehpur Sikri
  • regiotour in Shekhawati
  • Nederlandstalige reisbegeleiding
  • luchthavenbelastingen
  • brandstofheffing

Wat is exclusief

  • maaltijden
  • optionele excursies
  • alle entreegelden
  • visa
  • fooien
  • boekingskosten
  • bijdrage Calamiteitenfonds (enkel in Nederland)
  • reis- en annuleringsverzekering

Extra
Zakgeld: € 550



Reiservaring: INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen

Diapresentatie van deze reis: INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen

Accommodatie en vervoer: INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen

Print: INDIA EN NEPAL - Groepsreis - 22 dagen