Iran
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Communicatie
Post van Iran naar de Benelux doet er een tot twee weken over. Het beste kun je post in de grote steden op de bus doen.
Tussen de Benelux en Iran is telefoon-, fax- en e-mailverkeer mogelijk. Het landennummer van Iran is +98, voor Nederland +31 en voor België +32. Het netnummer van Teheran is 21. Iran beschikt over een eigen gsm-netwerk. Mobiele telefoons met abonnementen van Nederlandse en Belgische providers werken vaak wel, soms niet. Raadpleeg voor vertrek je provider in verband met belmogelijkheden en kosten.
In de grote steden zijn internetmogelijkheden. De meeste hotels hebben internetaansluiting en er zijn talloze internetcafés, vaak cafénet genaamd, te vinden.
Eten en drinken
Restaurants zijn overal te vinden en maaltijden zijn over het algemeen spotgoedkoop. In Teheran zijn er naast Iraanse restaurants ook andere keukens te vinden zoals Libanees, Thais, Indiaas, Chinees en Japans. Ook zijn er in de meeste steden talloze fastfoodrestaurants en pizzeria’s.
In Iran eet men met vork en lepel. Bij mensen thuis wordt soms aan tafel gegeten, maar vaker op een sofreh (kleed) op de grond. Over het algemeen wordt er twee keer per dag warm gegeten.
Iraanse gerechten zijn zeer mild gekruid. Rijst (chelo of polo) en brood (nan) zijn vast onderdeel van elke maaltijd. Naast de rijst staat er vaak een assortiment van kebabs (gebarbecued vlees) op het menu: kebab-e kubideh (gehakt van lam of rund), joje kebab (kip kebab), kebab-e barg (filet van rund, lam of kip) etc. Daarnaast zijn er verschillende stoofpotjes (khoreshts) met rijst te krijgen zoals ghormeh sabzi, een stoofpot van groente (o.a. spinazie), met stukjes rund, ui en bonen en ghormeh gheimeh, een stoofpotje met stukjes rund, spliterwten, ui en dunne frietjes. Ook aash, een dikke volle soep wordt veel gegeten. Verse vis is voornamelijk te krijgen in de Kaspische- en Perzische kust regio’s.
Het ontbijt (sobhaneh) bestaat uit plat brood (naan-e sangak, naan-e lavash, etc), boter, witte kaas (paneer), jams en walnoten. In Iran is overal vers fruit te vinden; granaatappels, dadels, meloenen, etc, en allerlei soorten noten, waaronder de befaamde pistachenoten.
Iraniërs drinken de hele dag door thee. Suikerklontjes worden daarbij tussen de tanden genomen en de thee naar binnen geslurpt. Koffie wordt minder gedronken en vaak is er alleen Nescafé te krijgen. Maar in de grote steden is er steeds vaker goede koffie te vinden in de hippe coffeeshops, waar ook cappuccino’s geserveerd worden. Bij de maaltijd wordt meestal frisdrank of dough, een yoghurtdrank met koolzuur, zout en kruiden, gedronken. Ook is er alcoholvrij bier, naturel of met een fruitsmaak, te krijgen. Op elke straathoek zijn daarnaast fruit- en milkshake stalletjes te vinden.
Feestdagen
Iran kent tal van religieuze en nationale feestdagen. Belangrijke nationale feestdagen zijn: Dag van de Revolutie: (11 februari), Dag van de Nationalisatie van de olie in 1951 (20 maart), Nowruz, nieuwjaar (21-24 maart), Dag van de Islamitische Republiek (1 april), Sizdahbedar: de dertiende dag van het Iraanse nieuwjaar (2 april), Herdenking van de dood van Khomeini (4 juni), Herdenking van de arrestatie van Khomeini in 1963 (5 juni).
Het begin van Nowruz (letterlijk nieuwe dag), valt samen met het begin van de lente (21 maart). In Iran begint dan tevens het nieuwe jaar omdat de Perzische jaartelling begon op de eerste dag van de lente 622, het jaar dat de profeet Mohammed in Medina het religieuze en wereldlijke gezag in handen kreeg. Het feest van Nowruz dateert al uit de tijd dat Indo-Europese volkeren (de latere Meden en Perzen) zich rond 1500 voor Christus in Iran vestigden. Het feest is echter al eeuwen overgoten met een islamitisch sausje om het als traditie in stand te kunnen houden. Ook de tradities die stammen uit de tijd van het zoroastrisme vinden nog steeds plaats. Zo wordt er op de laatste dinsdag van het oude jaar nog steeds over kampvuren gesprongen, een duidelijke verwijzing naar de goddelijke aanbidding van het vuur van de zoroasters. Tijdens deze gebeurtenissen zingen de mensen tegen het vuur: Geef me jouw rode kleur, dan krijg jij mijn gele kleur. Rood symboliseert gezondheid en geluk, geel ziekte en ongeluk.
De officiële Iraanse kalender is de zonnekalender, die begint op 21 maart en 365 dagen heeft. De zonnekalender is rechtstreeks afgeleid van de oude zoroastrische kalender. Deze telt twaalf maanden, waarbij de eerste zes maanden 31 dagen hebben, de vijf volgende 30 dagen, en de laatste telt 29 of 30 dagen.
De islamitische kalender is gebaseerd op de waarneming van de maan en wijkt daarom af van de telling van de westerse, Gregoriaanse, kalender. Volgens de westerse kalender schuiven de islamitische feestdagen ieder jaar een dag of tien naar voren. De zonne- en maankalender werden in gebruik genomen in het jaar 622 n. Chr. Dit is het begin van de islamitische tijdrekening.
De grootste islamitische feesten zijn de ramadan, het suikerfeest en het offerfeest.
De ramadan (begint 11 augustus 2010) is het belangrijkste islamitische feest. Het feest duurt de hele negende maand van het islamitische jaar en is de vastenmaand. Tijdens deze periode eten, drinken en roken moslims niet tussen zonsopgang en zonsondergang. Vasten is een van de belangrijkste plichten van een moslim. Het is een beproeving van lichaam en geest en wie zich aan de vasten houdt, bewijst duivelse verleiding te kunnen weerstaan en een goede gelovige te zijn. Kinderen (tot hun puberteit), zwangere menstruerende, borstvoeding gevende vrouwen, zieken, reizigers en militairen kunnen worden vrijgesteld.
De ramadan kan leiden tot enig ongemak; veel restaurants zijn dicht; eten, drinken en roken in het openbaar wordt niet op prijs gesteld. Voor toeristen wordt wel gekookt en gezorgd. Het spreekt vanzelf dat je de mensen niet de ogen moet uitsteken door vlak voor hun neus te eten.
Het driedaagse suikerfeest, Eid al-Fitr (10 september 2010), luidt het einde van de ramadan in. Het huis wordt nog een keer gepoetst en de mensen kleden zich zo mooi mogelijk. Iedereen gaat bij elkaar op bezoek om elkaar te feliciteren met een goed volbrachte vastenperiode. Ook de armen krijgen iets extras. Met het suikerfeest begint het bedevaartsseizoen naar Mekka.
Het offerfeest, Eid al-Adha (27 november 2009), begint op de tiende dag van de laatste maand van het jaar. Ter herdenking van Abraham worden op die dag overal schapen geslacht. Abraham was immers bereid zijn zoon aan God te offeren, maar andere religieuze dagen zijn 10 moharram: Ashura, de dood van imam Hussein, de derde sji’itische imam, in 680 in Kerbala en 15 shaban: geboorte van de twaalfde imam; deze verving de jongen op het laatste moment door een schaap.
Gewoonten en gebruiken
Je wordt in Iran geacht je aan de islamitische regels te houden. In het algemeen is het verstandig je als buitenstaander bescheiden op te stellen. Houd je aan de kledingvoorschriften, doe je schoenen uit bij mensen thuis en in moskeeën, loop niet voor biddende mensen langs en ga niet met je rug voor iemand anders staan. Als je een foutje maakt en je je verontschuldigt, zullen er maar weinig Iraniërs zijn die het je kwalijk nemen. In Iran mag meer niet dan wel, en veel Iraniërs overtreden dagelijks wel een regel. Ongetrouwde mannen en vrouwen horen bijvoorbeeld niet met elkaar op stap te gaan, een dagje Teheran laat zien dat de realiteit anders is.
Het wordt vaak afgeraden om met Iraniërs over politiek, islam of andere gevoelige zaken te spreken. Maar je zult snel merken dat Iraniërs zelf vaak geen blad voor de mond nemen. Het is verstandig eerst af te tasten en je gesprekspartner het voortouw te laten nemen.
Seks buiten het huwelijk is in Iran verboden, op buitenechtelijke relaties staan zware straffen. Ook homoseksualiteit is een misdaad in Iran. Openlijke uitingen van affectie kunnen best achterwege gelaten worden, ook tussen mannen en vrouwen. Niet getrouwde stellen mogen officieel geen hotelkamer delen. Bij Iraniërs wordt hier vaak strikt op gelet, bij toeristen meestal niet. Mocht je worden gevraagd of je getrouwd bent, dan is het aan te raden daar bevestigend op te antwoorden.
Tarof, de Iraanse etiquette, is een fenomeen van de Iraanse cultuur dat misschien wel het verst van de Nederlandse af staat. De beleefdheidsvorm is het tegenovergestelde van de Nederlandse directheid. Je zegt niet wat je denkt, je neemt niet zomaar aan wat je wordt aangeboden. Juist omdat tarof een manier is om zowel beleefd als gastvrij te zijn, is het soms moeilijk in te schatten hoe je er als buitenlander op moet reageren. Veel Iraniërs zullen je eten of drinken aanbieden of je uitnodigen om bij hen thuis te komen. In de regel hoor je als je iets aangeboden wordt altijd in eerste instantie te weigeren, pas na de derde keer kun je het aannemen.
Sommige mensen vinden tarof een prettige omgangsvorm, anderen vinden het hypocriet of overbodig. Verwarrend is het in ieder geval wel en het duurt even voor je er aan gewend bent. Veel Iraniërs begrijpen echter dat je als buitenlander de regels van het tarof misschien niet altijd even goed begrijpt.
Islamitische kleding is in Iran verplicht, ook voor toeristen. Tussen het ideaal van de overheid en het daadwerkelijke straatbeeld zit echter vaak een groot verschil. De chador, letterlijk tent, is de lange lap stof waar veel Iraanse vrouwen in gehuld gaan. Deze is niet verplicht, behalve in de heiligdommen, sommige moskeeën en het vrijdaggebed. Meestal kan er op die locaties ook een chador worden geleend.
Officieel behoren alle vrouwen een niet-strak zittende lange jas met lange mouwen (manteau of rupush) en een hoofddoek (rusari) te dragen. In sommige delen van het land, zoals in Noord-Teheran, en delen van andere grotere steden, zijn de vrouwen en meisjes echter modebewust en dragen strakke jassen die tot net over de bil reiken, broeken die de kuit tonen, hoge hakken en hun hoofddoek ergens op het achterhoofd. Mannen horen geen korte broeken of hemden met korte mouwen te dragen, in de praktijk lopen veel Iraanse jongens in T-shirts rond.
Meer informatie over culturele verschillen en omgangsvormen vind je in TE GAST IN Iran (verkrijgbaar in de boekhandel of direct te bestellen via www.tegastin.nl)
Klimaat
Iran is een groot land met verschillende weersomstandigheden. Tijdens het merendeel van onze reis bezoeken we gebieden die onder invloed staan van een landklimaat. Dit betekent dat in de zomermaanden de temperatuur kan oplopen tot 40°C., terwijl er nauwelijks neerslag valt. Dit is echter een droge hitte die beter te verdragen is dan de vochtige hitte in tropische gebieden.
Aan de Kaspische Zee heerst een mediterraan klimaat met iets gematigder temperaturen, maar hier is het wel veel vochtiger. De wintermaanden zijn koud en in de bergen kan de temperatuur dan dalen tot ver onder het vriespunt.
De meest aangename reisperiode is in de maanden maart tot en met mei en september tot en met november. Als je alleen in de zomermaanden naar Iran kunt gaan, dan moet je het dagschema gewoon aanpassen: vroeg opstaan, 's middags lekker lang pauzeren in een theehuis of een koele tuin en aan het einde van de middag weer aan de slag.
Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).
Teheran
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Regen
|
T w
|
|
Januari
|
3
|
6
|
5
|
-
|
|
Februari
|
6
|
7
|
5
|
-
|
|
Maart
|
12
|
8
|
6
|
-
|
|
April
|
19
|
7
|
4
|
-
|
|
Mei
|
24
|
9
|
3
|
-
|
|
Juni
|
30
|
12
|
1
|
-
|
|
Juli
|
33
|
11
|
1
|
-
|
|
Augustus
|
31
|
11
|
1
|
-
|
|
September
|
28
|
10
|
1
|
-
|
|
Oktober
|
21
|
8
|
1
|
-
|
|
November
|
12
|
7
|
4
|
-
|
|
December
|
6
|
6
|
5
|
-
|
Landschap
Iran bestaat uit een centrale hoogvlakte (ongeveer 1000 tot 1600 meter hoog) met immense woestijn- en steppegebieden en grote zoutmoerassen. In het noordwesten liggen de gebergten van Armenië en Azerbeidzjan. De Sabalan (4811 meter) is de hoogste vulkaankegel. De gebergten lopen glooiend uit in beboste heuvels, afgewisseld met weiden en intensief bebouwde vruchtbare vlakten. In het noordwesten zetten de bergen van Azerbeidzjan zich voort in het Albrozgebergte dat een natuurlijke grens vormt tussen Centraal-Iran en de vruchtbare kustvlakten met vooral rijst- en theeplantages van de Kaspische Zee. In het westen en zuiden verheft zich het Zagrosgebergte met een gemiddelde hoogte van 3500 meter. Als gevolg van de hevige erosie van het kalksteen ziet het landschap er vrij ruw uit. Het zuidoosten van Iran bestaat geheel uit woestijn.
Religie
In Iran wonen voor het overgrote deel sjiïtische moslims. Er zijn ook grote minderheidsgroepen waarvan die van de soennitische moslims de meest omvangrijke is. Deze groep bestaat vooral uit Koerden in het noordwesten en Baluchische stammen in het zuidoosten. Daarnaast leven er onder meer christenen en een kleine groep joden in Iran.
Het woord islam betekent letterlijk 'overgave aan de wil van God'. Vijf maal per dag moet de moslim in gebed en spreekt dan de shahada uit. 'La ilaha illa Allah. Muhammudu rasulu Allah.' 'Er is niets goddelijks behalve God. Mohammed is zijn profeet.' Moslims volgen een aantal richtlijnen die bekend staan als de Vijf Pilaren van de islam. De shahada, geloofsbelijdenis, is de eerste en belangrijkste van de vijf pilaren. Voorafgaand aan het gebed worden eerst gezicht, voeten en armen gereinigd. Het ritueel van het bidden, de salat, is de tweede pilaar. Vanaf de minaret wordt aangekondigd wanneer het tijd is voor de salat. De overige drie pilaren zijn: het geven van aalmoezen aan de armen ofwel de plicht tot zakat, het vasten tijdens de heilige maand ramadan, saum genaamd, en de hadj, de bedevaart naar Mekka. Deze vijf pilaren staan in de koran, het heilige schrift van de islam die in de zesde eeuw werd opgetekend door de profeet Mohammed.
De islam werd in de zevende eeuw op het Arabisch schiereiland gesticht door de profeet Mohammed. Op zijn veertigste Mohammed kreeg hij een visioen waarin de stralende engel Gabriël hem de leer Gods meedeelde. Vanaf dat moment begon hij de nieuwe leer te prediken. De profeet keerde zich radicaal af van de geldende cultuur door Allah de hoogste autoriteit te maken en de principiële gelijkwaardigheid van man en vrouw te prediken en haar erfrecht te geven. Slaven die zich bekeerden werden vrijgekocht door zijn volgelingen. Met zijn stichting van de umma, de eenheid van alle gelovigen, doorbrak de profeet de sterk stamgebonden loyaliteit van zijn medemensen. Na elf jaar prediking werd de profeet zijn eigen stad Mekka uitgejaagd. De islam verspreidde zich na zijn dood in het jaar 632. Zijn visioenen en preken werden daarna op schrift gesteld en gebundeld in de koran die twintig jaar na zijn dood gereed was. Nog geen twee eeuwen later hadden het hele Midden-Oosten en Noord-Afrika kennis gemaakt met de nieuwe religie. Naast de visioenen van de profeet, die gelijkstonden aan het woord van God werden zijn preken een belangrijke bron van gezag (de hadith). Verder werden een aantal geboden en verboden gebundeld tot de sharia, het islamitische recht. De islam is in veel opzichten verwant met de christelijke en joodse godsdiensten. Niet alleen de koran wordt door de islamieten als heilig boek beschouwd. Ook de bijbel is belangrijk in deze religie. Abraham of Ibrahim en Jezus ofwel de profeet Isa worden door hen beschouwd als belangrijke profeten. Er is een laatste dag, een hemel en een hel en er zijn duivels en engelen. Alleen kennen zij geen Messias en is de profeet Mohammed de belangrijkste en laatste boodschapper van God geweest.
In principe kunnen alle moslims optreden als imam, de voorganger in het gebed. Ook de muezzin die vijf maal daags oproept tot het gebed is geen beroepsgeestelijke. De belangrijkste verschillen die opvallen wanneer we kerken vergelijken met moskeeën is, afgezien van het verschil in bouwstijl, de afwezigheid in islamitische godshuizen van afbeeldingen van mensen, goden en dieren. De decoraties bestaan uitsluitend uit koranteksten, geometrische figuren en plantenmotieven. De nabootsing van de schepping is godslasterlijk.
Taal
De officiële taal van Iran is het Perzisch (Farsi), een Indo-Europese taal. Het Farsi wordt in het Arabisch schrift geschreven, van rechts naar links. Het alfabet heeft tweeëndertig letters. Naast het Farsi worden er in Iran tal van andere talen gesproken zoals het Koerdisch, Azeri (Turks) en Turkmeens. In de grote steden spreekt men ook Engels, vooral de jongere generatie. Buiten de steden is het handig om een paar woorden Farsi paraat te hebben.
Hallo
Salaam
Afscheid nemen
Goda Hafez
Hoe gaat het met u?
Hale sjoma chetor ast?
Heel goed!
Geeli goeb!
Dank u
Geeli mamnun
Alstublieft
Lotfan
Hoe duur is … ?
In tsjand ast?
Het kost 3000 toman
In sehezar toman ast
Dat is duur/ goedkoop
In geran/ arzan ast
Ja/ nee
Baleh/ na
Ik begrijp het niet
Nemifahman
Het is heel mooi
In geeli qasjang ast
Het is heel lekker
In geeli gosjmaze ast
Ik kom uit Nederland/ België
Holandi/ Belzhiki hastam
Sorry
Babachsjeed
Waar is het restaurant?
Restoran kodjast?
Postkantoor/ bank/ markt
Postganeh/ bank/ bazar
Geld
Poel
Weinig/ veel
Kaam/ ziyad
Naar links/ rechts
Be taraf-e tsjap/ be taraf-e rast
Rechtdoor
Mostaqim
Klein/ groot
Koetsjak/ bozorg
Brood/ eten/ drinken
Nan/ qaza/ nousjidani
Koffie/ thee/ water
Qahweh/ tsjai/ ab
1 yek
2 do
3 se
4 tsjahar
5 pandj
6 sjisj
7 haft
8 hasjt
9 noh
10 dah
11 yazdah
12 davazdah
13 sizdah
14 tsjahardah
15 poenzdah
16 shoenzdah
17 hefdah
18 hedjdah
19 noezdah
20 bist
21 bist-o yek (bist-o do)
30 si
40 tsjehel
50 pandjah
60 sjast
70 haftad
80 hasjtdad
90 nawad
100 sad
200 dewist
300 sisad
1000 hezar
2000 dohezar
10.000 dahhezar
1.000.000 melyoun
Praktische informatie
Ambassades
Ambassade van Iran in Nederland
Duinweg 20, 2585 JX, Den Haag
T 00 31 (0)70 354 84 83 /338 40 00
F 00 31 (0)70 350 32 24
I www.iranianembassy.nl
Ambassade van Iran in België
Franklin Rooseveltlaan 15, 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 627 03 50/ 51
F 00 32 (0)2 762 39 15
I www.iranembassy.be
Ambassade van Nederland in Iran
Darrous, Shahrzad Blvd, Kamasaie Street, First East Lane No. 33 Teheran
T 0098 (0) 21 2256 70 05 / 2256 70 07/ 2256 69 91
F 0098 (0) 21 2256 69 90
I www.mfa.nl/teh-nl
Ambassade van België in Iran
Avenue Shadid Fayazi 155-157, 16778 Teheran
T 00 98 (21) 2204 16 17
F 00 98 (21) 2204 46 08
I www.diplomatie.be/tehrannl
Bagage en kleding
We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) of in een weekendtas. Een koffer raden we af voor onze reizen per openbaar vervoer. Het gewicht van je bagage kan meestal beperkt blijven tot maximaal twaalf kilo per persoon.
Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: waterfles, wasmiddel, reisgids, voldoende fotomateriaal, lakenzak, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje, beker en zakmes.
Vrouwelijke deelnemers zijn verplicht altijd en overal (ook in restaurants en de lounges van hotels) een hoofddoek en een lange, wijdvallende jas tot op de knieën te dragen. Dit geldt ook al voor de vlucht met Iran Air.
Teheran en Isfahan zijn moderne steden en de vrouwen gaan er in verhouding losjes gekleed: een vlotte, moderne lange jas met een losse hoofddoek. Op andere plaatsen worden de kledingvoorschriften soms strenger toegepast. Toch is het dragen van een chador (het gehele lichaam bedekkend zwart 'kleed') ook daar niet noodzakelijk. Alleen voor het bezoeken van de religieuze heiligdommen zoals bijvoorbeeld in Ghom en Mashad is de chador verplicht. Deze chadors kun je in Iran zelf kopen en soms zijn ze bij de ingang van een moskee te leen.
Als je besluit in de zomer naar Iran te gaan, raden we je aan om een katoenen jas te kopen, dit maakt de hoge temperaturen een stuk beter te verdragen. In Iran zijn katoenen jassen nauwelijks te vinden. Voor de hoofddoek geldt dat katoen prettiger is dan synthetisch, omdat daar je haar minder snel statisch van wordt. Voor reizen van enkele weken is het handig om twee jassen mee te nemen, zodat je ze af en toe kunt wassen. Ook kan je ervoor kiezen om ter plekke in de bazaar iets volgens de laatste mode te kopen. Houd er dan wel rekening mee dat veel kleding van synthetische stoffen zijn gemaakt.
Het zal je niet verbazen dat ook mannen zich aan de kledingvoorschriften moeten houden. Korte broeken en bermuda's zijn absoluut verboden.
Je zult in Iran merken dat de hier beschreven kledingvoorschriften soms door de actualiteit wordt ingehaald. Desalniettemin zijn wij van mening dat het geen kwaad kan om toch wat conservatiever gekleed te gaan. Het verleden heeft namelijk bewezen dat de kledingvoorschriften ook plotseling weer strenger kunnen worden. Daarnaast dwing je hiermee vaak meer respect af bij de bevolking.
Verder raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag).
Aangezien alcohol een absoluut taboe is in Iran, is het uiteraard ook verboden om alcohol mee te nemen naar dit land.
Electriciteit
De netspanning in Iran is 220 volt. Een adapter of een verloopstekker is niet nodig. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van www.kropla.com.
Fooien
Het geven van fooien is in Iran vanzelfsprekend. Met name in restaurants, in cafés, bij kruiers en gidsen is het de gewoonte om een fooi van 5 à 10 procent te geven. Aan taxichauffeurs wordt bijna nooit fooi gegeven.
Fotografie
Wees terughoudend met het nemen van foto?s tijdens religieuze gebeurtenissen. In musea is fotograferen meestal verboden, hoewel een kleine financi?le bijdrage soms wonderen kan doen. Het is strikt verboden om van militairen objecten zoals militaire controleposten, vliegvelden en bruggen opnames te maken.
Als je mensen wilt fotograferen, doe het dan met respect. Vrouwen laten zich niet graag door mannen fotograferen. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Ze kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto.
Gezondheidsvoorschriften
Voor Iran worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter, een vaccinatieafdeling van de GGD, het Tropencentrum AMC in Amsterdam of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam. Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor meer informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere: www.gezondopreis.nl.
Invoerbepalingen
Volwassenen personen mogen belastingvrij 200 sigaretten, 50 sigaren of 225 gram tabak het land invoeren. Je mag uiteraard geen alcohol of tijdschriften met ’onzedelijke afbeeldingen’ invoeren. Bij aankomst in Iran moet je een inreisdocument met persoonsgegevens invullen. Je krijgt een kopie met een stempel van dit document terug die je goed moet bewaren voor de terugreis.
Tijdsverschil
In Iran is het in de zomer anderhalf uur later dan in Nederland en België, in de winter is dat tweeënhalf uur.
Veiligheid
Iran is een bijzonder veilige reisbestemming. Straatcriminaliteit komt weinig voor, hoewel er in grote steden als Teheran en Isfahan een toenemend aantal diefstallen wordt gemeld. Het is raadzaam je paspoort in bewaring van de receptie van je hotel te geven en een kopie op zak te houden. Pronk niet met kostbare juwelen of dure filmapparatuur.
Bepaalde gebieden van Iran worden afgeraden te bezoeken. In delen van Sistan-Balouchistan en Kerman zijn drugsbendes actief, de veiligheid is hier aanzienlijk minder dan in de rest van het land. Het is verstandig voor vertrek de actuele reisadviezen van het ministerie van Buitenlandse Zaken te raadplegen. Zie www.minbuza.nl en www.diplomatie.be.
Het verkeer in Iran is zeer gevaarlijk, vooral in de steden. Voetgangers moeten goed oppassen bij het oversteken. Ook het verkeer tussen de steden is gevaarlijk. Er wordt hard gereden en de wegen zijn niet overal even goed. Zelf rijden wordt afgeraden. Een ongeval met dodelijke afloop kan zeer vervelende gevolgen hebben: arrestatie van de chauffeur, inbeslagname van de auto en veroordeling tot het betalen van bloedgeld, een hoge geldboete.
Winkelen en openingstijden
Vrijdag is de wekelijkse vrije dag en zijn alle officiële instanties, banken en winkels gesloten. Soms is ook de donderdagmiddag een vrije middag. De meeste winkels zijn geopend van 09.00 uur tot laat in de avond. Tussen 13.00 en 16.00 uur is bijna alles gesloten.
Kazachstan
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Kazachstan heeft een oppervlakte van 2.717.300 km² (65 maal Nederland; 89 maal België). Het land telt ruim 15 miljoen inwoners (schatting 2005) waarvan ongeveer 40 procent op het platteland woont. Kazachstan is economisch het meest ontwikkeld van de Centraal Aziatische landen. Het land beschikt over grote hoeveelheden brandstofreserves, mineralen en metalen. De olie- en gasindustrie is momenteel sterk groeiende door de grote instroom van buitenlandse investeringen en de recente vondsten van velden in de Kaspische Zee. Naast de bloeiende energiesector neemt ook de agrarische sector met de tarweproductie een belangrijke plaats in. In de afgelopen jaren zijn de tegenstellingen tussen de regio’s, tussen stad en platteland en tussen arm en rijk echter fors toegenomen. Het deel van de bevolking dat onder de armoedegrens leeft is sterk gedaald. Aangenomen wordt dat nu ongeveer 19 procent van de bevolking onder de armoedegrens leeft.
Kazachen stammen af van Turkse nomaden, die al duizend jaar het steppegebied tussen de Volga en Tian Shan domineren. Eeuwenlang trokken ze met hun paarden, kamelen, schapen en geiten door de immense grasvlakten. Door hun nomadisch bestaan hebben de Kazachen in tegenstelling tot de Tadzjieken en Oezbeken, geen geschreven literatuur. De Kazachse cultuur vindt haar oorsprong in de vertelkunst. Het contact met de Russen bracht daar verandering in. Het nomadisme werd net als in Kirgizstan aan banden gelegd en er ontstond in de loop van de negentiende eeuw een Kazachse intelligentia. Slechts iets meer dan de helft van de bevolking (55 procent) is etnisch Kazach. De rest bestaat uit Russen (28 procent), Oekraïners (4 procent), Duitsers (2 procent), Oezbeken (2 procent) en overige (9 procent). De meeste Kazachen wonen in het armere zuiden op het platteland, de Russen wonen met name in het rijkere, geïndustrialiseerde noorden.
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov was tot zijn overleiden in 2006 de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeerde sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Kazachstan heeft een oppervlakte van 2.717.300 km² (65 maal Nederland; 89 maal België). Het land telt ruim 15 miljoen inwoners (schatting 2005) waarvan ongeveer 40 procent op het platteland woont. Kazachstan is economisch het meest ontwikkeld van de Centraal Aziatische landen. Het land beschikt over grote hoeveelheden brandstofreserves, mineralen en metalen. De olie- en gasindustrie is momenteel sterk groeiende door de grote instroom van buitenlandse investeringen en de recente vondsten van velden in de Kaspische Zee. Naast de bloeiende energiesector neemt ook de agrarische sector met de tarweproductie een belangrijke plaats in. In de afgelopen jaren zijn de tegenstellingen tussen de regio’s, tussen stad en platteland en tussen arm en rijk echter fors toegenomen. Het deel van de bevolking dat onder de armoedegrens leeft is sterk gedaald. Aangenomen wordt dat nu ongeveer 19 procent van de bevolking onder de armoedegrens leeft.
Kazachen stammen af van Turkse nomaden, die al duizend jaar het steppegebied tussen de Volga en Tian Shan domineren. Eeuwenlang trokken ze met hun paarden, kamelen, schapen en geiten door de immense grasvlakten. Door hun nomadisch bestaan hebben de Kazachen in tegenstelling tot de Tadzjieken en Oezbeken, geen geschreven literatuur. De Kazachse cultuur vindt haar oorsprong in de vertelkunst. Het contact met de Russen bracht daar verandering in. Het nomadisme werd net als in Kirgizstan aan banden gelegd en er ontstond in de loop van de negentiende eeuw een Kazachse intelligentia. Slechts iets meer dan de helft van de bevolking (55 procent) is etnisch Kazach. De rest bestaat uit Russen (28 procent), Oekraïners (4 procent), Duitsers (2 procent), Oezbeken (2 procent) en overige (9 procent). De meeste Kazachen wonen in het armere zuiden op het platteland, de Russen wonen met name in het rijkere, geïndustrialiseerde noorden.
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov was tot zijn overleiden in 2006 de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeerde sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Communicatie
Post naar de Benelux doet er zeker twee weken over en is niet altijd even betrouwbaar. Een ander probleem is het vinden van postkaarten, ze zijn soms verkrijgbaar in de toeristische plaatsen en in de grotere hotels.
Internationaal bellen kan in de meeste hoofdpostkantoren in de grotere steden maar is een tijdrovende zaak. Een gesprek moet eerst worden afgerekend (per minuut), vervolgens wordt het nummer voor je gedraaid en krijg je, na enig wachten, te horen bij welk toestel je moet zijn (vooral in Kirgizstan en Oezbekistan). Particuliere telefoonkantoren werken over het algemeen sneller en zijn goedkoper. In de grotere steden in Kazachstan heb je telefooncellen waar vandaan je met een telefoonkaart kunt bellen. Telefoonkaarten zijn te koop bij het postkantoor en bij de kiosken op straat. De meeste luxe hotels hebben hier een businesscentrum met mogelijkheden tot bellen en faxen. In Ashgabat (Turkmenistan) is het internationale telefooncentrum de beste plek om te bellen. Het internationale landennummer van Kazachstan is 007; van Kirgizstan 00996; van Oezbekistan 00998; van Turkmenistan 00993; van Nederland 0031 en van België 0032. Of je mobiel kunt bellen is afhankelijk van je abonnement, toestel en de situatie per land. Houd er rekening mee dat er geen of nauwelijks dekking is in de afgelegen (berg)gebieden. Informeer voor vertrek bij je provider wat de mogelijkheden en kosten zijn.
Internetcafés zijn er in de grote steden en toeristische plaatsen.
Eten en drinken
Het eten in Centraal-Azië zal voor de meeste reizigers geen cultureel hoogtepunt zijn. Er is niet veel variatie en het eten is voor onze begrippen nogal vet.
Het ontbijt in de meeste hotels bestaat uit een ontbijtbuffet met thee, koffie, brood, pannenkoekjes (blinsjikis), eieren, jam, fruit en tvarok (een soort kwark) of kefir (een soort karnemelk) en melk.
Traditioneel eten kan het beste ‘s middags in een chaikhana's (theehuizen) of eethuisje. Thee, zwart of groen, haal je bij de theeman die een grote samovar heeft waaruit hij de theepotten vult met gekookt water. Vervolgens loop je langs verschillende stalletjes die ieder hun eigen gerechten verkopen. Leposhka’s, de ronde broden die op iedere straathoek verkocht worden, vormen een onderdeel van iedere maaltijd. Leg ze nooit met de versierde bovenkant naar beneden want dat betekent dat je het eten niet waardeert. Zakoeskie zijn koude voorgerechtjes en salades zoals rode bieten salade of kwark met radijsjes en bieslook. Plov, het standaardgerecht in heel Centraal-Azië, is rijst met schapenvlees, uien, wortels en rozijnen gebakken in schapenvet. Laghman is een noedelspoep waarvan de samenstelling nogal kan verschillen maar er zit altijd schapenvlees en groenten in. Shurpa is een vettige soep met een homp vlees en groenten. Erg populair zijn sjasliks, stukjes schapenvlees aan het spies. Vooral de stukjes onverteerbaar vet tussen het vlees zijn de delicatesse bij de plaatselijke bevolking. Sjasliks eet je samen met uien, azijn en brood. Tussendoortjes zijn: manti, gestoomd deeg met een vlees- of groentevulling vlees; somsa, broodjes uit de oven, gevuld met uien en vlees; pelmeni, een soort van ravioli en pierosjki, een soort platte oliebol soms gevuld met aardappel.
Daarnaast zijn er restaurants waar overwegend Russisch eten geserveerd wordt zoals borsjt (bietensoep), bifsteks (gehakt), bief stroganoffs (vlees in een sausje) en kotelet (gepaneerd vlees).
In de grotere steden heb je tegenwoordig de keuze uit restaurants met een internationale keuken zoals Indiaas, Italiaans, Chinees of Koreaans. Ook liefhebbers van fastfood komen hier aan hun trekken. Voor vegetarische reizigers zijn het niet de meest ideale landen maar je kunt overleven. Plov en laghman kunnen soms zonder vlees besteld worden, daarnaast is er een uitgebreide assortiment aan salades en zakoeskie (koude voorgerechtjes). Het beperkte aanbod aan vegetarisch eten heeft niets te maken met een gebrek aan groenten en fruit; de bazaars zijn er vol van. Eten zonder vlees is geen eten, vindt men. Het beste eten wordt bij de mensen thuis gemaakt, dus grijp je kans als je uitgenodigd wordt.
Bij het eten worden mineraalwater en frisdranken geserveerd. Koffie is niet altijd verkrijgbaar dit in tegenstelling tot thee dat overal en altijd gedronken wordt. Wodka is er in alle soorten en maten, evenals Oezbeekse champagne en cognac. Lokale wijn is moeilijker te krijgen en lijkt vooral op port. Kwas is een soort licht alcoholisch drankje gemaakt van oud brood en gist. Westers bier is bijna overal te koop terwijl het lokale bier veel moeilijker te vinden is. De nationale drank van Kirgizstan is koumis, licht alcoholische paardenmelk. Het wordt meestal door nomaden langs de kant van de weg verkocht en smaakt een beetje naar waterige karnemelk.
In heel Centraal-Azië moet je geen water uit de kraan drinken. Flessen water is bijna overal te koop.
Feestdagen
Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan kennen tal van nationale feest- en herdenkingsdagen om onafhankelijkheid, oorlogen en martelaars te herdenken. Daarnaast zijn er de islamitische feesten zoals het suikerfeest na afloop van de ramadan (10 september 2010) en het offerfeest (17 november 2010). Tijdens de vastenmaand (vanaf 11 augustus 2010) blijft het openbaar leven functioneren en grote delen van de bevolking doen er niet aan mee.
Nowruz (21 maart) is een wijdverspreid feest dat vooral in Iran, maar ook in Centraal-Azië gevierd wordt. Het is het feest van het begin van de lente (in Iran ook het begin van het nieuwe jaar). Een paar dagen voor Nowruz is het tijd voor khashar; ervoor zorgen dat alle woningen, steden en dorpen er netje uit zien.
Kazachstan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Overwinningsdag (9 maart); Dag van de Hoofdstad (10 juni); de verjaardag van Astana als hoofdstad; Dag van de Grondwet (30 augustus); Dag van de Republiek (25 oktober); Onafhankelijkheidsdag (16 december).
Kirgizstan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Russisch-orthodox kerstmis (7 januari); Internationale vrouwendag (8 maart); Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Grondwet (5 mei); Dag van de Overwinning (9 mei) wordt het einde van de tweede wereldoorlog gevierd; Dag van het leger in Kirgizstan (29 mei); Onafhankelijkheidsdag (31 augustus).
Oezbekistan: Nieuwjaarsfeest (1 januari); Internationale Vrouwendag (8 maart) op deze dag krijgen vrouwen en meisjes cadeautjes, bloemen en kaarten. Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Overwinning, einde van de tweede wereldoorlog (9 mei); Onafhankelijkheidsdag (1 september), deze dag wordt groots gevierd met markten waar snoep verkocht wordt, muziek- en dansvoorstellingen en vuurwerk. Het initiatief tot de viering komt echter vooral van de overheid, die een bijzondere waarde hecht aan deze dag; Dag van de Grondwet (8 december).
Turkmenistan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Remembrance Day (12 januari); Vlaggendag (19 februari), verjaardag van de president; Internationale vrouwendag (8 maart); Paardendag (27 april); dag van de Overwinning (9 mei), Dag van ‘Revival & Unity’ (18 mei); Dag van het gedicht Magtymguly (19 mei); Tapijtendag (25 mei of de laatste zondag in mei), Dag van de verkiezingen van de eerste president (21 juni), Meloendag (10 juli); Turkmenbashi Dag ( 14 juli); Dag van de herinnering van aardbeving in 1948 ( 6 oktober);Onafhankelijkheidsdag (27-28 oktober); Studenten jongerendag (17 november); Brooddag (30 november); Goede burendag (7 december); Neutraliteitsdag (12 december).
Gewoonten en gebruiken
Kazachen, Kirgiezen, Oezbeken en Turkmenen zijn zeer gastvrije mensen. Een gast mogen ontvangen is in deze regio een hele eer daarom geef je hem zonder meer alles, ook al heb je zelf niets. Dat is voor westerlingen soms moeilijk te accepteren, maar deze gastvrijheid weigeren is zoiets als grafschennis. Probeer ervan te genieten en het te honoreren door bijvoorbeeld van al het eten of drinken dat je aangeboden wordt tenminste een kleinigheid te proeven.
Wanneer je bij iemand thuis uitgenodigd wordt, neem dan een cadeautje mee zoals een bos bloemen of doos bonbons. In huis dien je je schoenen uit te trekken, meestal krijg je pantoffels aangeboden. Vermijd het om met je schoenen op de dastarkhan, het kleed dat als een soort tafel dient, te stappen. Zorg er ook voor dat terwijl je zit, je voetzolen niet naar iemand wijzen. Eet met je rechterhand en probeer daar ook alles mee aan te pakken, de linkerhand is volgens moslims onrein.
Thee is het eerst dat je aangeboden krijgt als je ergens te gast bent. Het is het teken van gastvrijheid en je drinkt het uit theekommetjes (pyala’s). Thee wordt in grote theepotten gezet en drie maal teruggeschonken in de kop voordat het opgedronken mag worden. De theekommetjes worden nooit helemaal volgeschonken, want dat betekent dat iemand onwelkom is en moet opstappen. Wanneer de thee te warm is, blaas er dan niet in maar draai de thee in de kom voorzichtig rond. Brood is heilig in Centraal-Azië. Leg brood niet op de grond, niet met de onderkant naar boven en gooi het niet weg. Als iemand je een kopje thee aanbiedt en je hebt er geen tijd voor, zal hij je in plaats van thee brood aanbieden. Breek er in ieder geval een stukje vanaf en bedank met het gebruikelijke dankteken, de amin. Beide handpalmen worden boven het gezicht geheven en vervolgens wordt langzaam een neergaande beweging langs de wangen gemaakt.
Voor mannen is het schudden van handen een veelvuldige bezigheid in Centraal-Azië en een teken van warmte en vriendschap. Ook leggen veel mannen hun rechter hand op hun hart en buigen naar voren. Goede vrienden schudden elkaar de hand door de handpalmen in elkaar te leggen terwijl de duim naar boven steekt. Er wordt niet gedrukt of geknepen. Vrouwen schudden over het algemeen geen handen. Ze raken de schouders van elkaar aan met de rechterhand en aaien er zachtjes overheen. Jonge vrouwen kussen oudere vrouwen vaak op hun wang als teken van respect.
De traditionele kleding van Oezbeekse mannen bestaat uit lange, kleurige gestreepte jassen (chapans) en wijde broeken die bij de kuiten uit hoge laarzen poffen. Tegenwoordig zie je alleen nog oude mannen met deze kledij rondlopen. Op hun hoofd dragen ze een doppa (tsjoebeteika). Deze geborduurde hoofddeksel komen oorspronkelijk uit de Fergana en zijn in de loop der eeuwen overgenomen door alle Oezbeekse clans. Vroeger had ieder clan zijn eigen motieven op de doppa, tegenwoordig is de zwarte doppa met peperboomvruchten het symbool van de Oezbeekse man. Vrouwen dragen overwegend bonte zijde jurken, vaak met een kleurige broek. Hun hoofd bedekken ze met gebloemde hoofddoeken, soms dragen ze ook een doppa. Als de doppa wit is betekent het dat de vrouw nog ongehuwd is.
In Kirgizstan dragen de mannen een alkalpak, een witte vilten hoed, op hun hoofd. Op het platteland en in de bergen dragen de vrouwen vaak kleurige wijde jurken met een hoofddoek om hun hoofd. In de steden kom je deze kledij bijna niet meer tegen. Ook in Turkmenistan zie je een groot verschil tussen platteland en stad. Fleurige jurken en de telpek (het traditionele hoofddeksel van schapenwol voor de man) zie je vooral buiten de steden. In alle Centraal-Aziatische landen gaat de meerderheid van de bevolking westers gekleed. Houd er bij de keuze van je kleding rekening mee dat je door een overwegend islamitisch gebied reist.
De meeste moskeen zijn gesloten voor niet-moslims. Als je toch binnen mag, dien je je schoenen uit te doen en je armen en benen te bedekken en iets op het hoofd (vrouwen) te doen. Vrijdag is de islamitische zondag. Tijdens het vrijdagmiddaggebed mogen niet-moslims vaak niet in de moskee komen. Leid een moslim niet van zijn gebed af en loop niet voor hem langs terwijl hij aan het bidden is. Zijn verbinding met Mekka wordt dan doorbroken en zijn gebed ongeldig.
Tijd is een relatief begrip in Centraal-Azië, met afspraken neemt men het niet zo nauw.
Isriq, de heilige rook, kom je in heel Centraal-Azië tegen op markten, stations en parken tegen.
Nog steeds worden in Kirgizstan bruiden geschaakt (ontvoerd). Het ontvoeren van jonge bruiden is een nomadische traditie en neemt vooral de laatste jaren toe vanwege de economische crisis. De kosten van een bruiloft en de hoge bruidschat, veelal paarden, zijn te hoog geworden. Officieel is het schaken van bruiden ruim tien jaar geleden verboden maar vervolgd wordt bijna nooit iemand. Zeker de helft van de Kirgizische huwelijken volgt op een ontvoering, in tweederde van de gevallen tegen de wil van de bruid in.
Klimaat
Kazachstan heeft een landklimaat met sterke contrasten. In het noorden ligt de gemiddelde temperatuur in januari rond min 18° C, in juli rond 19° C (hoewel het noordoosten veel warmer kan zijn). De winters duren lang, van eind oktober tot midden april. In het zuiden is het in januari gemiddeld min 3° C,in juli 30° C. Tijdens de zomer heerst in de berggebieden een aangename temperatuur van rond de 25° C. De hoeveelheid neerslag varieert per gebied. In de berggebieden is de gemiddelde neerslag 1600 mm, in de woestijn 100 mm. Beste reisperiode is van juni tot en met september.
Oezbekistan heeft een landklimaat. De zomers (van mei tot oktober) zijn droog en heet met een gemiddelde temperatuur in juli van 32 graden (overdag kan het zo’n 35 graden tot 45 graden zijn). Dankzij de lage luchtvochtigheid zijn deze hoge temperaturen toch nog goed te verdragen. De winters lopen van november tot februari en kunnen zeer koud zijn met temperaturen tot 40 graden onder nul . Regen valt er weinig en als die valt is dat vooral in de bergen en in het oosten van de Ferganavallei. In de nazomer, begin oktober, kan er vooral in berggebieden ook regen vallen. De beste reisperiode is in het voorjaar (april- mei) of in het najaar (september-oktober).
Kirgizstan heeft een berg- en landklimaat met forse verschillen tussen de laag- en hooggelegen gebieden. In de valleien is de gemiddelde temperatuur in juli 28 graden en in januari min18 graden. Tijdens de zomer heerst in de berggebieden een zeer aangename temperatuur van rond de 25 graden. In de winter is het in heel Kirgizstan erg koud. De meeste neerslag valt in het voor- en najaar maar ook in de zomer kan er een bui vallen. Beste reisperiode is van juni tot en met september.
Turkmenistan heeft een landklimaat. De zomers zijn extreem warm en de winters koud. De gemiddelde temperatuur is in januari vier graden onder nul, de temperaturen kunnen in de winter echter dalen tot min 33 graden. De gemiddelde temperatuur is in juli 28 graden, de temperaturen kunnen echter stijgen tot 50 graden. De neerslag is over het algemeen het hele jaar door gering. Beste reisperiode is het voorjaar (april-mei) en najaar (september-oktober).
Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing.
TASHKENT
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Neerslag
|
T w
|
|
Januari
|
0
|
4
|
7
|
-
|
|
Februari
|
4
|
4
|
6
|
-
|
|
Maart
|
9
|
5
|
7
|
-
|
|
April
|
15
|
8
|
6
|
-
|
|
Mei
|
22
|
10
|
5
|
-
|
|
Juni
|
26
|
12
|
3
|
-
|
|
Juli
|
28
|
13
|
1
|
-
|
|
Augustus
|
26
|
12
|
1
|
-
|
|
September
|
22
|
10
|
1
|
-
|
|
Oktober
|
14
|
8
|
3
|
-
|
|
November
|
8
|
5
|
5
|
-
|
|
December
|
4
|
4
|
6
|
-
|
BISHKEK
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Regen
|
T w
|
|
Januari
|
-7
|
4
|
7
|
-
|
|
Februari
|
-5
|
4
|
7
|
-
|
|
Maart
|
2
|
5
|
11
|
-
|
|
April
|
11
|
7
|
11
|
-
|
|
Mei
|
18
|
8
|
11
|
-
|
|
Juni
|
22
|
9
|
10
|
-
|
|
Juli
|
24
|
10
|
9
|
-
|
|
Augustus
|
23
|
10
|
5
|
-
|
|
September
|
18
|
8
|
5
|
-
|
|
Oktober
|
10
|
6
|
7
|
-
|
|
November
|
2
|
4
|
8
|
-
|
|
December
|
-3
|
4
|
9
|
-
|
Landschap
Kazachstan is een uitgestrekt plateau dat afloopt van het oosten naar het westen. Het uiterste noorden is eveneens laag en ligt zelfs beneden de 200 meter. Langs de grens met China en Kirgizstan liggen het Altai- en Tian Shangebergte met bergtoppen tot boven 4000 meter. In het zuiden liggen woestijnsteppen en woestijn. Van noord naar zuid, langs de rivieren en aan de voet van de bergen vind je grassteppen met tsjernosem (löss, zwarte bodem) die ontgonnen zijn voor de akkerbouw.
Kirgizstan bestaat voor ongeveer negentig procent uit bergen. Bijna de helft daarvan ligt boven de 3000 meter, waarvan driekwart bedekt is met eeuwige sneeuw en ijs. De meeste bergen behoren tot de Tian Shan 'Hemelse Bergen' in het zuidoosten of zijn uitlopers daarvan. Piek Pobeda is met een hoogte van 7439 meter de hoogste berg. Slechts een aantal dalen ligt onder de 1000 meter zoals het Chuy- en Talasdal en de rand van het Ferganabekken. Kirgizstan is bezaaid met bergmeren waarvan Issyk-Kul het grootste is. Zo’n tachtig grotere en kleinere rivieren komen in dit meer uit. In de bosrijke berggebieden leven beren, wilde zwijnen, vossen, wolven, dassen en lynxen en in de meren en rivieren zwemmen forellen en karpers. Het land heeft naar men zegt de op een na grootse populatie aan sneeuwluipaarden, een aantal dat drastisch daalt door de jacht.
Oezbekistan bestaat voornamelijk uit woestijn en semi-woestijn. Het uitgestrekte laagland in het westen bestaat uit de Kyzylkumwoestijn (rode zand) en de oase Choresem aan de beneden loop van de rivier Amu Darja. Hier leven gazellen, dromedarissen en kamelen, slangen en schorpioenen. In het uiterste westen ligt het Aralmeer en het Ustjurtplateau. De Amu Darja en de Syr Darja zijn de twee grootste rivieren van Oezbekistan; ze vinden hun oorsprong in de bergketens ten oosten van Oezbekistan. Het oosten bestaat uit het grootste gedeelte van het Ferganabekken en de uitlopers van de Tian Shan en Zerafshanketen met pieken tot 4500 meter hoog. Het berggebied is de thuishaven van beren, lynxen, berggeiten en zelfs de sneeuwluipaarden. Het vruchtbare en dichtbevolkte Ferganabekken wordt aan alle kanten omringd door bergketen en rivieroases. Deze vallei (300 kilometer lang, 170 kilometer breed) is de grootste vallei van Centraal-Azië. In Oezbekistan is veel van de oorspronkelijke woestijn in cultuur gebracht. Uit irrigatiekanalen die door de rivieren Amu Darya en Syr Darya worden gevoed, stroomt water de woestijn in waardoor het eens zo barre landschap veranderde in vruchtbare katoenvelden. Deze irrigatie heeft een ecologisch drama tot gevolg gehad. Het Aralmeer, waarin de twee rivieren uitmonden, is 70 procent ingekrompen en zal, als de irrigatie zo wordt voortgezet, in 2020 verdwenen zijn.
Turkmenistan ligt voor het merendeel beneden de 200 meter en bestaat voor het grootste gedeelte uit de Karakumwoestijn (zwarte woestijn met steeds veranderende zandduinen). Alleen het Kopet Dag gebergte langs de grens met Iran, en het Karabilplateau langs de grens met Afghanistan liggen boven de 500 meter. Het gebied langs de Kaspische Zee ligt beneden de zeespiegel. De rivieren Murgab en de Hari Rud lopen dood in de woestijn.
Religie
Officieel is het merendeel van de bevolking in Centraal-Azië islamitisch (soennitisch). Slechts een klein percentage is echt praktiserend en zeker niet fundamentalistisch. In Kazachstan is ongeveer de helft van de bevolking moslim, de andere helft is Russisch-orthodox. In Kirgizstan is 75 procent moslims en zo’n 20 procent Russisch-orthodox. In Oezbekistan en Turmenistan is ongeveer 90 procent moslim en 10 procent Russisch-orthodox.
Tot de oudste religieuze voorstelling van Centraal-Azië hoort de vuurreligie. Vuur had voor de animistische nomadenvolkeren grote betekenis. De vuurgodheid beschermde de yurt (ronde tent) en de bewoners ervan. De leer van de Perzische profeet Zoroaster waarin de kracht van licht werd verheerlijkt, had daarom een breed draagvlak in heel Centraal-Azië. Met de komst van de Arabieren in de zevende eeuw werden alle andere godsdiensten verwijderd en verdween ook het zoroastrisme dat tot dan staatsgodsdienst was. Na het vertrek van de Arabieren bleef de islam. Buchera werd in de tiende eeuw zelfs een van de belangrijkste centra in de islamitische wereld. Pas na de komst van de Russen kwam de islam in de verdrukking. Veel moskeen en madrasa’s werden gesloten; de sluier, gearrangeerde huwelijken en pelgrimstochten naar Mekka werden verboden. Ondanks deze verboden werd de islam ondergronds in leven gehouden en bleven gebruiken als het arrangeren van huwelijken en het betalen van een bruidsschat behouden. Pas na de onafhankelijkheid nam de religieuze vrijheid toe. Overal werden moskeeën en madrasa’s opgeknapt en nieuwe gebouwd. Minderheden kunnen hun Russisch-orthodoxe kerk of synagoge bezoeken. De Oezbeekse regering wil niets te maken hebben de islamitisch-fundamentalistische groeperingen, die terug willen naar een conservatieve islamitische regering. Deze groeperingen zijn officieel verboden maar hebben veel aanhang in de Ferganavallei waar regelmatig onlusten de kop opsteken.
Van de twee grote stromingen binnen de islam, de soennieten en sjiieten, heeft de soennitische de meeste aanhang in Centraal-Azië.Toen Mohammed in 632 overleed ontstonden er twisten onder zijn volgelingen; er was geen opvolger aangewezen. In de directe familie van de profeet werd de opvolger gekozen, maar de aangetrouwde tak kon daarmee niet instemmen. De soennieten (soenna betekent gewoonte, het is de tot norm verheven handelswijze van de profeet) erkennen de eerste vier kaliefen (de opvolgers van Mohammed, wereldlijke bestuurders, geen geestelijken) aangezien deze uit de stam van Mohammed gekozen zijn. De sjiieten zijn de aanhangers van kalief Ali ibn Aboe Talib (sjiat betekent de partij van Ali), schoonzoon van Mohammed. Zij vinden de drie kaliefen niet legitiem. Bovendien erkennen zij de kalief niet als geestelijke autoriteit, dat is voor de imam.Vaak wordt gedacht dat de soennieten in tegenstelling tot sjiieten, per definitie tegen het maken van afbeeldingen zijn, omdat dit een nabootsing van Allah’s werk zou betekenen en het dus hovaardig is. De soennieten hebben een bedoeïenen achtergrond en bedoeïenen stonden huiverig tegenover het maken van afbeeldingen van levende wezens, omdat ze bang waren dat die daadwerkelijk tot leven zouden kunnen komen.De cultuur van de sjiieten is geworteld in een pre-islamitische traditie (vuuraanbidding), waarbij figuratie in de kunst een grote rol speelt. Bij islamitische architectuur in Oezbekistan komen zowel figuratieve als abstracte taferelen voor. Op de majolica-tableaus boven de toegangspoort van de madrasa’s in Buchera en Samarkand staan reigers en leeuwen (de leeuwen getuigen nog van de zonnesymboliek uit de pre-islamitische tijden). Daar tegenover bevinden zich madrasa’s met abstracte patronen en koranverzen.
De Kirgiezen en de Kazachen zijn relatief laat (zestiende eeuw) tot de islam bekeerd. Vooral de Kirgiezen hebben hun pre-islamitische, sjamanistische invloeden behouden. Sjamanen zijn religieuze specialisten in kleine, los georganiseerde samenlevingen. Ze vormen een medium tussen de wereld van geesten en deze wereld. Het genezen van zieken en het waarzeggen behoren tot hun belangrijkste taak. Het in contact komen met het bovenaardse door het uitvoeren van rituelen zie je tegenwoordig terug. Op veel plaatsen zie je reepjes stof die geknoopt zijn aan bomen en struiken. Zo probeert men de wens via de twijgen die naar de hemel wijzen, door te sturen naar het bovenaardse.
Kirgiezen worden begraven op begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken.
Taal
Het Kazachs is een Turkse taal met een Cyrillisch alfabet. In Kazachstan spreken net zo veel mensen Kazachs als Russisch. Vooral in de grote steden en in het zakenleven lijkt iedereen Russisch te spreken. Het Kazachs wordt vooral gesproken door de etnische Kazachen op het platteland.
Het Kirgizisch is eveneens een Turkse taal met een Cyrillisch alfabet. Kirgizstan is net als Oezbekistan en Turkmenistan bezig om over te gaan op het Latijnse schrift. Het land heeft twee officiële staatstalen het Russische en het Kirgizisch.
In Oezbekistan is de officiële taal Oezbeeks, een taal die tot de Turkse taalfamilie hoort. Oorspronkelijk maakte het Oezbeeks gebruik van het Arabische schrift, van 1929 tot 1940 van het Latijnse alfabet, daarna van het Cyrillische schrift. In 1993 is er een wet aangenomen, die de overgang naar het Latijnse schrift regelt. In het officiële Oezbeeks werden de gangbare Russische termen vervangen door nieuw gecreëerde Oezbeekse. In het dagelijks spraakgebruik bedienen veel mensen zich van het Oezbeeks vermengd met Russisch. Na vijftien jaar onafhankelijkheid is de kennis van het Russisch afgenomen; een nieuwe generatie is opgegroeid met de Oezbeekse taal en ook Engels. Alleen de oudere generatie spreekt nog Russisch en natuurlijk de enkele Rus die gebleven is.
Turkmeens is de officiële staatstaal van Turkmenistan. De taal hoort tot de zuidwesterse Turkse taalgroep, net als het Azeri (taal in Azerbeidjan) en het Turks. In Turkmenistan spreekt bijna iedereen Russisch en Turkmeens. Mensen die werkzaam zijn in het toerisme spreken vaak Engels.
Praktische informatie
Ambassades
Kazachstan:
Ambassade van Kazachstan in Nederland
Nieuwe Parklaan 69, 2597 LB Den Haag
T 00 31 (0)70 363 47 57
F 00 31 (0)70 365 76 00
Ambassade van Kazachstan in België
Van Beverlaan 30, 1180 Brussel
T 00 32 (0)2 373 38 90
F 00 32 (0)2 374 50 91
Nederlandse ambassade in Kazachstan
Nauryzbai Batyr Street 103, 050022 Almaty
T 00 7 7272 50 37 73
F 00 7 7272 66 37 72
I www.netherlands-embassy.kz
Belgische ambassade in Kazachstan
62 Kosmonavtov street, 3th floor, 010000 Astana
T 00 7 (7172) 97 44 85/86
F 00 7 (7172) 97 78 49
E embassy.astana@diplobel.fed.be
Kirgizstan:
Consulaat van Kirgizstan in Nederland
Landlustlaan 69, 2265 EK, Leidschendam
T 00 31 (0)70 301 03 30
F 00 31 (0)70 317 87 25
Ambassade van Kirgizstan in België
Abdijstraat, 47 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 640 18 68 38 /83
F 00 32 (0)2 640 01 31
Nederlandse consulaat in Kirgizstan
Foundation Publishing Development Center
Tynystanova 96, appt. 12, 720000 Bisjkek
T 00 996 31 2690 565
F 00 996 31 2690 565
E dutchconsulate@elcat.kg
Belgisch Ere-consulaat Bisjkek
209-A Tynystanovstreet, 720040 Bishkek
T 00 996 31 2622 161
F 00 996 31 2662 233
E bishkek@lorenz-law.com
Oezbekistan:
Ambassade van Oezbekistan in België
Avenue F.Roosevelt 99,1050 Brussel
T 00 32 (0)2 672 88 44
F 00 32 (0)2 672 39 46
Nederlands consulaat in Tashkent
Building 3, App. 74, KH Samotovoy Street, 100000 Tashkent
T 00 998 71 150 85 95
F 00 998 71 255 18 31
E nlconsulate.tashkent@gmail.com
Turkmenistan:
Ambassade van Turkmenistan in België
Reyerslaan 106, 1030 Brussel
T 00 32 (0)2 648 18 74
F 00 32 (0)2 648 19 06
Nederlands consulaat in Turkmenistan
Tehran Street 17, Ashgabat 744012
T 00 993 12 346 700 /340 067
F 00 993 12 344 252
E minbuza@online.tm
Bagage en kleding
We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) of in een weekendtas. Een koffer raden we sterk af. Het gewicht van je bagage kan meestal beperkt blijven tot maximaal twaalf kilo per persoon.
Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur. Zo zijn korte broeken, korte rokken en hemdjes taboe in islamitische landen. In de grote steden van Centraal-Azië is het dragen hiervan echter geen probleem.
Het is aan te raden stevige wandelschoenen mee te nemen voor de wandeltochten die we maken in Kirgizstan.
Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: zaklamp, waterfles, naaigerei, wasmiddel, universeel geldige verloopstekker, reisgids, voldoende fotomateriaal, pet, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje, beker en zakmes.
Electriciteit
De netspanning in Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan is 220 volt. Er komen soms stroomstoringen voor en de netspanning kan wisselen, waardoor gevoelige apparatuur kan beschadigen. Reserve batterijen en een verloopstekker zijn aan te raden. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van www.kropla.com
Fooien
Hotelpersoneel, chauffeurs en gidsen zullen een kleine fooi op prijs stellen. In de restaurants kan het bedrag afgerond worden. Soms zetten (duurdere) restaurants tien tot vijftien procent servicekosten op de rekening. Dat gebeurt ook als er een muziekband speelt. In chaikhana’s is een fooi niet gebruikelijk.
Fotografie
Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan zijn fotogenieke landen, niet alleen vanwege de natuur maar vooral ook vanwege de mensen. Over het algemeen vindt de lokale bevolking het geen probleem om gefotografeerd te worden. Kinderen zullen zich zelfs op de voorgrond dringen om maar in beeld te komen. Vaak ontvang je zelfs als dank, vooral op markten, appels, peren of noten.
Als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit kan aanleiding geven tot agressieve reacties.
In musea en bij bezienswaardigheden moet je soms een apart kaartje kopen om foto’s of video-opnames te mogen maken. Deze kunnen aanmerkelijk duurder zijn dan het entreekaartje. Wees zeker terughoudend bij het fotograferen van religieuze plaatsen en gebeurtenissen.
Het is verboden militaire objecten, grensposten en vliegvelden te fotograferen. Ook in de metro van Tashkent is het verstandig geen foto’s te maken. In Turkmenistan is het strikt verboden alles wat met de president te maken heeft te fotograferen. Omdat alle gebouwen en pleinen voorzien zijn van zijn afbeelding, blijft er helaas weinig te fotograferen over. Houd je aan die regel want voordat je het weet zit je een dag vast bij de geheime politie en dat is geen pretje.
Geldzaken
De Kazachse munteenheid is de tenge (KZT). Er zijn munten van 5, 10, 20, 50 en 100 tenge en briefjes van 200, 500, 1000, 2000, 5000, 10.000 tenge in omloop. Voor één euro ontvang je 216 tenge (september 2009).
De Kirgizische munteenheid is de sum (KGS), die weer onderverdeeld is in tiyin. Er munten van 10 en 50 tiyin, 1, 3, en 5 sum en briefjes van 1, 5, 10, 20, 50, 100, 200 en 500 sum in omloop. Voor één euro ontvang je 64 sum (september 2009).
De Oezbeekse munteenheid is de som (UZS). Er zijn briefjes van 100, 200, 500 en 1000 som. Voor één euro ontvang je 2175 som (september 2009).
De Turkmeense munteenheid is de nieuwe manat (TMM). Voor één euro ontvang je 4,15 manat (september 2009).
Kijk voor de actuele wisselkoersen op: www.oanda.com/convert/cheatsheet
In Kazachstan, Kirgizstan en Oezbekistan heb je wisselkantoren waar je snel en makkelijk geld kunt wisselen. In Turkmenistan kun je vaak in winkels of bij hotels contante dollars tegen een goede koers wisselen. Contante Amerikaanse dollars die gedrukt zijn na het jaar 1996 zijn het makkelijkste in te wisselen, gevolgd door contante euro’s. Zorg in ieder geval voor voldoende cash dollars in kleine coupures. Dollarbiljetten moeten er ook goed uitzien: verfrommeld, oud papiergeld wordt geweigerd. In Turkmenistan kun je eigenlijk alleen terecht met contante Amerikaanse dollars. In Bisjkek, Tashkent en in de meeste steden in Kazachstan zijn pinautomaten, maar deze zijn vaak buiten gebruik. Creditcards worden heel beperkt geaccepteerd, Kazachstan is de meest gangbare plek voor creditcards. De openingstijden van de wisselkantoren zijn zeer uiteenlopend, in Almaty zijn sommige kantoren tot diep in de nacht geopend.
Gezondheidsvoorschriften
Voor deze bestemmingen worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter, een vaccinatieafdeling van de GGD, het Tropencentrum AMC in Amsterdam of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam. Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor verdere informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere: www.gezondopreis.nl.
Hoogteziekte
Als je tijdens de reis boven de 2500 meter hoogte komt bestaat de kans op hoogteziekte. Door het zuurstofgebrek wordt de ademhaling versneld en adem je meer vocht uit dan normaal. Vandaar dat je veel moet drinken: boven 2500 meter in elk geval drie tot vier liter per dag! Indien je urine donker van kleur is, drink je te weinig. Hoogteziekte treedt meestal binnen 24-72 uur op na het bereiken van een nieuwe hoogte. Hoofdpijn is het belangrijkste symptoom. Daarnaast kunnen vermoeidheid, misselijkheid, lusteloosheid, apathie, duizeligheid en hartkloppingen voorkomen. Deze klachten mag je nooit bagatelliseren, het kan gaan om longoedeem of hersenoedeem. Deze ernstige vormen, gekenmerkt door o.a. kortademigheid, droge hoest en/of verwardheid, kunnen onbehandeld fataal zijn. Iedereen kan deze ziekte krijgen, óók wie over een goede conditie beschikt.
Als stelregel geldt dat je hoogteziekte kunt voorkomen door het lichaam de gelegenheid te geven te acclimatiseren door boven de 2500 meter iedere dag slechts 300 meter hoger te overnachten. Overdag mag je weliswaar hoger klimmen, maar de hoogte waarop je overnacht is van essentieel belang. Het is belangrijk om bij ernstige klachten naar een lager gelegen plaats af te dalen Op plaatsen waar je met het vliegtuig aankomt op een hoogte van meer dan 3000 meter kan de aanpassing aan de hoogte een probleem vormen. Je zult dan rekening moeten houden met extra klachten. Het is belangrijk dat je na aankomst tenminste een extra dag echt rust neemt en vooral niet verder gaat stijgen. In sommige gevallen (overleg met je arts) is het anti-hoogteziekte medicijn Diamox aan te bevelen. Lees voor meer informatie over hoogteziekte het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de hoogte’ (uitgave KIT) of kijk op de website www.hoogteziekte.info
Invoerbepalingen
Bij binnenkomst in één van de Centraal Aziatische landen dien je op twee identieke formulieren aan te geven hoeveel geld en welke kostbare bezittingen je invoert. Eén ervan houdt de douane, één krijgt de bezoeker mee. Bewaar het goed! Bij vertrek moet er een nieuw declaratieformulier ingevuld worden en samen met het oude ingeleverd worden. Hierop dien je te schrijven wat je dán nog aan waardevols bezit. In de meeste gevallen is dit slechts een bureaucratische formaliteit, vooral op de vliegvelden. Anders is het als je een landsgrens overgaat. Houd er rekening mee dat de sommige douanebeambten ronduit corrupt zijn en alles willen controleren. Klopt er zogenaamd iets niet, dan vragen ze gigantische boetes.
Antiquiteiten van vóór 1945 mogen niet worden uitgevoerd. Wil je iets uitvoeren dat er enigszins oud uit ziet zorg dan dat je een aankoopbewijs hebt en een verklaring dat het niet van voor 1945 is.
Tijdsverschil
In de zomer is het in Almaty (Kazachstan) 4 uur later dan in de Benelux (in sommige streken van Kazakhstan is dat 3 uur); in Oezbekistan en Turkmenistan is het drie uur later en in Kirgizstan is het vier uur.
Veiligheid
Over het algemeen zijn Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan redelijk veilige landen voor reizigers. Wel is er een kans dat je te maken krijgt met corrupte douanebeambten en politieagenten. Je kunt overdag meestal zonder probleem op straat wandelen. ’s Avonds is het bijvoorbeeld in Bishkek verstandiger niet alleen over straat te lopen. In Ashgabat moet je ervan uitgaan dat er op iedere straathoek een politieman, vaak undercover, staat die nauwgezet in de gaten houdt wat toeristen doen. Wees hier vooral voorzichtig met fotograferen.
Zakkenrollen, tasjesroof en straatovervallen komen overal ter wereld voor. Het is daarom verstandig om op je eigendommen te letten en mensen niet de gelegenheid te geven je spullen te stelen. Het kan zeker geen kwaad wanneer je op drukke markten, stations en bij het in en uitstappen van het openbaar vervoer extra op je spullen let.
Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken. Laat in Centraal-Azië geen waardevolle spullen op de hotelkamer achter.
Actuele informatie over de veiligheid in Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan vind je op www.minbuza.nl, de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ook op www.diplomatie.be, de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken vind je nuttige reisadviezen.
Winkelen en openingstijden
Winkels, postkantoren en kantoren zijn geopend van 8.00 tot 18.00 uur. Van 13.00 tot 14.00 zijn de meeste zaken gesloten in verband met de lunchpauze. De warenhuizen in de grotere steden zijn meestal langer open. In steden als Almaty en Tashkent zie je steeds meer 24 hours supermarkten verschijnen waar eigenlijk alles te koop is. Voor de gemiddelde Centraal-Aziaat echter veel te duur. Bazaars beginnen al vroeg, rond 6.00 uur ’s ochtends.
Turkije
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik.
De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent).
De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik.
De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent).
De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Communicatie
Luchtpost (uçakla) van Turkije naar de Benelux doet er een aantal dagen over. In elke plaats vind je wel een postane (postkantoor) waar je post- en geldzaken kunt afhandelen. Als je post in de daarvoor bestemde gele brievenbussen deponeert, doe het dan in het vak yurtdışı.
Internationaal bellen levert in Turkije geen problemen op. De goedkoopste manier van telefoneren is vanuit een telefooncel. Voor deze telefoons heb je een telefoonkaart nodig (telefon kartı). Deze zijn te koop in eenheden van 50 en van 100, bij een postkantoor of kiosk. Het internationale landennummer van Turkije is +90, dat van Nederland +31 en van België +32. Bijna iedereen in Turkije heeft tegenwoordig een mobiele telefoon (cep). Het gebruik is de laatste jaren wel aan banden gelegd en op verschillende plaatsen, bijvoorbeeld in auto’s, bussen, tram en metro, verboden. Dit in verband met geluidsoverlast en gevaar op de weg. Wil je met je mobiel telefoneren, informeer dan voor vertrek of je provider een overeenkomst heeft met een Turkse maatschappij en wat de kosten zijn. In enkele afgelegen gebieden, bijvoorbeeld in delen van Cappadocië, is geen mobiel bereik. Een e-mail versturen is doorgaans geen probleem. In vrijwel alle steden en toeristenplaatsen zijn internetcafés.
Eten en drinken
In Turkije heb je in de wat grotere plaatsen een ruime keuze aan restaurants waar je voor een redelijk bedrag kunt genieten van allerlei schotels. De Turkse keuken is beroemd om haar verfijnde spijzen, al bieden de doorsnee restorans (restaurants) en lokanta's (goedkope zelfbedieningsrestaurants) veelal een soortgelijk assortiment aan gevulde groenten en stoofschotels en bereidt iedere kebap salonu vleesgerechten aan het spit. Wel heeft iedere streek haar eigen regionale specialiteiten. In de lokanta staan bij de ingang grote bakken met kant-en-klaar eten, dat warm gehouden wordt. Restorans zijn over het algemeen duurder dan lokanta's. Als je de menukaart niet begrijpt, kun je in vitrines je gerecht(en) uitzoeken. Vaak mag je een blik in de keuken werpen, als je dat eerst even vraagt. In toeristische plaatsen is er behalve een Turkse keuken ook een internationale. De tafels worden over het algemeen goed schoon gehouden. Een goed lopend restaurant heeft vaak jongens in dienst die alleen aangesteld zijn om de tafels te dekken en af te ruimen. Het kan dan ook gebeuren dat je je laatste hap nog niet verwerkt hebt, of je bord wordt al weggenomen.
Het ontbijt bestaat uit brood waarbij witte geitenkaas, olijven, boter, jam en soms eieren en vleeswaren worden geserveerd. Is er in je hotel geen kahvaltý (ontbijt) te krijgen, dan vind je in de buurt meestal wel een pastane (banketbakker) of lokanta waar men een ontbijt serveert.
Turken eten hun hoofdmaaltijd vaak halverwege de dag. ’s Avonds volgt een warme, maar lichtere variant. Traditioneel begint een Turkse maaltijd met meze, een keur aan voorgerechten, de meeste koud geserveerd, waaruit je een aantal kiest. Typische voorgerechten zijn: Patlican salatasi (salade van gemalen aubergine), piyar salatasi (salade van witte bonen), börek (tot sigaren opgerolde bladerdeegrolletjes gevuld met bijvoorbeeld rijst en gehakt of met kaas en peterselie), biber dolmasi (met rijst en gehakt gevulde paprika's of aubergines), yaprak dolma (wijnblad gevuld met rijst). Een gemengde salade bestaat uit vaak niet meer dan een paar schijven tomaat, komkommer en wat uienringen. Er zijn ook meer gevarieerde salades. Over het algemeen wordt de salade vóór het hoofdgerecht geserveerd.
Het hoofdgerecht bestaat meestal uit lams- of schapenvlees, gegrild of gestoofd met groenten, vers brood en pilav (rijst) of gekookte gebroken tarwe (bulgur).
Sishkebab (een spies met stukjes geroosterd lamsvlees) is een Turkse uitvinding. Overal tref je de kebapçis aan en döner kebab (schapenvlees dat in lange repen aan een spit bevestigd is en langzaam langs een gloeiend vuur draait; de geroosterde buitenkant wordt er in dunne schijfjes afgesneden), adana kebab (sterk gekruid geroosterd vlees), köfte (gehaktballetjes), shaslik (spies met stukjes rund- of schapenvlees waar ook uien, stukjes nier en lever tussen zitten). In veel restaurants kun je ook kip (tavuk) bestellen, die op verschillende manieren kan zijn klaar gemaakt en visschotels. Vis (balik) kan soms prijzig zijn. Er is zwaardvis (kiliç), makreel (uskumru), tonijn (palamut), forel (alabalik) en sardine (sardalya). De vis kan geroosterd (izgara) of gebakken (tava) gegeten worden. Een Turkse pizza is een ander alternatief.
Vegetariërs hebben minder keuze, maar van de honger zul je niet omkomen. Maak gewoon een compleet maal van de meze (voorgerechten). Aubergine is groente nummer één: kijk uit naar de imam bayildi (de priester viel flauw), een schotel met gevulde aubergine. Bladgroenten komen weinig of niet voor, maar komkommer, paprika, aubergine, uien, aardappelen, bonen en courgettes worden volop gebruikt. Groenten worden meestal door en door gaar gekookt of gestoofd.
Een uitgebreide maaltijd wordt afgesloten met een dessert. Toetjes (tatlilar) zijn zoet (vaak druipend van de honing) en bestaan uit een combinaties van vruchten, noten en gebak, zoals de baklava. Helva zijn de mierzoete amandelblokken met sesamolie. Verder is er yoghurt, amandelpudding (asure), rijstpudding (sütlak) of vers fruit zoals appels, peren, sinaasappelen, druiven, perziken, watermeloenen, suikermeloenen of vijgen.
De nationale drank is çay (thee). Thee wordt geserveerd in kleine glaasjes met een paar klontjes suiker op een schoteltje. Koffie (kahve) is minder populair en dus moeilijker te krijgen. Het wordt gedronken uit hele kleine kopjes met veel drab erin, die eerst moet bezinken. In veel toeristische restaurants wordt in plaats van Turkse koffie ook wel nescafé geserveerd. Hoewel alcohol voor de meeste moslims officieel is verboden, nemen veel Turken het daarmee niet zo nauw. Bier, wijn en raký zijn in de wat duurdere restaurants vaak gewoon verkrijgbaar. Raki is een sterk alcoholische anijsdrank, die uit druiven wordt gedestilleerd. Deze wordt puur gedronken of aangelengd met water. Frisdrank is overal goed verkrijgbaar. Je kunt beter geen water uit de kraan drinken, mineraalwater (maden suyu) is bijna overal te koop.
Feestdagen
Feestdagen in Turkije zijn te verdelen in religieuze en nationale feestdagen. Belangrijke nationale feestdagen zijn: Nieuwjaarsdag (1 januari); Onafhankelijkheids- en kinderdag (23 april); Herdenkingsfeest Atatürk en Jeugd- en sportdag (19 mei); Dag van de Overwinning in de Turks-Griekse onafhankelijkheidsoorlog in 1922 (30 augustus); Dag van de Republiek, oprichting van de Republiek Turkije (29 oktober).
Onder Atatürk werd in Turkije de islamitische kalender vervangen door de Gregoriaanse, die in het Westen gangbaar is. Van de islamitische feestdagen bleven alleen de belangrijkste twee, het Ramazan Bayramý (breken van de vasten) en het Kurban Bayramý (offerfeest) als officiële feestdagen gehandhaafd. Omdat deze oorspronkelijk zijn verbonden met een maanjaar schuiven de islamitische feestdagen ieder jaar 10 à 11 dagen naar voren op onze Gregoriaanse kalender, die is gebaseerd op de zon.
De ramadan (11 augustus 2010) is het belangrijkste islamitische feest. Het feest duurt de hele negende maand van het islamitische jaar en is de vastenmaand. Tijdens deze periode eten, drinken en roken moslims niet tussen zonsopgang en zonsondergang. Vasten is een van de belangrijkste plichten van een moslim. Overigens houden niet alle Turken zich zo streng aan de regels.
Het driedaagse Ramazan Bayramý (10 september 2010), luidt het einde van de ramadan in. Het huis wordt nog een keer gepoetst en de mensen kleden zich zo mooi mogelijk. Iedereen gaat bij elkaar op bezoek om elkaar te feliciteren met een goed volbrachte vastenperiode. Ook de armen krijgen iets extra’s. Met het suikerfeest begint het bedevaartsseizoen naar Mekka. Deze drie dagen worden door Turken in Nederland soms ook wel Þeker Bayramý, het suikerfeest genoemd, vanwege de suikerbeesten en het snoepgoed dat bij het feest aan kinderen wordt uitgedeeld.
Het offerfeest, Kurban Bayramý (17 november 2010), begint op de tiende dag van de laatste maand van het jaar. Dit feest is voor Turkse moslims net zo belangrijk als Kerstmis voor christenen. Ter nagedachtenis aan Ibrahim (Abraham) die in plaats van zijn zoon Ismael (vergelijk in Oude Testament Isaak) een lam offerde aan God, slachten veel moslims een schaap of koe. De dieren worden ritueel geslacht en het vlees wordt gedeeld met familie en vrienden. Een deel wordt weggegeven aan de armen. Voorafgaand aan het offerfeest ziet men vooral in de kleine steden en dorpjes dat er ijverig lammetjes worden vetgemest om als malse bout te dienen.
Familiefeesten zoals geboorte, besnijdenis, verloving en huwelijk worden als het enigszins mogelijk is groots gevierd. Omdat de feesten veel geld kosten, wordt er vaak lang voor gespaard. In de dorpen wordt iedereen uitgenodigd en in de steden worden uitnodigingen verstuurd. Toeristen zijn alleen welkom wanneer ze gevraagd worden. Mocht je dat overkomen, maak daar dan zeker gebruik van!
Gewoonten en gebruiken
In Turkije verschillen de omgangsvormen per regio. In steden als Ankara, Istanbul en Izmir en aan de kusten van de Egeïsche- en Middellandse Zee, is men redelijk gewend aan westerse omgangsvormen. Maar in Oost-Turkije is dat allerminst het geval. Het is raadzaam om er bij de keuze van je kleding rekening mee te houden dat Oost-Turkije een traditioneel en veelal conservatief gebied is. Vooral bij vrouwen wordt het op prijs gesteld als ze voldoende bedekt - benen en bovenarmen, geen nauwsluitende outfits - gekleed gaan. Verder is het er ongebruikelijk dat mannen en vrouwen in het openbaar genegenheid voor elkaar tonen. Voor de wet zijn vrouwen gelijk aan mannen, maar in het grootste deel van Oost-Turkije hebben veel vrouwen uit armere, laagopgeleide milieus niet veel te vertellen en moeten ze zich aan traditionele, ongeschreven regels houden. Totdat een meisje een huwelijkskandidaat heeft gevonden en getrouwd is, wordt er door de familie streng gewaakt over haar eerbaarheid en maagdelijkheid.
Meer informatie over culturele verschillen en omgangsvormen vind je in TE GAST IN Turkije (te bestellen via
www.tegastin.nl)
Klimaat
In Turkije komen verschillende klimaatzones voor. Het klimaat aan de Zwarte Zee is mediterraan, met de kenmerken van een zeeklimaat:. Dus hoewel het er 's zomers minder heet is, is het er erg klam. De winters zijn hier zacht. In alle jaargetijden kan je hier ook buien verwachten. Vaak is het er ook mistig.
Voor de rest van de reis gelden de regels van het landklimaat: hete zomers en koude winters. Grote delen van Centraal en Oost -Turkije zijn 's winters met sneeuw bedekt. In het voor- en najaar is de temperatuur overdag al behoorlijk warm, maar koelt het 's avonds lekker af. Dit zijn dan ook de beste tijden van het jaar om te reizen.
Op onze reis komen we af en toe op hooggelegen plaatsen, zoals de Nemrut Dagï. Hier zal het ook midden in de zomer koud zijn, dus een trui moet je zeker meenemen.
Klimaattabel: De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).
ANKARA | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | 1 | 3 | 8 | - |
| Februari | 3 | 4 | 8 | - |
| Maart | 7 | 6 | 7 | - |
| April | 13 | 7 | 7 | - |
| Mei | 18 | 9 | 8 | - |
| Juni | 21 | 11 | 5 | - |
| Juli | 25 | 12 | 2 | - |
| Augustus | 25 | 12 | 1 | - |
| September | 21 | 10 | 3 | - |
| Oktober | 16 | 7 | 4 | - |
| November | 10 | 5 | 6 | - |
| December | 4 | 3 | 8 | - |
Landschap
Turkije ligt voor 3 procent in Europa (Thracië) en voor 97 procent in Azië (Anatolië). Beide delen zijn van elkaar gescheiden door de Bosporus, de Zee van Marmara en de Dardanellen die samen weer de verbinding vormen tussen de Egeïsche Zee (ten westen van Turkije) en de Zwarte Zee (ten noorden van het land).
De landschappen zijn erg gevarieerd. Baaien, rotsen, zand- en kiezelstranden aan de 8000 kilometer lange kuststrook. Hoge bergen, zoutmeren, steppen en rivieren in het Anatolische binnenland. De hoogste bergen liggen in het oosten en vormen een natuurlijke grens met Georgië, Armenië en Iran. De berg Ararat, een uitgedoofde vulkaan, is met 5185 meter de hoogste van het land. Op deze eeuwig besneeuwde berg zou de ark van Noach gestrand zijn. Vulkanisme heeft een belangrijke rol gespeeld in de vorming van het landschap in de oostelijke delen van Anatolie. In Cappadocië is een wonderlijk landschap met rotsformaties ontstaan als gevolg van de vulkanische uitbarstingen van de Erciyas Dagi zo'n 15 miljoen jaar geleden. Door de invloed van regen en wind hebben de vulkanische gesteenten (het zachte poreuze tufsteen en het harde basalt) vreemde vormen gekregen.
In het voorjaar laten de kusten van de Middellandse Zee en de Egeïsche Zee één grote bloemenzee zien. Wilde bloemen en struiken zijn alom tegenwoordig. Het Taurusgebergte in het zuiden heeft beboste en kale hellingen, in de lente en zomer begroeid met gras. Aan de kusten zie je palm-, pijn- en avocadobomen, ook groeien er vijgen, olijven, citrusvruchten, bananen. Aan de Zwarte Zee kom je vooral thee en tabaksplantages tegen.
Religie
De Turkse bevolking bestaat uit ongeveer 98 procent moslims, waarvan 70 procent soennieten, 15 tot 25 procent alevieten en kleinere groepen sjiieten en yezidieten. De enige door de overheid erkende minderheden zijn de Grieks-orthodoxe en Armeense christenen en sefardische joden.
In 1928 schafte Atatürk de islam als staatsgodsdienst af. De nationale rustdag werd zondag, in plaats van vrijdag (de eigenlijke rustdag van de moslims). Van de religieuze feesten werden alleen het Offerfeest en het Suikerfeest als nationale feestdag gehandhaafd. De rechtspraak werd herzien naar westers voorbeeld en de bouw van nieuwe moskeeën en het dragen van de sluier werden verboden. Momenteel is er weer een toenemende belangstelling voor het geloof, en door deze re-islamisering van de samenleving is het ook een belangrijk onderwerp voor de overheid, alleen al uit electorale overwegingen. Er mogen weer moskeeën worden gebouwd, er wordt veel religieuze literatuur verkocht, islamitische opleidingsinstituten schieten uit de grond en sinds 1990 is het studentes weer toegestaan een hoofddoek te dragen op de universiteit. Landen als Iran en Saoedi-Arabië steunen deze godsdienstige opleving met enorme geldbedragen. De progressievere Turkse bevolking vreest dat het land de kant van Iran opgaat.
Het woord 'islam' betekent letterlijk 'overgave aan de wil van God'. Vijf maal per dag moet een moslim in gebed en spreekt dan de shahada uit. 'La ilaha illa Allah. Muhammudu rasulu Allah.' 'Er is niets goddelijks behalve God. Mohammed is zijn profeet.' Allah openbaarde in de zevende eeuw aan Mohammed het Woord Gods middels de aartsengel Gabriël. Die openbaringen zijn opgetekend in het heilige schrift van de islam, de koran. Eeuwenlang vormde de sharia, de heilige wetten van de islam gebaseerd op de koran, de kern van de rechtspraak, de wetgeving en het onderwijs in de islamitische landen. Er zijn vijf plichten die iedere moslim moet nakomen, de zogenoemde vijf zuilen van de islam: De shahada, geloofsbelijdenis, is de eerste en belangrijkste van de vijf zuilen of verplichtingen van de islam. Voorafgaand aan het gebed worden eerst gezicht, voeten en armen gereinigd. Het ritueel van het bidden, de salat, is de tweede zuil. Vanaf de minaret wordt aangekondigd wanneer het tijd is voor de salat. De overige drie verplichtingen zijn het geven van aalmoezen aan de armen ofwel de plicht tot zakat, het vasten tijdens de heilige maand ramadan, saum genaamd, en de haj, de bedevaart naar Mekka. Deze vijf zuilen staan in de koran, het heilige schrift van de islam die in de zesde eeuw werd opgetekend door de profeet Mohammed.
Taal
De officiële taal van Turkije is het Turks. Het is de taal waarin op de openbare scholen onderwezen wordt. In het zuidoosten spreken veel mensen ook een Koerdische taal en de oudste generatie spreekt soms nog Arabisch. Sinds kort zijn taalcursussen, televisie uitzendingen, radio en muziek in Koerdische talen toegestaan. In steden en in toeristische gebieden spreekt men meestal wel wat Engels of Duits. Bovendien is de kans groot dat je aangesproken wordt in het Duits of Nederlands door (ex)gastarbeiders of kinderen daarvan. Het is zeker de moeite waard een paar woorden of zinnen Turks te leren. Turken waarderen dit zeer.
Woordenlijst
Uitspraakregels:
c als dj, ç als tsj, g als in het Engelse ‘gold’, ý als in ze, ö als eu, þ als sj, u als oe, v als w. De klemtoon ligt vaak op de laatste lettergreep.
Hallo
Merhaba
Goedemorgen
Günaydýn
Goedenavond
Iyi akþamlar
Goedenacht / welterusten
Iyi geceler / iyi uykular
Dank u wel
Teþekkür ederim
Alstublieft (bij vraag)
Lütfen
Wat is uw naam?
Adýnýz ne?
Mijn naam is Anton
Adým Anton
Tot ziens (als u weggaat)
Allaha ýsmarladýk
Tot ziens (als u achterblijft)
Güle güle
Ja/ nee
Evet/ hayýr
O.K.
Tamam
Ik heb het (niet) begrepen
Anla(ma)dým
Waar is het...?
... nerede?
Ziekenhuis/ apotheek/ postkantoor
Hastane/ eczane/ postane
Een goed hotel/ restaurant
Iyi bir hotel/ lokanta
Busstation / treinstation / vliegveld
Otogar/ istasyon/ hava limamý
Ik wil...
... istiyorum
Een kamer met douche/ toilet
Duþlu / tuvaletli bir oda
De rekening alstublieft
Hesap lütfen
Hoeveel kost dit?
Bu ne kadar?
Duur / goedkoop
Pahalý / ucuz
Melk/ koffie/ thee
Süt / kahve / çay
Bier/ wijn
Bira/ þarap
Heel mooi
Çok güzel
1 = bir
2 = iki
3 = üç
4 = dört
5 = beþ
6 = altý
7 = yedi
8 = sekiz
9 = dokuz
10 = on
11 = on bir
20 = yirmi
30 = otuz
40 = kýrk
50 = elli
60 = altmýþ
70 = yetmiþ
80 = seksen
90 = doksan
100 = yüz
200 = iki yüz
1000 = bin
2000 = iki bin
10000 = yüz bin
1000000 = milyon
Praktische informatie
Ambassades
Ambassades
Turkse ambassade in Nederland
Jan Evertstraat 15, 2514 BS Den Haag
T 00 31 (0)70 360 49 12
F 00 31 (0)70 361 79 69
I
www.turkishembassy.nl Turkse ambassade in België
Montoyerstraat 4, 1000, Brussel
T 00 32 (0)2 513 40 95 / 513 60 58
F 00 32 (0)2 514 07 48
I
www.turkey.be Nederlandse ambassade in Turkije
Hollanda Cad. No. 5, Yıldız, Ankara,
T 00 90 312 409 18 00/20
F 00 90 312 409 18 98
I
www.mfa.nl/ank Belgische ambassade in Turkije
Mahatma Gandhi Cad. No.55, Gaziosmanpaşa, Ankara
T 00 90 312 405 61 66
F 00 90 312 446 82 51
I
www.diplomatie.be/ankaranl Voor de meest actuele informatie verwijzen we naar de website van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse zaken
www.minbuza.nl en het Belgische ministerie van Buitenlandse zaken
www.diplomatie.be.
Bagage en kleding
We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak of in een weekendtas. Een koffer raden we sterk af voor onze reizen waar met het openbaar vervoer gereisd wordt. Niet omdat je je rugzak/weekendtas nodig hebt om lange wandelingen met je bagage te maken (want dat is niet het geval) maar omdat een koffer vaak moeilijk op te bergen is. We raden je aan om maximaal twaalf kilo bagage mee te nemen.
Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je dringend om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur/religie. Islamitische bezienswaardigheden kun je bijvoorbeeld alleen bezoeken als je decent gekleed bent. Hoe meer je je aanpast, hoe meer je met respect benaderd wordt. In het boekje 'Te Gast in ...' kun je hierover meer lezen. Mocht je twijfelen of nog vragen hebben, neem dan gerust contact op met ons kantoor.
We gaan er vanuit dat deelnemers hun eigen medicijnen meenemen. Handig is een middel tegen maag- en darmstoornissen, paracetamol, een setje spuiten/naalden, O.R.S., muggenolie, zonnebrandolie, pleisters. jodium, steriele hydrofiele gaasjes en wat verband.
Denk verder bij het samenstellen van je bagage bijvoorbeeld aan wandelschoenen, zaklamp, waterfles, naaigerei, wasmiddel, dagrugzak, universeel geldige verloopstekker, reis- en taalgids, oordopjes, opblaaskussen, voldoende fotomateriaal, lakenzak, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje, beker en een zakmes.
Electriciteit
De netspanning in Turkije is 220 Volt. Stopcontacten zijn vaak niet hetzelfde als in Nederland of België. Soms valt het licht uit of is er weinig straatverlichting. Het is raadzaam om een verloopstekker, reservebatterijen en een zaklamp mee te nemen. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van
www.kropla.com.
Fooien
In de wat duurdere restaurants krijg je de rekening op een schoteltje aan tafel gepresenteerd. Al zijn de servicekosten bij de prijs inbegrepen, een fooi van 10 procent is gebruikelijk. In eenvoudiger lokanta?s word je geacht te betalen aan de man achter de toonbank, meestal bij de ingang. Daar hoef je geen fooi te geven, al is het een aardig gebaar het bedrag naar boven af te ronden of wat extra?s te geven voor het personeel. Op de balie staat bijna altijd een fooienpot of mandje. Ook kun je wat geld achterlaten op tafel.
Het personeel dat je in Turkije tegenkomt in je hotel, bij de kapper of in het badhuis, verwacht voor bewezen diensten een fooi. Datzelfde geldt voor gidsen en reisbegeleiders. Taxichauffeurs rekenen alleen op een fooi, als zij je hebben geholpen met het sjouwen van je bagage of het vinden van de weg.
Fotografie
Turkije is een fotogeniek land, niet alleen vanwege de natuur maar vooral ook vanwege de mensen. Over het algemeen vinden de Turken het geen probleem om gefotografeerd te worden. Maar als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit kan aanleiding geven tot agressieve reacties.
Het is verboden om militaire objecten te fotograferen. Soms moet je bij toeristische attracties extra betalen als je een video- of filmcamera mee wilt nemen; dit geldt niet voor een fototoestel. Op sommige locaties mag je niet flitsen. Benodigdheden voor een digitale camera krijg je in fotozaken of bij de grotere toeristische attracties. In fotozaken en sommige internetcaf?s kunt je zelfs foto's op een cd (laten) branden.
Geldzaken
Sinds 1 januari 2009 heeft Turkije nieuwe bankbiljetten en munten in de roulatie gebracht waarbij het woord ‘nieuw’ uit de naam van bestaande valuta is geschrapt. Eind 2009 moeten de ‘nieuwe Turkse lira’-biljetten en -munten helemaal zijn verdwenen. Revolutionair is dat op de nieuwe bankbiljetten Mustafa Kemal Atatürk, de vader des vaderlands, voor het eerst in de Turkse monetaire geschiedenis concurrentie krijgt van andere beroemde Turken. De waarde van 1 euro is 2,14 Turkse lira (stand: september 2009). Kijk voor een actuele wisselkoers van de lira op:
www.oanda.com/convert/cheatsheet In vrijwel elke plaats van enige omvang vind je tegenwoordig pinautomaten. Neem voor de zekerheid ook een bedrag aan contante euro’s mee voor het geval de automaten niet werken. Je kunt je euro’s wisselen in een van de vele geldwisselkantoortjes (döviz). Travellercheques zijn niet geliefd in Turkije. Er wordt behoorlijk wat commissie berekend bij het inwisselen. Creditcards zoals VISA, American Express, Eurocard/ Mastercard en Diners Club worden bij steeds meer hotels, benzinepompen, winkels en restaurants geaccepteerd.
Banken en wisselkantoren zijn open van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 12.00 uur en van 13.30 tot 17.00 uur. Op de internationale vliegvelden zijn de banken langer open.
Gezondheidsvoorschriften
Voor Oost-Turkije worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar
www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op
www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter, een vaccinatieafdeling van de GGD, het Tropencentrum AMC in Amsterdam of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam. Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (
www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor meer informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere:
www.gezondopreis.nl.
Invoerbepalingen
Volwassen personen mogen belastingvrij 200 sigaretten, 50 sigaren of 200 gram tabak invoeren. Dure voorwerpen (sieraden en ongewoon dure fotoapparatuur of elektronische apparaten) worden bijgeschreven in je paspoort, als garantie dat je ze ook weer mee het land uitneemt bij vertrek. Invoer, gebruik en handel van marihuana en andere verdovende middelen is strikt verboden en wordt zwaar bestraft.
In Turkije is veel nepmerkkleding op de markt. De invoer hiervan is in Nederland en België officieel verboden. Vooral als het een groter aantal stuks betreft dan voor persoonlijk gebruik mag worden aangenomen, kun je in de problemen komen. Voor de uitvoer van een duur tapijt heb je een bewijs van aankoop nodig en voor oude spullen een certificaat van de directie van een museum. Uitvoer van antiek is verboden. Actuele informatie over het invoeren van goederen vind je op
www.douane.nl.
Tijdsverschil
In Turkije is het in de winter en zomer één uur later dan in de Benelux.
Veiligheid
Turkije is een redelijk veilig land om in te reizen. Maar met de groeiende kloof tussen arm en rijk en de groeiende stroom toeristen neemt de kleine criminaliteit in toeristische gebieden en grote steden toe. Let vooral op bij drukke markten, stations en bij het in- en uitstappen van het openbaar vervoer. Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken worden gerold. Laat geen geld of kostbare zaken los slingeren in de hotelkamer. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak een scan van je belangrijke reisdocumenten zoals paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren en mail deze naar jezelf, zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken.
Actuele informatie over de veiligheid in Turkije en eventuele reisadviezen vind je op www.minbuza, de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken onder ‘reizen en landen’ of op www.diplomatie.be, de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken.
Winkelen en openingstijden
De grote postkantoren zijn doorgaans geopend van maandag tot en met zaterdag van 8.00 tot 17.30 uur, soms ook op zondag. Voor postzegels en telefoondiensten kun je daar terecht tot respectievelijk 20.00 en 24.00 uur. De kleinere postkantoren zijn doorgaans geopend van 8.30 tot 17.30 uur, gesloten op zondag. Bovendien sluiten ze vaak tussen 12.00 en 13.30 uur. Winkels zijn officieel geopend van maandag tot en met zaterdag van 9.30 tot 19.00 uur. Tal van kleine winkels hebben echter langere openingstijden. De meeste musea zijn op maandag dicht. Archeologische bezienswaardigheden zijn in het toeristenseizoen elke dag geopend.
Uzbekistan
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Syrië
Syrië heeft een oppervlakte van 185.180 km² (4,5 maal Nederland, 6 maal België). Het land telt ongeveer 18 miljoen inwoners waarvan ongeveer 80 procent in de smalle, vruchtbare, westelijke strook van het land woont. De helft van de bevolking leeft in steden. Syrië heeft een gemiddelde bevolkingsgroei van 2,2 procent (Nederland 0,2 procent, België 0,13 procent); bijna 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar. 80 procent van de bevolking (89 procent mannen; 62 procent vrouwen) kan lezen en schrijven. Iedere Syriër heeft toegang tot sociale voorzieningen zoals gezondheidszorg en lager en middelbaar onderwijs. Door de zeer sterke bevolkingsgroei zijn de bestaande sociale voorzieningen echter enigszins onder druk komen te staan. Eenderde van de bevolking leeft van de landbouw, een kwart verdient zijn geld in de industrie en 45 procent in de dienstensector. Syrië heeft officieel een werkeloosheidspercentage van 5 procent, maar in de praktijk is dat waarschijnlijk 25 procent. Hoewel het loonpeil laag is, komt absolute armoede in Syrië weinig voor. Belangrijke exportproducten zijn aardolie, groente en fruit, textiel. De Syrische bevolking bestaat uit ongeveer 90 procent Arabieren, ruim 5 procent Koerden, 3 procent Armeniërs en andere. De Koerden leven van oudsher in het noordoosten langs de Turkse grens. De christelijke Armeniërs wonen overwegend in Aleppo en de zuidelijke kustgebieden. Veel van hun voorouders vluchtten naar Syrië na de volkenmoord in 1915 in Turkije.
Turkije
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik. De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent). De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Iran
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Turkmenistan
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov is de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeert sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Oezbekistan
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Kirgizstan
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
China
China heeft een oppervlakte van 9.956.960 km² (240 maal Nederland, 326 maal België) en telt ongeveer 1,3 miljard inwoners. Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk hoger omdat niet alle geboorten sinds de invoering van het éénkindbeleid worden aangegeven. Dit beleid is in 1979 ingevoerd om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen. Concreet houdt deze politiek in dat de Han, die ongeveer 93 procent van de totale Chinese bevolking vormen, verplicht zijn zich te houden aan het principe van één kind per paar. De minderheidsgroeperingen hoeven zich daar niet aan te houden. De regering voert dit beleid uit via een systeem van beloningen en boetes. Een hoger betaald zwangerschapsverlof, betere gezondheidszorg, meer woonruimte of gratis onderwijs. Deze beloningen blijven achterwegen wanneer de limiet van één kind wordt overschreden. Men moet dan juist belasting betalen. Een uitzondering op de regel is het krijgen van een tweeling. Onder de geschoolde middenklasse in de grote steden heeft dit beleid veel succes gehad maar op het platteland was dit beleid minder effectief. Tegenwoordig wordt het éénkindbeleid minder strikt toegepast. In vele gebieden van China mogen families wiens eerste kind een meisje is, een tweede kind. Het gevolg van het éénkindbeleid is dat er met name in de grote steden een generatie van kinderen ontstaat die verschrikkelijk verwend wordt door hun ouders. Ook hebben deze kinderen omdat ze geen broertje of zusje hebben, niet geleerd wat het is om te delen of compromissen te sluiten. Op het platteland hebben veel gezinnen zich niet gehouden aan dit éénkindbeleid waardoor het gezinsleven minder gericht is op ‘het kind’ maar op het samen met het hele gezin werken en overleven.
Eenderde van de totale bevolking woont in de stedelijke gebieden in het oosten. En hoewel deze gebieden erg dichtbevolkt zijn, zijn ze wel veel welvarender dan de meer afgelegen gebieden. Er zijn goede scholen, ziekenhuizen en er is een grote verscheidenheid aan producten te krijgen. De recente economische hervormingen hebben niet alleen geleid tot grote ongelijkheid tussen diverse regio’s maar ook tot toenemende economische verschillen binnen de bevolking.
De stedelijke bevolking zal blijven toenemen voornamelijk doordat veel boeren het verpauperde platteland verlaten om werk te zoeken in de steden. Om de druk van de steeds maar groeiende steden te verlichten is de regering bezig met het bouwen van gloednieuwe steden en het verspreiden van de bevolking over dunbevolkte gebieden in het land (Tibet en Xinjiang in het uiterste westen). De meeste Han willen niet verhuizen omdat ze die gebieden als barbaars en achterlijk beschouwen. En de lokale bevolking ziet hen ook niet graag komen.
Naast de ongeveer 1,2 miljard Han-Chinezen, die voor het merendeel in de oostelijke provincies aan de oevers van de Gele Rivier en de Yangtze leven, bestaat de rest van de bevolking van China (ruim 110 miljoen) uit 55 officieel erkende nationale minderheidsgroeperingen die voornamelijk in de noordwestelijke en zuidwestelijke provincies wonen. Samen bewonen ze zo’n 60 procent van het Chinese grondgebied. De grootste bevolkingsgroep is de Zhuang met zestien miljoen mensen, de kleinste de Lhoba met nog net geen 3000 mensen. Allemaal hebben ze hun eigen gewoonten, taal, kleding en religie. Sommige mensen zijn niet van de Han te onderscheiden, anderen vallen meteen op door hun klederdracht of hun gelaatstrekken. In het noordwesten, in het grensgebied met Pakistan, Kirgizië en Afghanistan, wonen Tadzjieken en Kirgiezen. Groene ogen en rood haar zijn hier niet zeldzaam. De islamitische Oejgoeren wonen in dezelfde regio. Het Tibetaanse Plateau is van oudsher het woongebied van de Tibetanen die dankzij de geïsoleerde ligging een heel eigen levenswijze en religie konden ontwikkelen. In het zuidwesten, in de provincie Guizhou, leven de Miao (rondom Kaili) en de Buyi (rondom Guiyang). In Yunnan leven de Bai (rondom Dali), de Dai, de Hani, de Jinua (alle drie in Xishuangbanna), de Naxi (rondom Lijiang) en de Yi. De Yao leven rondom Longsheng en de Dong rondom Sanjiang.
De rechten van de minderheidsgroeperingen zijn in de grondwet vastgelegd, maar de economische en sociale positie is niet altijd gelijk aan die van de Han. Aan de andere kant mogen de minderheden wel twee kinderen krijgen, de Han niet. De minderheden wonen vaak in nogal afgelegen (grens)gebieden, die beduidend armer zijn dan de ontwikkelde kuststrook waar de Han leven. De overheid pompt veel geld in deze gebieden door bijvoorbeeld het aanleggen van wegen en het toerisme te stimuleren. De minderheden klagen dat de meeste banen en de toeristendollars naar de Han gaan en dat ze geen gelijke kansen hebben omdat toelatingsexamens voor universiteiten in het Chinees zijn. Elk jaar komen er steeds meer Han in de minderheidsgebieden wonen, al dan niet gestuurd door de overheid. Door deze chinaficering en door de komst van toeristen verarmt de cultuur vinden sommigen. Anderen zijn blij met de toegenomen welvaart, vooruitgang en minder isolement.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Syrië
Syrië heeft een oppervlakte van 185.180 km² (4,5 maal Nederland, 6 maal België). Het land telt ongeveer 18 miljoen inwoners waarvan ongeveer 80 procent in de smalle, vruchtbare, westelijke strook van het land woont. De helft van de bevolking leeft in steden. Syrië heeft een gemiddelde bevolkingsgroei van 2,2 procent (Nederland 0,2 procent, België 0,13 procent); bijna 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar. 80 procent van de bevolking (89 procent mannen; 62 procent vrouwen) kan lezen en schrijven. Iedere Syriër heeft toegang tot sociale voorzieningen zoals gezondheidszorg en lager en middelbaar onderwijs. Door de zeer sterke bevolkingsgroei zijn de bestaande sociale voorzieningen echter enigszins onder druk komen te staan. Eenderde van de bevolking leeft van de landbouw, een kwart verdient zijn geld in de industrie en 45 procent in de dienstensector. Syrië heeft officieel een werkeloosheidspercentage van 5 procent, maar in de praktijk is dat waarschijnlijk 25 procent. Hoewel het loonpeil laag is, komt absolute armoede in Syrië weinig voor. Belangrijke exportproducten zijn aardolie, groente en fruit, textiel. De Syrische bevolking bestaat uit ongeveer 90 procent Arabieren, ruim 5 procent Koerden, 3 procent Armeniërs en andere. De Koerden leven van oudsher in het noordoosten langs de Turkse grens. De christelijke Armeniërs wonen overwegend in Aleppo en de zuidelijke kustgebieden. Veel van hun voorouders vluchtten naar Syrië na de volkenmoord in 1915 in Turkije.
Turkije
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik. De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent). De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Iran
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Turkmenistan
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov is de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeert sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Oezbekistan
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Kirgizstan
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
China
China heeft een oppervlakte van 9.956.960 km² (240 maal Nederland, 326 maal België) en telt ongeveer 1,3 miljard inwoners. Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk hoger omdat niet alle geboorten sinds de invoering van het éénkindbeleid worden aangegeven. Dit beleid is in 1979 ingevoerd om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen. Concreet houdt deze politiek in dat de Han, die ongeveer 93 procent van de totale Chinese bevolking vormen, verplicht zijn zich te houden aan het principe van één kind per paar. De minderheidsgroeperingen hoeven zich daar niet aan te houden. De regering voert dit beleid uit via een systeem van beloningen en boetes. Een hoger betaald zwangerschapsverlof, betere gezondheidszorg, meer woonruimte of gratis onderwijs. Deze beloningen blijven achterwegen wanneer de limiet van één kind wordt overschreden. Men moet dan juist belasting betalen. Een uitzondering op de regel is het krijgen van een tweeling. Onder de geschoolde middenklasse in de grote steden heeft dit beleid veel succes gehad maar op het platteland was dit beleid minder effectief. Tegenwoordig wordt het éénkindbeleid minder strikt toegepast. In vele gebieden van China mogen families wiens eerste kind een meisje is, een tweede kind. Het gevolg van het éénkindbeleid is dat er met name in de grote steden een generatie van kinderen ontstaat die verschrikkelijk verwend wordt door hun ouders. Ook hebben deze kinderen omdat ze geen broertje of zusje hebben, niet geleerd wat het is om te delen of compromissen te sluiten. Op het platteland hebben veel gezinnen zich niet gehouden aan dit éénkindbeleid waardoor het gezinsleven minder gericht is op ‘het kind’ maar op het samen met het hele gezin werken en overleven.
Eenderde van de totale bevolking woont in de stedelijke gebieden in het oosten. En hoewel deze gebieden erg dichtbevolkt zijn, zijn ze wel veel welvarender dan de meer afgelegen gebieden. Er zijn goede scholen, ziekenhuizen en er is een grote verscheidenheid aan producten te krijgen. De recente economische hervormingen hebben niet alleen geleid tot grote ongelijkheid tussen diverse regio’s maar ook tot toenemende economische verschillen binnen de bevolking.
De stedelijke bevolking zal blijven toenemen voornamelijk doordat veel boeren het verpauperde platteland verlaten om werk te zoeken in de steden. Om de druk van de steeds maar groeiende steden te verlichten is de regering bezig met het bouwen van gloednieuwe steden en het verspreiden van de bevolking over dunbevolkte gebieden in het land (Tibet en Xinjiang in het uiterste westen). De meeste Han willen niet verhuizen omdat ze die gebieden als barbaars en achterlijk beschouwen. En de lokale bevolking ziet hen ook niet graag komen.
Naast de ongeveer 1,2 miljard Han-Chinezen, die voor het merendeel in de oostelijke provincies aan de oevers van de Gele Rivier en de Yangtze leven, bestaat de rest van de bevolking van China (ruim 110 miljoen) uit 55 officieel erkende nationale minderheidsgroeperingen die voornamelijk in de noordwestelijke en zuidwestelijke provincies wonen. Samen bewonen ze zo’n 60 procent van het Chinese grondgebied. De grootste bevolkingsgroep is de Zhuang met zestien miljoen mensen, de kleinste de Lhoba met nog net geen 3000 mensen. Allemaal hebben ze hun eigen gewoonten, taal, kleding en religie. Sommige mensen zijn niet van de Han te onderscheiden, anderen vallen meteen op door hun klederdracht of hun gelaatstrekken. In het noordwesten, in het grensgebied met Pakistan, Kirgizië en Afghanistan, wonen Tadzjieken en Kirgiezen. Groene ogen en rood haar zijn hier niet zeldzaam. De islamitische Oejgoeren wonen in dezelfde regio. Het Tibetaanse Plateau is van oudsher het woongebied van de Tibetanen die dankzij de geïsoleerde ligging een heel eigen levenswijze en religie konden ontwikkelen. In het zuidwesten, in de provincie Guizhou, leven de Miao (rondom Kaili) en de Buyi (rondom Guiyang). In Yunnan leven de Bai (rondom Dali), de Dai, de Hani, de Jinua (alle drie in Xishuangbanna), de Naxi (rondom Lijiang) en de Yi. De Yao leven rondom Longsheng en de Dong rondom Sanjiang.
De rechten van de minderheidsgroeperingen zijn in de grondwet vastgelegd, maar de economische en sociale positie is niet altijd gelijk aan die van de Han. Aan de andere kant mogen de minderheden wel twee kinderen krijgen, de Han niet. De minderheden wonen vaak in nogal afgelegen (grens)gebieden, die beduidend armer zijn dan de ontwikkelde kuststrook waar de Han leven. De overheid pompt veel geld in deze gebieden door bijvoorbeeld het aanleggen van wegen en het toerisme te stimuleren. De minderheden klagen dat de meeste banen en de toeristendollars naar de Han gaan en dat ze geen gelijke kansen hebben omdat toelatingsexamens voor universiteiten in het Chinees zijn. Elk jaar komen er steeds meer Han in de minderheidsgebieden wonen, al dan niet gestuurd door de overheid. Door deze chinaficering en door de komst van toeristen verarmt de cultuur vinden sommigen. Anderen zijn blij met de toegenomen welvaart, vooruitgang en minder isolement.
Communicatie
Post naar de Benelux doet er een tot twee weken over en is niet vanuit alle landen even betrouwbaar.
Internationaal bellen kan in Syrië vanuit telefoonkantoren (meestal bij een postkantoor) of in de grotere hotels. In Turkije is de goedkoopste manier van telefoneren vanuit een telefooncel.
Ook in Iran zijn in grotere steden telefooncellen waaruit je rechtstreeks naar Nederland of België kunt bellen. In Kirgizstan en Oezbekistan is bellen vanuit hoofdpostkantoren vaak een tijdrovende zaak. Particuliere telefoonkantoren werken over het algemeen sneller en zijn goedkoper maar zijn alleen in de grotere steden. In China is bellen over het algemeen geen probleem. Het internationale landennummer van Syrië is 00963; van Turkije 0090; van Iran 0098; van Turkmenistan 00993; van Oezbekistan 00998; van Kirgizstan 00996; van China 0086; van Nederland 0031 en van België 0032. Of je mobiel kunt bellen is afhankelijk van abonnement, toestel en verschilt per land. Houd er rekening mee dat er geen of nauwelijks dekking is in de afgelegen (berg)gebieden. Informeer voor vertrek bij je provider wat de mogelijkheden en kosten zijn.
Internetcafés zijn er in de grote steden en toeristische plaatsen.
Eten en drinken
Syrië
In Syrië zijn de eetgelegenheden grofweg in twee categorieën op te delen: eenvoudige kleine eetlokalen, meestal voor de snelle hap en de wat duurdere en deftige restaurants. De internationale keuken is in alle grotere hotels te vinden. Hamburger- en pizzarestaurants zul je niet veel aantreffen. De eenvoudige eetlokalen verkopen meestal slechts één of twee gerechten, die je staande eet of meeneemt. Populair zijn broodjes gevuld met falaffel (gefrituurde balletjes gemaakt van gemalen groene bonen met diverse sauzen), foel (bruine bonen met olie en citroen), shawarma (gemarineerd lamsvlees dat aan een grote spies is gestoken en waarvan dunne plakjes worden afgesneden). Een warme maaltijd begint traditioneel met mezze, een tafel vol met kleine hapjes, sauzen en salades. Deze mezze staan doorgaans per stuk op de menukaart vermeld. Het is vooral leuk om dit met een groepje te eten. Reken daarbij op twee of drie gerechten per persoon. Bekende mezze zijn: kibbeh (gefrituurde balletjes gemaakt van een mix van vlees, walnoten en/of pijnboompitten met bloem en uitjes), moettabal (een dip van aubergine, yoghurt en tahin), labaneh (sausje van zachte geitenkaas met olie, stukjes peper en/of tijm), hoemoes (smeuïge gepureerde kikkererwten en sesam) en tabuleh (tarwekiemsalade met stukjes ui, tomaat en peterselie). Hoofdgerechten bestaan vaak uit shawarma (gegrild gehakt) of faroedj (gegrilde kip) met friet. Deze gerechten worden doorgaans geserveerd met het typische platte brood, eish, en gemengde salade van tomaten, verse peterselie en komkommer. Bijzonder zijn de stoofpotten sawani (met kip, aardappelen en kruiden) en treeda (gehakt en aubergine in een kruidige saus van yoghurt en tomaten). Mensaf is een typisch bedoeïenengerecht dat bestaat uit lamsvlees geserveerd met rijst en pijnboompitten. Wie geen vlees wil, kan een groentegerecht nemen. De bekendste zijn: karnabit maqli (geroosterde bloemkoolroosjes met sesamsaus), badhinjan mahshi (gevulde aubergine in tomatensaus) en mnazalet banadora (gevulde tomaten). Brood neemt een belangrijke rol in de keuken van het Midden-Oosten. Het wordt meerdere keren per dag gebakken en bijna altijd warm gegeten. Bij de mezze neemt het brood de rol van bestek over. Je neemt een stukje brood in de hand en doopt het in een saus of pakt er een hap salade mee.
De desserts zijn allemaal heel zoet en bestaan meestal uit bladerdeeg met noten, doordrenkt met honing. Na de maaltijd wordt traditioneel thee gedronken.
Thee, chay, is de nationale drank bij uitstek en wordt overal in kleine glaasjes geserveerd. Als je geen suiker wilt, kun je dat aangeven met b'dun shakar. Ook koffie is erg geliefd, vooral Turkse koffie. Die wordt opgekookt met suiker en geserveerd in een soort poppenservies. Laat het bezinksel eerst even zakken. Je kunt ook Arabische koffie bestellen, dat is koffie die meerdere malen wordt opgekookt en met kardemom gekruid wordt. Als je bij de mensen thuis komt, serveert men meestal deze Arabische koffie, ook als je thee bestelt. Minimaal drie kopjes drink je uit beleefdheid, daarna kun je je hand op je kopje leggen, als teken dat je genoeg hebt. Daarna komt eventueel de gewenste thee.
Hoewel de islam officieel het drinken van alcohol verbiedt, is dit toch makkelijk verkrijgbaar (behalve tijdens de ramadan) en wordt het veelvuldig gedronken. In Syrië wordt alcohol verkocht in slijterijen. Het lokale Syrische bier (Barada en Chark), gebotteld in grote flessen van 3/4 liter doet niet echt onder voor Nederlands of Belgisch bier. De lokale wijnen zijn niet onaardig. De Arabieren drinken ook arak, voor, tijdens en na het eten. Arak is een anijsdistillaat, dat op de Griekse ouzo lijkt en hetzelfde is als de Turkse raki. Arak wordt aangelengd met water. Als je geen alcohol drinkt, kun je je in Syrië tegoed doen aan verse vruchtensappen (onder andere banaan, sinaasappel, citroen), maar let er dan wel op of je sap wordt aangelengd met water. Frisdrank is ook verkrijgbaar. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Overal zijn flessen gezuiverd drinkwater te koop. Let er wel op dat de flessen hun oorspronkelijke sluiting hebben.
Turkije
In Turkije heb je in de wat grotere plaatsen een ruime keuze aan restaurants waar je voor een redelijk bedrag kunt genieten van allerlei schotels. De Turkse keuken is beroemd om haar verfijnde spijzen, al bieden de doorsnee restorans (restaurants) en lokanta's (goedkope zelfbedieningsrestaurants) veelal een soortgelijk assortiment aan gevulde groenten en stoofschotels en bereidt iedere kebap salonu vleesgerechten aan het spit. Wel heeft iedere streek haar eigen regionale specialiteiten. In de lokanta staan bij de ingang grote bakken met kant-en-klaar eten, dat warm gehouden wordt. Restorans zijn over het algemeen duurder dan lokanta's. Als je de menukaart niet begrijpt, kun je in vitrines je gerecht(en) uitzoeken. Vaak mag je een blik in de keuken werpen, als je dat eerst even vraagt. Het ontbijt bestaat uit brood waarbij witte geitenkaas, olijven, boter, jam en soms eieren en vleeswaren worden geserveerd. Is er in je hotel geen kahvaltý (ontbijt) te krijgen, dan vind je in de buurt meestal wel een pastane (banketbakker) of lokanta waar men een ontbijt serveert. Turken eten hun hoofdmaaltijd vaak halverwege de dag. ’s Avonds volgt een warme, maar lichtere variant. Traditioneel begint een Turkse maaltijd met meze, een keur aan voorgerechten, de meeste koud geserveerd, waaruit je een aantal kiest. Typische voorgerechten zijn: Patlican salatasi (salade van gemalen aubergine), piyar salatasi (salade van witte bonen), börek (tot sigaren opgerolde bladerdeegrolletjes gevuld met bijvoorbeeld rijst en gehakt of met kaas en peterselie), biber dolmasi (met rijst en gehakt gevulde paprika's of aubergines), yaprak dolma (wijnblad gevuld met rijst). Een gemengde salade bestaat uit vaak niet meer dan een paar schijven tomaat, komkommer en wat uienringen. Er zijn ook meer gevarieerde salades. Over het algemeen wordt de salade vóór het hoofdgerecht geserveerd. Het hoofdgerecht bestaat meestal uit lams- of schapenvlees, gegrild of gestoofd met groenten, vers brood en pilav (rijst) of gekookte gebroken tarwe (bulgur).
Sishkebab (een spies met stukjes geroosterd lamsvlees) is een Turkse uitvinding. Overal tref je de kebapçis aan en döner kebab (schapenvlees dat in lange repen aan een spit bevestigd is en langzaam langs een gloeiend vuur draait; de geroosterde buitenkant wordt er in dunne schijfjes afgesneden), adana kebab (sterk gekruid geroosterd vlees), köfte (gehaktballetjes), shaslik (spies met stukjes rund- of schapenvlees waar ook uien, stukjes nier en lever tussen zitten). In veel restaurants kun je ook kip (tavuk) bestellen, die op verschillende manieren kan zijn klaar gemaakt en visschotels. Vis (balik) kan soms prijzig zijn. Er is zwaardvis (kiliç), makreel (uskumru), tonijn (palamut), forel (alabalik) en sardine (sardalya). De vis kan geroosterd (izgara) of gebakken (tava) gegeten worden. Een Turkse pizza is een ander alternatief.
Vegetariërs hebben minder keuze, maar van de honger zul je niet omkomen. Maak gewoon een compleet maal van de meze (voorgerechten). Aubergine is groente nummer één: kijk uit naar de imam bayildi (de priester viel flauw), een schotel met gevulde aubergine. Bladgroenten komen weinig of niet voor, maar komkommer, paprika, aubergine, uien, aardappelen, bonen en courgettes worden volop gebruikt. Groenten worden meestal door en door gaar gekookt of gestoofd.
Een uitgebreide maaltijd wordt afgesloten met een dessert. Toetjes (tatlilar) zijn zoet (vaak druipend van de honing) en bestaan uit een combinaties van vruchten, noten en gebak, zoals de baklava. Helva zijn de mierzoete amandelblokken met sesamolie. Verder is er yoghurt, amandelpudding (asure), rijstpudding (sütlak) of vers fruit zoals appels, peren, sinaasappelen, druiven, perziken, watermeloenen, suikermeloenen of vijgen.
De nationale drank is çay (thee). Thee wordt geserveerd in kleine glaasjes met een paar klontjes suiker op een schoteltje. Koffie (kahve) is minder populair en dus moeilijker te krijgen. Het wordt gedronken uit hele kleine kopjes met veel drab erin, die eerst moet bezinken. In veel toeristische restaurants wordt in plaats van Turkse koffie ook wel nescafé geserveerd. Hoewel alcohol voor de meeste moslims officieel is verboden, nemen veel Turken het daarmee niet zo nauw. Bier, wijn en raký zijn in de wat duurdere restaurants vaak gewoon verkrijgbaar. Raki is een sterk alcoholische anijsdrank, die uit druiven wordt gedestilleerd. Deze wordt puur gedronken of aangelengd met water. Frisdrank is overal goed verkrijgbaar. Je kunt beter geen water uit de kraan drinken, mineraalwater (maden suyu) is bijna overal te koop.
Iran
Een restaurant vinden is geen probleem, en de maaltijden zijn spotgoedkoop. Maar als je niet van rijst en brood (nan) houdt, zul je zware tijden beleven in Iran. Iraanse gerechten zijn erg mild gekruid. In Iran eet men met mes en vork. Messen vind je alleen in luxe restaurants.
De meeste Iraniërs eten twee keer per dag warm. Een typisch Iraanse maaltijd begint met smaakvolle, dikke soep (ash). Daarna volgt salade, standaard opgediend met slasaus. De rauwe salades zijn normaal gesproken te vertrouwen. Probeer ook de heerlijke yoghurt (mast), vaak geserveerd met knoflook. De basis van de hoofdmaaltijd is rijst (chelo of polo). Deze wordt vaak met saffraan geserveerd, waardoor de rijst een gele kleur heeft, en een klont boter. De rijst wordt geserveerd met lamsvlees (kebab) of kip (morgh). Langs de Kaspische en Perzische kust is veel verse vis verkrijgbaar. Een regionale aanrader is abgusht, een stoofpot met aardappels, schapenvlees, tomaat en kikkererwten. Abgusht is vooral in het grensgebied met Azerbaidjan in het westen van Iran te vinden. Je krijgt er een stamper bij om het maaltje te prakken.
In Iran kun je heerlijk fruit krijgen, zoals granaatappels, bananen, dadels en meloenen. Iran’s pistachenoten zijn wereldberoemd. Saffraan en andere kruiden zijn erg goedkoop in Iran. Iraniërs zijn ook dol op ijs (faludé).
Iraniërs drinken de hele dag thee. Tijdens het theedrinken klemmen ze suikerklontjes tussen hun tanden. Koffie is nauwelijks te vinden; soms is er in dure hotels Nescafé. Bij het eten drinken Iraniërs frisdrank zoals ZamZam, Coca Cola of Pepsi maar ook mineraalwater. Een heerlijke traditionele dorstlesser is dogh, een yoghurtdrank met zout en kruiden. Alcohol is strikt verboden. Ook zijn er volop verse vruchten- en groentesappen te krijgen.
Centraal-Azië
Het eten in Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizstan zal voor de meeste reizigers geen cultureel hoogtepunt zijn. Er is niet veel variatie en het eten is voor onze begrippen nogal vet.
Het ontbijt in de meeste hotels bestaat uit een ontbijtbuffet met thee, koffie, brood, pannenkoekjes (blinsjikis), eieren, jam, fruit en tvarok (een soort kwark) of kefir (een soort karnemelk) en melk.
Traditioneel eten kan het beste ‘s middags in een chaikhana's (theehuizen) of eethuisje. Thee, zwart of groen, haal je bij de theeman die een grote samovar heeft waaruit hij de theepotten vult met gekookt water. Vervolgens loop je langs verschillende stalletjes die ieder hun eigen gerechten verkopen. Leposhka’s, de ronde broden die op iedere straathoek verkocht worden, vormen een onderdeel van iedere maaltijd. Leg ze nooit met de versierde bovenkant naar beneden want dat betekent dat je het eten niet waardeert. Zakoeskie zijn koude voorgerechtjes en salades zoals rode bieten salade of kwark met radijsjes en bieslook. Plov, het standaardgerecht in heel Centraal-Azië, is rijst met schapenvlees, uien, wortels en rozijnen gebakken in schapenvet. Laghman is een noedelspoep waarvan de samenstelling nogal kan verschillen maar er zit altijd schapenvlees en groenten in. Shurpa is een vettige soep met een homp vlees en groenten. Erg populair zijn sjasliks, stukjes schapenvlees aan het spies. Vooral de stukjes onverteerbaar vet tussen het vlees zijn de delicatesse bij de plaatselijke bevolking. Sjasliks eet je samen met uien, azijn en brood. Tussendoortjes zijn: manti, gestoomd deeg met een vlees- of groentevulling vlees; somsa, broodjes uit de oven, gevuld met uien en vlees; pelmeni, een soort van ravioli en pierosjki, een soort platte oliebol soms gevuld met aardappel.
Daarnaast zijn er restaurants waar overwegend Russisch eten geserveerd wordt zoals borsjt (bietensoep), bifsteks (gehakt), bief stroganoffs (vlees in een sausje) en kotelet (gepaneerd vlees).
In de grotere steden heb je tegenwoordig de keuze uit restaurants met een internationale keuken zoals Indiaas, Italiaans, Chinees of Koreaans. Ook liefhebbers van fastfood komen hier aan hun trekken. Voor vegetarische reizigers het niet de meest ideale landen maar je kunt overleven. Plov en laghman kunnen soms zonder vlees besteld worden, daarnaast is er een uitgebreide assortiment aan salades en zakoeskie (koude voorgerechtjes). Het beperkte aanbod aan vegetarisch eten heeft niets te maken met een gebrek aan groenten en fruit; de bazaars zijn er vol van. Eten zonder vlees is geen eten, vindt men. Het beste eten wordt bij de mensen thuis gemaakt, dus grijp je kans als je uitgenodigd wordt.
Bij het eten worden mineraalwater en frisdranken geserveerd. Koffie is niet altijd verkrijgbaar dit in tegenstelling tot thee dat overal en altijd gedronken wordt. Wodka is er in alle soorten en maten, evenals Oezbeekse champagne en cognac. Lokale wijn is moeilijker te krijgen en lijkt vooral op port. Kwas is een soort licht alcoholisch drankje gemaakt van oud brood en gist. Westers bier is bijna overal te koop terwijl het lokale bier veel moeilijker te vinden is. De nationale drank van Kirgizstan is koumis, licht alcoholische paardenmelk. Het wordt meestal door nomaden langs de kant van de weg verkocht en smaakt een beetje naar waterige karnemelk.
In heel Centraal-Azië moet je geen water uit de kraan drinken. Flessen water is bijna overal te koop.
China
In het uiterste noordwesten van China, Xinjiang, is de invloed van de moslims duidelijk merkbaar. Je krijgt er kebab (spiesjes rund- of schapenvlees) die geserveerd worden met grote ronde broden. In de ‘gewone’ Chinese keuken is varkensvlees een veel gebruikt ingrediënt. Ook als je specifiek om iets anders vraagt bestaat de kans dat je varkensvlees krijgt. Om dit uit te sluiten kun je in de meeste grote steden terecht in restaurants die door moslims worden gerund en waar je halal kunt eten. Daarnaast zijn er in Kashgar genoeg restaurants die gerund worden door Han-Chinezen; de plekken waar je als vegetariër weer even aan je trekken komt.
Feestdagen
Syrie, Turkije, Iran, Turkmenistan, Oezbekistan, Kirgizstan en China kennen tal van nationale- en religieuze feestdagen. In de islamitische landen en streken zijn er de islamitische feesten zoals het suikerfeest na afloop van de ramadan (10 september 2010) en het offerfeest (17 november 2010). Tijdens de vastenmaand (van 11 augustus tot 10 september 2010) blijft het openbaar leven functioneren en grote delen van de bevolking doen er niet aan mee.
Nowruz (21 maart) is een wijdverspreid feest dat vooral in Iran, maar ook in Centraal-Azië gevierd wordt. Het begin van Nowruz (letterlijk nieuwe dag), valt samen met het begin van de lente (21 maart). In Iran begint dan tevens het nieuwe jaar omdat de Perzische jaartelling begon op de eerste dag van de lente 622, het jaar dat de profeet Mohammed in Medina het religieuze en wereldlijke gezag in handen kreeg. Het feest van Nowruz dateert al uit de tijd dat Indo-Europese volkeren (de latere Meden en Perzen) zich rond 1500 voor Christus in Iran vestigden. Het feest is echter al eeuwen overgoten met een islamitisch sausje om het als traditie in stand te kunnen houden. Ook de tradities die stammen uit de tijd van het zoroastrisme vinden nog steeds plaats. Zo wordt er op de laatste dinsdag van het oude jaar nog steeds over kampvuren gesprongen, een duidelijke verwijzing naar de goddelijke aanbidding van het vuur van de zoroasters. Tijdens deze gebeurtenissen zingen de mensen tegen het vuur: Geef me jouw rode kleur, dan krijg jij mijn gele kleur. Rood symboliseert gezondheid en geluk, geel ziekte en ongeluk.
Het Chinese Nieuwjaar of lentefestival (Chun Jie) is voor de Chinezen de belangrijkste jaarlijkse feestdag waarbij iedereen minstens twee dagen vrij heeft. Ook in vele steden buiten China wordt het Chinese Nieuwjaar gevierd. Het Chinese Nieuwjaar valt op de dertigste dag van de twaalfde maanmaand, dat valt in de periode van half januari tot half februari (in 2010 begint het op 14 februari). Voorafgaand aan het feest worden de huizen grondig schoongemaakt, gerepareerd of geschilderd; aan de deur hangt men stroken rood papier met gelukswensen om de kwade geesten te verdrijven. Het eten wordt enkele dagen van te voren klaargemaakt, want het brengt ongeluk om in de eerste dagen van het jaar een mes te gebruiken. Typische gerechten zijn in niangao (zoete rijstpudding) en mantou (gestoomde broodjes). Op oudejaarsavond is de familie bij elkaar en wisselt met cadeautjes uit. Kort voor middernacht wordt er vuurwerk afgestoken. De eerste dag in het nieuwe jaar is voor familiebezoek, de andere twee dagen bezoek je vrienden.
Belangrijke nationale feestdagen zijn.
Syrië: Nieuwjaarsdag (1 januari), Dag van de Unie (22 februari), Dag van de Revolutie Eid al-Thawra en Vrouwendag (8 maart), Dag van de Arabische Liga (22 maart), Onafhankelijkheidsdag (17 april), Dag van de Arbeid (1 mei), Dag van de Martelaren Eid ash-Shuhada (6 mei), Dag van de Oktoberoorlog (6 oktober), Dag van de 'Correctiebeweging', Tishreen (16 november) en Boerendag (14 december).
Turkije: Nieuwjaarsdag (1 januari); Onafhankelijkheids- en kinderdag (23 april); Herdenkingsfeest Atatürk en Jeugd- en sportdag (19 mei); Dag van de Overwinning in de Turks-Griekse onafhankelijkheidsoorlog in 1922 (30 augustus); Dag van de Republiek, oprichting van de Republiek Turkije (29 oktober).
Iran: Dag van de Revolutie: (11 februari), Dag van de Nationalisatie van de olie in 1951 (20 maart), Nowruz, nieuwjaar (21-24 maart), Dag van de Islamitische Republiek (1 april), Sizdahbedar: de dertiende dag van het Iraanse nieuwjaar (2 april), Herdenking van de dood van Khomeini (4 juni), Herdenking van de arrestatie van Khomeini in 1963 (5 juni).
Turkmenistan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Remembrance Day (12 januari); Vlaggendag (19 februari), verjaardag van de president; Internationale vrouwendag (8 maart); Paardendag (27 april); dag van de Overwinning (9 mei), Dag van ‘Revival & Unity’ (18 mei); Dag van het gedicht Magtymguly (19 mei); Tapijtendag (25 mei of de laatste zondag in mei), Dag van de verkiezingen van de eerste president (21 juni), Meloendag (10 juli); Turkmenbashi Dag ( 14 juli); Dag van de herinnering van aardbeving in 1948 ( 6 oktober);Onafhankelijkheidsdag (27-28 oktober); Studenten jongerendag (17 november); Brooddag (30 november); Goede burendag (7 december); Neutraliteitsdag (12 december).
Oezbekistan: Nieuwjaarsfeest (1 januari); Internationale Vrouwendag (8 maart) op deze dag krijgen vrouwen en meisjes cadeautjes, bloemen en kaarten. Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Overwinning, einde van de tweede wereldoorlog (9 mei); Onafhankelijkheidsdag (1 september), deze dag wordt groots ge¬vierd met markten waar snoep verkocht wordt, muziek- en dans¬voor¬stellingen en vuurwerk. Het initiatief tot de viering komt echter vooral van de overheid, die een bijzondere waarde hecht aan deze dag; Dag van de Grondwet (8 december).
Kirgizstan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Russisch-orthodox kerstmis (7 januari); Internationale vrouwendag (8 maart); Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Grondwet (5 mei); Dag van de Overwinning (9 mei) wordt het einde van de tweede wereldoorlog gevierd;Dag van het leger in Kirgizstan (29 mei); Onafhankelijkheidsdag (31 augustus).
China: Nieuwjaar (1 januari); Internationale Vrouwendag (8 maart); Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Jeugd (4 mei); Dag van het Kind (1 juni); Dag van de Communistische Partij (1 juli); Dag van de stichting van de PLA (1 augustus); Dag van de Volksrepubliek (1 oktober).
Gewoonten en gebruiken
Realiseer je goed dat er tussen ieder land en streek verschillen zijn in de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Ga je voortdurend uit van je eigen normen en waarden dan zal uiteindelijk alles wat daarvan afwijkt je gaan irriteren. En dat geeft veel onnodige stress. Accepteer dat mensen in bepaalde opzichten andere eisen stellen dan jij gewend bent. Ze gaan bijvoorbeeld anders om met afspraken of hebben een ander tijdsbesef. Dit maakt hen niet minder, wel anders. Met een goede voorbereiding (lees bijvoorbeeld de boekjes TE GAST IN Syrie & Jordanie, TE GAST IN Turkije en TE GAST IN China, te bestellen via
www.tegastin.nl ) kun je je alvast instellen op deze culturele verschillen. Ter plekke is het de kunst om positief te blijven, je flexibel op te stellen en die andere levenswijze te respecteren zonder daarbij je eigen grenzen te overschrijden. Neem de tijd, probeer open en tolerant te zijn en probeer een praatje met mensen te maken. En spreek je de taal niet, dan zijn er andere manieren om contact te maken. Een eenvoudige begroeting of een simpele lach kost niets en opent overal deuren en harten.
Syrië
Syriërs zijn erg gastvrije mensen. Het is voor hen heel gebruikelijk om vreemdelingen in hun huizen te verwelkomen. Die traditie komt voort uit de hardheid van het woestijnleven; zonder voedsel, water en beschutting zouden de meeste woestijnreizigers niet overleven. Waar je ook bent, de kans is groot dat je veelvuldig wordt uitgenodigd voor een kopje thee of wat te eten. Goed om te weten is, dat zelfs serieuze uitnodigingen over het algemeen zo vrijblijvend zijn, dat je er niemand mee voor het hoofd stoot als je er niet op in wenst te gaan. Door je rechterhand over je hart te leggen, kun je op een beleefde manier bedanken voor het vriendelijke aanbod.
Mocht je bij iemand thuis uitgenodigd worden, trek dan je schoenen uit voordat je het huis binnentreedt. Voorkom het tonen van de schoenzolen; dit wordt als uiterst respectloos ervaren. Het is beleefd om je gastheer een cadeautje (gebak, snoepjes of bloemen) te geven en denk eraan om niet met je linkerhand te eten, die wordt immers gebruikt om het achterwerk te reinigen.
Syriërs gebruiken veel gebaren tijdens hun conversaties en omdat sommige daarvan sterk afwijken van de onze, is enige uitleg op zijn plaats. Men zegt ‘nee’ door het hoofd achterover te gooien en het klakken van de tong. Je kunt op een beleefde manier ‘nee dank u wel’ aangeven door de rechterhandpalm op het hart te leggen. Subtiel nee aangeven gebeurt door het optrekken van de wenkbrauwen. Als je geen koffie of thee meer wilt, legt je je hand op het kopje en zegt sjoekran (dank u wel) of da`iman (moge het altijd zo zijn). Bedoeïenen draaien het koffiekopje een paar keer in het rond om hetzelfde aan te geven. Als men iets niet begrijpt, schudt men het hoofd (zoals ons nee). Een meer algemene verbazing (wat wil je?, waar ga je heen?, wat is er aan de hand?) duidt men aan door de arm iets uit te strekken en met de hand een draaiende beweging te maken, alsof men een deurknop opendraait met gestrekte vingers. Mannen die de weg vragen, moeten er niet van staan te kijken als ze bij de hand of arm genomen worden, en zo naar de gevraagde bestemming worden gebracht.
De vrouwelijke bevolking in Syrië draagt een mengeling van oosterse en westerse kleding. Een vrouw in een spijkerbroek of jurk is volkomen normaal. Daarnaast dragen met name in Syrië nog veel vrouwen een lange zwarte chador, een grote omslagdoek die vaak meters lang is en om het lichaam en over het hoofd wordt gedraaid. Soms hebben vrouwen ook een gezichtssluier. Bedoeïenenvrouwen zijn meestal gehuld in kleurrijke jurken en hoofddoeken. Mannen dragen een jalabiyyeh (lange oosterse jurk), waarop ze bijna altijd een colbert dragen van westerse snit. Anderen zijn volledig westers gekleed. Veel mannen dragen nog een rode of zwarte hoofddoek, de keffiyeh. Het is raadzaam om bij de keuze van je kleding rekening te houden dat je in een overwegend islamitisch land reist. In Syrië kun je als vrouw redelijk relaxed reizen als je ‘discrete’ kleding draagt. Dus geen topjes met spaghettibandjes, maar kleding die schouders en bovenbenen bedekt. In dorpen is het ongepast om naar theehuizen te gaan of andere plaatsen waar alleen mannen komen. Probeer direct oogcontact te vermijden, want dit wordt meestal als een uitnodiging opgevat. In het algemeen heb je minder problemen als je een bepaald zelfvertrouwen uitstraalt. Mocht je toch worden lastiggevallen dan kun je het proberen te negeren of je laat duidelijk merken dat je hier niet van gediend bent. Het gebruik van woorden als aib of haraam (schaam je!, schande!) kunnen hierbij van nut zijn.
Turkije
Turken zijn over het algemeen zeer beleefde en gastvrije mensen. In toeristische gebieden kunnen straatverkopers wel eens opdringerig zijn, maar dat is doorgaans aan het gedrag van de toeristen zelf te wijten. Indien je met rust gelaten wilt worden, kun je dat gewoon vriendelijk laten weten.
Mocht je bij iemand thuis uitgenodigd worden, trek dan je schoenen uit voordat je het huis binnentreedt. Als begroeting geef je elkaar een had. Voorkom het tonen van de schoenzolen; dit wordt als uiterst respectloos ervaren. Het is beleefd om je gastheer een cadeautje (zoetigheid of bloemen) te geven en denk eraan om niet met je linkerhand te eten, die wordt immers gebruikt om het achterwerk te reinigen.
Voor de wet zijn vrouwen gelijk aan mannen, maar in een afgelegen gebied als Oost-Turkije hebben vrouwen niet veel te vertellen. Voor traditionele Turkse vrouwen gelden strenge regels. Totdat een meisje een huwelijkskandidaat heeft gevonden en getrouwd is, zal er door haar familie streng gewaakt worden over haar eerbaarheid en maagdelijkheid.
Het is raadzaam om bij de keuze van je kleding ermee rekening te houden, dat Oost-Turkije een overwegend islamitisch, traditioneel gebied is. Voor vrouwen geldt, meer dan voor mannen, dat ze zich het best wat conservatief kunnen kleden.
Iran
Iraniërs zijn erg gastvrije mensen. Gastvrijheid bestaat in Iran uit een aantal uitgebreide rituelen, die altijd met eer hebben te maken. Een oud Perzisch verhaal portretteert de gast als ‘habib-e khoda’, een geliefde en vriend van God die genade brengt en pijn en ellende doet verdwijnen. Hoe meer gasten, hoe minder ellende, zo luidt de volkswijsheid. De gast mag dan ook rekenen op het diepe respect van de gastvrouw- en heer. Het beste voedsel is voorbehouden aan de gast en bij vertrek krijgt hij vaak een geschenk. Na zijn vertrek wordt niet meteen opgeruimd en schoongemaakt, omdat de genade die de gast met zich meebracht dan uit het huis zou kunnen verdwijnen. Dit gastvrijheidritueel is in de loop der tijd afgezwakt doordat velen naar de stad emigreerden en daar grootste moeite hadden om een fatsoenlijk bestaan op te bouwen. Op het platteland bestaat de traditionele gastvrijheid echter nog altijd in zijn oude vorm.
Personen van hetzelfde geslacht begroeten elkaar uitbundig. Mannen die elkaar als vrienden beschouwen, vinden het de gewoonste zaak om hand in hand te lopen. Volwassen mannen en vrouwen geven elkaar doorgaans geen hand.
Als je bij iemand thuis wordt uitgenodigd, getuigt het van respect voor de ouders, ook de kinderen een hand te geven. Vaak wordt thee geserveerd en het is beleefd kleine versnaperingen te accepteren. Wees niet te direct. Als je iets aangeboden wordt, dien je eerst een keer te weigeren. De tweede of derde keer kun je iets accepteren. Dat geldt ook andersom: als je een Iraniër een kopje thee aanbiedt, zal hij altijd eerst één of twee keer weigeren. Het is gebruikelijk bij iemand thuis de schoenen uit te doen.
Wie serieus contact wil hebben met een Iraniërs, doet er goed aan eerste uitgebreid naar de familieomstandigheden te informeren, vervolgens enige tijd over koetjes en kalfjes te praten, om pas dan tot serieuze onderwerpen over te gaan.
Iraniërs houden er niet van om een vraag met ‘nee’ te beantwoorden. Een reden hiervoor is het willen voorkomen van een conflict. Inshaallah of be omid-ekhoda is een veilige tussenweg, die in de meeste gevallen ‘vergeet het maar!’ betekent. Dat deze gewoonte diep zit, komt tot uiting in het spreekwoord dorough-e maslehat-amiz beh az rast-e fetneangiz: een leugen om bestwil is beter dan de waarheid die tot conflict leidt.
Wie om de rekening vraagt krijgt vaak qabel nadarad (het heeft geen waarde) te horen. De regels van ta’arof (beleefdheidsvormen) bepalen dat de klant vervolgens enige malen aandringt. De verkoper kan dan zeggen: maar meneer, geeft u dan wat u wilt! Als de klant vervolgens een bedrag noemt dat niet in de buurt komt van de verwachte prijs, stokt het ritueel meestal en wordt de verkoper directer.
Iraniërs stemmen toe door het hoofd naar met een kleine draai naar beneden te buigen. Ze geven een nee-signaal af door hun hoofd met een korte ruk naar achter en vervolgens weer naar voren te bewegen. Men wenkt iemand door met gestrekte arm met de handpalm naar beneden een strekkende beweging met de vingers te maken.
Iraniërs zijn zeer gevoelig voor complimenten. Voorkom het tonen van de schoenzolen; dit wordt als uiterst respectloos ervaren. Gebruik altijd de rechterhand voor het aannemen bijvoorbeeld visitekaartjes, dranken en etenswaren. Alcohol is in Iran ten strengste verboden.
Ouderen nemen in de Iraanse samenleving een speciale plaats in. Oudere mannen worden rish sefidan, de witte baarden genoemd. Het getuigt van weinig respect om in hun aanwezigheid te roken of te drinken. De meeste Iraniërs vinden het schaamteloos om familieleden op hun oude dag bij een bejaardenhuis af te leveren. Wanneer familieleden niet ver van elkaar verwijderd leven, woont de grootmoeder of grootvader vaak bij de kinderen in huis. Tijdens belangrijke gebeurtenissen in het leven zoals geboorte, huwelijk en dood is voor ouderen vaak een speciale rol weggelegd. Ook bemiddelen ouderen soms bij familieproblemen en dreigende echtscheidingen.
Vrouwen zijn verplicht altijd en overal (ook in restaurants en de lounges van hotels) een hoofddoek en een lange, wijdvallende jas tot op de knieën te dragen. Dit geldt ook al wanneer je met Iran Air vliegt. Ook mannen dienen zich aan de kledingvoorschriften te houden: korte broeken en - bermuda's - zijn absoluut verboden. Teheran en Isfahan zijn moderne steden en de vrouwen gaan er relatief losjes gekleed: een vlotte, moderne lange jas met een losse hoofddoek. Op andere plaatsen worden de kledingvoorschriften soms strenger toegepast. Toch is het dragen van een chador (het gehele lichaam bedekkend zwart 'kleed') ook daar niet noodzakelijk. Alleen voor het bezoeken van de religieuze heiligdommen zoals bijvoorbeeld in Ghom en Mashad is de chador verplicht. Deze chadors kun je in Iran zelf kopen en soms zijn ze bij de ingang van een moskee te leen.
Centraal-Azië
Turkmenen, Oezbeken en Kirgiezen zijn zeer gastvrije mensen. Een gast mogen ontvangen is in deze regio een hele eer daarom geef je hem zonder meer alles, ook al heb je zelf niets. Dat is voor westerlingen soms moeilijk te accepteren, maar deze gastvrijheid weigeren is zoiets als grafschennis. Probeer ervan te genieten en het te honoreren door bijvoorbeeld van al het eten of drinken dat je aangeboden wordt tenminste een kleinigheid te proeven.
Wanneer je bij iemand thuis uitgenodigd wordt, neem dan een cadeautje mee zoals een bos bloemen of doos bonbons. In huis dien je je schoenen uit te trekken, meestal krijg je pantoffels aangeboden. Vermijd het om met je schoenen op de dastarkhan, het kleed dat als een soort tafel dient, te stappen. Zorg er ook voor dat terwijl je zit, je voetzolen niet naar iemand wijzen. Eet met je rechterhand en probeer daar ook alles mee aan te pakken, de linkerhand is volgens moslims onrein.
Thee is het eerst dat je aangeboden krijgt als je ergens te gast bent. Het is het teken van gastvrijheid en je drinkt het uit theekommetjes (pyala’s). Thee wordt in grote theepotten gezet en drie maal teruggeschonken in de kop voordat het opgedronken mag worden. De theekommetjes worden nooit helemaal volgeschonken, want dat betekent dat iemand onwelkom is en moet opstappen. Wanneer de thee te warm is, blaas er dan niet in maar draai de thee in de kom voorzichtig rond. Brood is heilig in Centraal-Azië. Leg brood niet op de grond, niet met de onderkant naar boven en gooi het niet weg. Als iemand je een kopje thee aanbiedt en je hebt er geen tijd voor, zal hij je in plaats van thee brood aanbieden. Breek er in ieder geval een stukje vanaf en bedank met het gebruikelijke dankteken, de amin. Beide handpalmen worden boven het gezicht geheven en vervolgens wordt langzaam een neergaande beweging langs de wangen gemaakt.
Voor mannen is het schudden van handen een veelvuldige bezigheid in Turkmenistan , Oezbekistan en Kirgizstan een teken van warmte en vriendschap. Ook leggen veel mannen hun rechter hand op hun hart en buigen naar voren. Goede vrienden schudden elkaar de hand door de handpalmen in elkaar te leggen terwijl de duim naar boven steekt. Er wordt niet gedrukt of geknepen. Vrouwen schudden over het algemeen geen handen. Ze raken de schouders van elkaar aan met de rechterhand en aaien er zachtjes overheen. Jonge vrouwen kussen oudere vrouwen vaak op hun wang als teken van respect.
De traditionele kleding van Oezbeekse mannen bestaat uit lange, kleurige gestreepte jassen (chapans) en wijde broeken die bij de kuiten uit hoge laarzen poffen. Tegenwoordig zie je alleen nog oude mannen met deze kledij rondlopen. Op hun hoofd dragen ze een doppa (tsjoebeteika). Deze geborduurde hoofddeksel komen oorspronkelijk uit de Fergana en zijn in de loop der eeuwen overgenomen door alle Oezbeekse clans. Vroeger had ieder clan zijn eigen motieven op de doppa, tegenwoordig is de zwarte doppa met peperboomvruchten het symbool van de Oezbeekse man. Vrouwen dragen overwegend bonte zijde jurken, vaak met een kleurige broek. Hun hoofd bedekken ze met gebloemde hoofddoeken, soms dragen ze ook een doppa. Als de doppa wit is betekent het dat de vrouw nog ongehuwd is. In Kirgizstan dragen de mannen een alkalpak, een witte vilten hoed, op hun hoofd. Op het platteland en in de bergen dragen de vrouwen vaak kleurige wijde jurken met een hoofddoek om hun hoofd. In de steden kom je deze kledij bijna niet meer tegen. Ook in Turkmenistan zie je een groot verschil tussen platteland en stad. Fleurige jurken en de telpek (het traditionele hoofddeksel van schapenwol voor de man) zie je vooral buiten de steden.In alle Centraal-Aziatische landen gaat de meerderheid van de bevolking westers gekleed. Houd er bij de keuze van je kleding rekening mee dat je door een overwegend islamitisch gebied reist.
China
Chinezen vinden het vreselijk om in het openbaar hun gezicht te verliezen. Als Chinezen een lastige vraag niet kunnen beantwoorden, kan het zijn dat ze gaan lachen om hun gêne te verbergen. Dat kan ook gebeuren wanneer men iets niet goed heeft begrepen of niet zeker van zijn zaak is. ‘Het komt niet gelegen’ is voor de Chinees vaak een beleefde manier om te zeggen dat iets onmogelijk of lastig is.
Chinezen zijn erg nieuwsgierig naar de buitenwereld en naar buitenlandse toeristen. Je zult zeker veel aangestaard worden. Als je ‘hello’ zegt, moeten de mensen meestal giechelen of hard lachen. Anderen roepen hard ‘how are you’, alleen om een reactie van de exotische buitenlander uit te lokken. Vaak wil men weten waar je vandaan komt, zelfs als je ziek bij de dokter ligt. Zo kun je directe vragen verwachten over je leeftijd, familie, huwelijkse staat, gezondheid en salaris. Het beste kun je hen dezelfde vragen terugstellen. Denk er wel aan om voorzichtig (tactvol) te zijn als het gaat over politiek gevoelige onderwerpen zoals Taiwan, Xinjiang, Tibet en het (Tianmen) bloedbad op het plein van de Hemelse Vrede.
Als Chinezen met een groep uit eten gaan, is het niet de gewoonte dat iedereen voor zich bestelt. Elke schotel staat ter beschikking van alle tafelgenoten die zich er met hun eigen eetstokjes van bedienen. Regel daarbij is zoveel gasten, zoveel gerechten plus een soep. Voorwaarde is een grote ronde tafel met bij voorkeur een schijf in het midden zodat iedereen makkelijk bij de gerechten kan komen. Soep is de laatste gang. Chinezen vinden voedsel dat in de maag in de soep plonst ongezond.
Tot de Chinese eetgewoonten hoort luidruchtig slurpen en boeren. Na afloop van een maaltijd wordt de tafel en de nabije omgeving soms als een chaotische puinhoop achtergelaten, met overal etensresten, kippenbotten, visgraten, enzovoort. Dit soort gedrag vinden westerlingen over het algemeen onsmakelijk. Ook storen zij zich aan het rochelen waar de meeste Chinezen, vooral op het platteland, zich vol overtuiging aan overgeven. Er wordt lawaaierig geschraapt, gesnoven en gespuugd. Stoor je vooral niet teveel aan dit soort gedrag want het zijn de gewoontes van het land.
Islam
De islam maakt een belangrijk onderscheid tussen dat wat ‘hallal’ is, namelijk in overeenstemming met de koran en dat wat ‘haram’ is, datgene dat tegen de letter of de geest van de koran indruist. In eerste instantie worden deze begrippen gebruikt bij eten en drinken. Alcohol en varkensvlees zijn haram en mogen dus niet genuttigd worden door moslims. Het begrip kent echter ook een ruimere betekenis. Het leven in het Midden-Oosten wordt meer dan in het Westen bepaald door de mate van respect die hij koestert. Ouderdom levert respect op, evenals het bekleden van een functie bijvoorbeeld leraar zijn of moslim zijn en een vroom leven leiden. Ook een westerse toerist, die doorgaans geen moslim is, kan door zich goed te gedragen een basis voor respect creëren en zal ook als zodanig worden behandeld. Maar vertoont deze uitgesproken haram gedrag, dan is de kans dat deze slecht behandeld wordt, afgezet of zelfs bestolen wordt, aanzienlijk groter. Dit geldt bijvoorbeeld voor een vrouw die zich al te bloot vertoont, een dronkelap of iemand die openlijk voor zijn homoseksualiteit uitkomt.
Het is in de meeste islamitische landen (regio’s) niet gebruikelijk dat mannen en vrouwen in het openbaar genegenheid voor elkaar tonen. Terwijl het volkomen normaal is dat mannen elkaar openlijk met kussen kunnen begroeten of vasthouden op straat, is lichamelijk contact tussen mannen en vrouwen echt niet gepast.
Wie een moskee in wil, is van harte welkom maar bedek wel je armen en benen en doe iets op het hoofd (vrouwen). Schoenen laat je bij de ingang staan. Voor vrouwen is vaak slechts een deel van de moskee toegankelijk. Bij de ingang van sommige moskeeën, zoals de Omayyad Moskee in Damascus, krijg je een overjas als men vindt dat je er niet decent genoeg bij loopt. Mannen in korte broek lopen het risico niet in de moskee toegelaten te worden, omslagdoek of niet. Vrijdag is de islamitische zondag. Tijdens het vrijdagmiddaggebed is het niet de bedoeling dat niet-moslims in de moskee komen. Op andere dagen kun je er doorgaans wel terecht. Leid tijdens je bezoek een moslim niet van zijn gebed af door voor hem langs te lopen bijvoorbeeld. Zijn verbinding met Mekka wordt dan doorbroken en zijn gebed ongeldig.
Klimaat
De Syrische kuststreek heeft een mediterraan klimaat met een gemiddelde temperatuur van 25° C in juli en 11° C in januari. Regen valt hier hoofdzakelijk in de winter (november-april). In de berggebieden zijn de temperaturen lager en valt op de westelijke hellingen meer neerslag. Damascus ligt op een hoogte van 720 meter en kent een gemiddelde temperatuur van 7° C in januari, en 26° C in juli. In de winter kan het er zelfs sneeuwen. Het gebied tussen Aleppo en Damascus kent een steppeklimaat, het gehele zuidoosten een woestijnklimaat. In het steppe- en woestijngebied kunnen de temperaturen in de zomer oplopen tot 45° C en in de winter dalen tot onder het vriespunt. Er zijn grote verschillen tussen dag- en nachttemperaturen. In het voor- en najaar komen hier zandstormen voor.
In Turkije komen verschillende klimaatzones voor. In Centraal- en Oost-Anatolië heerst een steppeklimaat met hete en droge zomers en strenge winters. Het klimaat aan de Zwarte Zee is mediterraan, met de kenmerken van een zeeklimaat: het landschap is er groen door de vele regen die er valt. In Istanbul kan het in de zomer flink warm en benauwd zijn, maar het gebied heeft ook relatief veel bewolkte en regenachtige dagen. En voor wie wil (zonne)baden: de kusten van de Egeïsche- en Middellandse Zee garanderen van de lente tot de herfst veel zonneschijn. De beste reistijd is het voorjaar (april tot en met juni) of het najaar (september en oktober).
Iran is een groot land met verschillende weersomstandigheden. Een groot deel van het land staat onder invloed van een landklimaat. Dit betekent dat in de zomermaanden de temperatuur kan oplopen tot zeker 40 graden Celsius terwijl er nauwelijks neerslag valt. Dit is echter een droge hitte die beter te verdragen is dan de vochtige hitte in tropische gebieden. Aan de Kaspische Zee heerst een mediterraan klimaat met iets gematigder temperaturen, maar het is wel veel vochtiger. De wintermaanden zijn koud en in de bergen kan de temperatuur dan dalen tot ver onder het vriespunt. De meest aangename reisperiode voor Iran is van maart tot en met mei en september tot en met november. Als je alleen in de zomermaanden naar Iran kunt gaan, is het verstandig om je dagritme aan te passen aan dat van de lokale bevolking: vroeg opstaan, 's middags een lange pauze in een theehuis of een koele tuin en aan het einde van de middag weer op pad.
Turkmenistan heeft een landklimaat. De zomers zijn extreem warm en de winters koud. De gemiddelde temperatuur is in januari min 4° C, de temperaturen kunnen in de winter echter dalen tot min 33° C. De gemiddelde temperatuur is in juli 28° C, de temperaturen kunnen echter stijgen tot 50° C. De neerslag is over het algemeen het hele jaar door gering. Beste reisperiode is het voorjaar (april-mei) en najaar (september-oktober).
Oezbekistan heeft een landklimaat. De zomers (van mei tot oktober) zijn droog en heet met een gemiddelde temperatuur in juli van 32° C (overdag kan het zo’n 35° C tot 45° C zijn). Dankzij de lage luchtvochtigheid zijn deze hoge temperaturen toch nog goed te verdragen. De winters lopen van november tot februari en kunnen zeer koud zijn met temperaturen tot min 40° C. Regen valt er weinig en als die valt is dat vooral in de bergen en in het oosten van de Ferganavallei. In de nazomer, begin oktober, kan er vooral in berggebieden ook regen vallen. De beste reisperiode is in het voorjaar (april- mei) of in het najaar (september-oktober).
Kirgizstan heeft een berg- en landklimaat met forse verschillen tussen de laag- en hooggelegen gebieden. In de valleien is de gemiddelde temperatuur in juli 28° C en in januari min18° C. Tijdens de zomer heerst in de berggebieden een zeer aangename temperatuur van rond de 25° C. In de winter is het in heel Kirgizstan erg koud. De meeste neerslag valt in het voor- en najaar maar ook in de zomer kan er een bui vallen. Beste reisperiode is van juni tot en met september.
China is een immens land met verscheidene klimaatzones. In het noorden, noordwesten en midden van China heerst een landklimaat met lange, koude winters en korte warme zomers. In de winter kunnen de temperaturen dalen tot min 20º C, in de zomer liggen de temperaturen tussen 25º C en met uitschietrs tot boven 40º C in de Turpan. In de herfst is het overdag nog redelijk warm, maar koelt het ‘s avonds sterk af. Na half oktober stijgt de temperatuur normaal gesproken niet boven de 15º C. Ten zuiden van de lijn Xian - Shanghai heerst een subtropisch tot tropisch klimaat (Hongkong). In de zomer is het iets warmer en vochtiger dan in het noorden en ‘s winters daalt de temperatuur zelden beneden de 10º C. Hier kan het hele jaar door regen vallen. De beste reisperiode is van april tot oktober. In de wintermaanden kan het erg koud worden.
Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).
DAMASCUS | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | 10 | 5 | 7 | - |
| Februari | 12 | 6 | 6 | - |
| Maart | 16 | 7 | 2 | - |
| April | 21 | 9 | 3 | - |
| Mei | 26 | 10 | 1 | - |
| Juni | 30 | 12 | 0 | - |
| Juli | 33 | 13 | 0 | - |
| Augustus | 34 | 12 | 0 | - |
| September | 30 | 10 | 2 | - |
| Oktober | 25 | 8 | 2 | - |
| November | 18 | 7 | 5 | - |
| December | 12 | 5 | 5 | - |
TASHKENT | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | 0 | 4 | 7 | - |
| Februari | 4 | 4 | 6 | - |
| Maart | 9 | 5 | 7 | - |
| April | 15 | 8 | 6 | - |
| Mei | 22 | 10 | 5 | - |
| Juni | 26 | 12 | 3 | - |
| Juli | 28 | 13 | 1 | - |
| Augustus | 26 | 12 | 1 | - |
| September | 22 | 10 | 1 | - |
| Oktober | 14 | 8 | 3 | - |
| November | 8 | 5 | 5 | - |
| December | 4 | 4 | 6 | - |
BEIJING | Maand | T gem | Zon | Regen | T w |
| Januari | -3 | 7 | 2 | - |
| Februari | 0 | 7 | 2 | - |
| Maart | 7 | 8 | 2 | - |
| April | 16 | 8 | 3 | - |
| Mei | 22 | 9 | 4 | - |
| Juni | 17 | 9 | 5 | - |
| Juli | 28 | 7 | 8 | - |
| Augustus | 27 | 7 | 7 | - |
| September | 23 | 8 | 5 | - |
| Oktober | 15 | 8 | 2 | - |
| November | 5 | 6 | 2 | - |
| December | -1 | 6 | 1 | - |
Landschap
Syrië heeft een 180 kilometer lange kuststrook langs de Middellandse Zee.
Dit gebied is rijk aan landbouwgronden en fruitplantages. Er groeien pijn- en olijfbomen, ceders, eiken en cipressen die voor een groot gedeelte nieuw zijn aangeplant. In het voorjaar zie je hier overal bloemen onder andere de blauwe lupine, rode hibiscus, roze koekoeksbloem en paarse distel. Achter deze kuststrook ligt een 1500 meter hoge bergrug Jebel Ansariyeh, die in westelijke richting geleidelijk afloopt naar de Middellandse Zee en in het oosten steil overgaat in steppeachtige vlaktes en vervolgens in woestijn. Dit landschap wordt doorkruist door enkele ondiepe rivieren die soms opdrogen en soms uitmonden in gesloten (zout)meren. De grootste rivier die door Syrië stroomt, is de Eufraat.
Turkije ligt voor 3 procent in Europa (Thracië) en voor 97 procent in Azië (Anatolië). Beide delen zijn van elkaar gescheiden door de Bosporus, de Zee van Marmara en de Dardanellen die samen weer de verbinding vormen tussen de Egeïsche Zee (ten westen van Turkije) en de Zwarte Zee (ten noorden van het land). De landschappen zijn erg gevarieerd. Baaien, rotsen, zand- en kiezelstranden aan de 8000 kilometer lange kuststrook. Hoge bergen, zoutmeren, steppen en rivieren in het Anatolische binnenland. De hoogste bergen liggen in het oosten en vormen een natuurlijke grens met Georgië, Armenië en Iran. De berg Ararat, een uitgedoofde vulkaan, is met 5185 meter de hoogste van het land. Op deze eeuwig besneeuwde berg zou de ark van Noach gestrand zijn. Vulkanisme heeft een belangrijke rol gespeeld in de vorming van het landschap in de oostelijke delen van Anatolie. In Cappadocië is een wonderlijk landschap met rotsformaties ontstaan als gevolg van de vulkanische uitbarstingen van de Erciyas Dagi zo'n 15 miljoen jaar geleden. Door de invloed van regen en wind hebben de vulkanische gesteenten (het zachte poreuze tufsteen en het harde basalt) vreemde vormen gekregen. In het voorjaar laten de kusten van de Middellandse Zee en de Egeïsche Zee één grote bloemenzee zien. Wilde bloemen en struiken zijn alom tegenwoordig. Het Taurusgebergte in het zuiden heeft beboste en kale hellingen, in de lente en zomer begroeid met gras. Aan de kusten zie je palm-, pijn- en avocadobomen, ook groeien er vijgen, olijven, citrusvruchten, bananen. Aan de Zwarte Zee kom je vooral thee en tabaksplantages tegen.
Iran bestaat uit een centrale hoogvlakte (ongeveer 1000 tot 1600 meter hoog) met immense woestijn- en steppegebieden en grote zoutmoerassen. In het noordwesten liggen de gebergten van Armenië en Azerbeidzjan. De Sabalan (4811 meter) is de hoogste vulkaankegel. De gebergten lopen glooiend uit in beboste heuvels, afgewisseld met weiden en intensief bebouwde vruchtbare vlakten. In het noordwesten zetten de bergen van Azerbeidzjan zich voort in het Albrozgebergte dat een natuurlijke grens vormt tussen Centraal-Iran en de vruchtbare kustvlakten met vooral rijst- en theeplantages van de Kaspische Zee. In het westen en zuiden verheft zich het Zagrosgebergte met een gemiddelde hoogte van 3500 meter. Als gevolg van de hevige erosie van het kalksteen ziet het landschap er vrij ruw uit. Het zuidoosten van Iran bestaat geheel uit woestijn.
Turkmenistan ligt voor het merendeel beneden de 200 meter en bestaat voor het grootste gedeelte uit de Karakumwoestijn (zwarte woestijn met steeds veranderende zandduinen). Alleen het Kopet Dag gebergte langs de grens met Iran, en het Karabilplateau langs de grens met Afghanistan liggen boven de 500 meter. Het gebied langs de Kaspische Zee ligt beneden de zeespiegel. De rivieren Murgab en de Hari Rud lopen dood in de woestijn.
Oezbekistan bestaat voornamelijk uit woestijn en semi-woestijn. Het uitgestrekte laagland in het westen bestaat uit de Kyzylkumwoestijn (rode zand) en de oase Choresem aan de beneden loop van de rivier Amu Darja. Hier leven gazellen, dromedarissen en kamelen, slangen en schorpioenen. In het uiterste westen ligt het Aralmeer en het Ustjurtplateau. De Amu Darja en de Syr Darja zijn de twee grootste rivieren van Oezbekistan; ze vinden hun oorsprong in de bergketens ten oosten van Oezbekistan. Het oosten bestaat uit het grootste gedeelte van het Ferganabekken en de uitlopers van de Tian Shan en Zerafshanketen met pieken tot 4500 meter hoog. Het berggebied is de thuishaven van beren, lynxen, berggeiten en zelfs de sneeuwluipaarden. Het vruchtbare en dichtbevolkte Ferganabekken wordt aan alle kanten omringd door bergketen en rivieroases. Deze vallei (300 kilometer lang, 170 kilometer breed) is de grootste vallei van Centraal-Azië. In Oezbekistan is veel van de oorspronkelijke woestijn in cultuur gebracht. Uit irrigatiekanalen die door de rivieren Amu Darya en Syr Darya worden gevoed, stroomt water de woestijn in waardoor het eens zo barre landschap veranderde in vruchtbare katoenvelden. Deze irrigatie heeft een ecologisch drama tot gevolg gehad. Het Aralmeer, waarin de twee rivieren uitmonden, is 70 procent ingekrompen en zal, als de irrigatie zo wordt voortgezet, in 2020 verdwenen zijn.
Kirgizstan bestaat voor ongeveer negentig procent uit bergen. Bijna de helft daarvan ligt boven de 3000 meter, waarvan driekwart bedekt is met eeuwige sneeuw en ijs. De meeste bergen behoren tot de Tian Shan 'Hemelse Bergen' in het zuidoosten of zijn uitlopers daarvan. Piek Pobeda is met een hoogte van 7439 meter de hoogste berg. Slechts een aantal dalen ligt onder de 1000 meter zoals het Chuy- en Talasdal en de rand van het Ferganabekken. Kirgizstan is bezaaid met bergmeren waarvan Issyk-Kul het grootste is. Zo’n tachtig grotere en kleinere rivieren komen in dit meer uit. In de bosrijke berggebieden leven beren, wilde zwijnen, vossen, wolven, dassen en lynxen en in de meren en rivieren zwemmen forellen en karpers. Het land heeft naar men zegt de op een na grootse populatie aan sneeuwluipaarden, een aantal dat drastisch daalt door de jacht.
Meer dan de helft van China bestaat uit bergen en woestijnen. In het noorden en noordwesten ligt het plateau van Centraal-Azië met bergen, woestijnen en droge rivierbekkens. Het laaggelegen oosten wordt geïrrigeerd door de Gele Rivier, de Yangze en de Si Kiang. Dankzij het slib is deze delta het vruchtbaarste landbouwgebied van China. Hier zijn de belangrijkste steden en industrieën tot ontwikkeling gekomen. De tussenzone, met hoogtes van 500 tot 2000 meter loopt van Yunnan / Guizhou noordwaarts richting Binnen-Mongolië westwaarts tot in Xinjiang en naar het noordoosten in Heilongjiang. De Tibetaanse hoogvlakte ligt hoger dan 2000 meter en heeft pieken van 7000 tot 8000 meter. Het landschap in het zuiden en zuidwesten heeft een weelderige plantengroei en beboste bergen die vaak in de nevel gehuld zijn. Het zuidwesten is de streek van de bamboebossen en de panda.
Religie
Syrië is een van de weinige staten in het Midden-Oosten waar de islam geen staatsgodsdienst is, hoewel de grondwet bepaalt dat de president een moslim dient te zijn. Ruim 90 procent van alle Syriërs is moslim, waarvan 80 procent soennieten, 7 procent alawieten, 2 procent druzen en 1 procent ismaëlieten. De overige 10 procent zijn christenen. De christenen hangen een lappendeken van verschillende kerken aan, verdeeld over de drie hoofdstromingen binnen het christendom: oosters orthodox, katholiek en protestant.
De Turkse bevolking bestaat uit ongeveer 98 procent moslims, waarvan 70 procent soennieten, 15 tot 25 procent alevieten en kleinere groepen sjiieten en yezidieten. De enige door de overheid erkende minderheden zijn de Grieks-orthodoxe en Armeense christenen en sefardische joden. In 1928 schafte Atatürk de islam als staatsgodsdienst af. De nationale rustdag werd zondag, in plaats van vrijdag (de eigenlijke rustdag van de moslims). Van de religieuze feesten werden alleen het Offerfeest en het Suikerfeest als nationale feestdag gehandhaafd. De rechtspraak werd herzien naar westers voorbeeld en de bouw van nieuwe moskeeën en het dragen van de sluier werden verboden. Momenteel is er weer een toenemende belangstelling voor het geloof, en door deze re-islamisering van de samenleving is het ook een belangrijk onderwerp voor de overheid, alleen al uit electorale overwegingen. Er mogen weer moskeeën worden gebouwd, er wordt veel religieuze literatuur verkocht, islamitische opleidingsinstituten schieten uit de grond en sinds 1990 is het studentes weer toegestaan een hoofddoek te dragen op de universiteit. Landen als Iran en Saoedi-Arabië steunen deze godsdienstige opleving met enorme geldbedragen. De progressievere Turkse bevolking vreest dat het land de kant van Iran opgaat.
In Iran wonen voor het overgrote deel sjiïtische moslims. Er zijn ook grote minderheidsgroepen waarvan die van de soennitische moslims de meest omvangrijke is. Deze groep bestaat vooral uit Koerden in het noordwesten en Baluchische stammen in het zuidoosten. Daarnaast leven er onder meer christenen en een kleine groep joden in Iran.
Officieel is het merendeel van de bevolking in Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizstan islamitisch (soennitisch). Slechts een klein percentage is echt praktiserend en zeker niet fundamentalistisch. In Oezbekistan is ongeveer 90 procent moslim en 10 procent Russisch-orthodox. In Kirgizstan is 75 procent moslims en zo’n 20 procent Russisch-orthodox.
Tot de oudste religieuze voorstelling van Oezbekistan en Kirgizstan hoort de vuurreligie. Vuur had voor de animistische nomadenvolkeren grote betekenis. De vuurgodheid beschermde de yurt (ronde tent) en de bewoners ervan. De leer van de Perzische profeet Zoroaster waarin de kracht van licht werd verheerlijkt, had daarom een breed draagvlak in heel Centraal-Azië. Met de komst van de Arabieren in de zevende eeuw werden alle andere godsdiensten verwijderd en verdween ook het zoroastrisme dat tot dan staatsgodsdienst was. Na het vertrek van de Arabieren bleef de islam. Buchera werd in de tiende eeuw zelfs een van de belangrijkste centra in de islamitische wereld. Pas na de komst van de Russen kwam de islam in de verdrukking. Veel moskeen en madrasa’s werden gesloten; de sluier, gearrangeerde huwelijken en pelgrimstochten naar Mekka werden verboden. Ondanks deze verboden werd de islam ondergronds in leven gehouden en bleven gebruiken als het arrangeren van huwelijken en het betalen van een bruidsschat behouden. Pas na de onafhankelijkheid nam de religieuze vrijheid toe. Overal werden moskeeën en madrasa’s opgeknapt en nieuwe gebouwd. Minderheden kunnen hun Russisch-orthodoxe kerk of synagoge bezoeken. De Oezbeekse regering wil niets te maken hebben de islamitisch-fundamentalistische groeperingen, die terug willen naar een conservatieve islamitische regering. Deze groeperingen zijn officieel verboden maar hebben veel aanhang in de Ferganavallei waar regelmatig onlusten de kop opsteken.
De Kirgiezen zijn relatief laat (zestiende eeuw) tot de islam bekeerd. Vooral de Kirgiezen hebben hun pre-islamitische, sjamanistische invloeden behouden. Sjamanen zijn religieuze specialisten in kleine, los georganiseerde samenlevingen. Ze vormen een medium tussen de wereld van geesten en deze wereld. Het genezen van zieken en het waarzeggen behoren tot hun belangrijkste taak. Het in contact komen met het bovenaardse door het uitvoeren van rituelen zie je tegenwoordig terug. Op veel plaatsen zie je reepjes stof die geknoopt zijn aan bomen en struiken. Zo probeert men de wens via de twijgen die naar de hemel wijzen, door te sturen naar het bovenaardse. Kirgiezen worden begraven op begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken.
Het beleid van de Chinese overheid is erop gericht dat religie wordt getolereerd, maar niet gestimuleerd. In de grondwet van 1982 werd vastgesteld dat voor alle burgers godsdienstvrijheid geldt. Over het algemeen houden de meeste Chinezen voor zich wat hun geloof is. Traditionele levensfilosofieën en religies zijn confucianisme, taoïsme en boeddhisme. In West-China leven vooral moslims.
Taal
In Syrië is Arabisch de officiële taal. In de grote steden wordt (met name in Jordanië) ook Engels gesproken. In Syrië kun je beter terecht met Frans, maar lang niet iedereen beheerst deze taal.
De officiële taal van Turkije is het Turks. Het is de taal waarin op de openbare scholen onderwezen wordt. In het zuidoosten spreken veel mensen ook een Koerdische taal en de oudste generatie spreekt soms nog Arabisch. Sinds kort zijn taalcursussen, televisie uitzendingen, radio en muziek in Koerdische talen toegestaan. In steden en in toeristische gebieden spreekt men meestal wel wat Engels of Duits. Bovendien is de kans groot dat je aangesproken wordt in het Duits of Nederlands door (ex)gastarbeiders of kinderen daarvan.
De officiële taal van Iran is Perzisch (Farsi), een Indo-europese taal. Verder zijn onder meer het Koerdisch, Turks, Arabisch en Baluchisch belangrijke talen in specifieke regio's. De Iraanse taal wordt in drie groepen verdeeld: het oud-, middel- en nieuw-Perzisch. Het Perzisch wordt in het Arabisch schrift geschreven, dus van rechts naar links. De taal kent tweeëndertig letters. In grote steden in Iran waar mensen enigszins gewend zijn aan toeristen wordt wel Engels gesproken. Buiten de steden is Engels onbekender.
Turkmeens is de officiële staatstaal van Turkmenistan. De taal hoort tot de zuidwesterse Turkse taalgroep, net als het Azeri (taal in Azerbeidjan) en het Turks. In Turkmenistan spreekt bijna iedereen Russisch en Turkmeens. Mensen die werkzaam zijn in het toerisme spreken vaak Engels.
In Oezbekistan is de officiële taal Oezbeeks, een taal die tot de Turkse taalfamilie hoort. Oorspronkelijk maakte het Oezbeeks gebruik van het Arabische schrift, van 1929 tot 1940 van het Latijnse alfabet, daarna van het Cyrillische schrift. In 1993 is er een wet aangenomen, die de overgang naar het Latijnse schrift regelt. In het officiële Oezbeeks werden de gangbare Russische termen vervangen door nieuw gecreëerde Oezbeekse. In het dagelijks spraakgebruik bedienen veel mensen zich van het Oezbeeks vermengd met Russisch. Na vijftien jaar onafhankelijkheid is de kennis van het Russisch afgenomen; een nieuwe generatie is opgegroeid met de Oezbeekse taal en ook Engels. Alleen de oudere generatie spreekt nog Russisch en natuurlijk de enkele Rus die gebleven is.
Het Kirgizisch is eveneens een Turkse taal met een Cyrillisch alfabet. Kirgizstan is net als Oezbekistan en Turkmenistan bezig om over te gaan op het Latijnse schrift. Het land heeft twee officiële staatstalen het Russische en het Kirgizisch.
In China is de officiële taal Mandarijn (Putonghua of de algemene taal), alleen in de zuidelijke provincie Guangdong (Kanton) en in Hongkong spreekt men Kantonees. Voor ongeveer 70 procent van de bevolking is Mandarijn de moedertaal. Daarnaast is er een grote hoeveelheid aan verschillende dialecten. Opmerkelijk is dat het Chinese schrift een identiek karakterschrift is voor heel China. Zodoende kunnen de mensen in het hele land schriftelijk met elkaar communiceren en dezelfde teksten lezen, terwijl ze elkaar door hun verschillende dialecten niet kunnen verstaan. Buitenlandse talen worden bijna niet gesproken. In West-China spreken de Oeigoeren hun eigen taal en worden plaatsnamen op verkeersborden zowel in Chinese karakters als in Arabisch schrift aangegeven.
Praktische informatie
Ambassades
SyrieSyrische ambassade in België
Franklin Rooseveltlaan 3, 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 648 01 35
F 00 32 (0)2 646 40 18
Consulaat van Syrië in Nederland
Laan van Meerdervoort 53d, 2517 AE Den Haag
T 00 31 (0)70 346 97 95
F 00 31 (0)70 345 00 33
Nederlandse ambassade in Syrië
Abou Roumaneh, Al Jalaa-Street, Imm Tello, Damascus
T 00 963 11 333 68 71
F 00 963 11 333 93 69
I
www.mfa.nl/dmc Belgische ambassade in Syrië
Salaam Street 3, Building 101, Damascus
T 00 963 11 613 99 931/32
F 00 963 11 613 99 977
I
www.diplomatie.be/damascusnl Turkije
Turkse ambassade in Nederland
Jan Evertstraat 15, 2514 BS Den Haag
T 00 31 (0)70 360 49 12
F 00 31 (0)70 361 79 69
I
www.turkishembassy.nl Turkse ambassade in België
Montoyerstraat 4, 1000, Brussel
T 00 32 (0)2 513 40 95 / 513 60 58
F 00 32 (0)2 514 07 48
I
www.turkey.be Nederlandse ambassade in Turkije
Hollanda Cad. No. 5, Yıldız, Ankara,
T 00 90 312 409 18 00/20
F 00 90 312 409 18 98
I
www.mfa.nl/ank Belgische ambassade in Turkije
Mahatma Gandhi Cad. No.55, Gaziosmanpaşa, Ankara
T 00 90 312 405 61 66
F 00 90 312 446 82 51
I
www.diplomatie.be/ankaranl Iran Ambassade van Iran in Nederland
Duinweg 20, 2585 JX, Den Haag
T 00 31 (0)70 354 84 83 /338 40 00
F 00 31 (0)70 350 32 24
I
www.iranianembassy.nl Ambassade van Iran in België
Franklin Rooseveltlaan 15, 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 627 03 50/ 51
F 00 32 (0)2 762 39 15
I
www.iranembassy.be Ambassade van Nederland in Iran
Sonbol Street 7, Farmanieh, Teheran
T 0098 (0) 21 23 66 00 00
F 0098 (0) 21 23660390
I
www.mfa.nl/teh-nl Ambassade van België in Iran
Avenue Shadid Fayazi 155-157, 16778 Teheran
T 00 98 (21) 2204 16 17
F 00 98 (21) 2204 46 08
I
www.diplomatie.be/tehrannl Turkmenistan Ambassade van Turkmenistan in België
Reyerslaan 106, 1030 Brussel
T 00 32 (0)2 648 18 74
F 00 32 (0)2 648 19 06
Nederlands consulaat in Turkmenistan
Tehran Street 17, Ashgabat 744012
T 00 993 12 346 700 /340 067
F 00 993 12 344 252
E minbuza@online.tm
OezbekistanAmbassade van Oezbekistan in België
Avenue F.Roosevelt 99,1050 Brussel
T 00 32 (0)2 672 88 44
F 00 32 (0)2 672 39 46
Nederlands consulaat in Tashkent
Building 3, App. 74, KH Samotovoy Street, 100000 Tashkent
T 00 998 71 150 85 95
F 00 998 71 255 18 31
E nlconsulate.tashkent@gmail.com
Belgisch Ereconsulaat in Tashkent
Navoi Street 18a, 100010 Tashkent
T 00 998 (71) 252 59 42
F 00 998 (71) 241 40 39
E belcons@globelnet.uz
Kirgizstan
Consulaat van Kirgizstan in Nederland
Landlustlaan 69, 2265 EK, Leidschendam
T 00 31 (0)70 301 03 30
F 00 31 (0)70 317 87 25
Ambassade van Kirgizstan in België
Abdijstraat, 47 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 640 18 68 /640 38 83
F 00 32 (0)2 640 01 31
Nederlandse consulaat in Kirgizstan
Foundation Publishing Development Center
Tynystanova 96, appt. 12, 720000 Bishkek
T 00 996 312 690 565
F 00 996 312 690 565
E dutchconsulate@elcat.kg
Belgisch Ere-consulaat Bishkek
209-A Tynystanovstreet, 720040 Bishkek
T 00 996 31 2622 161
F 00 996 31 2662 233
E bishkek@lorenz-law.com
China
Ambassades van de Volksrepubliek China in Nederland
Willem Lodewijkstraat 10, 2517 JT Den Haag
T 00 31 (0)70 306 50 91
F 00 31 (0)70 355 16 51
E chinaemb_@mfa.gov.cn
Ambassades van de Volksrepubliek China in België
Tervurenlaan 443, 1150 Brussel
T 00 32 (0)2 6633010 / 17
F 00 32 (0)2 762 99 66
I
www.chinaembassy-org.be Nederlandse ambassade in China
Liangmaha Nanlu 4, 100600 Beijing
T 00 86 10 8532 0200
F 00 86 10 8532 0300
I
www.hollandinchina.org Belgische ambassade in China
6, San Litun Lu, 100600 Beijing
T 00 86 10 6532 1736/ 37
F 00 86 10 6532 5097
I
www.diplomatie.be/beijingnl Voor de meest actuele informatie verwijzen we naar de website van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse zaken
www.minbuza.nl en het Belgische ministerie van Buitenlandse zaken
www.diplomatie.be.
Bagage en kleding
We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) of in een weekendtas. Een koffer raden we sterk af. Het gewicht van je bagage kan meestal beperkt blijven tot maximaal twaalf kilo per persoon.
Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur. Zo zijn korte broeken, korte rokken en hemdjes in sommige van deze conservatieve, islamitische landen absoluut taboe.
In Iran zijn vrouwelijke deelnemers verplicht altijd en overal (ook in restaurants en de lounges van hotels) een hoofddoek en een lange, wijdvallende jas tot op de knieën te dragen. Teheran en Isfahan zijn moderne steden en de vrouwen gaan er in verhouding losjes gekleed: een vlotte, moderne lange jas met een losse hoofddoek. Op andere plaatsen worden de kledingvoorschriften soms strenger toegepast. Toch is het dragen van een chador (het gehele lichaam bedekkend zwart 'kleed') ook daar niet noodzakelijk. Alleen voor het bezoeken van de religieuze heiligdommen zoals bijvoorbeeld in Ghom en Mashad is de chador verplicht. Deze chadors kun je in Iran zelf kopen en soms zijn ze bij de ingang van een moskee te leen.
In Centraal-Azië, en met name China is men een stuk moderner en relaxter, als het gaat om kleding-voorschriften. In china kijkt niemand op als je in een korte broek rondloopt.
Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: zaklamp, waterfles, naaigerei, wasmiddel, universeel geldige verloopstekker, reisgids, voldoende fotomateriaal, lakenzak, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje, beker en zakmes.
Omdat er tijdens deze reis enkele mogelijkheden zijn voor wandel- en klautertochten over de rotsen, zijn stevige wandelschoenen wenselijk. Deze zijn ook aan te raden voor de bezoeken aan de opgravingen tijdens deze reis.
Electriciteit
De netspanning in alle landen is 220 volt. Er komen soms stroomstoringen voor en de netspanning kan wisselen, waardoor gevoelige apparatuur kan beschadigen. Ook passen Nederlandse en Belgische stekkers niet altijd in de stopcontacten. Reserve batterijen, een verloopstekker en een zaklamp zijn aan te raden. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van
www.kropla.comFooien
Fooien zijn in Syri? helemaal ingeburgerd. Eigenlijk moet je ervan uit gaan dat na vrijwel elke bewezen dienst om baksjiesj gevraagd wordt. Schat altijd de verleende dienst op waarde en geef dienovereenkomstig. Syri?rs doen dat ook. De plaatselijke bevolking is gewend aan het geven van baksjiesj en heeft daarom altijd kleingeld op zak. Bij de meeste duurdere hotels en restaurants wordt tien tot vijftien procent servicekosten op de rekening gezet. Is dit niet het geval, dan geldt een fooi van ongeveer tien procent. Dit geldt ook voor taxichauffeurs, boven het op de meter aangegeven bedrag.
In Turkije is het gebruikelijk om een fooi van 10 procent te geven. In de eenvoudige lokanta's hoef je geen fooi te geven, al is het een aardig gebaar het bedrag naar boven af te ronden of wat extra's te geven voor een kopje koffie of frisdrank. Het personeel dat je in Turkije tegenkomt in je hotel, bij de kapper of in het badhuis, verwacht voor bewezen diensten een fooi. Datzelfde geldt voor gidsen en reisbegeleiders. Taxichauffeurs rekenen niet op een fooi, je kunt het bedrag naar boven afronden. Als zij je hebben geholpen met het sjouwen van je bagage verwachten zij daar wel een tip voor.?
Iran is geen land waar te pas en te onpas een fooi verwacht wordt. In het algemeen rekenen taxichauffeurs niet op een fooi. In een restaurant en in het hotel kun je 10 tot 15 procent fooi geven. Ook kofferdragers en hotelhulpjes die thee op je kamer bezorgen rekenen op een fooi.
In Centraal-Azi? zullen hotelpersoneel, chauffeurs en gidsen een kleine fooi op prijs stellen. In de restaurants kan het bedrag afgerond worden. Soms zetten (duurdere) restaurants tien tot vijftien procent servicekosten op de rekening. Dat gebeurt ook als er een muziekband speelt. In chaikhana?s is een fooi niet gebruikelijk evenals in de kleine lokale eettenten in China.
Het geven van fooien was in China lange tijd niet gebruikelijk, maar begint steeds meer ingeburgerd te raken, vooral in de grote steden in het oosten. Chauffeurs en hotelpersoneel rekenen op een fooi, evenals de plaatselijke gidsen. Taxichauffeurs en restaurantpersoneel rekenen niet echt op een extraatje, maar stellen het wel op prijs.
Fotografie
Alle?te bezoeken?landen zijn fotogenieke landen, niet alleen vanwege de natuur maar vooral ook vanwege de mensen. Over het algemeen vindt de lokale bevolking het geen probleem om gefotografeerd te worden. In Centraal-Azi? zullen kinderen zich zelfs op de voorgrond dringen om maar in beeld te komen. Vaak ontvang je zelfs als dank, vooral op markten, appels, peren of noten. Maar moslimvrouwen in West-China daarentegen willen weer niet graag op de foto.
Als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit kan aanleiding geven tot agressieve reacties.
In musea en bij bezienswaardigheden moet je soms een apart kaartje kopen om foto?s of video-opnames te mogen maken. Deze kunnen aanmerkelijk duurder zijn dan het entreekaartje. Wees zeker terughoudend bij het fotograferen van religieuze plaatsen en gebeurtenissen.
Het is verboden militaire objecten, grensposten en vliegvelden te fotograferen. Ook in de metro van Tashkent is het verstandig geen foto?s te maken. In Turkmenistan is het strikt verboden alles wat met de president te maken heeft te fotograferen. Omdat alle gebouwen en pleinen voorzien zijn van zijn afbeelding, blijft er helaas weinig te fotograferen over. Houd je aan die regel want voordat je het weet zit je een dag vast bij de geheime politie en dat is geen pretje.
Geldzaken
De Syrische munteenheid is de lira (SL) oftewel de Syrische pond die weer onderverdeeld is in 100 qirsh ofwel piaster. Er zijn biljetten van 5,10, 25, 50, 100 en 500 lira en munten van 25 en 50 piaster en 1 lira. Voor één euro ontvang je ong. 65 lira (oktober 2009).
Sinds 1 januari 2009 heeft Turkije nieuwe bankbiljetten en munten in de roulatie gebracht waarbij het woord ‘nieuw’ uit de naam van bestaande valuta is geschrapt. Eind 2009 moeten de ‘nieuwe Turkse lira’-biljetten en -munten helemaal zijn verdwenen. Revolutionair is dat op de nieuwe bankbiljetten Mustafa Kemal Atatürk, de vader des vaderlands, voor het eerst in de Turkse monetaire geschiedenis concurrentie krijgt van andere beroemde Turken. De waarde van 1 euro is 2,15 Turkse lira (oktober 2009).
De munteenheid in Iran is de rial (RI) onderverdeeld in 100 dinar. Tien rial is een toman. Er zijn biljetten van 10.000, 5000, 2000 en 1000 rial; munten zijn er onder andere van 250, 100, 50, 10 en 5 rial. Voor één euro ontvang je ruim 14.000 rial (oktober 2009).
De munteenheid in Turkmenistan is de new manat (TMT). Voor één euro ontvang je 4,2 manat (oktober 2009).
De Oezbeekse munteenheid is de som (UZS). Er zijn briefjes van 1, 3, 5, 10, 20, 50, 100, 200, 500 en 1000 som. Voor één euro ontvang je 2180 som (oktober 2009).
De Kirgizische munteenheid is de sum (KGS), die weer onderverdeeld is in tiyin. Er zijn briefjes van 1, 5, 10 en 20, 50 en 100 sum in omloop. Voor één euro ontvang je 65 sum (oktober 2009).
Het Chinese geld heet Renminbi (RMB) wat ‘geld van het volk’ betekent. De Chinese munteenheid is de yuan (CNY) en is verkrijgbaar in briefjes van 1, 2, 5, 10, 50 en 100 yuan. Er is ook een munt van 1 yuan in omloop. Eén yuan is onderverdeeld in 10 jiao en 100 fen. In de volksmond heet de yuan ‘kuai’ en de jiao ‘mao’. Voor één euro ontvang je ongeveer 10 yuan (oktober 2009).
Kijk voor de actuele wisselkoersen op:
www.oanda.com/convert/cheatsheet
Je kunt in de meeste landen pinnen met een bankpas met Cirrus of Maestro logo bij geldautomaten in de grote steden. Neem daarnaast een creditcard mee en contante euro’s (in coupures van 20, 50 en 100). Eventueel travellercheques als reserve. Het voordeel van de laatste is dat ze verzekerd zijn bij diefstal en verlies, het nadeel is dat je bij het inwisselen van de travellercheques een erg hoge commissie moet betalen en ze in sommige landenmoeilijk in te wisselen zijn. Bij de meeste banken zal men vragen naar een aankoopbewijs. Creditcards worden in de grotere hotels en restaurants geaccepteerd en bij sommige banken kun je er geld mee opnemen tegen 4 procent commissie.
In Iran kun je het beste contante euro’s en/of Amerikaanse dollars meenemen. Zorg er wel voor dat de biljetten er goed uit zien en niet gescheurd zijn. Amerikaanse dollars dienen na 1996 gedrukt te zijn. In Iran geldt overigens dat je voor grotere coupures een betere koers krijgt. Maar het is raadzaam om ook wat kleinere coupures mee. Met creditcard en travellercheques kun je niet tot nauwelijks terecht.
In Oezbekistan en Kirgizstan en heb je wisselkantoren waar je snel en makkelijk geld kunt wisselen. Contante Amerikaanse dollars die gedrukt zijn na het jaar 1996 zijn het makkelijkste in te wisselen, gevolgd door contante euro’s. Zorg in ieder geval voor voldoende cash dollars in kleine coupures. Dollars moeten er ook goed uitzien: verfrommeld, oud papiergeld wordt geweigerd. In Bishkek en Tashkent zijn pinautomaten die echter niet erg betrouwbaar zijn. Creditcards worden heel beperkt geaccepteerd. In Turkmenistan kun je het beste terecht met contante Amerikaanse dollars. In China kun je op veel plaatsen pinnen en met een creditcard geld opnemen bij de Bank of China.
Gezondheidsvoorschriften
Voor deze bestemmingen worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar
www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op
www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter, een vaccinatieafdeling van de GGD, het Tropencentrum AMC in Amsterdam of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam. Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (
www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor verdere informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere:
www.gezondopreis.nl.
Hoogteziekte
Als je tijdens de reis boven de 2500 meter hoogte komt bestaat de kans op hoogteziekte. Door het zuurstofgebrek wordt de ademhaling versneld en adem je meer vocht uit dan normaal. Vandaar dat je veel moet drinken: boven 2500 meter in elk geval drie tot vier liter per dag! Indien je urine donker van kleur is, drink je te weinig. Hoogteziekte treedt meestal binnen 24-72 uur op na het bereiken van een nieuwe hoogte. Hoofdpijn is het belangrijkste symptoom. Daarnaast kunnen vermoeidheid, misselijkheid, lusteloosheid, apathie, duizeligheid en hartkloppingen voorkomen. Deze klachten mag je nooit bagatelliseren, het kan gaan om longoedeem of hersenoedeem. Deze ernstige vormen, gekenmerkt door o.a. kortademigheid, droge hoest en/of verwardheid, kunnen onbehandeld fataal zijn. Iedereen kan deze ziekte krijgen, óók wie over een goede conditie beschikt.
Als stelregel geldt dat je hoogteziekte kunt voorkomen door het lichaam de gelegenheid te geven te acclimatiseren door boven de 2500 meter iedere dag slechts 300 meter hoger te overnachten. Overdag mag je weliswaar hoger klimmen, maar de hoogte waarop je overnacht is van essentieel belang. Het is belangrijk om bij ernstige klachten naar een lager gelegen plaats af te dalen Op plaatsen waar je met het vliegtuig aankomt op een hoogte van meer dan 3000 meter kan de aanpassing aan de hoogte een probleem vormen. Je zult dan rekening moeten houden met extra klachten. Het is belangrijk dat je na aankomst tenminste een extra dag echt rust neemt en vooral niet verder gaat stijgen. In sommige gevallen (overleg met je arts) is het anti-hoogteziekte medicijn Diamox aan te bevelen. Lees voor meer informatie over hoogteziekte het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de hoogte’ (uitgave KIT) of kijk op de website
www.hoogteziekte.info Invoerbepalingen
In de meeste landen mag je belastingvrij 200 sigaretten of 50 sigaren of 250 gram tabak en 1 liter alcoholische drank invoeren. Verder is de in- en uitvoer van drugs, wapens en munitie, antiquiteiten uit illegale opgravingen strikt verboden. In Iran mag je uiteraard geen alcohol of tijdschriften met ’onzedelijke afbeeldingen’ (ook in Syrië) invoeren.
Bij binnenkomst in Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizstan dien je op twee identieke formulieren aan te geven hoeveel geld en welke kostbare bezittingen je invoert. Eén ervan houdt de douane, één krijgt de bezoeker mee. Bewaar het goed! Bij vertrek moet er een nieuw declaratieformulier ingevuld worden en samen met het oude ingeleverd worden. Hierop dien je te schrijven wat je dán nog aan waardevols bezit. In de meeste gevallen is dit slechts een bureaucratische formaliteit, vooral op de vliegvelden. Anders is het als je een landsgrens overgaat. Houd er rekening mee dat de sommige douanebeambten ronduit corrupt zijn en alles willen controleren. Klopt er zogenaamd iets niet, dan vragen ze gigantische boetes. De formaliteiten aan de Syrische, Turkse, Iranese en Chinese grenzen verlopen over het algemeen iets soepeler.
Tijdsverschil
In Syrië en Turkije is het in de zomer en in de winter één uur later dan in de Benelux. In Iran is het anderhalf uur later in de zomer, in de winter is dat tweeënhalf uur. In Turkmenistan en Oezbekistan is het drie uur later (in de zomer); in Kirgizstan is dat vier uur later. In heel China hanteert men één tijdzone, namelijk die van Beijing. In de winter is het zeven uur later dan in de Benelux. In de zomer is dat zes uur later.
Veiligheid
Over het algemeen zijn Syrië, Turkije, Iran, Turkmenistan, Oezbekistan, Kirgizstan en China redelijk veilige landen voor reizigers. Wel is er een kans dat je te maken krijgt met corrupte douanebeambten en politieagenten. Je kunt overdag over het algemeen zonder probleem op straat wandelen. ’s Avonds kun je vaak beter een taxi nemen, dat geldt zeker in Bishkek.
Zakkenrollen, tasjesroof en straatovervallen komen overal ter wereld voor. Het is daarom verstandig om op je eigendommen te letten en mensen niet de gelegenheid te geven je spullen te stelen. Het kan zeker geen kwaad wanneer je op drukke markten, stations en bij het in en uitstappen van het openbaar vervoer extra op je spullen let.
Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken. Laat in Centraal-Azië geen waardevolle spullen op de hotelkamer achter.
Actuele informatie over de veiligheid in Syrië, Turkije, Iran, Turkmenistan, Oezbekistan, Kirgizstan en China vind je op www.minbuza.nl, de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken onder ‘reizen en landen’. Ook op www.diplomatie.be, de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken vind je nuttige reisadviezen.
Winkelen en openingstijden
Syrië
Overheidsinstellingen en ook de meeste banken zijn dagelijks (behalve op vrijdag en zaterdag) geopend van 8.00 tot 14.00 uur. Andere kantoren en winkels houden dezelfde tijden aan, maar openen ‘s middags weer van ongeveer 16.00 uur tot 19.00 uur. Kleine wisselkantoren zijn de gehele week geopend. De belangrijke musea zijn in de zomer open van 9.00 uur tot 18.00 uur, behalve op dinsdag. In de winter zijn de musea tot 16.00 uur geopend.
Turkije
De grote postkantoren zijn doorgaans geopend van maandag tot en met zaterdag van 8.00 tot 17.30 uur, soms ook op zondag. Voor postzegels en telefoondiensten kun je daar terecht tot respectievelijk 20.00 en 24.00 uur. De kleinere postkantoren zijn doorgaans geopend van 8.30 tot 17.30 uur, gesloten op zondag. Bovendien sluiten ze vaak tussen 12.00 en 13.30 uur. Winkels zijn officieel geopend van maandag tot en met zaterdag van 9.30 tot 19.00 uur. Tal van kleine winkels hebben echter langere openingstijden. De meeste musea zijn op maandag dicht. Archeologische bezienswaardigheden zijn in het toeristenseizoen elke dag geopend.
Iran
Vrijdag is de wekelijkse vrije dag en zijn alle officiële instanties, banken en winkels gesloten. Soms is ook de donderdagmiddag een vrije middag. De meeste winkels zijn geopend van 09.00 uur tot laat in de avond. Tussen 13.00 en 16.00 uur is bijna alles gesloten.
Turkmenistan,Oezbekistan en Kirgizstan
Winkels, postkantoren en kantoren zijn geopend van 8.00 tot 18.00 uur. Van 13.00 tot 14.00 zijn de meeste zaken gesloten in verband met de lunchpauze. De warenhuizen in de grotere steden zijn meestal langer open. In steden als Tashkent zie je steeds meer 24 hours supermarkten verschijnen waar eigenlijk alles te koop is. Voor de gemiddelde Centraal-Aziaat echter veel te duur. Bazaars beginnen al vroeg, rond 6.00 uur ’s ochtends.
China
Banken en kantoren zijn in de regel open van maandag tot en met vrijdag 8.30 tot 17.30 uur, tussen de middag gesloten. Voor postkantoren gelden ongeveer dezelfde openingstijden. Musea zijn dagelijks open van 9.00 tot 16.00 uur. De wekelijkse sluitingsdag is verschillend. De meeste winkels zijn dagelijks geopend 9.00 tot 21.00 uur.
China
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Achtergrondinformatie
Communicatie
Post:
Post naar Europa versturen is meestal geen probleem. De post doet er naar Europa ongeveer tien dagen over. Omdat de postzegels soms niet goed plakken, of omdat er helemaal geen lijm op zit, staat er wel eens een potje lijm op de balie. Zie er op toe dat je kaart of brief op het postkantoor afgestempeld wordt. Anders bestaat de kans dat een postbeambte de postzegel er af haalt. Het salaris van het personeel is bijzonder laag.
E-mail:
E-mailen kan in de grotere plaatsen in internetcafés. In China zijn de kosten 2 tot 5 yuan per uur afhankelijk van de plaats waar je je bevindt. De verbindingen zijn er snel. De verbindingen in Tibet zijn soms erg traag. De laatste dagen in Tibet is internet niet mogelijk. In Nepal vind je overal internetcafes.
Telefoon:
Bellen kan in China vanuit een postkantoor of een hotel. De wachttijd is afhankelijk van de plaats en tijd waarop je belt. Buiten de spitsuren krijg je meestal binnen een half uur verbinding. De kosten zijn gebaseerd op tijdeenheden van drie minuten. Hiervandaan is het ook mogelijk om collect calls te maken. Doorgaans zijn de verbindingen goed. De tarieven verschillen nogal. Informeer dus eerst naar de tarieven voordat je gaat bellen. De kosten voor een internationaal gesprek zijn relatief hoog, ongeveer 2 euro per minuut. In hotels is het duurder dan op het postkantoor.
Bellen kan in Tibet vanuit een postkantoor of een hotel. De kosten zijn gebaseerd op tijdeenheden van drie minuten. De tarieven verschillen nogal. Informeer dus eerst naar de tarieven voordat je gaat bellen.
Ook vanuit Nepal bellen met Europa is relatief duur, maar de verbindingen met de huidige satellietsystemen zijn in ieder geval prima vanuit Kathmandu, waar je belt vanuit particuliere telefoonbureautjes, die zichzelf vanaf de straatkant goed adverteren. Meestal gaat de tijdregistratie met een stopwatch, soms is er een gecomputeriseerde registratie. In het laatste geval kan er niet gesjoemeld worden.
Het internationale toegangsnummer van België is 0032, gevolgd door het netnummer zonder 0 en dan het abonneenummer. De landencode van China en Tibet is 00 86. De landencode van Nepal is 00 977. In veel plaatsen is het mogelijk te faxen.
GSM-telefoons zijn in sommige plaatsen werkzaam, vraag hiervoor om informatie bij je provider.
Eten en drinken
China:
Chinezen eten in principe alles wat leeft; het resultaat van eeuwen van honger en gebrek. Niet alleen worden alle dieren als een potentiële maaltijd beschouwd, ze worden ook helemaal geconsumeerd, met huid en haar, snuit, hersenen en ingewanden. Een bezoek aan een lokale markt bied je een blik in de Chinese keuken. Het kan een spel zijn om te raden wat je ziet: miereneters, schorpioenen, slang, hond? Iedere consequente niet-vegetariër zou tegen hiervan vervaardigde gerechten geen bezwaar moeten hebben. Westerlingen stuit vooral de wrede behandeling van de dieren tegen de borst. Kikkers en slangen worden levend gevild. Alle beesten zitten in benauwende, verstikkende kooien opgesloten. Door de Chinezen worden ze niet op de een of andere manier gehumaniseerd. Het is voedsel, en daarmee uit. De eetpraktijk van alledag is zowel voor Chinezen als toeristen saaier dan deze markt doet vermoeden. De enige werkelijk exotische maaltijden die je misschien zult nuttigen, zullen bestaan uit slang of sprinkhaan.
Zoals je kunt verwachten in een land met zulke enorme afmetingen zijn er regionale verschillen. Het grootste onderscheid betreft het basisvoedsel: in het zuiden eet men meer rijst, in het noorden meer deegwaren. In het noorden wordt van die granen ook brood gemaakt, vaak in de vorm van gestoomde broodjes, al dan niet met groenten of vlees erin. De tweedeling gaat niet volledig op.
De keuken van Sichuan is bekend om zijn zeer gepeperde gerechten. Een specialiteit is hier 'hotpot' (fondue) die ook bijzonder scherp kan zijn. Je kiest zelf de ingrediënten. In Lijiang zijn Nakhi buffetten te bestellen, met allerlei soorten gebakken kaas. In Xi'an merk je de mosliminvloed en kun je heerlijke kebab krijgen: spiesjes rund- of schapenvlees die worden gebarbecued waar je bij staat. Beijing heeft natuurlijk Peking eend op het menu, in talloze variaties.
In de grote steden heb je meestal de gelegenheid om op straat te eten. Sinds het begin van de economische hervormingen mogen de Chinezen weer hun eigen zaakjes hebben, en vind je straten en pleintjes waar ze 's avonds hun eetstalletjes bij elkaar zetten. Bestellen doe je simpel door aan te wijzen. Op deze manier eten is smakelijk, goedkoop en vooral leuk, omdat je midden tussen de Chinezen zit.
Als Chinezen overigens met een groep uit eten gaan, is het niet de gewoonte dat ieder voor zich bestelt. Er komen een aantal gerechten op tafel en iedereen eet overal van. In restaurants ligt midden op tafel een draaischijf waar alle schalen op staan die naar wens naar iemand toegedraaid kunnen worden. Het is leuk om je deze manier van eten aan te wennen als je met een groepje gaat eten. En jawel, je eet met stokjes.
China's nationale drank is thee, meer precies groene thee (die trouwens niet groen is maar lichtbruin). Aan de smaak moet je even wennen. Thee wordt ongezoet gedronken. Je zult zien dat Chinezen glazen potjes met een deksel meenemen naar hun werk of op reis. Thuis doen ze er een bodempje theebladeren in, waar ze dan de hele dag gekookt water bij schenken. Gekookt water is in treinen, op boten en in hotels altijd gratis verkrijgbaar. Je kunt er zelf ook gebruik van maken. Koffie is onder de Chinezen niet populair, al kun je tegenwoordig wel op veel plaatsen oploskoffie kopen. Cola en andere limonades zijn overal te krijgen. Alcoholische dranken zijn er ook te over. Maotai is in China ongeveer wat jenever is in Belgie, al ruikt het naar kaas. Chinese wijn smaakt anders dan Europese. Bier is goed en wordt verkocht in grote flessen van ruim 0,6 liter. Er zit maar 2 - 3 procent alcohol in, dus je kunt er lekker van doordrinken.
Tibet:
De Tibetaanse keuken steekt nogal schril af bij de uitgebreide en verfijnde Chinese keuken. Als gevolg van de vaak barre omstandigheden waaronder de mensen moeten overleven en de beperkte mogelijkheden om voedsel te verbouwen, is het traditionele menu niet echt afwisselend. Als dranken zijn yakboterthee (gezouten thee met yakboter) en chang (bier) geliefd. Tsampa, een stevige brij van gerst vormt het voornaamste bestand van een maaltijd, aangevuld met yakvlees, yakkaas en yakboter. Thukpa, vettige noedelsoep met groenten en/of vlees, staat ook vaak op het menu. Momo's, meelballetjes, gevuld met groenten en gehakt, worden in de regel door toeristen goed gewaardeerd. Tijdens de reis in Tibet kunnen we deze traditionele gerechten proeven, maar er zijn tevens vele restaurants die Chinese en westerse gerechten serveren. Sommige Tibetaanse restaurants in Lhasa komen speciaal voor toeristen met yakburgers op de proppen. Internationale voedselketens schitteren in Tibet gelukkig nog steeds door afwezigheid.
In vrijwel alle hotels in Tibet staan thermosflessen met heet water paraat, om zelf een kopje thee, koffie of noedelsoep te kunnen maken.
Nepal:
Een doorsnee Nepalese maaltijd wordt gevormd door een chapati, een platte pannenkoek, met rijst en dal, een soort linzenpuree. Vaak wordt dit geserveerd met groente en hete pepers. Het lokale menu kent weinig vlees of ei en op plekken waar geen rijst kan worden verbouwd, vormen aardappelen, maïs en gerst de voornaamste bestanddelen van een maaltijd. Een ander veel gegeten gerecht is curry van aardappelen. Traditioneel wordt in Nepal met de rechterhand gegeten, waarbij brood of een chapati als lepel fungeert. Daar de Nepalese keuken niet echt tot de verbeelding spreekt, kun je in de hoofdstad je hart ophalen aan de Chinese en Tibetaanse keuken en vind je er Italiaanse, Amerikaanse, Mexicaanse, Thaise, Franse, Duitse, Japanse, Afghaanse, Russische, Indiase en Pakistaanse restaurants.
Gewoonten en gebruiken
De cultuurverschillen tussen Chinezen, Tibetanen, Nepalezen en Europeanen zijn zo groot, dat je er een heel boek aan zou kunnen wijden. Hieronder zijn er een paar uitgepikt die van direct en dagelijks belang zijn bij de omgang met de plaatselijke bevolking.
CHINA :
Hebben we niet
'Meiyou' was het eerste Chinees dat buitenlanders in China leerden, gedurende de eerste jaren nadat het land zich begin jaren '80 voor individuele reizigers had opengesteld. 'Hebben we niet', betekent het. Overal en altijd kon je het te horen krijgen, waar je ook om vroeg; treinkaartjes, buskaartjes, hotelbedden en wat niet al. Vaak waren die dingen helemaal niet onverkrijgbaar of uitverkocht. Deze op het eerste gezicht onbegrijpelijke weigerachtige houding is wel te verklaren. In de communistische economie hadden Chinezen er geen financieel belang bij klanten ter wille te zijn. Waarom zou je je inspannen? De Chinese maatschappij, waarin op allerlei gebied schaarste heerste, draaide (en draait nog steeds) voor een groot deel op het gebruik van connecties, 'guanxi', of zoals de Chinezen het zelf ook wel zeggen, het gebruik van de achterdeur. Diensten en goederen worden vaak langs een onofficiële weg geleverd. In ruil heb je recht op een wederdienst. 'Meiyou' bleef ook altijd 'meiyou'. Chinezen geven niet snel toe dat ze zich vergist hebben. Dat wordt gevoeld als gezichtsverlies, een van de ergste dingen die je in het sociale verkeer kunnen overkomen.
Afdingen
Geleidelijk raakte 'meiyou' op zijn retour. Ervoor in de plaats kwam geldzucht. Tegenwoordig willen Chinezen juist van alles leveren en je er te veel voor laten betalen. Ze durven grof te overvragen. Wij vinden dat afzetterij. Zij vinden het waarschijnlijk niet meer dan normaal en rechtvaardig dat ze proberen een graantje mee te pikken van onze rijkdom. Overal waar geen vaste prijzen zijn moet je hiervoor op je hoede zijn. Bij souvenirverkopers in zowel China, Tibet als Nepal moet je bijvoorbeeld afdingen. Als je in straatstalletjes gaat eten, moet je altijd vooraf duidelijk de prijs overeen komen.
Etiquette
Wees je bewust van het diepgewortelde Chinese idee dat China en de Chinezen de maatstaf zijn en de rest van de wereld afwijkend. Tegenover buitenlanders zijn de meeste Chinezen aardig en nieuwsgierig. Maar op zijn allerbest worden ze beschouwd als 'anders' en maar al te vaak als 'barbaar'. Omwonende volkeren leerden dingen van de Chinezen, niet omgekeerd. In de moderne wereld is deze mentaliteit niet meer zo gepast, maar nog nadrukkelijk aanwezig. Enkele plaatselijke gewoonten zijn volgens de westerse etiquette zeer onsmakelijk. Tot de Chinese eetgewoonten hoort luidruchtig geslurp en geboer. Na afloop van een maaltijd wordt de tafel en de nabije omgeving als een chaotische puinhoop achtergelaten, met overal etensresten, kippenbotten, visgraten, enzovoort. Ook niet netjes vinden wij het rochelen waar de meeste Chinezen zich vol overtuiging aan overgeven. Er wordt lawaaierig geschraapt, gesnoven en gespuugd. Je doet er maar het beste aan je hierover vrolijk te maken.
Kledingvoorschriften
In China gelden geen strikte kledingvoorschriften en kun je je in de grote steden wel vertonen in korte broek of topje. Het is grappig om te zien hoe Chinese mannen er bij warm weer bijlopen in een onderhemd, en de lange broekspijpen tot boven de knie oprollen. Over het algemeen zijn de mensen wel wat 'bedekter' gekleed dan wij gewend zijn. Het is netjes als je je hieraan aanpast. Al verwachten Chinezen het misschien nauwelijks van de afwijkende wezens die westerlingen nu eenmaal zijn.
Vermaak
De Chinezen, die zes dagen in de week werken, hebben in vergelijking met de Nederlanders zeer weinig vrije tijd. Op het platteland komen de mensen in hun vrije tijd bij elkaar om te praten of om gezamenlijk televisie te kijken. In de steden kijken de mensen 's avonds naar de televisie of ze maken een wandeling op straat of in één van de parken. Je kunt dit zelf 's avonds in navolging van de Chinezen ook doen. Ook zou je naar de bioscoop kunnen gaan. China telt zeker 140.000 bioscopen. Meestal is het er vrij luidruchtig, daar er meegeleefd en commentaar geleverd wordt op de films, die hoofdzakelijk in het Chinees zijn. De voorstellingen zijn over het algemeen om 21.00 uur afgelopen. In de grote steden is er ook gelegenheid een café of een discotheek te bezoeken. In Xi'an staan tot laat in de avond allerlei kraampjes en stalletjes langs de weg. In Beijing zou je naar een voorstelling van de beroemde Peking-opera kunnen gaan. In deze opera's worden zang, dans, acrobatiek en gesproken tekst gecombineerd. De traditionele onderwerpen van de Peking-opera zijn afkomstig uit de geschiedenis en mythologie. Het centrale thema in deze opera's is meestal de strijd tussen goed en kwaad. Tijdens de Culturele Revolutie was de Peking-opera verboden en na die tijd heeft de opera verschillende veranderingen ondergaan. De onderwerpen zijn nu nieuw of traditioneel. Een andere mogelijkheid is de acrobatenshow in. Acrobatiek is reeds meer dan 22 eeuwen de meest geliefde vorm van vermaak in China.
Chinese horoscoop
De Chinese horoscoop is een 12 jarige cyclus. De origine gaat terug naar het Boeddhisme. Volgens het verhaal, riep Boeddha al de dieren van China naar zijn bedzijde, maar er kwamen slechts 12 dieren. Omdat hij de dieren voor hun toewijding wilde belonen, creëerde hij een jaar voor elk dier. De 12 dieren die verschenen waren de rat, os, tijger, konijn, draak, slang, paard, schaap, aap, haan, hond en het varken. Elk dier heeft zijn eigen speciale karakteristieken. Veel mensen geloven dat deze karakteristieken gebeurtenissen beïnvloeden gedurende het jaar. Tevens geloven sommige mensen dat mensen die in een bepaald jaar zijn geboren de kwaliteiten van het dier van dat jaar bezitten.
Chinees Nieuwjaar
Chinees nieuwjaar wordt gevierd op de eerste dag van de maanmaand van de Chinese jaartelling. Daarom is datum steeds anders, maar wel altijd tussen 21 januari en 20 februari. Voor meer dan een miljard mensen over de hele wereld is het de belangrijkste feestdag van het jaar. Van tevoren maakt iedereen zijn huis goed schoon en lost lopende schulden af Messen, scharen en naalden gaan achter slot en grendel. Zo kunnen ze niet per vergissing het geluk van het nieuwe jaar kapot maken. In de kamers staan bloemen en op rode papierstroken worden gelukwensen gekalligrafeerd. Op de avond zelf moeten de kwade geesten worden verjaagd. Omdat die bang zijn voor de gelukskleur rood, voor vuur en voor lawaai, steken de mensen ontzettend veel roodgekleurd knalvuurwerk af. Op straat dansen draken en leeuwen. Kinderen hebben nieuwe kleren aan en buigen voor hun ouders die hun geluksgeld geven in rode enveloppen. Ze mogen zoveel snoepen als ze willen en ze krijgen op nieuwjaarsdag nooit straf.
In 2006 valt het Chinees Nieuwjaar op 29 januari en hier begint dan het Jaar van de Hond.
Festivals en feesten
China heeft 9 nationale feestdagen: 1 januari (Nieuwjaar); februari (Chinees Nieuwjaar, deze datum wisselt jaarlijks en is afhankelijk van de Chinese maankalender); 8 maart (Internationale Vrouwendag); 1 mei (Dag van de Arbeid); 4 mei (Dag van de Jeugd); 1 juni (Dag van het Kind); 1 july (Dag van de Communistische Partij); 1 augustus (Dag van de stichting van de PLA); 1 oktober (Dag van de Volksrepubliek).
Speciale ceremonies worden gehouden in Taoïstische en Boeddhistische tempels op vollemaans- en nieuwe maansdagen. Leuk om er dan dus een kijkje te gaan nemen. Kleurrijk is ook het Lantaarnfestival (Yuànxi-o Jié), 12 februari 2006. Mensen maken (of kopen) dan papieren lantaarns en lopen hier 's avonds mee door de straten. Het Maanfestival wordt gevierd op 6 oktober 2006.
TIBET EN NEPAL :
Afdingen:
Afdingen is in Tibet en Nepal heel gewoon. Zeker bij souvenirverkopers moet je afdingen. Als je in straatstalletjes gaat eten, moet je altijd vooraf duidelijk de prijs overeen komen.
Kledingvoorschriften:
Uit respect voor de gebruiken en tradities van dit gebied is het aan te raden om niet al te bloot en te opzichtig rond te lopen. Zeker niet in kerken, tempels, moskeeën en kleine dorpjes. Voor vrouwen is het niet raadzaam om in Tibet en Nepal een minirok, korte broek of topje te dragen. Wij adviseren je ook een lange broek en bovenkleding met mouwtjes mee te nemen. Ook mannen dienen rekening te houden met hun kleding. Een korte broek wordt over het algemeen als ongepast beschouwd.
Toiletten:
De openbare toiletten in Tibet kennen absoluut geen privacy. Als er tussenschotten tot kniehoogte staan, dan is dat veel. Bovendien zijn de meeste openbare wc's ronduit smerig. Een hygiënisch voordeel is dat het zowel in Nepal als Tibet meestal hurktoiletten betreft, zodat je niets hoeft aan te raken. Het is aan te raden zoveel mogelijk van de toiletten in het hotel gebruik te maken en in ieder geval altijd wc-papier (te koop in Tibet en Nepal) bij je te hebben. Tissues om je handen mee af te vegen zijn ook geen overbodige luxe.
Tempelbezoek:
Bij het bezoeken van boeddhistische tempels of kloosters verzoeken wij je de volgende regels aan te houden, uit beleefdheid en respect voor de bevolking. Draag geen shorts (ook mannen niet) of minirok bij het bezoeken van een tempel. Loop altijd linksom een stoepa, tempel of een manistenenmuur (dus met de klok mee).
Feestdagen:
In Tibet worden er een aantal plaatselijke (religieuze) festiviteiten vastgesteld aan de hand van de Tibetaanse kalender. Omdat de stand van de maan daarbij bepalend is, veranderen de data ieder jaar.
Het belangrijkste feest is Losar, het Tibetaanse nieuwjaarsfeest, dat meestal in februari valt. Het gaat onder andere gepaard met oorverdovend vuurwerk. Ook worden honden opgehitst om te blaffen. Het lawaai dat ontstaat is bedoeld om duivels en boze geesten te verdrijven.
De geboortedag van de Dalai Lama wordt gevierd op 6 juli. Tijdens deze feestdag strooien Tibetanen elkaar onder met tsampa.
Sommige kloosters hebben een eigen festival, zoals Tashilhunpo (tweede week van de vijfde maand) en Drepung (dertigste dag van de zesde maand). Met name het ophangen van een grote thangka, een beschilderd religieus doek, is daarbij een opmerkelijke happening.
Het Yoghurt- of Shotongfestival, waarbij gemaskerde dansen ten uitvoer worden gebracht, vangt begin augustus in Drepung aan en verplaatst zich naar het Norbulinka.
Souvenirs:
Tibet is niet helemaal 'the place to be' als het om souvenirs gaat, tenzij je geïnteresseerd bent in religieuze artikelen zoals gebedsvlagen, gebedsmolens of thangka's. In de buurt van tempels en kloosters worden deze artikelen aangeboden. Over het algemeen zijn de spullen die hier worden aangeboden ook te koop in Kathmandu tegen aanzienlijk lagere prijzen. Het is gebruikelijk om af te dingen voor deze spulletjes.
Kaarten en literatuur
De beste manier om je voor te bereiden is door te praten met mensen die het land kennen en door er een goede reisgids en kaart van aan te schaffen en te bestuderen.
Klimaat
Het noordoosten en westen van China zijn de zomers zeer warm en vrij droog. De regenperiode valt in de maanden juli en augustus, maar dit geldt voornamelijk voor het zuiden van China.
De beste perioden voor een bezoek aan Tibet en Nepal zijn de lente en de herfst.
Tibet heeft door zijn zeer hoge ligging een droog bergklimaat. Alleen in de zomermaanden valt er wat regen. Als de zon schijnt, loopt de temperatuur overdag snel op, maar kan het in de schaduw toch nog koud zijn. 's Avonds en in de vroege ochtend kan de temperatuur tot rond het nulpunt dalen. In het voor- en najaar kan er dan ook nachtvorst voorkomen. We raden de reizigers aan warme kleding mee te nemen (of terplaatse aan te schaffen).
Nepal heeft een uiteenlopend klimaat van subtropisch op de vlaktes tot een koud bergklimaat in de bergen. Van half juni tot en met september is de moessontijd.
Beste reistijd:
De beste reistijd is mei tot november. Lhasa en Shigatse kennen in deze periode heerlijk mild weer, hoewel er in juli en augustus redelijk wat regen kan vallen. Hierdoor worden sommige gebieden soms onbegaanbaar en kan het zicht op de bergen beperkt zijn. De koudste maanden zijn december, januari en februari. Door de zuidelijke ligging van Nepal kent het land een warm klimaat en milde winters, vooral in de lagere gedeelten. Het sneeuwt zelden onder de tweeduizend meter. De lente loopt van maart tot mei en is warm en vochtig. De zomer wordt gedomineerd door de moessonregens en in de winter is het koel en helder.
Taal
China heeft twee officiële talen en een grote hoeveelheid aan verschillende dialecten Opmerkelijk is dat het Chinese schrift een identiek karakterschrift is voor heel China. Zodoende kunnen de mensen in het hele land schriftelijk met elkaar communiceren en dezelfde teksten lezen, terwijl ze elkaar door hun verschillende dialecten niet kunnen verstaan. In het grootste deel van het land is de officiële taal Mandarijn, alleen in de zuidelijke provincie Guangdong (Canton) en in Hong Kong spreekt men Cantonees. Buitenlandse talen worden bijna niet gesproken. In alle grote hotels, restaurants, winkels en bij de bezienswaardigheden kent men wel enige woorden Engels.
Het Chinese schrift is een pictografisch schrift. De karakters die men nu gebruikt, waren oorspronkelijk tekeningetjes. Er zijn meer dan 10.000 karakters, om een krant te kunnen lezen moet je zeker 4.000 karakters kennen. Elk woord is 1 karakter.
De Chinese gesproken taal kenmerkt zich door het gebruik van tonen. Als je een woord in een andere toonhoogte uitspreekt, kan het een volledig andere betekenis krijgen. Je moet dus niet verbaasd staan te kijken als een Chinees je niet verstaat als je vriendelijk goedendag zegt.
In Tibet vormen Tibetaans en Chinees de voornaamste talen. Vooral in de steden wordt vooral Chinees gesproken, een regelrecht gevolg van de 'bevrijding'. Het Tibetaans en Chinees kennen weinig overeenkomsten. De zinsstructuur van beide talen is compleet anders, evenals het schrift, dat we overal zullen tegenkomen. Vooral op het platteland wordt het zeer gewaardeerd als je een paar woordjes Tibetaans leert, al zal dit wel enige oefening kosten. Met name jonge Tibetanen spreken Engels en willen dit graag in praktijk brengen door contact te leggen met buitenlanders. Ook monniken maken graag een praatje om hun Engels te oefenen. Een veel gehoorde groet van buitenlandse toeristen is 'tashi delek', wat letterlijk 'goede toekomst' betekent. Tibetanen gebruiken deze groet zelf eigenlijk alleen tijdens nieuwjaar.
Nepali is de officiële taal in Nepal en wordt door vrijwel iedereen gesproken. De etnische minderheden zoals de Newars, Tamangs en Gurungs spreken naast het Nepali ook hun eigen dialecten. Het Nepali heeft veel gemeen met het Hindi en het Perzisch. Het is niet moeilijk een paar woordjes Nepali te leren, mits je iemand vindt die de tekens kan vertalen. Het bekendste woord, wat je overal zult horen, is namasté (hallo).
Overige achtergrondinformatie
Land en landschap:
De totale oppervlakte van China beslaat 9.580.000 km² en het is daarmee het op twee na grootste land ter wereld. China is grofweg 300 keer groter dan Nederland en kan qua oppervlakte gemakkelijk met West-Europa worden vergeleken.
Landschappelijk is China onmetelijk divers: de uitgestrekte laagvlakte van het noordoostelijke deel; het heuvelachtige en waterrijke zuidoostelijke deel; het l-ssplateau van Centraal China; het hoogland van Tibet en Qinghai; de woestijn- en steppe gebieden van Xinjiang en Binnen-Mongolië en tenslotte het grillige karstlandschap van het zuiden met z'n klassiek aandoende uitzichten.
Topografisch gezien ligt China ingeklemd tussen Rusland, Kazakstan, Kirgizstan, Tadzjikistan, Mongolië en Korea in het noorden, en Pakistan, India, Nepal, Myanmar, Laos en Vietnam in het zuiden. De totale lengte van de landgrens bedraagt meer dan 20.000 km.
Tibet beslaat een gebied dat tweemaal zo groot is als Frankrijk en wordt voor een groot deel omsloten door China. In het zuiden grenst Tibet aan India, Nepal, Sikkim, Bhutan en Birma. Tibet wordt ook wel 'het Dak van de Wereld' genoemd omdat het overgrote deel van het land is gelegen tussen de 4000 en 5000 meter hoogte. Aan de zuidzijde ligt het Himalayagebergte met de hoogste toppen ter wereld. Noordelijk daarvan liggen onder meer uitgestrekte graslanden en hoogvlaktes tot 5000 meter. De hoogte heeft een ingrijpende invloed op de overlevingsmogelijkheden voor flora, fauna en de mens. Zowel planten als dieren hebben zich moeten aanpassen om hier te overleven. Helaas staat ook in Tibet de natuur steeds zwaarder onder druk, vooral als gevolg van kaalslag. In Tibet ontspringen enkele belangrijke rivieren van Azië zoals de Yangtzi en de Mekong. Een typisch Tibetaans dier dat we zeker zullen zien, is de yak. Dit langharige rund kan extreem lage temperaturen weerstaan en levert de bevolking melk, boter, kaas, vlees, leer en wol. Meest bijzondere 'diersoort' is natuurlijk de yeti, oftewel de 'Verschrikkelijke Sneeuwman', maar dat we deze legendarische bewoner van het hooggebergte zullen treffen, is zeer onwaarschijnlijk.
Tibet is gelegen in de ontoegankelijke bergen van de Himalaya. Door het natuurlijke en zelfgekozen isolement heeft het land altijd haar mysterieuze uitstraling behouden en tot ver in de twintigste eeuw waren buitenlandse bezoekers niet welkom. De geschiedenis van de Tibetanen gaat terug tot in de middeleeuwen. Al in de 7de eeuw heerste er onder Songtsen Gampo een machtig rijk dat belangrijke zijderoutes en gebieden in Nepal en Yunnan (China) domineerde. Toen dit rijk uiteenviel in kleinere feodale rijken, begonnen de kloosters snel aan macht te winnen. Het boeddhisme was al eeuwenlang de voornaamste religie in de omringende landen en drong ondertussen ook steeds meer tot Tibet door. Het boeddhisme werd hier niet klakkeloos overgenomen. Uit een mengeling van brahmanisme en de traditionele, animistische Bon-religie ontwikkelde zich het Tibetaanse boeddhisme en uiteindelijk het lamaïsme. In de loop der eeuwen kregen de kloosters steeds meer wereldlijke, politieke macht en in de zeventiende eeuw verkreeg de geelkapsekte na een conflict met de roodkapsekte, de absolute macht over het land. De leider nam de titel aan van Dalai Lama dat letterlijk 'Oceaan van Wijsheid' betekent. Iedere nieuwe Dalai Lama is een reïncarnatie van de voorgaande, iets wat middels speciale procedures wordt vastgesteld. De Dalai Lama was een absoluut heerser die regeerde over een arm land waar tot 1950 slavernij nog de gewoonste zaak van de wereld was.
Aan de heerschappij van de Dalai Lama kwam abrupt een eind toen buurland China in 1950 het land binnenviel en 'bevrijdde' van het juk van de geestelijken. De Chinese bezetting leidde tot een exodus van honderdduizend Tibetanen, 1,2 miljoen doden en vernietigde het overgrote deel van Tibet's culturele en religieuze erfenis. Van de 1600 kloosters zijn er slechts tien bewaard gebleven. De Dalai Lama vluchtte naar India waar hij nog steeds in ballingschap leeft. Het Tibetaanse volk had ondertussen zwaar te lijden onder de Maoïstische politiek en de Culturele Revolutie. Ondanks het verzet en protesten uit alle hoeken van de wereld is de aanwezigheid van China in Tibet onverzettelijker dan ooit. Door een politiek van culturele invasie, door 'import' van Chinezen, verstedelijking en Chinese bouwprojecten voltrekt zich een onomkeerbaar proces. Ondanks een geleidelijke toename van vrijheid voor de diverse culturen in China zelf, lijkt de Chinese regering vast van plan de controle in haar 'opstandige provincie' met strakke hand te behouden.
Nepal is een rechthoekig land dat van noordwest naar zuidoost een afstand heeft van ca. 850 km en een maximale breedte heeft van 220 km. Het is met een oppervlakte van 147.000 km² vier maal zo groot als Nederland. Het land ligt ingeklemd tussen het door China bezette Tibet aan de noordoostkant en India, dat het aan de overige drie zijden omgeeft. Nepal wordt gedomineerd door het hoogste gebergte ter wereld, de Himalaya, waarvan de hoogste bergketen het land grotendeels afgrendelt van Tibet met toppen zoals de Mount Everest - bij de Nepalezen bekend als Sagarmatha (8848 m) - Manaslu (8156 m) en de Lhotse (8516 m). Volgens de huidige stand van de wetenschap is de ontwikkeling van de Himalaya ongeveer 30 miljoen jaar geleden begonnen, toen de Indiase landmassa tegen het Euraziatische continent botste als gevolg van immense tektonische bewegingen in de afkoelende aardkorst. De Indiase schol schoof onder de Euraziatische met als gevolg het ontstaan van de Himalaya. Voor die tijd maakte het gebied waarin Nepal ligt deel uit van een oceaan, waarvan de Middellandse Zee nog een overblijfsel is. Hoog in de bergen worden dan ook ammonieten gevonden die aan toeristen worden verkocht voor enkele euro's.
De verscheidenheid aan natuur in Nepal is enorm doordat in een klein gebied met hoogteverschillen van kilometers veel klimaatzones vlak naast elkaar bestaan. Er zijn grote gebieden waar ijs en sneeuw eeuwig heersen en zeldzame diersoorten zoals het sneeuwluipaard voorkomen. Maar daarnaast zijn er jungles en grasvlaktes waar het 's zomers 40 graden kan worden. Hier lopen nog neushoorns en wilde buffels rond. Daartussen vinden we naald- en rododendronbossen en alpenweiden waar wilde geiten zwerven. Slechts een vijfde deel van het land is in cultuur gebracht, vooral in de vorm van prachtige terrassen waar rijst wordt verbouwd. Een groot deel van Nepal is door zijn bergachtige landschap nog nauwelijks ontsloten en uitsluitend te voet of met kleine vliegtuigen te bereiken. Vooral het noordwesten is schaars bevolkt en weinig aangetast door mensenhanden.
Wat nu Nepal is, was ooit een verzameling van kleine feodale staatjes, ingeklemd tussen Tibet en het Moghul India. In 1324 werden de kleine rijkjes onder de voet gelopen door een heerser uit Rajput, die op de vlucht was geslagen voor de moslims. Zijn afstammelingen zouden tot 1768 over Nepal heersen totdat het land werd overwonnen door de Gurkhas, een volk van Tibetaans-Mongoolse oorsprong. De Gurkhas die bekend stonden uitmuntende strijders te zijn, deden tevens een poging Tibet te bezetten. Zij werden niettemin verslagen door de Chinezen die voor korte tijd ook Nepal bezetten. In 1791 sloten de Gurkhas een verdrag met de Britten in India, maar grensgeschillen leidden in 1814 tot een oorlog tussen Groot-Brittannië en Nepal. In een afgedwongen wapenstilstand in 1816, moest Nepal een groot gedeelte van haar grensgebieden afstaan aan Brits-Indië.
In 1923 werd de onafhankelijkheid van Nepal officieel. Om als geïsoleerd, klein koninkrijk ingeklemd tussen twee grootmachten de onafhankelijkheid veilig te stellen, probeerde koning Birendra de relaties met India en China niet te verstoren. In 1990 werd het verbod op politieke partijen opgeheven en niet veel later werd er een nieuwe grondwet ingesteld. Momenteel is Nepal een constitutionele monarchie met een meerpartijenstelsel. Koning Birendra is in 2001 door een familielid vermoord, en inmiddels door zijn broer opgevolgd.
Bevolking en cultuur:
China heeft ruim een miljard inwoners. Ongeveer 20 % hiervan woont in de stad, de rest woont op het platteland. Om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen, heeft de Chinese regering de één-kind politiek in het leven geroepen. De mensen in de stad worden gedwongen om slechts 1 kind te nemen. Als ze meer kinderen krijgen, dan moeten ze op andere punten inleveren. Dat wil zeggen dat ze bijvoorbeeld in een klein huis moeten wonen en dat de scholing voor de kinderen niet meer gratis is. Als je een tweeling krijgt, dan geldt dat niet.
Ongeveer 93 % van de Chinezen zijn Han Chinezen. Verder zijn er nog zo'n 55 minderheden, die voornamelijk in de grensstreken wonen. Tijdens onze Groots China reis zullen we deze minderheden bezoeken: de Bai bevolking in Dali, de Naxi bevolking in Lijiang en de Sani en Yi bevolking in het Stenen Woud.
De Tibetaanse bevolking bestaat oorspronkelijk uit een verzameling van zeer uiteenlopende culturen. Sinds de Chinese bezetting zijn ook buiten Tibet, in onder andere India en Nepal, grote Tibetaanse gemeenschappen te vinden. Door de actieve immigratiepolitiek van China leven er naast de lamaïstische Tibetanen tegenwoordig buitengewoon veel Han-Chinezen in Tibet. Zij wonen voornamelijk in de grotere plaatsen zoals Lhasa en Shigatse en zijn actief in de industrie, handel en het leger. De meeste Tibetanen leven van de landbouw en de veeteelt. De veelzijdigheid van de Tibetaanse bevolking is goed te zien op bijvoorbeeld de Barkhor Bazar in Lhasa. Vanuit het gehele land komen hier pelgrims naartoe om te bidden, waarbij onder andere de nomadische Kampa opvallen.
De ruim 21 miljoen inwoners van Nepal zijn onder te verdelen in circa 35 verschillende etnische groepen die ieder hun eigen taal en cultuur hebben. Grofweg vallen deze bevolkingsgroepen uiteen in drie hoofdgroepen: de Indo-Ariërs, de Tibeto-Birmanen (waaronder de Newars) en de uit Tibet afkomstige bewoners onder wie de Sherpa's. Ongeveer veertig procent van de bevolking woont in de vlakke en vruchtbare Terai, de overige zestig procent woont in de heuvels en de bergen. De hooggelegen delen van de bergen zijn zeer dun bevolkt.
Godsdienst:
De drie grootste godsdienstige stromingen in China zijn het boeddhisme, het confusionisme en het taoïsme. Hoewel de historie van deze drie volkomen van elkaar verschillen, hebben de stromingen toch aardig wat overeenkomsten. Zo zijn de grondleggers geen goden, maar mensen van vlees en bloed. Ook zijn ze meer een levenswijze, of filosofie, dan een godsdienst.
Boeddhisme: De Boeddha werd geboren in Lumbini, in de Nepalese Terai, in de 6de eeuw v. Chr. Tijdens zijn luxe leven als prins werd hij geconfronteerd met het lijden van de mensen om hem heen. Na een lange meditatie verwierf hij verlichting en begon een nieuwe levensleer te verkondigen. Het boeddhisme is feitelijk een hervormingsbeweging van het hindoeïsme en veel elementen van beide religies komen overeen. Op een aantal belangrijke aspecten verwierp de Boeddha de gangbare leer. De Brahmaanse rituele verering van de goden en het kastensysteem waren twee belangrijke zaken die hij verwerpelijk vond.
In navolging van het hindoeïsme beweerde de Boeddha dat alles wat bestaat een eeuwige opeenvolging van ontstaan en vergaan is waaraan in principe niets kan ontsnappen; niet de goden, niet het universum, niet de mensen. Het is hem, de Boeddha, evenwel gelukt om uit dit eeuwige rad van wedergeboorten los te komen. Zijn leer is een manier om het dagelijks leed te ontstijgen en naar het nirvana te gaan, een staat van tijdloze rust en eenheid met alles. Belangrijk zijn de vier edele waarheden. 1. Alle leven is lijden. 2. Dit lijden is het gevolg van onze begeerten. 3. Door het opheffen van die begeerten kan men een einde maken aan het lijden. 4. Het opheffen van de begeerten wordt bereikt door het bewandelen van `de juiste weg'. Die juiste weg bestaat uit het achtvoudige pad; een systeem van denken en handelen dat ervoor zorgt dat het karma verbetert van degene die het bewandelt. Naarmate het karma verbetert door het bewandelen van de juiste weg, reïncarneert men in reinere vormen. Tenslotte bereikt men het stadium van bodhisattva, waarin men niets anders meer verlangt dan het geluk van alle anderen. Vervolgens lost men op in het nirvana, de staat van verlichting waarin men beseft dat alles wat bestaat een illusie is, slechts een luchtspiegeling van een ondeelbare eenheid die in zichzelf rust.
De belangrijkste vorm in het huidige China is het mahayana-boeddhisme ofwel het grote voertuig dat alle wezens verlossing belooft met behulp van bodhisattva's. Bodhisattva's zijn diegenen die verlicht zijn maar daar vanaf zien en hun eigen overgang naar het nirvana uitstellen om zich in te zetten ter verlossing van de gehele mensheid. Ze proberen de mens een goed karma over te dragen en zo naar de verlichting te leiden. Het boeddhisme ontwikkelde zich tussen de derde en de zesde eeuw na Chr. en werd vermoedelijk geïntroduceerd door Indiase handelaren die boeddhistische priesters meenamen op hun reizen. Al snel ontstonden er kloosters in heel China. Deze kloosters hadden dezelfde rol als de kerken in Europa ten tijde van de middeleeuwen en fungeerden naast godsdiensthuis ook als herberg, ziekenhuis en weeshuis. Reizigers en vluchtelingen konden er altijd onderdak vinden.
Taoïsme: Het taoïsme is de enige godsdienst die ontstaan is in China zelf. Het boeddhisme komt uit India en het confusianisme is in hoofdzaak een levenswijze. De stichter van het taoïsme was Lao Tse, wat 'grote, oude meester' betekent, en naar zeggen werd hij geboren in het jaar 604 na Chr. Er zijn niettemin twijfels aan het feit of de man überhaupt wel geleefd zou hebben. Er is niets over hem bekend, zelfs niet zijn naam. De mythe vertelt ons dat Lao Tse werd geboren als een oude man met wit haar en een lange baard, nadat hij 82 jaar in de baarmoeder van zijn moeder had gezeten.
Het concept van het taoïsme is dao. Hoewel een exacte vertaling niet mogelijk is, betekent het zoiets als het pad, de weg, maar ook de methode of principe. Zelfs de Chinezen zelf kunnen het begrip maar moeilijk vertalen. Een ander concept heet wu wei, het 'niet handelen' of met de stroom mee zwemmen. Dit is tevens het afzien van zaken die tegen de draad van de dingen ingaan. De loop der gebeurtenissen in het heelal wordt bepaald door twee tegenovergestelde polen: yin en yang. Yang is het mannelijke, helder en de hoge hemel. Yin wordt beschouwd als vrouwelijk, duister, passief, en onpeilbaar diep. Zonder yin bestaat er geen yang en zonder yang geen yin.
Confusianisme: De ideeën van Confusius (5de eeuw v. Chr) zijn al 2000 jaar lang van invloed op de Chinese cultuur en juist om die reden worden zijn filosofieën hier kort beschreven. Het confusianisme is geen godsdienst, eerder een praktisch, ethisch systeem, een stelsel van wet en orde. Wel werd de wijsgeer vereerd als een god waaraan talloze offers werden gebracht. Zoals het universum wordt bepaald door de orde en het ritme in de wereld, zoals de zon, de maan en de sterren bewegen volgens de wetten van de natuur, zo moet de mens leven in het kader van de wereldorde. Dit idee is op zijn beurt weer gebaseerd op het idee dat mensen het vermogen hebben om te kunnen leren.
Confusius ging uit van een strenge hiërarchie en definieerde deze zeer helder en precies. Alleen als elk afzonderlijk lid van de samenleving volledige verantwoordelijkheid neemt voor zijn of haar positie, kan de maatschappij als geheel goed functioneren. Aan familiebanden en sociale betrekkingen werd fundamentele betekenis toegekend. Tussen vader en zoon, (de zoon moet de vader zonder voorbehoud gehoorzamen), tussen man en vrouw (vrouwen hebben nauwelijks individuele rechten), tussen oudere en jongere broer, tussen vrienden onderling en tussen heerser en onderdaan.
De belangrijkste religie in Tibet is het lamaïsme, voortgekomen uit een mix van de animistische Bon-religie en het tantrisch boeddhisme. Er zijn meerdere sekten, waarvan de Gelukpa of geelkapsekte (herkenbaar aan de goudgele mutsen) de belangrijkste is met de Dalai Lama die in ballingschap leeft, als leider. De Panchen Lama behoort tot de roodkapsekte. Beiden lama's worden beschouwd als levende boeddha's. Hoewel er tijdens de Chinese overheersing veel religieuze bouwwerken zijn vernietigd, blijven de overgebleven kloosters kenmerkend voor het Tibetaanse landschap. Vooral tijdens de bezoeken aan de Tibetaanse lamakloosters zijn de religieuze aspecten duidelijk terug te vinden.
Nepal is het enige hindoe koninkrijk ter wereld. De koning van Nepal wordt vereerd als de belichaming van de god Vishnoe. Naast het hindoeïsme dat door het overgrote deel van de Nepalezen wordt beleden, is het boeddhisme de tweede godsdienst. Beide godsdiensten zijn in Nepal zo met elkaar verweven dat het bijna onmogelijk is om ze te scheiden. Een van de bindende factoren van de religies vormt de tantra, een geheimzinnige en symbolische, religieuze filosofie die tussen de tiende en vijftiende eeuw is ontstaan. In het tantraïsme speelt de verering van demonen een belangrijke rol.
Een zeer kleine minderheid in Nepal is islamitisch. De godsdienst speelt een uiterst belangrijke rol in het dagelijkse leven. Door het hele land komen we kleine heiligdommen, tempels, godenbeelden, heilige afbeeldingen en mystieke symbolen tegen en overal zijn mensen bezig met uitvoeren van religieuze handelingen. De religie heeft ook duidelijk zijn weerslag op de kunst en in de architectuur. Bekend voorbeeld van deze laatste is de stoepa, de unieke koepelvormige tempel die een relikwie van Boeddha bewaart. Boeddha werd geboren in Lumbini, in de Nepalese Terai, in de 6de eeuw v. Chr. Tijdens zijn luxe leven als prins werd hij geconfronteerd met het lijden van de mensen om hem heen. Na een lange meditatie verwierf hij verlichting en begon een nieuwe levensleer te verkondigen. Het boeddhisme is feitelijk een hervormingsbeweging van het hindoeïsme en veel elementen van beide religies komen overeen. Op een aantal belangrijke aspecten verwierp Boeddha de gangbare leer. De Brahmaanse rituele verering van de goden en het kastensysteem waren twee belangrijke zaken die hij verwerpelijk vond. De grondgedachte van het boeddhisme is dat het werelds bestaan lijden inhoudt, een kringloop van wedergeboorten (reïncarnaties) waaruit de mens zich moet bevrijden.
Het hindoeïsme is niet gesticht door één profeet of gegrondvest op één boek, maar op een bouwwerk van boeken, meesters, godenvereringen, kasten en leefregels. Het woord zelf is bedacht door de islamieten die het subcontinent vanaf de 9de eeuw binnenvielen en alle heidense praktijken die ze er aantroffen, samen hebben gevat met het woord `hind'. Het hindoeïsme is feitelijk een samenklontering van religies. Maar in het woord 'religie' komt de alomvattendheid van het hindoeïsme niet tot uiting. De godenverering is heel belangrijk in het hindoeïsme. Volgens sommige geschriften zijn er 330 miljoen goden.
Typerend voor het hindoeïsme is het kastensysteem, de indeling van de bevolking in een hiërarchie van overgeërfde sociale klassen. Elke hindoe wordt geboren in een kaste waarvan hij de rest van zijn leven deel blijft uitmaken. De hoogste kaste is die der Brahmanen of Bahuns, waaruit de geestelijkheid voortkomt. Daaronder staat de kaste der Ksatriya's of Chettri's, de soldaten en bestuurders. Eigenlijk is dit de kaste met de ware macht. Brahmanen dienen zich niet zo bezig te houden met succes in het ondermaanse, maar kunnen wel grote invloed uitoefenen doordat ze de schriftgeleerden zijn en een intieme relatie onderhouden met hun godenwereld. Weer een stapje lager op de ladder staan de Vaisya's, die de kaste der handelaars vormen en tenslotte is er de grote massa van de Sudra's, de boeren. Wat rest, is nog een kasteloze groep, de Paria's. Deze mensen worden als zeer onrein beschouwd en mogen slechts de meest vieze karweitjes opknappen, zoals rioolreiniging en lijkverbranding. Maar door de toenemende bevolkingsdruk in de Kathmanduvallei, die een schrijnende werkeloosheid met zich meebrengt, zie je langzaam een verschuiving optreden.
Elke hindoe heeft een klein huisaltaar waar de lievelingsgoden een plaatsje hebben. Het zijn meestal veelkleurige afbeeldingen van deze goden, die in onze ogen meer iets weg hebben van fantastische stripverhaalfiguren. Sommige mensen richten zich vooral op Vishnoe, anderen meer op Shiva, maar in geen enkel huis ontbreken Ganesh (de god van wijsheid en geluk met het olifantenhoofd) en Lakshmi.
De belangrijkste puja's die dagelijks in de tempels worden gehouden, vinden plaats bij zonsop- en zonsondergang. Onder het geroffel van trommels, het rinkelen van belletjes, het geluid van blaasinstrumenten en het reciteren van de veda's wordt er een offer gebracht dat de vier elementen, lucht, aarde, water en licht of vuur vertegenwoordigt. Een ander belangrijk religieus gebeuren is darshan, ofwel het zien van een beeld van de god, of zoals in Kathmandu de levende godin Kumari. Bij processies worden godenbeelden rondgedragen zodat de mensen de goden kunnen zien, want dat is bevorderlijk voor het zielenheil. Prasad is geheiligd voedsel, dat eerst geofferd wordt aan de god(in) en daarna genuttigd wordt ter bescherming.
Praktische informatie
Aankomst
Doe de eerste dag in China rustig aan. Neem de tijd om te acclimatiseren. De overgang van klimaat, cultuur en voedsel kan behoorlijk ingrijpend zijn. Laat het land op je inwerken en geniet.
Bagage en kleding
We raden je aan om een zachte reiskoffer (al dan niet voorzien van wieltjes) of een rugzak mee te nemen. Denkend aan de steile trappen van Chinese stations, de beperkte bagageruimte in de treinen en bussen, de vele ongeplaveide straten en het ontbreken van een lift in de eenvoudigere hotels, raden we een koffer sterk af voor deze reis. Bovendien komen er in Tibet regelmatig landslides voor. Meestal zijn dan dragers aanwezig om tegen betaling je bagage te dragen. Zijn zij niet aanwezig dan zul je zelf je eigen bagage moeten dragen.
Luchtvaartmaatschappijen staan toe om op intercontinentale vluchten 20 kg bagage mee te nemen. Binnenlandse vluchten zijn dikwijls beperkt tot 15 kg.
Voor het opbergen van waardepapieren kun je het beste een dunne geldgordel kopen, die je onder je kleding kunt dragen. Daarnaast is een kleine rugzak of schoudertas handig voor de dagelijkse handbagage.
Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag).
De keuze om bepaalde zaken mee te nemen is vaak erg persoonlijk. De hier volgende opsomming is dan ook enkel indicatief. Denk bij het samenstellen van je bagage bijvoorbeeld aan: reis- (en taal)gids, stevige ingelopen schoenen, sandalen, regenkleding, zaklamp, wasmiddel, een handdoek (voor de meer eenvoudige guesthouses), een reisapotheek, je eigen medicijnen, anti-muggenspray, eventueel een universeel geldige verloopstekker (zie ook onder ‘electriciteit’), foto- en/of videomateriaal, kopieën van je reisdocumenten en waardepapieren, batterijen, hoofddeksel, zonnebril, zonnebrandmiddelen, zwemkleding, reiswekker, schrijfgerei, schaartje en zakmes (niet in je handbagage in het vliegtuig).
In sommige hotels is laundry service aanwezig. In Tibet is het altijd raadzaam warme kleding bij je te hebben aangezien je je op grote hoogte bevindt. Maar ook in China kan het in het voor- en najaar 's avonds fris zijn.
Het is niet nodig om tenten, slaapmatjes of muskietennetten mee te nemen. We raden wel een lakenzak aan (= soort slaapzak gemaakt van een dubbelgevouwen laken bvb) voor Rongbuk en Nyalam.Een slaapzak kan prettig zijn voor extra warmte in Everest Base Camp/Rongbuk in de maanden oktober en april.
Het is bekend dat Tibetanen in Tibet graag een afbeelding van de Dalai Lama willen bezitten. Wij willen je waarschuwen dat het geven van dergelijke foto op onverantwoorde wijze gevaar oplevert voor de Tibetanen. Houd er rekening mee dat de Tibetanen zich dit gevaar niet realiseren. Besef ook dat je bagage bij aankomst en vertrek uit Tibet gecontroleerd kan worden.
Handbagage
Sinds 04/11/2006 zijn nieuwe veiligheidsmaatregelen van kracht in alle luchthavens van de Europese Unie voor het vervoeren van vloeistoffen. Voortaan mogen reizigers in hun handbagage alleen nog kleine flesjes of tubes meenemen van maximaal 10 cl inhoud. Deze moeten worden meegenomen in één doorzichtige, hersluitbare, plastic zak met niet meer dan maximaal 1 liter inhoud. Deze zal getoond moeten worden aan de security check.
De flesjes mogen bevatten: water of andere dranken, soep, siroop, crèmes, lotions, parfums, oliën, scheerzeep, deodorant, schuim, haargel, douchegel, shampoo, tandpasta, mascara. Dit alles dus met een limiet van 10 cl per flesje of tube. Al wat meer is, dien je op te bergen in je grote bagage die wordt ingecheckt.
Ook toegelaten zijn medicatie, dieetproducten en babyvoeding die tijdens de reis noodzakelijk zijn (in dit geval draagt men best een Engelstalig medisch attest).
Vloeistoffen aangekocht voorbij de check-in procedure (tax free goederen) worden verzegeld verkocht en zijn niet onderworpen aan de beperkingen. Wacht tot u de check-in in de laatste Europese luchthaven (bij een eventuele transfer) voorbij bent voor u de verzegeling verbreekt.
Voortaan dienen ook jassen en vesten te worden uitgedaan en door de x-ray gescreend; laptops en andere grotere elektrische apparaten moeten worden uitgepakt en zullen eveneens worden gescreend door de machine.
Electriciteit
Stopcontacten leveren 220 volt, 50 hertz wisselstroom. Je hebt dus een adapter nodig als je Belgische elektronische apparaten in China en Tibet wilt gebruiken. Belgische stekkers passen wel in Nepal op de meeste ongeaarde stopcontacten al moet je soms een beetje duwen. In Nepal doen zich af en toe stroomstoringen voor, dus het is een goed idee om een zaklamp mee te nemen. Die kan ook van dienst zijn in de nachttreinen. Voor meer informatie en bijhorende illustraties verwijzen we u graag door naar volgende website: http://www.kropla.com/electric2.htm
Fooien
China:
Het geven van fooien was in China lange tijd niet gebruikelijk, maar begint steeds meer ingeburgerd te raken. Eventuele plaatselijke gidsen bij excursies naar de Chinese Muur of het terracottaleger bij Xi'an verwachten eveneens een bijdrage. Taxichauffeurs en restaurantpersoneel rekenen niet echt op een extraatje, maar stellen het wel op prijs.
Tibet:
Het fooiensysteem is niet echt geïntegreerd in de Tibetaanse samenleving. In de kleine restaurants is het dan ook niet gewoon om een fooi achter te laten. Plaatselijke en nationale gidsen verwachten wel een fooi. Het richtbedrag voor chauffeurs die voor ons werken is 50-75 yuan per dag en voor de lokale gidsen 75-100 yuan per dag, afhankelijk van de reisafstand en in overleg met de reisbegeleider. Dit bedrag geldt namens de gehele groep.
Nepal:
In de rekeningen van dure restaurants en bars zijn service en (luxe-)belastingen inbegrepen, maar toch wordt een fooi verwacht. In goedkope tentjes wordt door de Nepalezen geen fooi gegeven. Maar als je tevreden bent dan is er niets op tegen dat je nog een fooi achterlaat.
Fotografie
Deze landen zijn kleurrijk en fotogeniek en dus zeker de moeite waard om het op celluloid en video vast te leggen. Wij raden je aan het nodige materiaal voor foto's, dia's, band- of video-opnamen uit België mee te nemen. Niet alle merken zijn namelijk te verkrijgen. Ook is het moeilijk om aan batterijtjes, flitslampjes en onderdelen van de apparatuur te komen. Filmrolletjes van goede kwaliteit zijn echter wel voorhanden. Maar soms worden ze tot na de geldigheidsdatum verkocht, of wordt het materiaal niet op een voldoende koele plaats bewaard. Daarom is 't het beste om voldoende film van huis mee te nemen. Probeer film zo veel mogelijk te beschermen tegen de warmte. Door stijgende temperatuur kan de kwaliteit van het fotografische materiaal achteruit hollen. Met afdrukken kun je het beste wachten tot je terug bent in België, om het risico van een verkeerde behandeling zo veel mogelijk te voorkomen. Neem eventueel een loden zak mee ter bescherming van je rolletjes tegen de röntgenapparatuur op de luchthavens.
Op de meeste van onze bestemmingen is materiaal voor digitale fototoestellen nog steeds niet of moeilijk te vinden. Neem dus voldoende geheugenkaarten mee. Op sommige reizen is er niet overal electriciteit (zie onder "Electriciteit"), dus neem voldoende batterijen mee, zodat je op belangrijke momenten niet zonder fototoestel komt te zitten.
Over het algemeen hebben Chinezen er geen bezwaar tegen als je foto's van ze maakt. Vaak komen ze zelfs schuchter met hun eigen cameraatje op je af met het verzoek of ze een foto van je met hun vrienden of familie mogen nemen. Tibetanen en Nepali's hebben er ook niet echt bezwaar tegen als je foto's van ze maakt. Vraag vooraf altijd toestemming, en als mensen te kennen geven dat ze er niet van gediend zijn, respecteer dat dan. Foto's en ander materiaal van de Dalai Lama zijn illegaal. Denk er aan dat je jezelf en anderen in gevaar kunt brengen als je zomaar foto's uit gaat delen, hoe goedbedoeld dit ook is. Je loopt gevaar gevangen gezet te worden en zelfs om gedeporteerd te worden. Je maakt mensen in Tibet overigens ook enorm gelukkig met een polaroid foto van henzelf of laat je rolletje ontwikkelen en deel de foto's uit. Je zult zien dat er ineens veel deuren open zullen gaan.
Het maken van foto's en video's van regeringsgebouwen, militaire objecten, grensovergangen, vliegvelden, politie en militaire functionarissen is verboden. Er mag ook niet gefotografeerd worden in de meeste religieuze gebouwen, met name geldt dit voor tempels en kloosters in Tibet. Als het wel mag dan moet er vaak flink voor betaald worden. Hou ook rekening met het feit dat men het wellicht niet zo waardeert als je als buitenlander opnames maakt van de minder mooie of armoedige kanten van het land. Respecteer het ook hier wanneer er bezwaren worden gemaakt.
Gezondheidsvoorschriften
Vooraleer je op reis vertrekt, dien je je huisarts om advies te vragen i.v.m. de nodige inentingen en medicatie die voor jouw reis van toepassing zijn. Maak ruim een maand voor vertrek een afspraak met een vaccinerende instelling of de huisarts. Het is ook verstandig om een kleine reisapotheek mee te nemen. We raden je aan om je vaccinaties pas te halen, als je zeker weet dat je reis doorgaat.
We bevelen voor deze reis alleszins vaccinaties aan tegen DTP (difterie, tetanus en polio), buiktyfus en hepatitis A. We willen benadrukken dat deze lijst indicatief is. Koning Aap Reizen heeft geen medische bevoegdheid. Bovendien kunnen medische voorschriften regelmatig veranderen. Koning Aap Reizen verwijst voor de meest correcte en up to date informatie naar de huisarts en naar het Instituut voor Tropische Geneeskunde. Telefonisch kan je informatie vragen via de Travelfoon op het nummer 0900–10.110. Je kan ook op www.itg.be (onder ‘vaccinaties en malaria-advies per land’) online per land advies opvragen. Bij het Instituut voor Tropische Geneeskunde kun je ook terecht voor je inentingen.
Hoogteziekte
Als je tijdens de reis boven de 2500 meter hoogte komt bestaat de kans op hoogteziekte. Door het zuurstofgebrek wordt de ademhaling versneld en adem je meer vocht uit dan normaal. Daarom moet je boven de 2500 meter veel drinken (drie tot vier liter per dag). Indien je urine donker van kleur is, drink je te weinig. Hoogteziekte treedt meestal op binnen 24-72 uur na het bereiken van een nieuwe hoogte. Hoofdpijn is het belangrijkste symptoom. Daarnaast kunnen vermoeidheid, misselijkheid, lusteloosheid, apathie, duizeligheid en hartkloppingen voorkomen. Deze klachten mag je nooit bagatelliseren, het kan gaan om longoedeem of hersenoedeem. Deze ernstige vormen, gekenmerkt door o.a. kortademigheid, droge hoest en/of verwardheid, kunnen onbehandeld fataal zijn. Iedereen kan deze ziekte krijgen, óók wie over een goede conditie beschikt. Het is belangrijk om bij ernstige klachten naar een lager gelegen plaats af te dalen.
Op plaatsen waar je met het vliegtuig aankomt op een hoogte van meer dan 3000 meter kan de aanpassing aan de hoogte een probleem vormen. Het is belangrijk dat je na aankomst ten minste een dag rust neemt.
Informatie voor thuisblijvers
Zorg ervoor dat achterblijvers weten in welk land je bent en hoe lang je wegblijft, spreek eventueel af wanneer je contact opneemt. Geef je vluchttijden en vluchtnummers door aan degenen die je ophalen van het vliegveld. Koning Aap verstrekt aan derden geen vlucht- of reisinformatie, hotelnamen en telefoonnummers. Eventuele vertragingen kunnen via het informatienummer op Zaventem of via Teletekst worden opgevraagd.
Contactpersonen:
Indien zich noodgevallen tijdens de reis voordoen is het belangrijk dat wij een contactpersoon in België kunnen bereiken. Op het boekingsformulier heb je iemand opgegeven. Het kan gebeuren dat die persoon juist op vakantie is tijdens je reis. Geef in dit geval een tweede persoon op zodat we zeker iemand kunnen bereiken.
Tijdsverschil
Het tijdsverschil tussen China en Tibet en onze zomertijd is 6 uur, tijdens onze wintertijd 7 uur. In Nepal is het vier uur en 45 minuten later dan bij ons. Nepal kent geen zomertijd en dus is het tijdsverschil in de zomer drie uur en 45 minuten.
Veiligheid
China, zowel als Nepal is een redelijk veilig land waar weinig geweldsdelicten tegen buitenlanders voorkomen. Zakkenrollerij komt, met name in de grote steden, wel veel voor. Je moet daarop attent zijn op drukke plaatsen. Stadsbussen en stationspleinen zijn berucht. De vuistregel is: draag je paspoort, vliegticket en travellercheques en het meeste geld onder je kleding in een geldgordel. Zorg voor genoeg handgeld voor de dag op een makkelijker bereikbare plek, zodat je niet en publique in je geldgordel hoeft. Laat nooit geld of waardevolle zaken achter op de hotelkamer.
Winkelen en openingstijden
China en Tibet:
De hieronder genoemde openingstijden zijn niet de precieze tijden, want die kunnen variëren. Het zijn de uren waarop vrijwel alle plaatsen van die categorie in ieder geval geopend zijn.
Bank of China: maandag t/m vrijdag 8.30 - 17.30 uur, tussen de middag gesloten.
Postkantoren: maandag t/m vrijdag 9.00 - 17.00 uur, tussen de middag gesloten.
Musea: dagelijks van 9.00 - 16.00 uur. De wekelijkse sluitingsdag is verschillend.
Winkels: de meeste winkels alle dagen van grofweg 9.00-21.00.
Tijdens de nationale feestdagen is het meeste gesloten: Dag van de Arbeid: 1 mei. Partijdag: 1 juli. Dag van het Volksbevrijdingsleger: 1 augustus. Dag van de Volksrepubliek: 1 oktober.
Nepal:
Vrijdagmiddag en zaterdag vormen het weekend in Nepal en zaterdag is de wekelijkse vrije dag. Overheidsinstellingen, waaronder de kantoren voor toeristeninformatie, zijn dan gesloten. Banken zijn geopend van zo t/m do van 10-14 uur en sommige op vrijdag van 10-12 uur. Geautoriseerde wisselkantoren in Kathmandu zijn dagelijks open van 10-19 uur.
Winkels zijn vaak tot 20 of 21 uur geopend. Sommige internetcafés zijn wat later open.
Turkmenistan
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Syrië
Syrië heeft een oppervlakte van 185.180 km² (4,5 maal Nederland, 6 maal België). Het land telt ongeveer 18 miljoen inwoners waarvan ongeveer 80 procent in de smalle, vruchtbare, westelijke strook van het land woont. De helft van de bevolking leeft in steden. Syrië heeft een gemiddelde bevolkingsgroei van 2,2 procent (Nederland 0,2 procent, België 0,13 procent); bijna 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar. 80 procent van de bevolking (89 procent mannen; 62 procent vrouwen) kan lezen en schrijven. Iedere Syriër heeft toegang tot sociale voorzieningen zoals gezondheidszorg en lager en middelbaar onderwijs. Door de zeer sterke bevolkingsgroei zijn de bestaande sociale voorzieningen echter enigszins onder druk komen te staan. Eenderde van de bevolking leeft van de landbouw, een kwart verdient zijn geld in de industrie en 45 procent in de dienstensector. Syrië heeft officieel een werkeloosheidspercentage van 5 procent, maar in de praktijk is dat waarschijnlijk 25 procent. Hoewel het loonpeil laag is, komt absolute armoede in Syrië weinig voor. Belangrijke exportproducten zijn aardolie, groente en fruit, textiel. De Syrische bevolking bestaat uit ongeveer 90 procent Arabieren, ruim 5 procent Koerden, 3 procent Armeniërs en andere. De Koerden leven van oudsher in het noordoosten langs de Turkse grens. De christelijke Armeniërs wonen overwegend in Aleppo en de zuidelijke kustgebieden. Veel van hun voorouders vluchtten naar Syrië na de volkenmoord in 1915 in Turkije.
Turkije
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik. De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent). De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Iran
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Turkmenistan
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov is de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeert sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Oezbekistan
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Kirgizstan
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
China
China heeft een oppervlakte van 9.956.960 km² (240 maal Nederland, 326 maal België) en telt ongeveer 1,3 miljard inwoners. Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk hoger omdat niet alle geboorten sinds de invoering van het éénkindbeleid worden aangegeven. Dit beleid is in 1979 ingevoerd om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen. Concreet houdt deze politiek in dat de Han, die ongeveer 93 procent van de totale Chinese bevolking vormen, verplicht zijn zich te houden aan het principe van één kind per paar. De minderheidsgroeperingen hoeven zich daar niet aan te houden. De regering voert dit beleid uit via een systeem van beloningen en boetes. Een hoger betaald zwangerschapsverlof, betere gezondheidszorg, meer woonruimte of gratis onderwijs. Deze beloningen blijven achterwegen wanneer de limiet van één kind wordt overschreden. Men moet dan juist belasting betalen. Een uitzondering op de regel is het krijgen van een tweeling. Onder de geschoolde middenklasse in de grote steden heeft dit beleid veel succes gehad maar op het platteland was dit beleid minder effectief. Tegenwoordig wordt het éénkindbeleid minder strikt toegepast. In vele gebieden van China mogen families wiens eerste kind een meisje is, een tweede kind. Het gevolg van het éénkindbeleid is dat er met name in de grote steden een generatie van kinderen ontstaat die verschrikkelijk verwend wordt door hun ouders. Ook hebben deze kinderen omdat ze geen broertje of zusje hebben, niet geleerd wat het is om te delen of compromissen te sluiten. Op het platteland hebben veel gezinnen zich niet gehouden aan dit éénkindbeleid waardoor het gezinsleven minder gericht is op ‘het kind’ maar op het samen met het hele gezin werken en overleven.
Eenderde van de totale bevolking woont in de stedelijke gebieden in het oosten. En hoewel deze gebieden erg dichtbevolkt zijn, zijn ze wel veel welvarender dan de meer afgelegen gebieden. Er zijn goede scholen, ziekenhuizen en er is een grote verscheidenheid aan producten te krijgen. De recente economische hervormingen hebben niet alleen geleid tot grote ongelijkheid tussen diverse regio’s maar ook tot toenemende economische verschillen binnen de bevolking.
De stedelijke bevolking zal blijven toenemen voornamelijk doordat veel boeren het verpauperde platteland verlaten om werk te zoeken in de steden. Om de druk van de steeds maar groeiende steden te verlichten is de regering bezig met het bouwen van gloednieuwe steden en het verspreiden van de bevolking over dunbevolkte gebieden in het land (Tibet en Xinjiang in het uiterste westen). De meeste Han willen niet verhuizen omdat ze die gebieden als barbaars en achterlijk beschouwen. En de lokale bevolking ziet hen ook niet graag komen.
Naast de ongeveer 1,2 miljard Han-Chinezen, die voor het merendeel in de oostelijke provincies aan de oevers van de Gele Rivier en de Yangtze leven, bestaat de rest van de bevolking van China (ruim 110 miljoen) uit 55 officieel erkende nationale minderheidsgroeperingen die voornamelijk in de noordwestelijke en zuidwestelijke provincies wonen. Samen bewonen ze zo’n 60 procent van het Chinese grondgebied. De grootste bevolkingsgroep is de Zhuang met zestien miljoen mensen, de kleinste de Lhoba met nog net geen 3000 mensen. Allemaal hebben ze hun eigen gewoonten, taal, kleding en religie. Sommige mensen zijn niet van de Han te onderscheiden, anderen vallen meteen op door hun klederdracht of hun gelaatstrekken. In het noordwesten, in het grensgebied met Pakistan, Kirgizië en Afghanistan, wonen Tadzjieken en Kirgiezen. Groene ogen en rood haar zijn hier niet zeldzaam. De islamitische Oejgoeren wonen in dezelfde regio. Het Tibetaanse Plateau is van oudsher het woongebied van de Tibetanen die dankzij de geïsoleerde ligging een heel eigen levenswijze en religie konden ontwikkelen. In het zuidwesten, in de provincie Guizhou, leven de Miao (rondom Kaili) en de Buyi (rondom Guiyang). In Yunnan leven de Bai (rondom Dali), de Dai, de Hani, de Jinua (alle drie in Xishuangbanna), de Naxi (rondom Lijiang) en de Yi. De Yao leven rondom Longsheng en de Dong rondom Sanjiang.
De rechten van de minderheidsgroeperingen zijn in de grondwet vastgelegd, maar de economische en sociale positie is niet altijd gelijk aan die van de Han. Aan de andere kant mogen de minderheden wel twee kinderen krijgen, de Han niet. De minderheden wonen vaak in nogal afgelegen (grens)gebieden, die beduidend armer zijn dan de ontwikkelde kuststrook waar de Han leven. De overheid pompt veel geld in deze gebieden door bijvoorbeeld het aanleggen van wegen en het toerisme te stimuleren. De minderheden klagen dat de meeste banen en de toeristendollars naar de Han gaan en dat ze geen gelijke kansen hebben omdat toelatingsexamens voor universiteiten in het Chinees zijn. Elk jaar komen er steeds meer Han in de minderheidsgebieden wonen, al dan niet gestuurd door de overheid. Door deze chinaficering en door de komst van toeristen verarmt de cultuur vinden sommigen. Anderen zijn blij met de toegenomen welvaart, vooruitgang en minder isolement.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (12 maal Nederland; 16 maal België) en telt 4,9 miljoen inwoners. Nijazov was tot zijn overlijden in 2006 de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeerde sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ en voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjet politiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjet verleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen, 10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Communicatie
Iedere vorm van communicatie wordt door de regering in de gaten gehouden. Zelfs je ansichtkaarten worden bekeken alvorens ze voor verder transport ter beschikking worden gesteld. Het sturen van een ansichtkaart naar welk land ook in de wereld kost $10cent en een brief van 20 gram kost $20cent.
Je kunt in alle grote steden nationaal en internationaal bellen en faxen op het Telegraaf station, ook wel Glavny Telegraf genoemd. Het internationale landennummer van Nederland is 0031 en van België 0032. Alle uitgaande telefoontjes kunnen worden afgeluisterd, dus wees voorzichtig. Meer info: www.countrycode.org.
Er is een service-provider in Turkmenistan: www.online.tm. Buiten Ashgabat is internet een onbekend iets en zelfs in de stad zelf is het iets voor de geprivilegieerden. Houd er rekening mee dat uitgaande e-mails bekeken kunnen worden. De regering probeert ook het aantal te benaderen websites te beperken. De beste plaats om online te gaan is een van de tophotels van Ashgabat. Zowel Hotel President, als de hotels Nissa en Grand Turkmen hebben internet. Als niet-gast kun je het beste in de laatste twee hotels terecht.
Eten en drinken
Zoals in andere Centraal-Aziatische landen staan plov (rijst, schapenvlees, uiten, wortelen en rozijnen) en sjaslik vaak op het menu. Plov wordt bereid met katoenzaadolie. Daarom ruikt het zo speciaal. Sjaslik smaakt het best als het wordt gekookt op de takken van een saxaul struik die in de woestijn groeit. Andere favoriete hapjes: samsa (samosa, vleesballetjes in deeg) en een variant van een vleespasteitje, maar dan groter en rond met de naam fitchi.
Een typisch Turkmeense maaltijd is dograma, gemaakt van brood, gekookt vlees en uien. Het wordt alleen bij speciale gelegenheden gegeten. Een soep die vaak gegeten wordt is chorba, soep van gekookt schaap met aardappel, wortelen en knolraap, elders in de regio ook wel shorpa genoemd. Ook manti, gestoomde noedels, is een populair gerecht.
Brood, cörek, is rond en plat en smaakt het lekkerst als het net uit de oven komt. Het wordt snel hard. Rond cörek bestaat het nodige bijgeloof. Het moet met het grootste respect behandeld worden en mag nooit ondersteboven geserveerd worden. Alle kruimels worden verzameld en op een veilige plaats bewaard. Gooi nooit een brood weg! Cörek wordt gebakken in een tamdyr, een grote aardewerk oven, die ook als heilig beschouwd wordt. Bij het ontbijt krijg je zure melk of chal, gefermenteerde kamelenmelk.
Mineraalwater is overal verkrijgbaar. Bier en wodka zijn allebei populair. Wat bier betreft zijn de merken Berk en Zip het meest populair.
Feestdagen
Turkmenistan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Remembrance Day (12 januari); Vlaggendag (19 februari), verjaardag van de president; Internationale vrouwendag (8 maart); Paardendag (27 april); dag van de Overwinning (9 mei), Dag van ‘Revival & Unity’ (18 mei); Dag van het gedicht Magtymguly (19 mei); Tapijtendag (25 mei of de laatste zondag in mei), Dag van de verkiezingen van de eerste president (21 juni), Meloendag (10 juli); Turkmenbashi Dag ( 14 juli); Dag van de herinnering van aardbeving in 1948 ( 6 oktober);Onafhankelijkheidsdag (27-28 oktober); Studenten jongerendag (17 november); Brooddag (30 november); Goede burendag (7 december); Neutraliteitsdag (12 december).
Daarnaast zijn er de islamitische feesten zoals het Suikerfeest na afloop van de ramadan (19-22 augustus 2012; 8-11 augustus 2013) en het Offerfeest (26 oktober 2012; 15 oktober 2013). Tijdens de vastenmaand (20 juli - 18 augustus 2012; 9 juli - 7 augustus 2013) blijft het openbaar leven functioneren en grote delen van de bevolking doen er niet aan mee.
Nowruz (21 maart) is een wijdverspreid feest dat vooral in Iran, maar ook in Centraal-Azië gevierd wordt. Het is het feest van het begin van de lente (in Iran ook het begin van het nieuwe jaar). Een paar dagen voor Nowruz is het tijd voor khashar; ervoor zorgen dat alle woningen, steden en dorpen er netje uit zien.
Gewoonten en gebruiken
In Turkmenistan zie je een groot verschil tussen platteland en stad. Fleurige jurken en de telpek (het traditionele hoofddeksel van schapenwol voor de man) zie je vooral buiten de steden.
Turkmenen zijn in hun hart nog steeds nomaden. Nomaden regels domineren het huiselijk leven, in het bijzonder de wijze waarop gasten behandeld moeten worden. Als je een huis bezoekt, krijg je overweldigend veel belangstelling. Je krijgt soms een jonger gezinslid toegewezen die moet zorgen dat al je wensen vervuld worden.
Op spiritueel gebied hangen de Turkmenen een unieke vorm van Centraal-Aziatisch animisme aan. Het begin van een vakantie wordt gebruikt voor een pelgrimage. In het bijzonder vrouwen gebruiken deze pelgrimages als een middel om uit het dagelijks leven te breken. Je ziet karavanen van vrouwen in bussen, op weg naar plaatsen als Parau Bibi. Buiten de steden verblijven de vrouwen in huis; de man verdient de kost. De oudste vrouw in een huishouden heeft evenwel veel te zeggen.
Turkmenen zijn bijzonder religieus. Hun traditionele animistische geloof heeft zich vermengd met de islam. Moskeeën en mausolea zijn vaak versierd met animistische symbolen zoals slangen en ramshoorns. Pelgrims hebben soms een klein kribbetje om hun hals hangen, ten teken dat zij graag een kind wensen.
Klimaat
Turkmenistan heeft een landklimaat. De zomers zijn extreem warm en de winters koud. De gemiddelde temperatuur is in januari vier graden onder nul, de temperaturen kunnen in de winter echter dalen tot min 33 graden. De gemiddelde temperatuur is in juli 28 graden, de temperaturen kunnen echter stijgen tot 50 graden. De neerslag is over het algemeen het hele jaar door gering. Beste reisperiode is het voorjaar (april-mei) en najaar (september-oktober).
Landschap
Turkmenistan ligt voor het merendeel beneden de 200 meter en bestaat voor het grootste gedeelte uit de Karakumwoestijn (zwarte woestijn met steeds veranderende zandduinen). Alleen het Kopet Dag gebergte langs de grens met Iran, en het Karabilplateau langs de grens met Afghanistan liggen boven de 500 meter. Het gebied langs de Kaspische Zee ligt beneden de zeespiegel. De rivieren Murgab en de Hari Rud lopen dood in de woestijn.
Religie
Turkmenen zijn bijzonder religieus. Hun traditionele animistische geloof heeft zich vermengd met ideeën uit de islam. Moskeeën en mausolea zijn vaak versierd met animistische symbolen zoals slangen en ramshoorns. Pelgrims hebben soms een klein kribbetje om hun hals hangen, ten teken dat zij graag een kind wensen. Naast een overgrote meerderheid van moslims bestaat een minderheid die Russisch-orthodox is.
Taal
Turkmeens is de officiële staatstaal van Turkmenistan. De taal hoort tot de zuidwesterse Turkse taalgroep, net als het Azeri (taal in Azerbeidjan) en het Turks. In Turkmenistan spreekt bijna iedereen Russisch en Turkmeens. Mensen die werkzaam zijn in het toerisme spreken vaak Engels.
Praktische informatie
Aankomst
In de zomer is het in Turkmenistan drie uur later dan in de Benelux.
Ambassades
Ambassades:
Ambassade van Turkmenistan in België
Reyerslaan 106, 1030 Brussel
T +32 (0)2 6481 874
F +32 (0)2 6400 131
E turkmenistan@skynet.be
I http://www.turkmenistanembassy.org
Nederlands consulaat in Turkmenistan
Tehran Street 17, Ashgabat 744012
T +993 12 340 067
F +993 12 344 252
E minbuza@online.tm
Voor aanvullende informatie inzake een verblijf in Turkmenistan verwijzen we naar de website van de Nederlandse ambassade te Rusland in Moskou: www.netherlands-embassy.ru
Bagage en kleding
We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) of in een weekendtas. Een koffer raden we sterk af. Het gewicht van je bagage kan meestal beperkt blijven tot maximaal twaalf kilo per persoon.
Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur. Zo zijn korte broeken, korte rokken en hemdjes taboe in islamitische landen. In de grote steden van Centraal-Azië is het dragen hiervan echter geen probleem.
Het is aan te raden stevige wandelschoenen mee te nemen voor de wandeltochten die we maken in Kirgizstan.
Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: zaklamp, waterfles, naaigerei, wasmiddel, universeel geldige verloopstekker, reisgids, voldoende fotomateriaal, pet, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje, beker en zakmes.
Electriciteit
De netspanning in Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan is 220 volt. Er komen soms stroomstoringen voor en de netspanning kan wisselen, waardoor gevoelige apparatuur kan beschadigen. Reserve batterijen en een verloopstekker zijn aan te raden. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van www.kropla.com
Fooien
Hotelpersoneel, chauffeurs en gidsen zullen een kleine fooi op prijs stellen. In de restaurants kan het bedrag afgerond worden. Soms zetten (duurdere) restaurants tien tot vijftien procent servicekosten op de rekening. Dat gebeurt ook als er een muziekband speelt. In chaikhana’s is een fooi niet gebruikelijk.
Fotografie
Kazachstan, Kirgizstan, Oezbekistan en Turkmenistan zijn fotogenieke landen, niet alleen vanwege de natuur maar vooral ook vanwege de mensen. Over het algemeen vindt de lokale bevolking het geen probleem om gefotografeerd te worden. Kinderen zullen zich zelfs op de voorgrond dringen om maar in beeld te komen. Vaak ontvang je zelfs als dank, vooral op markten, appels, peren of noten.
Als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit kan aanleiding geven tot agressieve reacties.
In musea en bij bezienswaardigheden moet je soms een apart kaartje kopen om foto’s of video-opnames te mogen maken. Deze kunnen aanmerkelijk duurder zijn dan het entreekaartje. Wees zeker terughoudend bij het fotograferen van religieuze plaatsen en gebeurtenissen.
Het is verboden militaire objecten, grensposten en vliegvelden te fotograferen. Ook in de metro van Tashkent is het verstandig geen foto’s te maken. In Turkmenistan is het strikt verboden alles wat met de president te maken heeft te fotograferen. Omdat alle gebouwen en pleinen voorzien zijn van zijn afbeelding, blijft er helaas weinig te fotograferen over. Houd je aan die regel want voordat je het weet zit je een dag vast bij de geheime politie en dat is geen pretje.
Tweedaagse fotocursus
Fotografie neemt een belangrijke plaats in voor veel reizigers. Het is fantastisch magische momenten, contacten met mensen, prachtige monumenten en bizarre situaties vast te leggen. En ze vervolgens bij thuiskomst als een blijvende herinnering in te plakken, aan de muur te hangen of te verspreiden via het internet. Koning Aap organiseert enkele keren per jaar een tweedaagse fotocursus waarin zowel een inleidende technische- als een beeldende kant zit. Voor meer informatie klik hier.
Geldzaken
De Turkmeense munteenheid is de nieuwe manat (TMM). Voor één euro ontvang je 3,9 manat (september 2011). Kijk voor de actuele wisselkoers op: www.mijnwisselkoers.nl
In Turkmenistan kun je eigenlijk alleen terecht met contante Amerikaanse dollars. In winkels of hotels kun je contante dollars vaak tegen een goede koers wisselen. Contante Amerikaanse dollars die gedrukt zijn na het jaar 1996 zijn het makkelijkste in te wisselen, gevolgd door contante euro’s. Zorg in ieder geval voor voldoende cash dollars in kleine coupures. Dollarbiljetten moeten er ook goed uitzien: verfrommeld, oud papiergeld wordt geweigerd.
Gezondheidsvoorschriften
Voor Turkmenistan worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Vaccineren bij je thuis!
Bij veel reizen die we aanbieden zijn inentingen tegen de belangrijkste ziekten noodzakelijk. Niet het meest leuke deel van je reisvoorbereiding maar wel onvermijdelijk. Koning Aap heeft in samenwerking met Thuisvaccinatie.nl een oplossing gevonden voor deze vaak tijdrovende klus. In plaats van dat jij naar de GGD of huisarts moet gaan, komt een huisarts bij je thuis op het moment dat het jou schikt om de benodigde inentingen te zetten.
Thuisvaccinatie.nl is een landelijk werkend vaccinatiecentrum (enkel in Nederland). Als je minstens 4 weken voor vertrek contact met hen opneemt, garanderen we dat je gebruik kunt maken van deze unieke service. Een handig alternatief voor de GGD! Kijk voor meer informatie op: www.gezondopreis.nl.
Invoerbepalingen
Bij binnenkomst dien je op twee identieke formulieren aan te geven hoeveel geld en welke kostbare bezittingen je invoert. Eén ervan houdt de douane, één krijgt de bezoeker mee. Bewaar het goed! Bij vertrek moet er een nieuw declaratieformulier ingevuld worden en samen met het oude ingeleverd worden. Hierop dien je te schrijven wat je dán nog aan waardevols bezit. In de meeste gevallen is dit slechts een bureaucratische formaliteit, vooral op de vliegvelden. Anders is het als je een landsgrens overgaat. Houd er rekening mee dat sommige douanebeambten ronduit corrupt zijn en alles willen controleren. Klopt er zogenaamd iets niet, dan vragen ze gigantische boetes.
Als je het land inkomt, worden je koffers onderzocht. Rugzakken hoeven zelden leeggemaakt te worden; daarvoor gebruikt men een röntgenapparaat. Bij vertrek wordt reizigers soms gevraagd de beelden op hun digitale camera te laten zien. Zorg dat je er geen luchthavens, regeringsgebouwen of militaire bases op hebt staan. Het is verboden antiquiteiten mee te nemen.
Tijdsverschil
In Syrië en Turkije is het in de zomer en in de winter één uur later dan in de Benelux. In Iran is het anderhalf uur later in de zomer, in de winter is dat tweeënhalf uur. In Turkmenistan en Oezbekistan is het drie uur later (in de zomer); in Kirgizstan is dat vier uur later. In heel China hanteert men één tijdzone, namelijk die van Beijing. In de winter is het zeven uur later dan in de Benelux. In de zomer is dat zes uur later.
Veiligheid
Over het algemeen is Turkmenistan redelijk veilig voor reizigers. Wel is er een kans dat je te maken krijgt met corrupte douanebeambten en politieagenten. Je kunt overdag meestal zonder probleem op straat wandelen. In Ashgabat moet je ervan uitgaan dat er op iedere straathoek een politieman, vaak undercover, staat die nauwgezet in de gaten houdt wat toeristen doen. Wees hier vooral voorzichtig met fotograferen.
Zakkenrollen, tasjesroof en straatovervallen komen overal ter wereld voor. Het is daarom verstandig om op je eigendommen te letten en mensen niet de gelegenheid te geven je spullen te stelen. Het kan zeker geen kwaad wanneer je op drukke markten, stations en bij het in en uitstappen van het openbaar vervoer extra op je spullen let.
Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken. Laat geen waardevolle spullen op de hotelkamer achter.
Actuele informatie over de veiligheid in Turkmenistan vind je op www.minbuza.nl, de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ook op http://diplomatie.belgium.be, de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken vind je nuttige reisadviezen.
Winkelen en openingstijden
Winkels, postkantoren en kantoren zijn geopend van 9.00 tot 18.00 uur. Tussen de middag zijn de meeste zaken gesloten. De bazaars en warenhuizen in de grotere steden zijn meestal langer open. Musea van 10.00-17.00 uur. In verband met het vrijdaggebed sluiten winkels en bazaars op donderdag vaak rond 14.00 uur. De Tolchuka bazaar in Ashgabat is in het weekend geopend van 8.00 - 14.00 uur.
Kyrgyzstan
Achtergrondinformatie
Praktische informatie
Omschrijving
Syrië
Syrië heeft een oppervlakte van 185.180 km² (4,5 maal Nederland, 6 maal België). Het land telt ongeveer 18 miljoen inwoners waarvan ongeveer 80 procent in de smalle, vruchtbare, westelijke strook van het land woont. De helft van de bevolking leeft in steden. Syrië heeft een gemiddelde bevolkingsgroei van 2,2 procent (Nederland 0,2 procent, België 0,13 procent); bijna 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar. 80 procent van de bevolking (89 procent mannen; 62 procent vrouwen) kan lezen en schrijven. Iedere Syriër heeft toegang tot sociale voorzieningen zoals gezondheidszorg en lager en middelbaar onderwijs. Door de zeer sterke bevolkingsgroei zijn de bestaande sociale voorzieningen echter enigszins onder druk komen te staan. Eenderde van de bevolking leeft van de landbouw, een kwart verdient zijn geld in de industrie en 45 procent in de dienstensector. Syrië heeft officieel een werkeloosheidspercentage van 5 procent, maar in de praktijk is dat waarschijnlijk 25 procent. Hoewel het loonpeil laag is, komt absolute armoede in Syrië weinig voor. Belangrijke exportproducten zijn aardolie, groente en fruit, textiel. De Syrische bevolking bestaat uit ongeveer 90 procent Arabieren, ruim 5 procent Koerden, 3 procent Armeniërs en andere. De Koerden leven van oudsher in het noordoosten langs de Turkse grens. De christelijke Armeniërs wonen overwegend in Aleppo en de zuidelijke kustgebieden. Veel van hun voorouders vluchtten naar Syrië na de volkenmoord in 1915 in Turkije.
Turkije
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik. De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent). De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Iran
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Turkmenistan
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov is de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeert sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Oezbekistan
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Kirgizstan
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
China
China heeft een oppervlakte van 9.956.960 km² (240 maal Nederland, 326 maal België) en telt ongeveer 1,3 miljard inwoners. Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk hoger omdat niet alle geboorten sinds de invoering van het éénkindbeleid worden aangegeven. Dit beleid is in 1979 ingevoerd om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen. Concreet houdt deze politiek in dat de Han, die ongeveer 93 procent van de totale Chinese bevolking vormen, verplicht zijn zich te houden aan het principe van één kind per paar. De minderheidsgroeperingen hoeven zich daar niet aan te houden. De regering voert dit beleid uit via een systeem van beloningen en boetes. Een hoger betaald zwangerschapsverlof, betere gezondheidszorg, meer woonruimte of gratis onderwijs. Deze beloningen blijven achterwegen wanneer de limiet van één kind wordt overschreden. Men moet dan juist belasting betalen. Een uitzondering op de regel is het krijgen van een tweeling. Onder de geschoolde middenklasse in de grote steden heeft dit beleid veel succes gehad maar op het platteland was dit beleid minder effectief. Tegenwoordig wordt het éénkindbeleid minder strikt toegepast. In vele gebieden van China mogen families wiens eerste kind een meisje is, een tweede kind. Het gevolg van het éénkindbeleid is dat er met name in de grote steden een generatie van kinderen ontstaat die verschrikkelijk verwend wordt door hun ouders. Ook hebben deze kinderen omdat ze geen broertje of zusje hebben, niet geleerd wat het is om te delen of compromissen te sluiten. Op het platteland hebben veel gezinnen zich niet gehouden aan dit éénkindbeleid waardoor het gezinsleven minder gericht is op ‘het kind’ maar op het samen met het hele gezin werken en overleven.
Eenderde van de totale bevolking woont in de stedelijke gebieden in het oosten. En hoewel deze gebieden erg dichtbevolkt zijn, zijn ze wel veel welvarender dan de meer afgelegen gebieden. Er zijn goede scholen, ziekenhuizen en er is een grote verscheidenheid aan producten te krijgen. De recente economische hervormingen hebben niet alleen geleid tot grote ongelijkheid tussen diverse regio’s maar ook tot toenemende economische verschillen binnen de bevolking.
De stedelijke bevolking zal blijven toenemen voornamelijk doordat veel boeren het verpauperde platteland verlaten om werk te zoeken in de steden. Om de druk van de steeds maar groeiende steden te verlichten is de regering bezig met het bouwen van gloednieuwe steden en het verspreiden van de bevolking over dunbevolkte gebieden in het land (Tibet en Xinjiang in het uiterste westen). De meeste Han willen niet verhuizen omdat ze die gebieden als barbaars en achterlijk beschouwen. En de lokale bevolking ziet hen ook niet graag komen.
Naast de ongeveer 1,2 miljard Han-Chinezen, die voor het merendeel in de oostelijke provincies aan de oevers van de Gele Rivier en de Yangtze leven, bestaat de rest van de bevolking van China (ruim 110 miljoen) uit 55 officieel erkende nationale minderheidsgroeperingen die voornamelijk in de noordwestelijke en zuidwestelijke provincies wonen. Samen bewonen ze zo’n 60 procent van het Chinese grondgebied. De grootste bevolkingsgroep is de Zhuang met zestien miljoen mensen, de kleinste de Lhoba met nog net geen 3000 mensen. Allemaal hebben ze hun eigen gewoonten, taal, kleding en religie. Sommige mensen zijn niet van de Han te onderscheiden, anderen vallen meteen op door hun klederdracht of hun gelaatstrekken. In het noordwesten, in het grensgebied met Pakistan, Kirgizië en Afghanistan, wonen Tadzjieken en Kirgiezen. Groene ogen en rood haar zijn hier niet zeldzaam. De islamitische Oejgoeren wonen in dezelfde regio. Het Tibetaanse Plateau is van oudsher het woongebied van de Tibetanen die dankzij de geïsoleerde ligging een heel eigen levenswijze en religie konden ontwikkelen. In het zuidwesten, in de provincie Guizhou, leven de Miao (rondom Kaili) en de Buyi (rondom Guiyang). In Yunnan leven de Bai (rondom Dali), de Dai, de Hani, de Jinua (alle drie in Xishuangbanna), de Naxi (rondom Lijiang) en de Yi. De Yao leven rondom Longsheng en de Dong rondom Sanjiang.
De rechten van de minderheidsgroeperingen zijn in de grondwet vastgelegd, maar de economische en sociale positie is niet altijd gelijk aan die van de Han. Aan de andere kant mogen de minderheden wel twee kinderen krijgen, de Han niet. De minderheden wonen vaak in nogal afgelegen (grens)gebieden, die beduidend armer zijn dan de ontwikkelde kuststrook waar de Han leven. De overheid pompt veel geld in deze gebieden door bijvoorbeeld het aanleggen van wegen en het toerisme te stimuleren. De minderheden klagen dat de meeste banen en de toeristendollars naar de Han gaan en dat ze geen gelijke kansen hebben omdat toelatingsexamens voor universiteiten in het Chinees zijn. Elk jaar komen er steeds meer Han in de minderheidsgebieden wonen, al dan niet gestuurd door de overheid. Door deze chinaficering en door de komst van toeristen verarmt de cultuur vinden sommigen. Anderen zijn blij met de toegenomen welvaart, vooruitgang en minder isolement.
Achtergrondinformatie
Bevolking
Syrië
Syrië heeft een oppervlakte van 185.180 km² (4,5 maal Nederland, 6 maal België). Het land telt ongeveer 18 miljoen inwoners waarvan ongeveer 80 procent in de smalle, vruchtbare, westelijke strook van het land woont. De helft van de bevolking leeft in steden. Syrië heeft een gemiddelde bevolkingsgroei van 2,2 procent (Nederland 0,2 procent, België 0,13 procent); bijna 40 procent van de bevolking is jonger dan 15 jaar. 80 procent van de bevolking (89 procent mannen; 62 procent vrouwen) kan lezen en schrijven. Iedere Syriër heeft toegang tot sociale voorzieningen zoals gezondheidszorg en lager en middelbaar onderwijs. Door de zeer sterke bevolkingsgroei zijn de bestaande sociale voorzieningen echter enigszins onder druk komen te staan. Eenderde van de bevolking leeft van de landbouw, een kwart verdient zijn geld in de industrie en 45 procent in de dienstensector. Syrië heeft officieel een werkeloosheidspercentage van 5 procent, maar in de praktijk is dat waarschijnlijk 25 procent. Hoewel het loonpeil laag is, komt absolute armoede in Syrië weinig voor. Belangrijke exportproducten zijn aardolie, groente en fruit, textiel. De Syrische bevolking bestaat uit ongeveer 90 procent Arabieren, ruim 5 procent Koerden, 3 procent Armeniërs en andere. De Koerden leven van oudsher in het noordoosten langs de Turkse grens. De christelijke Armeniërs wonen overwegend in Aleppo en de zuidelijke kustgebieden. Veel van hun voorouders vluchtten naar Syrië na de volkenmoord in 1915 in Turkije.
Turkije
Turkije heeft een oppervlakte van 769.360 km² (19 maal Nederland en 25 maal België) en telt ongeveer 70 miljoen mensen. Ongeveer de helft daarvan woont op het platteland. Meer en meer mensen trekken naar de steden, op zoek naar werk. De steden zijn echter niet in staat de snelle toeloop van bewoners op te vangen. De mensen zoeken daarom hun toevlucht tot de gecekondu, in één nacht gebouwde (krot)woningen. Geografisch kan de bevolking worden onderscheiden in de West-Turkse (geürbaniseerde) bevolking en die van Anatolië. De westerse bevolking leeft onder relatief goede omstandigheden (vergelijkbaar met die in Zuid-Italië en Griekenland), met uitzondering van de bewoners van sommige snel uitdijende, verpauperde stadswijken. Op de Anatolische hoogvlakte ontbreken de meeste sociale voorzieningen en de bevolking is er veel traditioneler ingesteld dan in het westen van Turkije. De sociale verhoudingen op het Turkse platteland, vooral in het oosten, worden vooral bepaald door islam en traditie. De familie functioneert dikwijls nog als productie- en consumptie-eenheid, dat wil zeggen dat zelf producten verbouwen voor eigen gebruik. De mannen- en de vrouwenwereld zijn vaak streng gescheiden en bij huwelijken is de bruidsschat nog zeer gebruikelijk. In de dorpssamenleving spelen de imam (de voorganger in het gebed) en de aga (stamhoofd, grootgrondbezitter) vaak een grote rol. Vaak vervult de aga in het kader van heersende verhoudingen een rol als schakel tussen dorp en centrale overheid. Toenemende migratie (naar de steden en naar het buitenland) brengt wijzigingen in dit patroon. Het percentage van analfabeten ligt veel hoger bij de vrouwen (23 procent) dan bij de mannen (6 procent). De bevolking van Turkije bestaat uit Turken (70 procent), Koerden (20 procent), Arabieren (9 procent), Tscherkessen (0,5 procent) en islamitische Georgiërs (0,5 procent). De Koerden vormen de grootste etnische minderheid in Turkije. Hun precieze aantal is niet bekend, omdat hun bestaan officieel altijd is ontkend en ze daarom staan ingeschreven als Turk in plaats van als Koerd. Het merendeel van de Koerdische bevolking leeft in het oosten en zuidoosten van het land.
Iran
Iran heeft een oppervlakte van 1.648.000 km² ( 40 maal Nederland, 52 maal België) en telt bijna 70 miljoen inwoners. Iets meer dan de helft van de bevolking zijn Perzen, een kwart Azeri, 8 procent bestaat uit Gilaki en Mazandaran en 7 procent Koerden. De overige 10 procent bestaan o.a. uit Arabieren, Lors, Baluchi’s, Turkmenen en nomaden.
Het land kende na de revolutie van 1979 en tijdens de oorlog met Irak een massale geboortegolf waardoor bijna de helft van de bevolking nu onder de 25 jaar is. Hierdoor nam de vraag naar arbeid en scholing in het land sterk toe. Volgens de officiële cijfers bedroeg de werkloosheid in 2004 14 procent. Algemeen wordt aangenomen dat dit cijfer tussen de 25 en 30 procent ligt. Ongeveer 80 procent van de bevolking kan lezen en schrijven, Iran hoort tot een van de landen met goed opgeleide arbeidskrachten in de regio.Veel jonge, goed opgeleide Iraniërs emigreren echter naar het buitenland (voornamelijk naar de Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie), waardoor waardevolle kennis verloren gaat. Na de oorlog met Irak was het aantal stedelingen voor het eerst groter dan het aantal plattelandbewoners. Tegenwoordig woont bijna tweederde van de bevolking in de stad. Dat is meer dan twee keer zo veel als veertig jaar geleden. Hoewel vrouwen in Iran verplicht zijn zich volgens de islamitische voorschriften te kleden (hoofddoek en het bedekken van benen, armen en schouders), zijn ze zeker geen dienaar van de man en actief op alle niveau’s in de maatschappij. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is bijvoorbeeld hoger dan van mannelijke studenten.
Ruim 80 procent van de exportopbrengsten en 40 procent van overheidsinkomsten zijn afkomstig uit de oliesector. Daarnaast beschikt Iran over de op één na grootste gasreserves ter wereld. Het land kent een relatief open handelstraditie en heeft in vergelijking met andere landen in de regio een goed ontwikkelde particuliere sector, die voornamelijk bestaat uit het midden- en kleinbedrijf.
Turkmenistan
Turkmenistan heeft een oppervlakte van 488.100 km² (14 maal Nederland; 16 maal België) en telt bijna 5 miljoen (2005, schatting) inwoners. Nijazov is de onbetwiste leider van het land. Als wees overleefde hij de Tweede Wereldoorlog, en klom langzaam omhoog in het sovjet partijbestel en regeert sinds de onafhankelijkheid in 1991 het land als zijn persoonlijk eigendom. Zijn beleid is sterk gericht op het stimuleren van het Turkmeens nationalisme, door zich als de politieke en spirituele leider van het land te positioneren. Centraal in het Turkmeens nationalisme staat de persoonlijkheidscultus rond zijn persoon. Hij veranderde zijn naam van Nijazov in Turkmenbashi ‘Vader aller Turkmenen’ voegde daar later nog ‘De Grote’ aan toe. Zijn ideeën zette hij op papier in de Rukhnama, verplichte kost voor elke Turkmeen en aanwezig in elk gebouw van het land. Overal in het land hangen zijn portretten en staan beelden van hem opgericht. De stad Ashgabat is omgetoverd tot een levenloze stad met de modernste architectuur, reusachtige paleizen en gouden standbeelden. Deze prestige projecten worden betaald uit de opbrengsten van gas en olie, de voornaamste inkomstenbron van het land. Door het aanhouden van de sovjetpolitiek is er een relatief redelijk systeem van sociale voorzieningen. Met name de pensioenfondsen werken in vergelijking met de rest van Centraal-Azië goed. Verhogingen in uitkeringen worden echter vooral gefinancierd door het bijdrukken van geld. Hoewel de officiële werkloosheid 0 procent is, wordt deze in werkelijkheid veel hoger geschat, 60 procent (2004, schatting). De Turkmenen zijn over het algemeen goed opgeleid (vanwege sovjetverleden), maar het opleidingsniveau loopt terug door de verslechtering van het onderwijs. Oorzaak is het gebrek aan geld en materialen.
Volgens de legende stammen de Turkmenen af van de fameuze Turkse Oghuz stam die in de achtste eeuw naar Centraal-Azië trok. Zeker is dat de Turkmenen een nomadenvolk zijn en al eeuwenlang verdeeld zijn in verschillende stammen die nog steeds een belangrijke rol hebben in de politiek. De vijf belangrijkste stammen zijn de Tekke, Ersari, Sariki, Salori en Jomut die zich onderscheiden door hun dialect, kleren, sieraden en de patronen in hun tapijten.
De bevolking bestaat uit 85 procent Turkmenen,10 procent Oezbeken, 3 procent Russen en 2 procent overige zoals Azeri, Iraniërs en Kazachen. De etnische Turkmeense populatie stijgt voortdurend, doordat vele niet-etnische Turkmenen door de aanhoudende discriminatie zijn geëmigreerd. Vooral na het afschaffen van de dubbele nationaliteit in 2003 zijn vele Russen geëmigreerd. Als gevolg hiervan verliest Turkmenistan vele gekwalificeerde werknemers. Andere minderheden, zoals Oezbeken, Tadzjieken en Roma, hebben na het verlopen van het sovjetpaspoort veelal geen nieuw paspoort gekregen en zijn daardoor niet in staat om het land te verlaten.
Oezbekistan
Oezbekistan heeft een oppervlakte van 447.400 km² (10 maal Nederland; 14,5 maal België) waarvan slechts een klein gedeelte vruchtbaar is. Het land telt ruim 26 miljoen (2005, schatting) inwoners. Ongeveer 33 procent van de bevolking leeft van de landbouw; 13 procent industrie, 8 procent constructie, 24 procent, diensten, 8 procent handel (2001). Oezbekistan heeft vele natuurlijke grondstoffen, zoals goud, olie en gas. Het grootste deel van de energie wordt gebruikt voor de binnenlandse consumptie. Het land is grotendeels afhankelijk van de landbouw, vooral van katoen. Omdat één van de doelen van de regering is om zelfvoorzienend te zijn in voedsel is voor delen van het land een verschuiving van katoen naar graanteelt ingezet. Katoen en goud zijn vooralsnog de voornaamste exportproducten. Hoewel de officiële werkloosheid slechts 0,3 procent is, wordt de verborgen werkloosheid geschat op 30 procent. De Oezbeken zijn een goed opgeleid volk dankzij het sovjetverleden maar zoals in alle voormalige sovjetrepublieken loopt het opleidingsniveau achteruit door gebrek aan geld.
De Oezbeken horen tot de grootste bevolkingsgroep in Centraal-Azië. Het grootste deel woont in het gebied dat sinds 1924 Oezbekistan heet. Het land herbergt de grootste Turkstalige gemeenschap buiten Turkije, maar eveneens twee centra van Perzische cultuur, namelijk de steden Samarkand en Buchara. Evenals de Kazachen en Kirgiezen stammen de Oezbeken oorspronkelijk van Turks-Mongoolse nomadenstammen die sinds oudsher door deze streek trokken. De Oezbeken kozen echter al voor de komst van de Russen voor een sedentair bestaan in oasenederzettingen. Zoals vele landen van de voormalige Sovjetunie wordt ook Oezbekistan geconfronteerd met emigratie van de Russische minderheid. Oezbeken maken ongeveer 80 procent van de bevolking uit, Russen 5,5 procent, Tadzjieken 5 procent, Kazachen 3 procent en overige 7 procent. De regering wil deze emigratie zoveel mogelijk verminderen.
Kirgizstan
Kirgizstan heeft een oppervlakte van 198.500 km² (bijna 5 maal Nederland; 6,5 maal België) waarop ongeveer drie keer zoveel vee (vooral schapen) als mensen leven. Het land telt ruim 5 miljoen inwoners (2005, schatting); ongeveer 55 procent van de bevolking woont in de provincies Osh en Jalal-Abad op een oppervlakte van 15 procent. Van de totale bevolking leeft tweederde op het platteland. Kirgizische economie drijft vooral op akkerbouw en veeteelt. Het land is bedreven in het bouwen van waterkrachtcentrales en er worden grondstoffen zoals kwik, lood en koper en sinds kort goud gedolven. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is de levensstandaard gedaald. Ongeveer 40 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Er is sprake van hoge (verborgen) werkloosheid en de lonen worden veelal met vertraging uitbetaald.
De Kirgiezen stammen af van Turkse nomadenstammen die rond de tiende eeuw uit Siberië vertrokken om zich uiteindelijk in het Tian Shan te vestigen. Kirk-kiz betekent veertig meisjes. Volgens de overlevering stammen de Kirgiezen af van veertig dochters van een khan en een rode hond. De Kirgiezen hebben een rijke orale traditie, die deels op schrift is gesteld. Daartoe behoort het grote epische gedicht Manas, dat handelt over de geschiedenis van de gescheiden stammen die door hun buren worden onderdrukt. Het vers bezingt de hoop dat er ooit een machtige held opstaat die de agressie zal stoppen en de stammen weet te verenigen. Ook kennen de Kirgiezen een ouderencultus, de manap. Deze manaps staan aan het hoofd van een van de clans, waaruit het Kirgizische volk nog altijd is opgebouwd. Het nomadisme is tijdens de sovjetperiode aan banden gelegd. Tegenwoordig trekt een groot deel van de Kirgizische bevolking in de zomer met hun kuddes naar de alm. Ze hebben niet meer zoals vroeger de vrijheid om rond te trekken op zoek naar goede graaslanden. Ieder dorp heeft een klein stukje grond toegewezen gekregen. Vaak beheren enkele families de kudden van een dorp. Kirgiezen worden begraven in begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken in plaats van zelf onderweg te zijn. De huidige bevolking bestaat uit 66 procent Kirgiezen,14 procent Oezbeken, 11 procent Russen en 9 procent overige zoals Duitsers, Koreanen, Oekraïners, Tataren en Dunganen. Veel Russen en Duitsers zijn na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken.
China
China heeft een oppervlakte van 9.956.960 km² (240 maal Nederland, 326 maal België) en telt ongeveer 1,3 miljard inwoners. Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk hoger omdat niet alle geboorten sinds de invoering van het éénkindbeleid worden aangegeven. Dit beleid is in 1979 ingevoerd om de enorme bevolkingsgroei een halt toe te roepen. Concreet houdt deze politiek in dat de Han, die ongeveer 93 procent van de totale Chinese bevolking vormen, verplicht zijn zich te houden aan het principe van één kind per paar. De minderheidsgroeperingen hoeven zich daar niet aan te houden. De regering voert dit beleid uit via een systeem van beloningen en boetes. Een hoger betaald zwangerschapsverlof, betere gezondheidszorg, meer woonruimte of gratis onderwijs. Deze beloningen blijven achterwegen wanneer de limiet van één kind wordt overschreden. Men moet dan juist belasting betalen. Een uitzondering op de regel is het krijgen van een tweeling. Onder de geschoolde middenklasse in de grote steden heeft dit beleid veel succes gehad maar op het platteland was dit beleid minder effectief. Tegenwoordig wordt het éénkindbeleid minder strikt toegepast. In vele gebieden van China mogen families wiens eerste kind een meisje is, een tweede kind. Het gevolg van het éénkindbeleid is dat er met name in de grote steden een generatie van kinderen ontstaat die verschrikkelijk verwend wordt door hun ouders. Ook hebben deze kinderen omdat ze geen broertje of zusje hebben, niet geleerd wat het is om te delen of compromissen te sluiten. Op het platteland hebben veel gezinnen zich niet gehouden aan dit éénkindbeleid waardoor het gezinsleven minder gericht is op ‘het kind’ maar op het samen met het hele gezin werken en overleven.
Eenderde van de totale bevolking woont in de stedelijke gebieden in het oosten. En hoewel deze gebieden erg dichtbevolkt zijn, zijn ze wel veel welvarender dan de meer afgelegen gebieden. Er zijn goede scholen, ziekenhuizen en er is een grote verscheidenheid aan producten te krijgen. De recente economische hervormingen hebben niet alleen geleid tot grote ongelijkheid tussen diverse regio’s maar ook tot toenemende economische verschillen binnen de bevolking.
De stedelijke bevolking zal blijven toenemen voornamelijk doordat veel boeren het verpauperde platteland verlaten om werk te zoeken in de steden. Om de druk van de steeds maar groeiende steden te verlichten is de regering bezig met het bouwen van gloednieuwe steden en het verspreiden van de bevolking over dunbevolkte gebieden in het land (Tibet en Xinjiang in het uiterste westen). De meeste Han willen niet verhuizen omdat ze die gebieden als barbaars en achterlijk beschouwen. En de lokale bevolking ziet hen ook niet graag komen.
Naast de ongeveer 1,2 miljard Han-Chinezen, die voor het merendeel in de oostelijke provincies aan de oevers van de Gele Rivier en de Yangtze leven, bestaat de rest van de bevolking van China (ruim 110 miljoen) uit 55 officieel erkende nationale minderheidsgroeperingen die voornamelijk in de noordwestelijke en zuidwestelijke provincies wonen. Samen bewonen ze zo’n 60 procent van het Chinese grondgebied. De grootste bevolkingsgroep is de Zhuang met zestien miljoen mensen, de kleinste de Lhoba met nog net geen 3000 mensen. Allemaal hebben ze hun eigen gewoonten, taal, kleding en religie. Sommige mensen zijn niet van de Han te onderscheiden, anderen vallen meteen op door hun klederdracht of hun gelaatstrekken. In het noordwesten, in het grensgebied met Pakistan, Kirgizië en Afghanistan, wonen Tadzjieken en Kirgiezen. Groene ogen en rood haar zijn hier niet zeldzaam. De islamitische Oejgoeren wonen in dezelfde regio. Het Tibetaanse Plateau is van oudsher het woongebied van de Tibetanen die dankzij de geïsoleerde ligging een heel eigen levenswijze en religie konden ontwikkelen. In het zuidwesten, in de provincie Guizhou, leven de Miao (rondom Kaili) en de Buyi (rondom Guiyang). In Yunnan leven de Bai (rondom Dali), de Dai, de Hani, de Jinua (alle drie in Xishuangbanna), de Naxi (rondom Lijiang) en de Yi. De Yao leven rondom Longsheng en de Dong rondom Sanjiang.
De rechten van de minderheidsgroeperingen zijn in de grondwet vastgelegd, maar de economische en sociale positie is niet altijd gelijk aan die van de Han. Aan de andere kant mogen de minderheden wel twee kinderen krijgen, de Han niet. De minderheden wonen vaak in nogal afgelegen (grens)gebieden, die beduidend armer zijn dan de ontwikkelde kuststrook waar de Han leven. De overheid pompt veel geld in deze gebieden door bijvoorbeeld het aanleggen van wegen en het toerisme te stimuleren. De minderheden klagen dat de meeste banen en de toeristendollars naar de Han gaan en dat ze geen gelijke kansen hebben omdat toelatingsexamens voor universiteiten in het Chinees zijn. Elk jaar komen er steeds meer Han in de minderheidsgebieden wonen, al dan niet gestuurd door de overheid. Door deze chinaficering en door de komst van toeristen verarmt de cultuur vinden sommigen. Anderen zijn blij met de toegenomen welvaart, vooruitgang en minder isolement.
Communicatie
Post naar de Benelux doet er een tot twee weken over en is niet vanuit alle landen even betrouwbaar.
Internationaal bellen kan in Syrië vanuit telefoonkantoren (meestal bij een postkantoor) of in de grotere hotels. In Turkije is de goedkoopste manier van telefoneren vanuit een telefooncel.
Ook in Iran zijn in grotere steden telefooncellen waaruit je rechtstreeks naar Nederland of België kunt bellen. In Kirgizstan en Oezbekistan is bellen vanuit hoofdpostkantoren vaak een tijdrovende zaak. Particuliere telefoonkantoren werken over het algemeen sneller en zijn goedkoper maar zijn alleen in de grotere steden. In China is bellen over het algemeen geen probleem. Het internationale landennummer van Syrië is 00963; van Turkije 0090; van Iran 0098; van Turkmenistan 00993; van Oezbekistan 00998; van Kirgizstan 00996; van China 0086; van Nederland 0031 en van België 0032. Of je mobiel kunt bellen is afhankelijk van abonnement, toestel en verschilt per land. Houd er rekening mee dat er geen of nauwelijks dekking is in de afgelegen (berg)gebieden. Informeer voor vertrek bij je provider wat de mogelijkheden en kosten zijn.
Internetcafés zijn er in de grote steden en toeristische plaatsen.
Eten en drinken
Syrië
In Syrië zijn de eetgelegenheden grofweg in twee categorieën op te delen: eenvoudige kleine eetlokalen, meestal voor de snelle hap en de wat duurdere en deftige restaurants. De internationale keuken is in alle grotere hotels te vinden. Hamburger- en pizzarestaurants zul je niet veel aantreffen. De eenvoudige eetlokalen verkopen meestal slechts één of twee gerechten, die je staande eet of meeneemt. Populair zijn broodjes gevuld met falaffel (gefrituurde balletjes gemaakt van gemalen groene bonen met diverse sauzen), foel (bruine bonen met olie en citroen), shawarma (gemarineerd lamsvlees dat aan een grote spies is gestoken en waarvan dunne plakjes worden afgesneden). Een warme maaltijd begint traditioneel met mezze, een tafel vol met kleine hapjes, sauzen en salades. Deze mezze staan doorgaans per stuk op de menukaart vermeld. Het is vooral leuk om dit met een groepje te eten. Reken daarbij op twee of drie gerechten per persoon. Bekende mezze zijn: kibbeh (gefrituurde balletjes gemaakt van een mix van vlees, walnoten en/of pijnboompitten met bloem en uitjes), moettabal (een dip van aubergine, yoghurt en tahin), labaneh (sausje van zachte geitenkaas met olie, stukjes peper en/of tijm), hoemoes (smeuïge gepureerde kikkererwten en sesam) en tabuleh (tarwekiemsalade met stukjes ui, tomaat en peterselie). Hoofdgerechten bestaan vaak uit shawarma (gegrild gehakt) of faroedj (gegrilde kip) met friet. Deze gerechten worden doorgaans geserveerd met het typische platte brood, eish, en gemengde salade van tomaten, verse peterselie en komkommer. Bijzonder zijn de stoofpotten sawani (met kip, aardappelen en kruiden) en treeda (gehakt en aubergine in een kruidige saus van yoghurt en tomaten). Mensaf is een typisch bedoeïenengerecht dat bestaat uit lamsvlees geserveerd met rijst en pijnboompitten. Wie geen vlees wil, kan een groentegerecht nemen. De bekendste zijn: karnabit maqli (geroosterde bloemkoolroosjes met sesamsaus), badhinjan mahshi (gevulde aubergine in tomatensaus) en mnazalet banadora (gevulde tomaten). Brood neemt een belangrijke rol in de keuken van het Midden-Oosten. Het wordt meerdere keren per dag gebakken en bijna altijd warm gegeten. Bij de mezze neemt het brood de rol van bestek over. Je neemt een stukje brood in de hand en doopt het in een saus of pakt er een hap salade mee.
De desserts zijn allemaal heel zoet en bestaan meestal uit bladerdeeg met noten, doordrenkt met honing. Na de maaltijd wordt traditioneel thee gedronken.
Thee, chay, is de nationale drank bij uitstek en wordt overal in kleine glaasjes geserveerd. Als je geen suiker wilt, kun je dat aangeven met b'dun shakar. Ook koffie is erg geliefd, vooral Turkse koffie. Die wordt opgekookt met suiker en geserveerd in een soort poppenservies. Laat het bezinksel eerst even zakken. Je kunt ook Arabische koffie bestellen, dat is koffie die meerdere malen wordt opgekookt en met kardemom gekruid wordt. Als je bij de mensen thuis komt, serveert men meestal deze Arabische koffie, ook als je thee bestelt. Minimaal drie kopjes drink je uit beleefdheid, daarna kun je je hand op je kopje leggen, als teken dat je genoeg hebt. Daarna komt eventueel de gewenste thee.
Hoewel de islam officieel het drinken van alcohol verbiedt, is dit toch makkelijk verkrijgbaar (behalve tijdens de ramadan) en wordt het veelvuldig gedronken. In Syrië wordt alcohol verkocht in slijterijen. Het lokale Syrische bier (Barada en Chark), gebotteld in grote flessen van 3/4 liter doet niet echt onder voor Nederlands of Belgisch bier. De lokale wijnen zijn niet onaardig. De Arabieren drinken ook arak, voor, tijdens en na het eten. Arak is een anijsdistillaat, dat op de Griekse ouzo lijkt en hetzelfde is als de Turkse raki. Arak wordt aangelengd met water. Als je geen alcohol drinkt, kun je je in Syrië tegoed doen aan verse vruchtensappen (onder andere banaan, sinaasappel, citroen), maar let er dan wel op of je sap wordt aangelengd met water. Frisdrank is ook verkrijgbaar. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Overal zijn flessen gezuiverd drinkwater te koop. Let er wel op dat de flessen hun oorspronkelijke sluiting hebben.
Turkije
In Turkije heb je in de wat grotere plaatsen een ruime keuze aan restaurants waar je voor een redelijk bedrag kunt genieten van allerlei schotels. De Turkse keuken is beroemd om haar verfijnde spijzen, al bieden de doorsnee restorans (restaurants) en lokanta's (goedkope zelfbedieningsrestaurants) veelal een soortgelijk assortiment aan gevulde groenten en stoofschotels en bereidt iedere kebap salonu vleesgerechten aan het spit. Wel heeft iedere streek haar eigen regionale specialiteiten. In de lokanta staan bij de ingang grote bakken met kant-en-klaar eten, dat warm gehouden wordt. Restorans zijn over het algemeen duurder dan lokanta's. Als je de menukaart niet begrijpt, kun je in vitrines je gerecht(en) uitzoeken. Vaak mag je een blik in de keuken werpen, als je dat eerst even vraagt. Het ontbijt bestaat uit brood waarbij witte geitenkaas, olijven, boter, jam en soms eieren en vleeswaren worden geserveerd. Is er in je hotel geen kahvaltý (ontbijt) te krijgen, dan vind je in de buurt meestal wel een pastane (banketbakker) of lokanta waar men een ontbijt serveert. Turken eten hun hoofdmaaltijd vaak halverwege de dag. ’s Avonds volgt een warme, maar lichtere variant. Traditioneel begint een Turkse maaltijd met meze, een keur aan voorgerechten, de meeste koud geserveerd, waaruit je een aantal kiest. Typische voorgerechten zijn: Patlican salatasi (salade van gemalen aubergine), piyar salatasi (salade van witte bonen), börek (tot sigaren opgerolde bladerdeegrolletjes gevuld met bijvoorbeeld rijst en gehakt of met kaas en peterselie), biber dolmasi (met rijst en gehakt gevulde paprika's of aubergines), yaprak dolma (wijnblad gevuld met rijst). Een gemengde salade bestaat uit vaak niet meer dan een paar schijven tomaat, komkommer en wat uienringen. Er zijn ook meer gevarieerde salades. Over het algemeen wordt de salade vóór het hoofdgerecht geserveerd. Het hoofdgerecht bestaat meestal uit lams- of schapenvlees, gegrild of gestoofd met groenten, vers brood en pilav (rijst) of gekookte gebroken tarwe (bulgur).
Sishkebab (een spies met stukjes geroosterd lamsvlees) is een Turkse uitvinding. Overal tref je de kebapçis aan en döner kebab (schapenvlees dat in lange repen aan een spit bevestigd is en langzaam langs een gloeiend vuur draait; de geroosterde buitenkant wordt er in dunne schijfjes afgesneden), adana kebab (sterk gekruid geroosterd vlees), köfte (gehaktballetjes), shaslik (spies met stukjes rund- of schapenvlees waar ook uien, stukjes nier en lever tussen zitten). In veel restaurants kun je ook kip (tavuk) bestellen, die op verschillende manieren kan zijn klaar gemaakt en visschotels. Vis (balik) kan soms prijzig zijn. Er is zwaardvis (kiliç), makreel (uskumru), tonijn (palamut), forel (alabalik) en sardine (sardalya). De vis kan geroosterd (izgara) of gebakken (tava) gegeten worden. Een Turkse pizza is een ander alternatief.
Vegetariërs hebben minder keuze, maar van de honger zul je niet omkomen. Maak gewoon een compleet maal van de meze (voorgerechten). Aubergine is groente nummer één: kijk uit naar de imam bayildi (de priester viel flauw), een schotel met gevulde aubergine. Bladgroenten komen weinig of niet voor, maar komkommer, paprika, aubergine, uien, aardappelen, bonen en courgettes worden volop gebruikt. Groenten worden meestal door en door gaar gekookt of gestoofd.
Een uitgebreide maaltijd wordt afgesloten met een dessert. Toetjes (tatlilar) zijn zoet (vaak druipend van de honing) en bestaan uit een combinaties van vruchten, noten en gebak, zoals de baklava. Helva zijn de mierzoete amandelblokken met sesamolie. Verder is er yoghurt, amandelpudding (asure), rijstpudding (sütlak) of vers fruit zoals appels, peren, sinaasappelen, druiven, perziken, watermeloenen, suikermeloenen of vijgen.
De nationale drank is çay (thee). Thee wordt geserveerd in kleine glaasjes met een paar klontjes suiker op een schoteltje. Koffie (kahve) is minder populair en dus moeilijker te krijgen. Het wordt gedronken uit hele kleine kopjes met veel drab erin, die eerst moet bezinken. In veel toeristische restaurants wordt in plaats van Turkse koffie ook wel nescafé geserveerd. Hoewel alcohol voor de meeste moslims officieel is verboden, nemen veel Turken het daarmee niet zo nauw. Bier, wijn en raký zijn in de wat duurdere restaurants vaak gewoon verkrijgbaar. Raki is een sterk alcoholische anijsdrank, die uit druiven wordt gedestilleerd. Deze wordt puur gedronken of aangelengd met water. Frisdrank is overal goed verkrijgbaar. Je kunt beter geen water uit de kraan drinken, mineraalwater (maden suyu) is bijna overal te koop.
Iran
Een restaurant vinden is geen probleem, en de maaltijden zijn spotgoedkoop. Maar als je niet van rijst en brood (nan) houdt, zul je zware tijden beleven in Iran. Iraanse gerechten zijn erg mild gekruid. In Iran eet men met mes en vork. Messen vind je alleen in luxe restaurants.
De meeste Iraniërs eten twee keer per dag warm. Een typisch Iraanse maaltijd begint met smaakvolle, dikke soep (ash). Daarna volgt salade, standaard opgediend met slasaus. De rauwe salades zijn normaal gesproken te vertrouwen. Probeer ook de heerlijke yoghurt (mast), vaak geserveerd met knoflook. De basis van de hoofdmaaltijd is rijst (chelo of polo). Deze wordt vaak met saffraan geserveerd, waardoor de rijst een gele kleur heeft, en een klont boter. De rijst wordt geserveerd met lamsvlees (kebab) of kip (morgh). Langs de Kaspische en Perzische kust is veel verse vis verkrijgbaar. Een regionale aanrader is abgusht, een stoofpot met aardappels, schapenvlees, tomaat en kikkererwten. Abgusht is vooral in het grensgebied met Azerbaidjan in het westen van Iran te vinden. Je krijgt er een stamper bij om het maaltje te prakken.
In Iran kun je heerlijk fruit krijgen, zoals granaatappels, bananen, dadels en meloenen. Iran’s pistachenoten zijn wereldberoemd. Saffraan en andere kruiden zijn erg goedkoop in Iran. Iraniërs zijn ook dol op ijs (faludé).
Iraniërs drinken de hele dag thee. Tijdens het theedrinken klemmen ze suikerklontjes tussen hun tanden. Koffie is nauwelijks te vinden; soms is er in dure hotels Nescafé. Bij het eten drinken Iraniërs frisdrank zoals ZamZam, Coca Cola of Pepsi maar ook mineraalwater. Een heerlijke traditionele dorstlesser is dogh, een yoghurtdrank met zout en kruiden. Alcohol is strikt verboden. Ook zijn er volop verse vruchten- en groentesappen te krijgen.
Centraal-Azië
Het eten in Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizstan zal voor de meeste reizigers geen cultureel hoogtepunt zijn. Er is niet veel variatie en het eten is voor onze begrippen nogal vet.
Het ontbijt in de meeste hotels bestaat uit een ontbijtbuffet met thee, koffie, brood, pannenkoekjes (blinsjikis), eieren, jam, fruit en tvarok (een soort kwark) of kefir (een soort karnemelk) en melk.
Traditioneel eten kan het beste ‘s middags in een chaikhana's (theehuizen) of eethuisje. Thee, zwart of groen, haal je bij de theeman die een grote samovar heeft waaruit hij de theepotten vult met gekookt water. Vervolgens loop je langs verschillende stalletjes die ieder hun eigen gerechten verkopen. Leposhka’s, de ronde broden die op iedere straathoek verkocht worden, vormen een onderdeel van iedere maaltijd. Leg ze nooit met de versierde bovenkant naar beneden want dat betekent dat je het eten niet waardeert. Zakoeskie zijn koude voorgerechtjes en salades zoals rode bieten salade of kwark met radijsjes en bieslook. Plov, het standaardgerecht in heel Centraal-Azië, is rijst met schapenvlees, uien, wortels en rozijnen gebakken in schapenvet. Laghman is een noedelspoep waarvan de samenstelling nogal kan verschillen maar er zit altijd schapenvlees en groenten in. Shurpa is een vettige soep met een homp vlees en groenten. Erg populair zijn sjasliks, stukjes schapenvlees aan het spies. Vooral de stukjes onverteerbaar vet tussen het vlees zijn de delicatesse bij de plaatselijke bevolking. Sjasliks eet je samen met uien, azijn en brood. Tussendoortjes zijn: manti, gestoomd deeg met een vlees- of groentevulling vlees; somsa, broodjes uit de oven, gevuld met uien en vlees; pelmeni, een soort van ravioli en pierosjki, een soort platte oliebol soms gevuld met aardappel.
Daarnaast zijn er restaurants waar overwegend Russisch eten geserveerd wordt zoals borsjt (bietensoep), bifsteks (gehakt), bief stroganoffs (vlees in een sausje) en kotelet (gepaneerd vlees).
In de grotere steden heb je tegenwoordig de keuze uit restaurants met een internationale keuken zoals Indiaas, Italiaans, Chinees of Koreaans. Ook liefhebbers van fastfood komen hier aan hun trekken. Voor vegetarische reizigers het niet de meest ideale landen maar je kunt overleven. Plov en laghman kunnen soms zonder vlees besteld worden, daarnaast is er een uitgebreide assortiment aan salades en zakoeskie (koude voorgerechtjes). Het beperkte aanbod aan vegetarisch eten heeft niets te maken met een gebrek aan groenten en fruit; de bazaars zijn er vol van. Eten zonder vlees is geen eten, vindt men. Het beste eten wordt bij de mensen thuis gemaakt, dus grijp je kans als je uitgenodigd wordt.
Bij het eten worden mineraalwater en frisdranken geserveerd. Koffie is niet altijd verkrijgbaar dit in tegenstelling tot thee dat overal en altijd gedronken wordt. Wodka is er in alle soorten en maten, evenals Oezbeekse champagne en cognac. Lokale wijn is moeilijker te krijgen en lijkt vooral op port. Kwas is een soort licht alcoholisch drankje gemaakt van oud brood en gist. Westers bier is bijna overal te koop terwijl het lokale bier veel moeilijker te vinden is. De nationale drank van Kirgizstan is koumis, licht alcoholische paardenmelk. Het wordt meestal door nomaden langs de kant van de weg verkocht en smaakt een beetje naar waterige karnemelk.
In heel Centraal-Azië moet je geen water uit de kraan drinken. Flessen water is bijna overal te koop.
China
In het uiterste noordwesten van China, Xinjiang, is de invloed van de moslims duidelijk merkbaar. Je krijgt er kebab (spiesjes rund- of schapenvlees) die geserveerd worden met grote ronde broden. In de ‘gewone’ Chinese keuken is varkensvlees een veel gebruikt ingrediënt. Ook als je specifiek om iets anders vraagt bestaat de kans dat je varkensvlees krijgt. Om dit uit te sluiten kun je in de meeste grote steden terecht in restaurants die door moslims worden gerund en waar je halal kunt eten. Daarnaast zijn er in Kashgar genoeg restaurants die gerund worden door Han-Chinezen; de plekken waar je als vegetariër weer even aan je trekken komt.
Feestdagen
Syrie, Turkije, Iran, Turkmenistan, Oezbekistan, Kirgizstan en China kennen tal van nationale- en religieuze feestdagen. In de islamitische landen en streken zijn er de islamitische feesten zoals het suikerfeest na afloop van de ramadan (10 september 2010) en het offerfeest (17 november 2010). Tijdens de vastenmaand (van 11 augustus tot 10 september 2010) blijft het openbaar leven functioneren en grote delen van de bevolking doen er niet aan mee.
Nowruz (21 maart) is een wijdverspreid feest dat vooral in Iran, maar ook in Centraal-Azië gevierd wordt. Het begin van Nowruz (letterlijk nieuwe dag), valt samen met het begin van de lente (21 maart). In Iran begint dan tevens het nieuwe jaar omdat de Perzische jaartelling begon op de eerste dag van de lente 622, het jaar dat de profeet Mohammed in Medina het religieuze en wereldlijke gezag in handen kreeg. Het feest van Nowruz dateert al uit de tijd dat Indo-Europese volkeren (de latere Meden en Perzen) zich rond 1500 voor Christus in Iran vestigden. Het feest is echter al eeuwen overgoten met een islamitisch sausje om het als traditie in stand te kunnen houden. Ook de tradities die stammen uit de tijd van het zoroastrisme vinden nog steeds plaats. Zo wordt er op de laatste dinsdag van het oude jaar nog steeds over kampvuren gesprongen, een duidelijke verwijzing naar de goddelijke aanbidding van het vuur van de zoroasters. Tijdens deze gebeurtenissen zingen de mensen tegen het vuur: Geef me jouw rode kleur, dan krijg jij mijn gele kleur. Rood symboliseert gezondheid en geluk, geel ziekte en ongeluk.
Het Chinese Nieuwjaar of lentefestival (Chun Jie) is voor de Chinezen de belangrijkste jaarlijkse feestdag waarbij iedereen minstens twee dagen vrij heeft. Ook in vele steden buiten China wordt het Chinese Nieuwjaar gevierd. Het Chinese Nieuwjaar valt op de dertigste dag van de twaalfde maanmaand, dat valt in de periode van half januari tot half februari (in 2010 begint het op 14 februari). Voorafgaand aan het feest worden de huizen grondig schoongemaakt, gerepareerd of geschilderd; aan de deur hangt men stroken rood papier met gelukswensen om de kwade geesten te verdrijven. Het eten wordt enkele dagen van te voren klaargemaakt, want het brengt ongeluk om in de eerste dagen van het jaar een mes te gebruiken. Typische gerechten zijn in niangao (zoete rijstpudding) en mantou (gestoomde broodjes). Op oudejaarsavond is de familie bij elkaar en wisselt met cadeautjes uit. Kort voor middernacht wordt er vuurwerk afgestoken. De eerste dag in het nieuwe jaar is voor familiebezoek, de andere twee dagen bezoek je vrienden.
Belangrijke nationale feestdagen zijn.
Syrië: Nieuwjaarsdag (1 januari), Dag van de Unie (22 februari), Dag van de Revolutie Eid al-Thawra en Vrouwendag (8 maart), Dag van de Arabische Liga (22 maart), Onafhankelijkheidsdag (17 april), Dag van de Arbeid (1 mei), Dag van de Martelaren Eid ash-Shuhada (6 mei), Dag van de Oktoberoorlog (6 oktober), Dag van de 'Correctiebeweging', Tishreen (16 november) en Boerendag (14 december).
Turkije: Nieuwjaarsdag (1 januari); Onafhankelijkheids- en kinderdag (23 april); Herdenkingsfeest Atatürk en Jeugd- en sportdag (19 mei); Dag van de Overwinning in de Turks-Griekse onafhankelijkheidsoorlog in 1922 (30 augustus); Dag van de Republiek, oprichting van de Republiek Turkije (29 oktober).
Iran: Dag van de Revolutie: (11 februari), Dag van de Nationalisatie van de olie in 1951 (20 maart), Nowruz, nieuwjaar (21-24 maart), Dag van de Islamitische Republiek (1 april), Sizdahbedar: de dertiende dag van het Iraanse nieuwjaar (2 april), Herdenking van de dood van Khomeini (4 juni), Herdenking van de arrestatie van Khomeini in 1963 (5 juni).
Turkmenistan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Remembrance Day (12 januari); Vlaggendag (19 februari), verjaardag van de president; Internationale vrouwendag (8 maart); Paardendag (27 april); dag van de Overwinning (9 mei), Dag van ‘Revival & Unity’ (18 mei); Dag van het gedicht Magtymguly (19 mei); Tapijtendag (25 mei of de laatste zondag in mei), Dag van de verkiezingen van de eerste president (21 juni), Meloendag (10 juli); Turkmenbashi Dag ( 14 juli); Dag van de herinnering van aardbeving in 1948 ( 6 oktober);Onafhankelijkheidsdag (27-28 oktober); Studenten jongerendag (17 november); Brooddag (30 november); Goede burendag (7 december); Neutraliteitsdag (12 december).
Oezbekistan: Nieuwjaarsfeest (1 januari); Internationale Vrouwendag (8 maart) op deze dag krijgen vrouwen en meisjes cadeautjes, bloemen en kaarten. Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Overwinning, einde van de tweede wereldoorlog (9 mei); Onafhankelijkheidsdag (1 september), deze dag wordt groots ge¬vierd met markten waar snoep verkocht wordt, muziek- en dans¬voor¬stellingen en vuurwerk. Het initiatief tot de viering komt echter vooral van de overheid, die een bijzondere waarde hecht aan deze dag; Dag van de Grondwet (8 december).
Kirgizstan: Nieuwjaarsdag (1 januari); Russisch-orthodox kerstmis (7 januari); Internationale vrouwendag (8 maart); Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Grondwet (5 mei); Dag van de Overwinning (9 mei) wordt het einde van de tweede wereldoorlog gevierd;Dag van het leger in Kirgizstan (29 mei); Onafhankelijkheidsdag (31 augustus).
China: Nieuwjaar (1 januari); Internationale Vrouwendag (8 maart); Dag van de Arbeid (1 mei); Dag van de Jeugd (4 mei); Dag van het Kind (1 juni); Dag van de Communistische Partij (1 juli); Dag van de stichting van de PLA (1 augustus); Dag van de Volksrepubliek (1 oktober).
Gewoonten en gebruiken
Realiseer je goed dat er tussen ieder land en streek verschillen zijn in de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Ga je voortdurend uit van je eigen normen en waarden dan zal uiteindelijk alles wat daarvan afwijkt je gaan irriteren. En dat geeft veel onnodige stress. Accepteer dat mensen in bepaalde opzichten andere eisen stellen dan jij gewend bent. Ze gaan bijvoorbeeld anders om met afspraken of hebben een ander tijdsbesef. Dit maakt hen niet minder, wel anders. Met een goede voorbereiding (lees bijvoorbeeld de boekjes TE GAST IN Syrie & Jordanie, TE GAST IN Turkije en TE GAST IN China, te bestellen via
www.tegastin.nl ) kun je je alvast instellen op deze culturele verschillen. Ter plekke is het de kunst om positief te blijven, je flexibel op te stellen en die andere levenswijze te respecteren zonder daarbij je eigen grenzen te overschrijden. Neem de tijd, probeer open en tolerant te zijn en probeer een praatje met mensen te maken. En spreek je de taal niet, dan zijn er andere manieren om contact te maken. Een eenvoudige begroeting of een simpele lach kost niets en opent overal deuren en harten.
Syrië
Syriërs zijn erg gastvrije mensen. Het is voor hen heel gebruikelijk om vreemdelingen in hun huizen te verwelkomen. Die traditie komt voort uit de hardheid van het woestijnleven; zonder voedsel, water en beschutting zouden de meeste woestijnreizigers niet overleven. Waar je ook bent, de kans is groot dat je veelvuldig wordt uitgenodigd voor een kopje thee of wat te eten. Goed om te weten is, dat zelfs serieuze uitnodigingen over het algemeen zo vrijblijvend zijn, dat je er niemand mee voor het hoofd stoot als je er niet op in wenst te gaan. Door je rechterhand over je hart te leggen, kun je op een beleefde manier bedanken voor het vriendelijke aanbod.
Mocht je bij iemand thuis uitgenodigd worden, trek dan je schoenen uit voordat je het huis binnentreedt. Voorkom het tonen van de schoenzolen; dit wordt als uiterst respectloos ervaren. Het is beleefd om je gastheer een cadeautje (gebak, snoepjes of bloemen) te geven en denk eraan om niet met je linkerhand te eten, die wordt immers gebruikt om het achterwerk te reinigen.
Syriërs gebruiken veel gebaren tijdens hun conversaties en omdat sommige daarvan sterk afwijken van de onze, is enige uitleg op zijn plaats. Men zegt ‘nee’ door het hoofd achterover te gooien en het klakken van de tong. Je kunt op een beleefde manier ‘nee dank u wel’ aangeven door de rechterhandpalm op het hart te leggen. Subtiel nee aangeven gebeurt door het optrekken van de wenkbrauwen. Als je geen koffie of thee meer wilt, legt je je hand op het kopje en zegt sjoekran (dank u wel) of da`iman (moge het altijd zo zijn). Bedoeïenen draaien het koffiekopje een paar keer in het rond om hetzelfde aan te geven. Als men iets niet begrijpt, schudt men het hoofd (zoals ons nee). Een meer algemene verbazing (wat wil je?, waar ga je heen?, wat is er aan de hand?) duidt men aan door de arm iets uit te strekken en met de hand een draaiende beweging te maken, alsof men een deurknop opendraait met gestrekte vingers. Mannen die de weg vragen, moeten er niet van staan te kijken als ze bij de hand of arm genomen worden, en zo naar de gevraagde bestemming worden gebracht.
De vrouwelijke bevolking in Syrië draagt een mengeling van oosterse en westerse kleding. Een vrouw in een spijkerbroek of jurk is volkomen normaal. Daarnaast dragen met name in Syrië nog veel vrouwen een lange zwarte chador, een grote omslagdoek die vaak meters lang is en om het lichaam en over het hoofd wordt gedraaid. Soms hebben vrouwen ook een gezichtssluier. Bedoeïenenvrouwen zijn meestal gehuld in kleurrijke jurken en hoofddoeken. Mannen dragen een jalabiyyeh (lange oosterse jurk), waarop ze bijna altijd een colbert dragen van westerse snit. Anderen zijn volledig westers gekleed. Veel mannen dragen nog een rode of zwarte hoofddoek, de keffiyeh. Het is raadzaam om bij de keuze van je kleding rekening te houden dat je in een overwegend islamitisch land reist. In Syrië kun je als vrouw redelijk relaxed reizen als je ‘discrete’ kleding draagt. Dus geen topjes met spaghettibandjes, maar kleding die schouders en bovenbenen bedekt. In dorpen is het ongepast om naar theehuizen te gaan of andere plaatsen waar alleen mannen komen. Probeer direct oogcontact te vermijden, want dit wordt meestal als een uitnodiging opgevat. In het algemeen heb je minder problemen als je een bepaald zelfvertrouwen uitstraalt. Mocht je toch worden lastiggevallen dan kun je het proberen te negeren of je laat duidelijk merken dat je hier niet van gediend bent. Het gebruik van woorden als aib of haraam (schaam je!, schande!) kunnen hierbij van nut zijn.
Turkije
Turken zijn over het algemeen zeer beleefde en gastvrije mensen. In toeristische gebieden kunnen straatverkopers wel eens opdringerig zijn, maar dat is doorgaans aan het gedrag van de toeristen zelf te wijten. Indien je met rust gelaten wilt worden, kun je dat gewoon vriendelijk laten weten.
Mocht je bij iemand thuis uitgenodigd worden, trek dan je schoenen uit voordat je het huis binnentreedt. Als begroeting geef je elkaar een had. Voorkom het tonen van de schoenzolen; dit wordt als uiterst respectloos ervaren. Het is beleefd om je gastheer een cadeautje (zoetigheid of bloemen) te geven en denk eraan om niet met je linkerhand te eten, die wordt immers gebruikt om het achterwerk te reinigen.
Voor de wet zijn vrouwen gelijk aan mannen, maar in een afgelegen gebied als Oost-Turkije hebben vrouwen niet veel te vertellen. Voor traditionele Turkse vrouwen gelden strenge regels. Totdat een meisje een huwelijkskandidaat heeft gevonden en getrouwd is, zal er door haar familie streng gewaakt worden over haar eerbaarheid en maagdelijkheid.
Het is raadzaam om bij de keuze van je kleding ermee rekening te houden, dat Oost-Turkije een overwegend islamitisch, traditioneel gebied is. Voor vrouwen geldt, meer dan voor mannen, dat ze zich het best wat conservatief kunnen kleden.
Iran
Iraniërs zijn erg gastvrije mensen. Gastvrijheid bestaat in Iran uit een aantal uitgebreide rituelen, die altijd met eer hebben te maken. Een oud Perzisch verhaal portretteert de gast als ‘habib-e khoda’, een geliefde en vriend van God die genade brengt en pijn en ellende doet verdwijnen. Hoe meer gasten, hoe minder ellende, zo luidt de volkswijsheid. De gast mag dan ook rekenen op het diepe respect van de gastvrouw- en heer. Het beste voedsel is voorbehouden aan de gast en bij vertrek krijgt hij vaak een geschenk. Na zijn vertrek wordt niet meteen opgeruimd en schoongemaakt, omdat de genade die de gast met zich meebracht dan uit het huis zou kunnen verdwijnen. Dit gastvrijheidritueel is in de loop der tijd afgezwakt doordat velen naar de stad emigreerden en daar grootste moeite hadden om een fatsoenlijk bestaan op te bouwen. Op het platteland bestaat de traditionele gastvrijheid echter nog altijd in zijn oude vorm.
Personen van hetzelfde geslacht begroeten elkaar uitbundig. Mannen die elkaar als vrienden beschouwen, vinden het de gewoonste zaak om hand in hand te lopen. Volwassen mannen en vrouwen geven elkaar doorgaans geen hand.
Als je bij iemand thuis wordt uitgenodigd, getuigt het van respect voor de ouders, ook de kinderen een hand te geven. Vaak wordt thee geserveerd en het is beleefd kleine versnaperingen te accepteren. Wees niet te direct. Als je iets aangeboden wordt, dien je eerst een keer te weigeren. De tweede of derde keer kun je iets accepteren. Dat geldt ook andersom: als je een Iraniër een kopje thee aanbiedt, zal hij altijd eerst één of twee keer weigeren. Het is gebruikelijk bij iemand thuis de schoenen uit te doen.
Wie serieus contact wil hebben met een Iraniërs, doet er goed aan eerste uitgebreid naar de familieomstandigheden te informeren, vervolgens enige tijd over koetjes en kalfjes te praten, om pas dan tot serieuze onderwerpen over te gaan.
Iraniërs houden er niet van om een vraag met ‘nee’ te beantwoorden. Een reden hiervoor is het willen voorkomen van een conflict. Inshaallah of be omid-ekhoda is een veilige tussenweg, die in de meeste gevallen ‘vergeet het maar!’ betekent. Dat deze gewoonte diep zit, komt tot uiting in het spreekwoord dorough-e maslehat-amiz beh az rast-e fetneangiz: een leugen om bestwil is beter dan de waarheid die tot conflict leidt.
Wie om de rekening vraagt krijgt vaak qabel nadarad (het heeft geen waarde) te horen. De regels van ta’arof (beleefdheidsvormen) bepalen dat de klant vervolgens enige malen aandringt. De verkoper kan dan zeggen: maar meneer, geeft u dan wat u wilt! Als de klant vervolgens een bedrag noemt dat niet in de buurt komt van de verwachte prijs, stokt het ritueel meestal en wordt de verkoper directer.
Iraniërs stemmen toe door het hoofd naar met een kleine draai naar beneden te buigen. Ze geven een nee-signaal af door hun hoofd met een korte ruk naar achter en vervolgens weer naar voren te bewegen. Men wenkt iemand door met gestrekte arm met de handpalm naar beneden een strekkende beweging met de vingers te maken.
Iraniërs zijn zeer gevoelig voor complimenten. Voorkom het tonen van de schoenzolen; dit wordt als uiterst respectloos ervaren. Gebruik altijd de rechterhand voor het aannemen bijvoorbeeld visitekaartjes, dranken en etenswaren. Alcohol is in Iran ten strengste verboden.
Ouderen nemen in de Iraanse samenleving een speciale plaats in. Oudere mannen worden rish sefidan, de witte baarden genoemd. Het getuigt van weinig respect om in hun aanwezigheid te roken of te drinken. De meeste Iraniërs vinden het schaamteloos om familieleden op hun oude dag bij een bejaardenhuis af te leveren. Wanneer familieleden niet ver van elkaar verwijderd leven, woont de grootmoeder of grootvader vaak bij de kinderen in huis. Tijdens belangrijke gebeurtenissen in het leven zoals geboorte, huwelijk en dood is voor ouderen vaak een speciale rol weggelegd. Ook bemiddelen ouderen soms bij familieproblemen en dreigende echtscheidingen.
Vrouwen zijn verplicht altijd en overal (ook in restaurants en de lounges van hotels) een hoofddoek en een lange, wijdvallende jas tot op de knieën te dragen. Dit geldt ook al wanneer je met Iran Air vliegt. Ook mannen dienen zich aan de kledingvoorschriften te houden: korte broeken en - bermuda's - zijn absoluut verboden. Teheran en Isfahan zijn moderne steden en de vrouwen gaan er relatief losjes gekleed: een vlotte, moderne lange jas met een losse hoofddoek. Op andere plaatsen worden de kledingvoorschriften soms strenger toegepast. Toch is het dragen van een chador (het gehele lichaam bedekkend zwart 'kleed') ook daar niet noodzakelijk. Alleen voor het bezoeken van de religieuze heiligdommen zoals bijvoorbeeld in Ghom en Mashad is de chador verplicht. Deze chadors kun je in Iran zelf kopen en soms zijn ze bij de ingang van een moskee te leen.
Centraal-Azië
Turkmenen, Oezbeken en Kirgiezen zijn zeer gastvrije mensen. Een gast mogen ontvangen is in deze regio een hele eer daarom geef je hem zonder meer alles, ook al heb je zelf niets. Dat is voor westerlingen soms moeilijk te accepteren, maar deze gastvrijheid weigeren is zoiets als grafschennis. Probeer ervan te genieten en het te honoreren door bijvoorbeeld van al het eten of drinken dat je aangeboden wordt tenminste een kleinigheid te proeven.
Wanneer je bij iemand thuis uitgenodigd wordt, neem dan een cadeautje mee zoals een bos bloemen of doos bonbons. In huis dien je je schoenen uit te trekken, meestal krijg je pantoffels aangeboden. Vermijd het om met je schoenen op de dastarkhan, het kleed dat als een soort tafel dient, te stappen. Zorg er ook voor dat terwijl je zit, je voetzolen niet naar iemand wijzen. Eet met je rechterhand en probeer daar ook alles mee aan te pakken, de linkerhand is volgens moslims onrein.
Thee is het eerst dat je aangeboden krijgt als je ergens te gast bent. Het is het teken van gastvrijheid en je drinkt het uit theekommetjes (pyala’s). Thee wordt in grote theepotten gezet en drie maal teruggeschonken in de kop voordat het opgedronken mag worden. De theekommetjes worden nooit helemaal volgeschonken, want dat betekent dat iemand onwelkom is en moet opstappen. Wanneer de thee te warm is, blaas er dan niet in maar draai de thee in de kom voorzichtig rond. Brood is heilig in Centraal-Azië. Leg brood niet op de grond, niet met de onderkant naar boven en gooi het niet weg. Als iemand je een kopje thee aanbiedt en je hebt er geen tijd voor, zal hij je in plaats van thee brood aanbieden. Breek er in ieder geval een stukje vanaf en bedank met het gebruikelijke dankteken, de amin. Beide handpalmen worden boven het gezicht geheven en vervolgens wordt langzaam een neergaande beweging langs de wangen gemaakt.
Voor mannen is het schudden van handen een veelvuldige bezigheid in Turkmenistan , Oezbekistan en Kirgizstan een teken van warmte en vriendschap. Ook leggen veel mannen hun rechter hand op hun hart en buigen naar voren. Goede vrienden schudden elkaar de hand door de handpalmen in elkaar te leggen terwijl de duim naar boven steekt. Er wordt niet gedrukt of geknepen. Vrouwen schudden over het algemeen geen handen. Ze raken de schouders van elkaar aan met de rechterhand en aaien er zachtjes overheen. Jonge vrouwen kussen oudere vrouwen vaak op hun wang als teken van respect.
De traditionele kleding van Oezbeekse mannen bestaat uit lange, kleurige gestreepte jassen (chapans) en wijde broeken die bij de kuiten uit hoge laarzen poffen. Tegenwoordig zie je alleen nog oude mannen met deze kledij rondlopen. Op hun hoofd dragen ze een doppa (tsjoebeteika). Deze geborduurde hoofddeksel komen oorspronkelijk uit de Fergana en zijn in de loop der eeuwen overgenomen door alle Oezbeekse clans. Vroeger had ieder clan zijn eigen motieven op de doppa, tegenwoordig is de zwarte doppa met peperboomvruchten het symbool van de Oezbeekse man. Vrouwen dragen overwegend bonte zijde jurken, vaak met een kleurige broek. Hun hoofd bedekken ze met gebloemde hoofddoeken, soms dragen ze ook een doppa. Als de doppa wit is betekent het dat de vrouw nog ongehuwd is. In Kirgizstan dragen de mannen een alkalpak, een witte vilten hoed, op hun hoofd. Op het platteland en in de bergen dragen de vrouwen vaak kleurige wijde jurken met een hoofddoek om hun hoofd. In de steden kom je deze kledij bijna niet meer tegen. Ook in Turkmenistan zie je een groot verschil tussen platteland en stad. Fleurige jurken en de telpek (het traditionele hoofddeksel van schapenwol voor de man) zie je vooral buiten de steden.In alle Centraal-Aziatische landen gaat de meerderheid van de bevolking westers gekleed. Houd er bij de keuze van je kleding rekening mee dat je door een overwegend islamitisch gebied reist.
China
Chinezen vinden het vreselijk om in het openbaar hun gezicht te verliezen. Als Chinezen een lastige vraag niet kunnen beantwoorden, kan het zijn dat ze gaan lachen om hun gêne te verbergen. Dat kan ook gebeuren wanneer men iets niet goed heeft begrepen of niet zeker van zijn zaak is. ‘Het komt niet gelegen’ is voor de Chinees vaak een beleefde manier om te zeggen dat iets onmogelijk of lastig is.
Chinezen zijn erg nieuwsgierig naar de buitenwereld en naar buitenlandse toeristen. Je zult zeker veel aangestaard worden. Als je ‘hello’ zegt, moeten de mensen meestal giechelen of hard lachen. Anderen roepen hard ‘how are you’, alleen om een reactie van de exotische buitenlander uit te lokken. Vaak wil men weten waar je vandaan komt, zelfs als je ziek bij de dokter ligt. Zo kun je directe vragen verwachten over je leeftijd, familie, huwelijkse staat, gezondheid en salaris. Het beste kun je hen dezelfde vragen terugstellen. Denk er wel aan om voorzichtig (tactvol) te zijn als het gaat over politiek gevoelige onderwerpen zoals Taiwan, Xinjiang, Tibet en het (Tianmen) bloedbad op het plein van de Hemelse Vrede.
Als Chinezen met een groep uit eten gaan, is het niet de gewoonte dat iedereen voor zich bestelt. Elke schotel staat ter beschikking van alle tafelgenoten die zich er met hun eigen eetstokjes van bedienen. Regel daarbij is zoveel gasten, zoveel gerechten plus een soep. Voorwaarde is een grote ronde tafel met bij voorkeur een schijf in het midden zodat iedereen makkelijk bij de gerechten kan komen. Soep is de laatste gang. Chinezen vinden voedsel dat in de maag in de soep plonst ongezond.
Tot de Chinese eetgewoonten hoort luidruchtig slurpen en boeren. Na afloop van een maaltijd wordt de tafel en de nabije omgeving soms als een chaotische puinhoop achtergelaten, met overal etensresten, kippenbotten, visgraten, enzovoort. Dit soort gedrag vinden westerlingen over het algemeen onsmakelijk. Ook storen zij zich aan het rochelen waar de meeste Chinezen, vooral op het platteland, zich vol overtuiging aan overgeven. Er wordt lawaaierig geschraapt, gesnoven en gespuugd. Stoor je vooral niet teveel aan dit soort gedrag want het zijn de gewoontes van het land.
Islam
De islam maakt een belangrijk onderscheid tussen dat wat ‘hallal’ is, namelijk in overeenstemming met de koran en dat wat ‘haram’ is, datgene dat tegen de letter of de geest van de koran indruist. In eerste instantie worden deze begrippen gebruikt bij eten en drinken. Alcohol en varkensvlees zijn haram en mogen dus niet genuttigd worden door moslims. Het begrip kent echter ook een ruimere betekenis. Het leven in het Midden-Oosten wordt meer dan in het Westen bepaald door de mate van respect die hij koestert. Ouderdom levert respect op, evenals het bekleden van een functie bijvoorbeeld leraar zijn of moslim zijn en een vroom leven leiden. Ook een westerse toerist, die doorgaans geen moslim is, kan door zich goed te gedragen een basis voor respect creëren en zal ook als zodanig worden behandeld. Maar vertoont deze uitgesproken haram gedrag, dan is de kans dat deze slecht behandeld wordt, afgezet of zelfs bestolen wordt, aanzienlijk groter. Dit geldt bijvoorbeeld voor een vrouw die zich al te bloot vertoont, een dronkelap of iemand die openlijk voor zijn homoseksualiteit uitkomt.
Het is in de meeste islamitische landen (regio’s) niet gebruikelijk dat mannen en vrouwen in het openbaar genegenheid voor elkaar tonen. Terwijl het volkomen normaal is dat mannen elkaar openlijk met kussen kunnen begroeten of vasthouden op straat, is lichamelijk contact tussen mannen en vrouwen echt niet gepast.
Wie een moskee in wil, is van harte welkom maar bedek wel je armen en benen en doe iets op het hoofd (vrouwen). Schoenen laat je bij de ingang staan. Voor vrouwen is vaak slechts een deel van de moskee toegankelijk. Bij de ingang van sommige moskeeën, zoals de Omayyad Moskee in Damascus, krijg je een overjas als men vindt dat je er niet decent genoeg bij loopt. Mannen in korte broek lopen het risico niet in de moskee toegelaten te worden, omslagdoek of niet. Vrijdag is de islamitische zondag. Tijdens het vrijdagmiddaggebed is het niet de bedoeling dat niet-moslims in de moskee komen. Op andere dagen kun je er doorgaans wel terecht. Leid tijdens je bezoek een moslim niet van zijn gebed af door voor hem langs te lopen bijvoorbeeld. Zijn verbinding met Mekka wordt dan doorbroken en zijn gebed ongeldig.
Klimaat
De Syrische kuststreek heeft een mediterraan klimaat met een gemiddelde temperatuur van 25° C in juli en 11° C in januari. Regen valt hier hoofdzakelijk in de winter (november-april). In de berggebieden zijn de temperaturen lager en valt op de westelijke hellingen meer neerslag. Damascus ligt op een hoogte van 720 meter en kent een gemiddelde temperatuur van 7° C in januari, en 26° C in juli. In de winter kan het er zelfs sneeuwen. Het gebied tussen Aleppo en Damascus kent een steppeklimaat, het gehele zuidoosten een woestijnklimaat. In het steppe- en woestijngebied kunnen de temperaturen in de zomer oplopen tot 45° C en in de winter dalen tot onder het vriespunt. Er zijn grote verschillen tussen dag- en nachttemperaturen. In het voor- en najaar komen hier zandstormen voor.
In Turkije komen verschillende klimaatzones voor. In Centraal- en Oost-Anatolië heerst een steppeklimaat met hete en droge zomers en strenge winters. Het klimaat aan de Zwarte Zee is mediterraan, met de kenmerken van een zeeklimaat: het landschap is er groen door de vele regen die er valt. In Istanbul kan het in de zomer flink warm en benauwd zijn, maar het gebied heeft ook relatief veel bewolkte en regenachtige dagen. En voor wie wil (zonne)baden: de kusten van de Egeïsche- en Middellandse Zee garanderen van de lente tot de herfst veel zonneschijn. De beste reistijd is het voorjaar (april tot en met juni) of het najaar (september en oktober).
Iran is een groot land met verschillende weersomstandigheden. Een groot deel van het land staat onder invloed van een landklimaat. Dit betekent dat in de zomermaanden de temperatuur kan oplopen tot zeker 40 graden Celsius terwijl er nauwelijks neerslag valt. Dit is echter een droge hitte die beter te verdragen is dan de vochtige hitte in tropische gebieden. Aan de Kaspische Zee heerst een mediterraan klimaat met iets gematigder temperaturen, maar het is wel veel vochtiger. De wintermaanden zijn koud en in de bergen kan de temperatuur dan dalen tot ver onder het vriespunt. De meest aangename reisperiode voor Iran is van maart tot en met mei en september tot en met november. Als je alleen in de zomermaanden naar Iran kunt gaan, is het verstandig om je dagritme aan te passen aan dat van de lokale bevolking: vroeg opstaan, 's middags een lange pauze in een theehuis of een koele tuin en aan het einde van de middag weer op pad.
Turkmenistan heeft een landklimaat. De zomers zijn extreem warm en de winters koud. De gemiddelde temperatuur is in januari min 4° C, de temperaturen kunnen in de winter echter dalen tot min 33° C. De gemiddelde temperatuur is in juli 28° C, de temperaturen kunnen echter stijgen tot 50° C. De neerslag is over het algemeen het hele jaar door gering. Beste reisperiode is het voorjaar (april-mei) en najaar (september-oktober).
Oezbekistan heeft een landklimaat. De zomers (van mei tot oktober) zijn droog en heet met een gemiddelde temperatuur in juli van 32° C (overdag kan het zo’n 35° C tot 45° C zijn). Dankzij de lage luchtvochtigheid zijn deze hoge temperaturen toch nog goed te verdragen. De winters lopen van november tot februari en kunnen zeer koud zijn met temperaturen tot min 40° C. Regen valt er weinig en als die valt is dat vooral in de bergen en in het oosten van de Ferganavallei. In de nazomer, begin oktober, kan er vooral in berggebieden ook regen vallen. De beste reisperiode is in het voorjaar (april- mei) of in het najaar (september-oktober).
Kirgizstan heeft een berg- en landklimaat met forse verschillen tussen de laag- en hooggelegen gebieden. In de valleien is de gemiddelde temperatuur in juli 28° C en in januari min18° C. Tijdens de zomer heerst in de berggebieden een zeer aangename temperatuur van rond de 25° C. In de winter is het in heel Kirgizstan erg koud. De meeste neerslag valt in het voor- en najaar maar ook in de zomer kan er een bui vallen. Beste reisperiode is van juni tot en met september.
China is een immens land met verscheidene klimaatzones. In het noorden, noordwesten en midden van China heerst een landklimaat met lange, koude winters en korte warme zomers. In de winter kunnen de temperaturen dalen tot min 20º C, in de zomer liggen de temperaturen tussen 25º C en met uitschietrs tot boven 40º C in de Turpan. In de herfst is het overdag nog redelijk warm, maar koelt het ‘s avonds sterk af. Na half oktober stijgt de temperatuur normaal gesproken niet boven de 15º C. Ten zuiden van de lijn Xian - Shanghai heerst een subtropisch tot tropisch klimaat (Hongkong). In de zomer is het iets warmer en vochtiger dan in het noorden en ‘s winters daalt de temperatuur zelden beneden de 10º C. Hier kan het hele jaar door regen vallen. De beste reisperiode is van april tot oktober. In de wintermaanden kan het erg koud worden.
Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).
DAMASCUS
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Regen
|
T w
|
|
Januari
|
10
|
5
|
7
|
-
|
|
Februari
|
12
|
6
|
6
|
-
|
|
Maart
|
16
|
7
|
2
|
-
|
|
April
|
21
|
9
|
3
|
-
|
|
Mei
|
26
|
10
|
1
|
-
|
|
Juni
|
30
|
12
|
0
|
-
|
|
Juli
|
33
|
13
|
0
|
-
|
|
Augustus
|
34
|
12
|
0
|
-
|
|
September
|
30
|
10
|
2
|
-
|
|
Oktober
|
25
|
8
|
2
|
-
|
|
November
|
18
|
7
|
5
|
-
|
|
December
|
12
|
5
|
5
|
-
|
TASHKENT
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Regen
|
T w
|
|
Januari
|
0
|
4
|
7
|
-
|
|
Februari
|
4
|
4
|
6
|
-
|
|
Maart
|
9
|
5
|
7
|
-
|
|
April
|
15
|
8
|
6
|
-
|
|
Mei
|
22
|
10
|
5
|
-
|
|
Juni
|
26
|
12
|
3
|
-
|
|
Juli
|
28
|
13
|
1
|
-
|
|
Augustus
|
26
|
12
|
1
|
-
|
|
September
|
22
|
10
|
1
|
-
|
|
Oktober
|
14
|
8
|
3
|
-
|
|
November
|
8
|
5
|
5
|
-
|
|
December
|
4
|
4
|
6
|
-
|
BEIJING
|
Maand
|
T gem
|
Zon
|
Regen
|
T w
|
|
Januari
|
-3
|
7
|
2
|
-
|
|
Februari
|
0
|
7
|
2
|
-
|
|
Maart
|
7
|
8
|
2
|
-
|
|
April
|
16
|
8
|
3
|
-
|
|
Mei
|
22
|
9
|
4
|
-
|
|
Juni
|
17
|
9
|
5
|
-
|
|
Juli
|
28
|
7
|
8
|
-
|
|
Augustus
|
27
|
7
|
7
|
-
|
|
September
|
23
|
8
|
5
|
-
|
|
Oktober
|
15
|
8
|
2
|
-
|
|
November
|
5
|
6
|
2
|
-
|
|
December
|
-1
|
6
|
1
|
-
|
Landschap
Syrië heeft een 180 kilometer lange kuststrook langs de Middellandse Zee.
Dit gebied is rijk aan landbouwgronden en fruitplantages. Er groeien pijn- en olijfbomen, ceders, eiken en cipressen die voor een groot gedeelte nieuw zijn aangeplant. In het voorjaar zie je hier overal bloemen onder andere de blauwe lupine, rode hibiscus, roze koekoeksbloem en paarse distel. Achter deze kuststrook ligt een 1500 meter hoge bergrug Jebel Ansariyeh, die in westelijke richting geleidelijk afloopt naar de Middellandse Zee en in het oosten steil overgaat in steppeachtige vlaktes en vervolgens in woestijn. Dit landschap wordt doorkruist door enkele ondiepe rivieren die soms opdrogen en soms uitmonden in gesloten (zout)meren. De grootste rivier die door Syrië stroomt, is de Eufraat.
Turkije ligt voor 3 procent in Europa (Thracië) en voor 97 procent in Azië (Anatolië). Beide delen zijn van elkaar gescheiden door de Bosporus, de Zee van Marmara en de Dardanellen die samen weer de verbinding vormen tussen de Egeïsche Zee (ten westen van Turkije) en de Zwarte Zee (ten noorden van het land). De landschappen zijn erg gevarieerd. Baaien, rotsen, zand- en kiezelstranden aan de 8000 kilometer lange kuststrook. Hoge bergen, zoutmeren, steppen en rivieren in het Anatolische binnenland. De hoogste bergen liggen in het oosten en vormen een natuurlijke grens met Georgië, Armenië en Iran. De berg Ararat, een uitgedoofde vulkaan, is met 5185 meter de hoogste van het land. Op deze eeuwig besneeuwde berg zou de ark van Noach gestrand zijn. Vulkanisme heeft een belangrijke rol gespeeld in de vorming van het landschap in de oostelijke delen van Anatolie. In Cappadocië is een wonderlijk landschap met rotsformaties ontstaan als gevolg van de vulkanische uitbarstingen van de Erciyas Dagi zo'n 15 miljoen jaar geleden. Door de invloed van regen en wind hebben de vulkanische gesteenten (het zachte poreuze tufsteen en het harde basalt) vreemde vormen gekregen. In het voorjaar laten de kusten van de Middellandse Zee en de Egeïsche Zee één grote bloemenzee zien. Wilde bloemen en struiken zijn alom tegenwoordig. Het Taurusgebergte in het zuiden heeft beboste en kale hellingen, in de lente en zomer begroeid met gras. Aan de kusten zie je palm-, pijn- en avocadobomen, ook groeien er vijgen, olijven, citrusvruchten, bananen. Aan de Zwarte Zee kom je vooral thee en tabaksplantages tegen.
Iran bestaat uit een centrale hoogvlakte (ongeveer 1000 tot 1600 meter hoog) met immense woestijn- en steppegebieden en grote zoutmoerassen. In het noordwesten liggen de gebergten van Armenië en Azerbeidzjan. De Sabalan (4811 meter) is de hoogste vulkaankegel. De gebergten lopen glooiend uit in beboste heuvels, afgewisseld met weiden en intensief bebouwde vruchtbare vlakten. In het noordwesten zetten de bergen van Azerbeidzjan zich voort in het Albrozgebergte dat een natuurlijke grens vormt tussen Centraal-Iran en de vruchtbare kustvlakten met vooral rijst- en theeplantages van de Kaspische Zee. In het westen en zuiden verheft zich het Zagrosgebergte met een gemiddelde hoogte van 3500 meter. Als gevolg van de hevige erosie van het kalksteen ziet het landschap er vrij ruw uit. Het zuidoosten van Iran bestaat geheel uit woestijn.
Turkmenistan ligt voor het merendeel beneden de 200 meter en bestaat voor het grootste gedeelte uit de Karakumwoestijn (zwarte woestijn met steeds veranderende zandduinen). Alleen het Kopet Dag gebergte langs de grens met Iran, en het Karabilplateau langs de grens met Afghanistan liggen boven de 500 meter. Het gebied langs de Kaspische Zee ligt beneden de zeespiegel. De rivieren Murgab en de Hari Rud lopen dood in de woestijn.
Oezbekistan bestaat voornamelijk uit woestijn en semi-woestijn. Het uitgestrekte laagland in het westen bestaat uit de Kyzylkumwoestijn (rode zand) en de oase Choresem aan de beneden loop van de rivier Amu Darja. Hier leven gazellen, dromedarissen en kamelen, slangen en schorpioenen. In het uiterste westen ligt het Aralmeer en het Ustjurtplateau. De Amu Darja en de Syr Darja zijn de twee grootste rivieren van Oezbekistan; ze vinden hun oorsprong in de bergketens ten oosten van Oezbekistan. Het oosten bestaat uit het grootste gedeelte van het Ferganabekken en de uitlopers van de Tian Shan en Zerafshanketen met pieken tot 4500 meter hoog. Het berggebied is de thuishaven van beren, lynxen, berggeiten en zelfs de sneeuwluipaarden. Het vruchtbare en dichtbevolkte Ferganabekken wordt aan alle kanten omringd door bergketen en rivieroases. Deze vallei (300 kilometer lang, 170 kilometer breed) is de grootste vallei van Centraal-Azië. In Oezbekistan is veel van de oorspronkelijke woestijn in cultuur gebracht. Uit irrigatiekanalen die door de rivieren Amu Darya en Syr Darya worden gevoed, stroomt water de woestijn in waardoor het eens zo barre landschap veranderde in vruchtbare katoenvelden. Deze irrigatie heeft een ecologisch drama tot gevolg gehad. Het Aralmeer, waarin de twee rivieren uitmonden, is 70 procent ingekrompen en zal, als de irrigatie zo wordt voortgezet, in 2020 verdwenen zijn.
Kirgizstan bestaat voor ongeveer negentig procent uit bergen. Bijna de helft daarvan ligt boven de 3000 meter, waarvan driekwart bedekt is met eeuwige sneeuw en ijs. De meeste bergen behoren tot de Tian Shan 'Hemelse Bergen' in het zuidoosten of zijn uitlopers daarvan. Piek Pobeda is met een hoogte van 7439 meter de hoogste berg. Slechts een aantal dalen ligt onder de 1000 meter zoals het Chuy- en Talasdal en de rand van het Ferganabekken. Kirgizstan is bezaaid met bergmeren waarvan Issyk-Kul het grootste is. Zo’n tachtig grotere en kleinere rivieren komen in dit meer uit. In de bosrijke berggebieden leven beren, wilde zwijnen, vossen, wolven, dassen en lynxen en in de meren en rivieren zwemmen forellen en karpers. Het land heeft naar men zegt de op een na grootse populatie aan sneeuwluipaarden, een aantal dat drastisch daalt door de jacht.
Meer dan de helft van China bestaat uit bergen en woestijnen. In het noorden en noordwesten ligt het plateau van Centraal-Azië met bergen, woestijnen en droge rivierbekkens. Het laaggelegen oosten wordt geïrrigeerd door de Gele Rivier, de Yangze en de Si Kiang. Dankzij het slib is deze delta het vruchtbaarste landbouwgebied van China. Hier zijn de belangrijkste steden en industrieën tot ontwikkeling gekomen. De tussenzone, met hoogtes van 500 tot 2000 meter loopt van Yunnan / Guizhou noordwaarts richting Binnen-Mongolië westwaarts tot in Xinjiang en naar het noordoosten in Heilongjiang. De Tibetaanse hoogvlakte ligt hoger dan 2000 meter en heeft pieken van 7000 tot 8000 meter. Het landschap in het zuiden en zuidwesten heeft een weelderige plantengroei en beboste bergen die vaak in de nevel gehuld zijn. Het zuidwesten is de streek van de bamboebossen en de panda.
Religie
Syrië is een van de weinige staten in het Midden-Oosten waar de islam geen staatsgodsdienst is, hoewel de grondwet bepaalt dat de president een moslim dient te zijn. Ruim 90 procent van alle Syriërs is moslim, waarvan 80 procent soennieten, 7 procent alawieten, 2 procent druzen en 1 procent ismaëlieten. De overige 10 procent zijn christenen. De christenen hangen een lappendeken van verschillende kerken aan, verdeeld over de drie hoofdstromingen binnen het christendom: oosters orthodox, katholiek en protestant.
De Turkse bevolking bestaat uit ongeveer 98 procent moslims, waarvan 70 procent soennieten, 15 tot 25 procent alevieten en kleinere groepen sjiieten en yezidieten. De enige door de overheid erkende minderheden zijn de Grieks-orthodoxe en Armeense christenen en sefardische joden. In 1928 schafte Atatürk de islam als staatsgodsdienst af. De nationale rustdag werd zondag, in plaats van vrijdag (de eigenlijke rustdag van de moslims). Van de religieuze feesten werden alleen het Offerfeest en het Suikerfeest als nationale feestdag gehandhaafd. De rechtspraak werd herzien naar westers voorbeeld en de bouw van nieuwe moskeeën en het dragen van de sluier werden verboden. Momenteel is er weer een toenemende belangstelling voor het geloof, en door deze re-islamisering van de samenleving is het ook een belangrijk onderwerp voor de overheid, alleen al uit electorale overwegingen. Er mogen weer moskeeën worden gebouwd, er wordt veel religieuze literatuur verkocht, islamitische opleidingsinstituten schieten uit de grond en sinds 1990 is het studentes weer toegestaan een hoofddoek te dragen op de universiteit. Landen als Iran en Saoedi-Arabië steunen deze godsdienstige opleving met enorme geldbedragen. De progressievere Turkse bevolking vreest dat het land de kant van Iran opgaat.
In Iran wonen voor het overgrote deel sjiïtische moslims. Er zijn ook grote minderheidsgroepen waarvan die van de soennitische moslims de meest omvangrijke is. Deze groep bestaat vooral uit Koerden in het noordwesten en Baluchische stammen in het zuidoosten. Daarnaast leven er onder meer christenen en een kleine groep joden in Iran.
Officieel is het merendeel van de bevolking in Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizstan islamitisch (soennitisch). Slechts een klein percentage is echt praktiserend en zeker niet fundamentalistisch. In Oezbekistan is ongeveer 90 procent moslim en 10 procent Russisch-orthodox. In Kirgizstan is 75 procent moslims en zo’n 20 procent Russisch-orthodox.
Tot de oudste religieuze voorstelling van Oezbekistan en Kirgizstan hoort de vuurreligie. Vuur had voor de animistische nomadenvolkeren grote betekenis. De vuurgodheid beschermde de yurt (ronde tent) en de bewoners ervan. De leer van de Perzische profeet Zoroaster waarin de kracht van licht werd verheerlijkt, had daarom een breed draagvlak in heel Centraal-Azië. Met de komst van de Arabieren in de zevende eeuw werden alle andere godsdiensten verwijderd en verdween ook het zoroastrisme dat tot dan staatsgodsdienst was. Na het vertrek van de Arabieren bleef de islam. Buchera werd in de tiende eeuw zelfs een van de belangrijkste centra in de islamitische wereld. Pas na de komst van de Russen kwam de islam in de verdrukking. Veel moskeen en madrasa’s werden gesloten; de sluier, gearrangeerde huwelijken en pelgrimstochten naar Mekka werden verboden. Ondanks deze verboden werd de islam ondergronds in leven gehouden en bleven gebruiken als het arrangeren van huwelijken en het betalen van een bruidsschat behouden. Pas na de onafhankelijkheid nam de religieuze vrijheid toe. Overal werden moskeeën en madrasa’s opgeknapt en nieuwe gebouwd. Minderheden kunnen hun Russisch-orthodoxe kerk of synagoge bezoeken. De Oezbeekse regering wil niets te maken hebben de islamitisch-fundamentalistische groeperingen, die terug willen naar een conservatieve islamitische regering. Deze groeperingen zijn officieel verboden maar hebben veel aanhang in de Ferganavallei waar regelmatig onlusten de kop opsteken.
De Kirgiezen zijn relatief laat (zestiende eeuw) tot de islam bekeerd. Vooral de Kirgiezen hebben hun pre-islamitische, sjamanistische invloeden behouden. Sjamanen zijn religieuze specialisten in kleine, los georganiseerde samenlevingen. Ze vormen een medium tussen de wereld van geesten en deze wereld. Het genezen van zieken en het waarzeggen behoren tot hun belangrijkste taak. Het in contact komen met het bovenaardse door het uitvoeren van rituelen zie je tegenwoordig terug. Op veel plaatsen zie je reepjes stof die geknoopt zijn aan bomen en struiken. Zo probeert men de wens via de twijgen die naar de hemel wijzen, door te sturen naar het bovenaardse. Kirgiezen worden begraven op begraafplaatsen langs de kant van de weg. Vaak zijn het complete bouwwerken in vorm van traditionele mausolea of yurten die van een afstand op kleine dorpen lijken. In de islam is het gebruikelijk om mensen te begraven maar om dit langs de kant van de weg te doen stamt uit het nomadische verleden van de Kirgiezen. Op die manier kan de overledene, na jaren zelf onderweg te zijn geweest, het leven aan zich voorbij zien trekken.
Het beleid van de Chinese overheid is erop gericht dat religie wordt getolereerd, maar niet gestimuleerd. In de grondwet van 1982 werd vastgesteld dat voor alle burgers godsdienstvrijheid geldt. Over het algemeen houden de meeste Chinezen voor zich wat hun geloof is. Traditionele levensfilosofieën en religies zijn confucianisme, taoïsme en boeddhisme. In West-China leven vooral moslims.
Taal
In Syrië is Arabisch de officiële taal. In de grote steden wordt (met name in Jordanië) ook Engels gesproken. In Syrië kun je beter terecht met Frans, maar lang niet iedereen beheerst deze taal.
De officiële taal van Turkije is het Turks. Het is de taal waarin op de openbare scholen onderwezen wordt. In het zuidoosten spreken veel mensen ook een Koerdische taal en de oudste generatie spreekt soms nog Arabisch. Sinds kort zijn taalcursussen, televisie uitzendingen, radio en muziek in Koerdische talen toegestaan. In steden en in toeristische gebieden spreekt men meestal wel wat Engels of Duits. Bovendien is de kans groot dat je aangesproken wordt in het Duits of Nederlands door (ex)gastarbeiders of kinderen daarvan.
De officiële taal van Iran is Perzisch (Farsi), een Indo-europese taal. Verder zijn onder meer het Koerdisch, Turks, Arabisch en Baluchisch belangrijke talen in specifieke regio's. De Iraanse taal wordt in drie groepen verdeeld: het oud-, middel- en nieuw-Perzisch. Het Perzisch wordt in het Arabisch schrift geschreven, dus van rechts naar links. De taal kent tweeëndertig letters. In grote steden in Iran waar mensen enigszins gewend zijn aan toeristen wordt wel Engels gesproken. Buiten de steden is Engels onbekender.
Turkmeens is de officiële staatstaal van Turkmenistan. De taal hoort tot de zuidwesterse Turkse taalgroep, net als het Azeri (taal in Azerbeidjan) en het Turks. In Turkmenistan spreekt bijna iedereen Russisch en Turkmeens. Mensen die werkzaam zijn in het toerisme spreken vaak Engels.
In Oezbekistan is de officiële taal Oezbeeks, een taal die tot de Turkse taalfamilie hoort. Oorspronkelijk maakte het Oezbeeks gebruik van het Arabische schrift, van 1929 tot 1940 van het Latijnse alfabet, daarna van het Cyrillische schrift. In 1993 is er een wet aangenomen, die de overgang naar het Latijnse schrift regelt. In het officiële Oezbeeks werden de gangbare Russische termen vervangen door nieuw gecreëerde Oezbeekse. In het dagelijks spraakgebruik bedienen veel mensen zich van het Oezbeeks vermengd met Russisch. Na vijftien jaar onafhankelijkheid is de kennis van het Russisch afgenomen; een nieuwe generatie is opgegroeid met de Oezbeekse taal en ook Engels. Alleen de oudere generatie spreekt nog Russisch en natuurlijk de enkele Rus die gebleven is.
Het Kirgizisch is eveneens een Turkse taal met een Cyrillisch alfabet. Kirgizstan is net als Oezbekistan en Turkmenistan bezig om over te gaan op het Latijnse schrift. Het land heeft twee officiële staatstalen het Russische en het Kirgizisch.
In China is de officiële taal Mandarijn (Putonghua of de algemene taal), alleen in de zuidelijke provincie Guangdong (Kanton) en in Hongkong spreekt men Kantonees. Voor ongeveer 70 procent van de bevolking is Mandarijn de moedertaal. Daarnaast is er een grote hoeveelheid aan verschillende dialecten. Opmerkelijk is dat het Chinese schrift een identiek karakterschrift is voor heel China. Zodoende kunnen de mensen in het hele land schriftelijk met elkaar communiceren en dezelfde teksten lezen, terwijl ze elkaar door hun verschillende dialecten niet kunnen verstaan. Buitenlandse talen worden bijna niet gesproken. In West-China spreken de Oeigoeren hun eigen taal en worden plaatsnamen op verkeersborden zowel in Chinese karakters als in Arabisch schrift aangegeven.
Praktische informatie
Ambassades
Syrie
Syrische ambassade in België
Franklin Rooseveltlaan 3, 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 648 01 35
F 00 32 (0)2 646 40 18
Consulaat van Syrië in Nederland
Laan van Meerdervoort 53d, 2517 AE Den Haag
T 00 31 (0)70 346 97 95
F 00 31 (0)70 345 00 33
Nederlandse ambassade in Syrië
Abou Roumaneh, Al Jalaa-Street, Imm Tello, Damascus
T 00 963 11 333 68 71
F 00 963 11 333 93 69
I www.mfa.nl/dmc
Belgische ambassade in Syrië
Salaam Street 3, Building 101, Damascus
T 00 963 11 613 99 931/32
F 00 963 11 613 99 977
I www.diplomatie.be/damascusnl
Turkije
Turkse ambassade in Nederland
Jan Evertstraat 15, 2514 BS Den Haag
T 00 31 (0)70 360 49 12
F 00 31 (0)70 361 79 69
I www.turkishembassy.nl
Turkse ambassade in België
Montoyerstraat 4, 1000, Brussel
T 00 32 (0)2 513 40 95 / 513 60 58
F 00 32 (0)2 514 07 48
I www.turkey.be
Nederlandse ambassade in Turkije
Hollanda Cad. No. 5, Yıldız, Ankara,
T 00 90 312 409 18 00/20
F 00 90 312 409 18 98
I www.mfa.nl/ank
Belgische ambassade in Turkije
Mahatma Gandhi Cad. No.55, Gaziosmanpaşa, Ankara
T 00 90 312 405 61 66
F 00 90 312 446 82 51
I www.diplomatie.be/ankaranl
Iran
Ambassade van Iran in Nederland
Duinweg 20, 2585 JX, Den Haag
T 00 31 (0)70 354 84 83 /338 40 00
F 00 31 (0)70 350 32 24
I www.iranianembassy.nl
Ambassade van Iran in België
Franklin Rooseveltlaan 15, 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 627 03 50/ 51
F 00 32 (0)2 762 39 15
I www.iranembassy.be
Ambassade van Nederland in Iran
Sonbol Street 7, Farmanieh, Teheran
T 0098 (0) 21 23 66 00 00
F 0098 (0) 21 23660390
I www.mfa.nl/teh-nl
Ambassade van België in Iran
Avenue Shadid Fayazi 155-157, 16778 Teheran
T 00 98 (21) 2204 16 17
F 00 98 (21) 2204 46 08
I www.diplomatie.be/tehrannl
Turkmenistan
Ambassade van Turkmenistan in België
Reyerslaan 106, 1030 Brussel
T 00 32 (0)2 648 18 74
F 00 32 (0)2 648 19 06
Nederlands consulaat in Turkmenistan
Tehran Street 17, Ashgabat 744012
T 00 993 12 346 700 /340 067
F 00 993 12 344 252
E minbuza@online.tm
Oezbekistan
Ambassade van Oezbekistan in België
Avenue F.Roosevelt 99,1050 Brussel
T 00 32 (0)2 672 88 44
F 00 32 (0)2 672 39 46
Nederlands consulaat in Tashkent
Building 3, App. 74, KH Samotovoy Street, 100000 Tashkent
T 00 998 71 150 85 95
F 00 998 71 255 18 31
E nlconsulate.tashkent@gmail.com
Belgisch Ereconsulaat in Tashkent
Navoi Street 18a, 100010 Tashkent
T 00 998 (71) 252 59 42
F 00 998 (71) 241 40 39
E belcons@globelnet.uz
Kirgizstan
Consulaat van Kirgizstan in Nederland
Landlustlaan 69, 2265 EK, Leidschendam
T 00 31 (0)70 301 03 30
F 00 31 (0)70 317 87 25
Ambassade van Kirgizstan in België
Abdijstraat, 47 1050 Brussel
T 00 32 (0)2 640 18 68 /640 38 83
F 00 32 (0)2 640 01 31
Nederlandse consulaat in Kirgizstan
Foundation Publishing Development Center
Tynystanova 96, appt. 12, 720000 Bishkek
T 00 996 312 690 565
F 00 996 312 690 565
E dutchconsulate@elcat.kg
Belgisch Ere-consulaat Bishkek
209-A Tynystanovstreet, 720040 Bishkek
T 00 996 31 2622 161
F 00 996 31 2662 233
E bishkek@lorenz-law.com
China
Ambassades van de Volksrepubliek China in Nederland
Willem Lodewijkstraat 10, 2517 JT Den Haag
T 00 31 (0)70 306 50 91
F 00 31 (0)70 355 16 51
E chinaemb_@mfa.gov.cn
Ambassades van de Volksrepubliek China in België
Tervurenlaan 443, 1150 Brussel
T 00 32 (0)2 6633010 / 17
F 00 32 (0)2 762 99 66
I www.chinaembassy-org.be
Nederlandse ambassade in China
Liangmaha Nanlu 4, 100600 Beijing
T 00 86 10 8532 0200
F 00 86 10 8532 0300
I www.hollandinchina.org
Belgische ambassade in China
6, San Litun Lu, 100600 Beijing
T 00 86 10 6532 1736/ 37
F 00 86 10 6532 5097
I www.diplomatie.be/beijingnl
Voor de meest actuele informatie verwijzen we naar de website van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse zaken www.minbuza.nl en het Belgische ministerie van Buitenlandse zaken www.diplomatie.be.
Bagage en kleding
We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak (met binnenframe) of in een weekendtas. Een koffer raden we sterk af. Het gewicht van je bagage kan meestal beperkt blijven tot maximaal twaalf kilo per persoon. Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur. Zo zijn korte broeken, korte rokken en hemdjes in sommige van deze conservatieve, islamitische landen absoluut taboe. In Iran zijn vrouwelijke deelnemers verplicht altijd en overal (ook in restaurants en de lounges van hotels) een hoofddoek en een lange, wijdvallende jas tot op de knieën te dragen. Teheran en Isfahan zijn moderne steden en de vrouwen gaan er in verhouding losjes gekleed: een vlotte, moderne lange jas met een losse hoofddoek. Op andere plaatsen worden de kledingvoorschriften soms strenger toegepast. Toch is het dragen van een chador (het gehele lichaam bedekkend zwart 'kleed') ook daar niet noodzakelijk. Alleen voor het bezoeken van de religieuze heiligdommen zoals bijvoorbeeld in Ghom en Mashad is de chador verplicht. Deze chadors kun je in Iran zelf kopen en soms zijn ze bij de ingang van een moskee te leen. In Centraal-Azië, en met name China is men een stuk moderner en relaxter, als het gaat om kleding-voorschriften. In china kijkt niemand op als je in een korte broek rondloopt. Denk bij het samenstellen van je bagage aan bijvoorbeeld: zaklamp, waterfles, naaigerei, wasmiddel, universeel geldige verloopstekker, reisgids, voldoende fotomateriaal, lakenzak, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, wekker, schrijfgerei, schaartje, beker en zakmes. Omdat er tijdens deze reis enkele mogelijkheden zijn voor wandel- en klautertochten over de rotsen, zijn stevige wandelschoenen wenselijk. Deze zijn ook aan te raden voor de bezoeken aan de opgravingen tijdens deze reis.
Electriciteit
De netspanning in alle landen is 220 volt. Er komen soms stroomstoringen voor en de netspanning kan wisselen, waardoor gevoelige apparatuur kan beschadigen. Ook passen Nederlandse en Belgische stekkers niet altijd in de stopcontacten. Reserve batterijen, een verloopstekker en een zaklamp zijn aan te raden. Kijk voor meer informatie over voltage en gebruikte stekkers op de website van
www.kropla.comFooien
Fooien zijn in Syri? helemaal ingeburgerd. Eigenlijk moet je ervan uit gaan dat na vrijwel elke bewezen dienst om baksjiesj gevraagd wordt. Schat altijd de verleende dienst op waarde en geef dienovereenkomstig. Syri?rs doen dat ook. De plaatselijke bevolking is gewend aan het geven van baksjiesj en heeft daarom altijd kleingeld op zak. Bij de meeste duurdere hotels en restaurants wordt tien tot vijftien procent servicekosten op de rekening gezet. Is dit niet het geval, dan geldt een fooi van ongeveer tien procent. Dit geldt ook voor taxichauffeurs, boven het op de meter aangegeven bedrag.
In Turkije is het gebruikelijk om een fooi van 10 procent te geven. In de eenvoudige lokanta's hoef je geen fooi te geven, al is het een aardig gebaar het bedrag naar boven af te ronden of wat extra's te geven voor een kopje koffie of frisdrank. Het personeel dat je in Turkije tegenkomt in je hotel, bij de kapper of in het badhuis, verwacht voor bewezen diensten een fooi. Datzelfde geldt voor gidsen en reisbegeleiders. Taxichauffeurs rekenen niet op een fooi, je kunt het bedrag naar boven afronden. Als zij je hebben geholpen met het sjouwen van je bagage verwachten zij daar wel een tip voor.?
Iran is geen land waar te pas en te onpas een fooi verwacht wordt. In het algemeen rekenen taxichauffeurs niet op een fooi. In een restaurant en in het hotel kun je 10 tot 15 procent fooi geven. Ook kofferdragers en hotelhulpjes die thee op je kamer bezorgen rekenen op een fooi.
In Centraal-Azi? zullen hotelpersoneel, chauffeurs en gidsen een kleine fooi op prijs stellen. In de restaurants kan het bedrag afgerond worden. Soms zetten (duurdere) restaurants tien tot vijftien procent servicekosten op de rekening. Dat gebeurt ook als er een muziekband speelt. In chaikhana?s is een fooi niet gebruikelijk evenals in de kleine lokale eettenten in China.
Het geven van fooien was in China lange tijd niet gebruikelijk, maar begint steeds meer ingeburgerd te raken, vooral in de grote steden in het oosten. Chauffeurs en hotelpersoneel rekenen op een fooi, evenals de plaatselijke gidsen. Taxichauffeurs en restaurantpersoneel rekenen niet echt op een extraatje, maar stellen het wel op prijs.
Fotografie
Alle?te bezoeken?landen zijn fotogenieke landen, niet alleen vanwege de natuur maar vooral ook vanwege de mensen. Over het algemeen vindt de lokale bevolking het geen probleem om gefotografeerd te worden. In Centraal-Azi? zullen kinderen zich zelfs op de voorgrond dringen om maar in beeld te komen. Vaak ontvang je zelfs als dank, vooral op markten, appels, peren of noten. Maar moslimvrouwen in West-China daarentegen willen weer niet graag op de foto.
Als je mensen fotografeert doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit kan aanleiding geven tot agressieve reacties.
In musea en bij bezienswaardigheden moet je soms een apart kaartje kopen om foto?s of video-opnames te mogen maken. Deze kunnen aanmerkelijk duurder zijn dan het entreekaartje. Wees zeker terughoudend bij het fotograferen van religieuze plaatsen en gebeurtenissen.
Het is verboden militaire objecten, grensposten en vliegvelden te fotograferen. Ook in de metro van Tashkent is het verstandig geen foto?s te maken. In Turkmenistan is het strikt verboden alles wat met de president te maken heeft te fotograferen. Omdat alle gebouwen en pleinen voorzien zijn van zijn afbeelding, blijft er helaas weinig te fotograferen over. Houd je aan die regel want voordat je het weet zit je een dag vast bij de geheime politie en dat is geen pretje.
Geldzaken
De Syrische munteenheid is de lira (SL) oftewel de Syrische pond die weer onderverdeeld is in 100 qirsh ofwel piaster. Er zijn biljetten van 5,10, 25, 50, 100 en 500 lira en munten van 25 en 50 piaster en 1 lira. Voor één euro ontvang je ong. 65 lira (oktober 2009).
Sinds 1 januari 2009 heeft Turkije nieuwe bankbiljetten en munten in de roulatie gebracht waarbij het woord ‘nieuw’ uit de naam van bestaande valuta is geschrapt. Eind 2009 moeten de ‘nieuwe Turkse lira’-biljetten en -munten helemaal zijn verdwenen. Revolutionair is dat op de nieuwe bankbiljetten Mustafa Kemal Atatürk, de vader des vaderlands, voor het eerst in de Turkse monetaire geschiedenis concurrentie krijgt van andere beroemde Turken. De waarde van 1 euro is 2,15 Turkse lira (oktober 2009).
De munteenheid in Iran is de rial (RI) onderverdeeld in 100 dinar. Tien rial is een toman. Er zijn biljetten van 10.000, 5000, 2000 en 1000 rial; munten zijn er onder andere van 250, 100, 50, 10 en 5 rial. Voor één euro ontvang je ruim 14.000 rial (oktober 2009).
De munteenheid in Turkmenistan is de new manat (TMT). Voor één euro ontvang je 4,2 manat (oktober 2009).
De Oezbeekse munteenheid is de som (UZS). Er zijn briefjes van 1, 3, 5, 10, 20, 50, 100, 200, 500 en 1000 som. Voor één euro ontvang je 2180 som (oktober 2009).
De Kirgizische munteenheid is de sum (KGS), die weer onderverdeeld is in tiyin. Er zijn briefjes van 1, 5, 10 en 20, 50 en 100 sum in omloop. Voor één euro ontvang je 65 sum (oktober 2009).
Het Chinese geld heet Renminbi (RMB) wat ‘geld van het volk’ betekent. De Chinese munteenheid is de yuan (CNY) en is verkrijgbaar in briefjes van 1, 2, 5, 10, 50 en 100 yuan. Er is ook een munt van 1 yuan in omloop. Eén yuan is onderverdeeld in 10 jiao en 100 fen. In de volksmond heet de yuan ‘kuai’ en de jiao ‘mao’. Voor één euro ontvang je ongeveer 10 yuan (oktober 2009).
Kijk voor de actuele wisselkoersen op: www.oanda.com/convert/cheatsheet
Je kunt in de meeste landen pinnen met een bankpas met Cirrus of Maestro logo bij geldautomaten in de grote steden. Neem daarnaast een creditcard mee en contante euro’s (in coupures van 20, 50 en 100). Eventueel travellercheques als reserve. Het voordeel van de laatste is dat ze verzekerd zijn bij diefstal en verlies, het nadeel is dat je bij het inwisselen van de travellercheques een erg hoge commissie moet betalen en ze in sommige landenmoeilijk in te wisselen zijn. Bij de meeste banken zal men vragen naar een aankoopbewijs. Creditcards worden in de grotere hotels en restaurants geaccepteerd en bij sommige banken kun je er geld mee opnemen tegen 4 procent commissie.
In Iran kun je het beste contante euro’s en/of Amerikaanse dollars meenemen. Zorg er wel voor dat de biljetten er goed uit zien en niet gescheurd zijn. Amerikaanse dollars dienen na 1996 gedrukt te zijn. In Iran geldt overigens dat je voor grotere coupures een betere koers krijgt. Maar het is raadzaam om ook wat kleinere coupures mee. Met creditcard en travellercheques kun je niet tot nauwelijks terecht.
In Oezbekistan en Kirgizstan en heb je wisselkantoren waar je snel en makkelijk geld kunt wisselen. Contante Amerikaanse dollars die gedrukt zijn na het jaar 1996 zijn het makkelijkste in te wisselen, gevolgd door contante euro’s. Zorg in ieder geval voor voldoende cash dollars in kleine coupures. Dollars moeten er ook goed uitzien: verfrommeld, oud papiergeld wordt geweigerd. In Bishkek en Tashkent zijn pinautomaten die echter niet erg betrouwbaar zijn. Creditcards worden heel beperkt geaccepteerd. In Turkmenistan kun je het beste terecht met contante Amerikaanse dollars. In China kun je op veel plaatsen pinnen en met een creditcard geld opnemen bij de Bank of China.
Gezondheidsvoorschriften
Voor deze bestemmingen worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Je kunt ook bellen met de Landelijke Vaccinatielijn voor Reizigers (0900-9584), circa € 0,45 per minuut. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
Voor een advies op maat word je aangeraden vier tot zes weken voor vertrek contact op te nemen met je huisarts, de Reisdokter, een vaccinatieafdeling van de GGD, het Tropencentrum AMC in Amsterdam of Travel Clinic Havenziekenhuis in Rotterdam. Laat bij een bezoek altijd de geplande reisroute zien.
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen), ontsmettingsdoekjes en condooms. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet. Bovenstaande lijst is niet volledig, raadpleeg voor meer informatie over gezondheidsrisico's en de te nemen voorzorgsmaatregelen voor en tijdens de reis de website van Tropenzorg (www.tropenzorg.nl) of ga langs bij je huisarts, apotheek of vaccinerende instelling.
Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts, de Reisdokter, apotheek en GGD.
Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor verdere informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere: www.gezondopreis.nl.
Hoogteziekte
Als je tijdens de reis boven de 2500 meter hoogte komt bestaat de kans op hoogteziekte. Door het zuurstofgebrek wordt de ademhaling versneld en adem je meer vocht uit dan normaal. Vandaar dat je veel moet drinken: boven 2500 meter in elk geval drie tot vier liter per dag! Indien je urine donker van kleur is, drink je te weinig. Hoogteziekte treedt meestal binnen 24-72 uur op na het bereiken van een nieuwe hoogte. Hoofdpijn is het belangrijkste symptoom. Daarnaast kunnen vermoeidheid, misselijkheid, lusteloosheid, apathie, duizeligheid en hartkloppingen voorkomen. Deze klachten mag je nooit bagatelliseren, het kan gaan om longoedeem of hersenoedeem. Deze ernstige vormen, gekenmerkt door o.a. kortademigheid, droge hoest en/of verwardheid, kunnen onbehandeld fataal zijn. Iedereen kan deze ziekte krijgen, óók wie over een goede conditie beschikt.
Als stelregel geldt dat je hoogteziekte kunt voorkomen door het lichaam de gelegenheid te geven te acclimatiseren door boven de 2500 meter iedere dag slechts 300 meter hoger te overnachten. Overdag mag je weliswaar hoger klimmen, maar de hoogte waarop je overnacht is van essentieel belang. Het is belangrijk om bij ernstige klachten naar een lager gelegen plaats af te dalen Op plaatsen waar je met het vliegtuig aankomt op een hoogte van meer dan 3000 meter kan de aanpassing aan de hoogte een probleem vormen. Je zult dan rekening moeten houden met extra klachten. Het is belangrijk dat je na aankomst tenminste een extra dag echt rust neemt en vooral niet verder gaat stijgen. In sommige gevallen (overleg met je arts) is het anti-hoogteziekte medicijn Diamox aan te bevelen. Lees voor meer informatie over hoogteziekte het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de hoogte’ (uitgave KIT) of kijk op de website www.hoogteziekte.info
Invoerbepalingen
In de meeste landen mag je belastingvrij 200 sigaretten of 50 sigaren of 250 gram tabak en 1 liter alcoholische drank invoeren. Verder is de in- en uitvoer van drugs, wapens en munitie, antiquiteiten uit illegale opgravingen strikt verboden. In Iran mag je uiteraard geen alcohol of tijdschriften met ’onzedelijke afbeeldingen’ (ook in Syrië) invoeren.
Bij binnenkomst in Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizstan dien je op twee identieke formulieren aan te geven hoeveel geld en welke kostbare bezittingen je invoert. Eén ervan houdt de douane, één krijgt de bezoeker mee. Bewaar het goed! Bij vertrek moet er een nieuw declaratieformulier ingevuld worden en samen met het oude ingeleverd worden. Hierop dien je te schrijven wat je dán nog aan waardevols bezit. In de meeste gevallen is dit slechts een bureaucratische formaliteit, vooral op de vliegvelden. Anders is het als je een landsgrens overgaat. Houd er rekening mee dat de sommige douanebeambten ronduit corrupt zijn en alles willen controleren. Klopt er zogenaamd iets niet, dan vragen ze gigantische boetes. De formaliteiten aan de Syrische, Turkse, Iranese en Chinese grenzen verlopen over het algemeen iets soepeler.
Tijdsverschil
In Syrië en Turkije is het in de zomer en in de winter één uur later dan in de Benelux. In Iran is het anderhalf uur later in de zomer, in de winter is dat tweeënhalf uur. In Turkmenistan en Oezbekistan is het drie uur later (in de zomer); in Kirgizstan is dat vier uur later. In heel China hanteert men één tijdzone, namelijk die van Beijing. In de winter is het zeven uur later dan in de Benelux. In de zomer is dat zes uur later.
Veiligheid
Over het algemeen zijn Syrië, Turkije, Iran, Turkmenistan, Oezbekistan, Kirgizstan en China redelijk veilige landen voor reizigers. Wel is er een kans dat je te maken krijgt met corrupte douanebeambten en politieagenten. Je kunt overdag over het algemeen zonder probleem op straat wandelen. ’s Avonds kun je vaak beter een taxi nemen, dat geldt zeker in Bishkek.
Zakkenrollen, tasjesroof en straatovervallen komen overal ter wereld voor. Het is daarom verstandig om op je eigendommen te letten en mensen niet de gelegenheid te geven je spullen te stelen. Het kan zeker geen kwaad wanneer je op drukke markten, stations en bij het in en uitstappen van het openbaar vervoer extra op je spullen let.
Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken. Laat in Centraal-Azië geen waardevolle spullen op de hotelkamer achter.
Actuele informatie over de veiligheid in Syrië, Turkije, Iran, Turkmenistan, Oezbekistan, Kirgizstan en China vind je op www.minbuza.nl, de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken onder ‘reizen en landen’. Ook op www.diplomatie.be, de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken vind je nuttige reisadviezen.
Winkelen en openingstijden
Syrië
Overheidsinstellingen en ook de meeste banken zijn dagelijks (behalve op vrijdag en zaterdag) geopend van 8.00 tot 14.00 uur. Andere kantoren en winkels houden dezelfde tijden aan, maar openen ‘s middags weer van ongeveer 16.00 uur tot 19.00 uur. Kleine wisselkantoren zijn de gehele week geopend. De belangrijke musea zijn in de zomer open van 9.00 uur tot 18.00 uur, behalve op dinsdag. In de winter zijn de musea tot 16.00 uur geopend.
Turkije
De grote postkantoren zijn doorgaans geopend van maandag tot en met zaterdag van 8.00 tot 17.30 uur, soms ook op zondag. Voor postzegels en telefoondiensten kun je daar terecht tot respectievelijk 20.00 en 24.00 uur. De kleinere postkantoren zijn doorgaans geopend van 8.30 tot 17.30 uur, gesloten op zondag. Bovendien sluiten ze vaak tussen 12.00 en 13.30 uur. Winkels zijn officieel geopend van maandag tot en met zaterdag van 9.30 tot 19.00 uur. Tal van kleine winkels hebben echter langere openingstijden. De meeste musea zijn op maandag dicht. Archeologische bezienswaardigheden zijn in het toeristenseizoen elke dag geopend.
Iran
Vrijdag is de wekelijkse vrije dag en zijn alle officiële instanties, banken en winkels gesloten. Soms is ook de donderdagmiddag een vrije middag. De meeste winkels zijn geopend van 09.00 uur tot laat in de avond. Tussen 13.00 en 16.00 uur is bijna alles gesloten.
Turkmenistan,Oezbekistan en Kirgizstan
Winkels, postkantoren en kantoren zijn geopend van 8.00 tot 18.00 uur. Van 13.00 tot 14.00 zijn de meeste zaken gesloten in verband met de lunchpauze. De warenhuizen in de grotere steden zijn meestal langer open. In steden als Tashkent zie je steeds meer 24 hours supermarkten verschijnen waar eigenlijk alles te koop is. Voor de gemiddelde Centraal-Aziaat echter veel te duur. Bazaars beginnen al vroeg, rond 6.00 uur ’s ochtends.
China
Banken en kantoren zijn in de regel open van maandag tot en met vrijdag 8.30 tot 17.30 uur, tussen de middag gesloten. Voor postkantoren gelden ongeveer dezelfde openingstijden. Musea zijn dagelijks open van 9.00 tot 16.00 uur. De wekelijkse sluitingsdag is verschillend. De meeste winkels zijn dagelijks geopend 9.00 tot 21.00 uur.