'Toen God de wereld schiep, en de landen onder de volkeren verdeelde, waren de Georgiërs zo bezig met eten en drinken dat ze hun plek in de rij verloren. Maar toen ze God uitnodigden en op hem toosten, beviel hem dat gebaar zo goed en vond hij het eten zo lekker dat hij hen het beste stuk land gaf, dat stuk dat hij voor zich zelf gereserveerd had’, is het verhaal dat Georgiërs graag aan hun bezoekers vertellen.
Georgiërs houden van uitgebreid tafelen. Van walnoten, knoflook en aubergine worden de verrukkelijkste hapjes en gerechten gemaakt. Koriander, dille en peterselie maken het geheel af. Een Georgische maaltijd begint met koude en warme hapjes zoals lobia (bonen en walnotensalade), scherp gekruide gebakken stukjes lever, met knoflook gemarineerde aubergine, pkali (jonge spinaziebladeren die samen met kruiden klein gehakt zijn) khatsjapoeri (kaasflappen gemaakt van een soort pizzadeeg gevuld met kaas die ook op bijna iedere straat hoek te koop zijn) en verschillende soorten groenten in zuur ingemaakt.
Vervolgens komen er gerechten met lamsvlees, kalfsvlees of kip. Satsivi, kip in walnotensaus, is een populair gerecht. Tschakakbili is een eenpansgerecht met veel kruiden, tomaten en paprika meestal verkrijgbaar in eenvoudige eettentjes. Evenals khinkali, een soort grote ravioli (vergelijkbaar met Aziatische dumplings) gevuld met gekruid gehakt en met veel peper. Acharoeli khatsjapoeri is een variant op khatsjapoeri uit Adzjarië met in het midden een opening met gesmolten kaas en gebakken eierdooier. Poeri is een plat brood, dat bij ieder eten geserveerd wordt. Gozanikaki (walnoten in karamelglazuur) is een fameus toetje en tsjoertskhela (noten geregen aan een touwtje gedept in verdikt druivensap en hangend in de zon gedroogd) een heerlijk zoet tussendoortje.
Georgië is een wijnland bij uitstek. Tijdens de sovjetperiode kwam zeventig procent van de wijnproductie uit Georgië. Kindschmareuli is een droge witte wijn. Gurdschani is iets zoeter van smaak. Akascheni (fruitig) en teliani (droog) zijn bekende rode wijnen. Bier is overal verkrijgbaar, o.a. de merken Argo en Kazbegi en rijstbier. Chacha is de nationaal gestookte sterke drank. Natuurlijk zijn er ook frisdranken zoals Coca cola en Fanta verkrijgbaar. Borjomi mineraalwater (met een enigszins zoutige smaak) is het bekendste mineraalwater in Georgië. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken.
In de Armeense keuken zijn veel Libanese en Turkse invloeden (kebab). Er wordt veel lams- en rundvlees gegeten en overal kun je khorovats (gebarbecued vlees of vis) bestellen. Bastoerma is gedroogd rundvlees gedrenkt in zout en kruiden, dolma is rijst en vlees in wijnbladeren. Lavash is een plat brood, dat zowel in Georgië als Armenië gebakken wordt. In beide landen eet men vaak salade van tomaat, komkommer en peterselie. Verse groenten en fruit zijn overal te koop en worden vaak langs de kant van de weg verkocht.
De nationale sterke drank in Armenië is cognac (van het merk Ararat, genoemd naar de Bijbelse berg) en wodka. Ook drinkt men sterke (Turkse) koffie. Bekende biermerken zijn: Kilikia, Kotayk en Erebuni. Jermuk is spuitwater en Noy is mineraalwater. Ook drinkt men lokaal geproduceerde rode en witte wijn.
Bijzonder in Armenië zijn de aparte eetkamers, waarover restaurants beschikken. Hier kan men zich met een gezelschap afzonderen; de aandacht van de serveerster wordt getrokken door op een belletje te drukken. Menukaarten zijn vaak in het Georgisch of Armeens geschreven; als de serveerster geen buitenlandse talen spreekt en je weet niet wat je moet bestellen, kun je eventueel bij andere gasten op het bord kijken en aanwijzen wat je wilt bestellen.
Een ontbijt in Georgië en Armenië lijkt veel op een Russisch ontbijt. Het bestaat uit brood met worst, kaas, jam of ei, zoals bij ons, maar er wordt ook altijd een warm gerecht geserveerd, variërend van een bord pap, rijst met een gehaktbal en de beroemde Russische pannenkoeken (flensjes) met hartige vulling, honing of zure room.