Voor langere afstanden reis je met de shinkansen, de Japanse hogesnelheidstrein. Dit netwerk bestaat sinds 1964 en verbindt de belangrijkste steden van het land over grote afstanden. Met snelheden tot ongeveer 300 km/u leg je trajecten af die in veel andere landen een binnenlandse vlucht zouden zijn.
Opvallend is dat het onderweg nergens gehaast voelt. De trein is stil, schoon en ruim, met comfortabele stoelen en voldoende plek.
Wat de shinkansen onderscheidt, is de combinatie van snelheid en precisie. Aankomst- en vertrektijden sluiten nauwkeurig op elkaar aan en overstappen verlopen soepel. Perrons zijn zo ingericht dat je precies weet waar je moet instappen, vaak al ruim voordat de trein arriveert.
Voor wie het systeem niet kent, lijkt het in eerste instantie complex, maar in de praktijk blijkt het overzichtelijk. Reserveringen, zitplaatsen en instappen verlopen georganiseerd, zonder dat het dwingend aanvoelt. Daardoor voelt reizen met de shinkansen minder als een snelle verplaatsing en meer als een logisch en ontspannen onderdeel van je route.